dinsdag 25 april 2017

Michael Foley 3

Leuk hè? : de filosofie van plezier maken|
Atlas Contact 2017, 384 pagina's - € 24,95

Oorspronkelijke titel: Isn't this fun? : investigating the serious business of enjoying ourselves (2016)

Tekst op website uitgever
Is het leuk om met velen te zijn? Of het nu gaat om een dancefestival, een vol strand, het carnavalsfeest of een pretpark, veel mensen genieten ervan en het wordt in reclames vaak als hoogst aantrekkelijk voorgesteld. Toch zijn er ook altijd mensen die zich in zo'n situatie alleen maar afvragen: hoe kom ik hier weg? En op dat moment is er altijd wel iemand die zegt: ‘Leuk hè?’

Michael Foley wil begrijpen waarom mensen zich graag in grote groepen verzamelen, maar ook waarom anderen dat moeilijker vinden. Waarom vindt hij zo weinig ‘leuk’? Waaruit bestaat de kunst van het plezier maken? Hij gaat te werk op de van hem bekende wijze: met veel humor maar ook met serieuze filosofische bagage. Hij onderzoekt allerlei dingen die mensen leuk vinden, en vraagt zich af hoe dat zo is gekomen en wat het zegt over de maatschappij. Hoezeer zit dit soort ‘fun’ in onze genen? Zijn het nieuwe rituelen? Welke leegte vullen we op?

Fragment uit 1. Leuk, hè?
Ik heb vaak gedaan alsof ik iets leuk vond en me dan afgevraagd of de liefhebbers het met activiteiten die ik als een kwelling ervoer echt naar hun zin hadden. Zo ja, waarom week ik dan zo af? En zo nee, waarom deden ze alsof? Wat is leuk en waarom zijn er zoveel mensen die het zo hoog aanslaan en het zo fanatiek najagen? Ik heb die vragen maar zelden hardop gesteld. In de moderne tijd is leuk uitgegroeid tot een onbetwist artikel, tot een essentieel desideratum, tot de eigenschap die elke vorm van activiteit kan redden. Het is zelfs een plicht geworden. In de premoderne tijd was het de plicht je onsterfelijke ziel te redden. In de moderne tijd ging het om geld verdienen, en in de postmoderne wereld moeten we plezier hebben.
En dus streeft werk ernaar om leuk te zijn, streeft onderwijs ernaar om leuk te zijn, streeft religie ernaar om leuk te zijn, streeft politiek ernaar om leuk te zijn, en streeft zelfs oorlog ernaar om leuk te zijn. Ik ervoer een schok toen ik een documentaire zag over de Falklandoorlog, waarin een jonge Engelse soldaat toegaf dat hij vlak voordat een deel van zijn hersenen uit zijn hoofd werd geschoten 'Dit is leuk' had geroepen, en opnieuw bij een nieuwsbericht waarin een in Afghanistan vechtende Engelse islamist zijn ervaring als 'eigenlijk best leuk' omschreef. Het idee dat iemand oorlog leuk kon vinden leek me grotesk, maar terwijl ik me nog afvroeg of ik deze mensen wel goed had verstaan, trof mij een kop in het avondblad: 'De verborgen, vreselijke waarheid over oorlog is dat het zo leuk is.' Het was de aanhef van een interview met een oorlogscorrespondent en een citaat uit zijn boek over de ervaringen die hij had opgedaan bij zijn berichtgeving over de Arabische revoluties die hij had opgedaan bij zijn berichtgeving over de Arabische revoluties en de burgeroorlogen in het Midden-Oosten en Noord-Afrika. De eis om het leuk te hebben lijkt vaak uit te monden in de aanvechting om datgene wat er gebeurt als leuk te interpreteren in de aanvechting om datgene wat er gebeurt als leuk te interpreteren, om erop te staan dat álles leuk moet zijn.
  Stel je voor dat je leuk afwijst of er zelfs maar kanttekeningen bij plaatst, en dat je naam maakt als de man die een hekel aan leuk heeft. Weigeren om in leuk te geloven is vergelijkbaar met in de vroege middeleeuwen atheïsme belijden en wordt met eeuwige verbanning uit de sociale netwerken (het moderne equivalent van de brandstapel) waarschijnlijk ook net zo streng bestraft. Iemand die openlijk zijn vraagtekens bij leuk zet zal niet gauw sjans krijgen of zelfs maar worden uitgenodigd om mee naar het café te gaan. Mijn vrouw en mijn dochter verdenken mij er al heel lang van dat ik stiekem a-leuk ben, en ik heb zelfs aan mezelf nooit echt durven toegeven dat ik een hekel heb aan nachtclubs, discotheken, dj's, het strand, popconcerten, festivals, carnaval, verkleedpartijen, trouwerijen, feestjes, barbecues, woorddraadspelletjes, monopoly, scrabble, voetbalwedstrijden, charismatische religieuze belijdenis en carnavaleske demonstraties. Doordat leuk zo wijd verbreid is ging ik er echter wat dieper over nadenken, en een van de eerste gedachten was dat het probleem wellicht niet in die leuke dingen zat, maar in mij. Als intellectuele snob haal ik mijn neus op voor leuk omdat het plat en speels is, en als doelgerichte puritein wijs ik het af vanwege het hedonisme en de inefficiëntie ervan. Leuk is al die dingen natuurlijk  vaak ook wel, maar het heeft nog veel meer te bieden. (pagina 14-15)

Lees ook van hem: Absurde overvloed : waarom het zo moeilijk is om gelukkig te worden (2012) en Lang leve het gewone : de lessen van het alledaagse leven (uit 2013)

Terug naar Overzicht alle titels

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen

De redactie behoudt zich het recht voor reacties te verwijderen