dinsdag 11 december 2018

Herman Tjeenk Willink

Groter denken, kleiner doen : een oproep
Prometheus 2018, 120 pagina's € 15,--

Wikipedia: Herman Tjeenk Willink (194

Tekst op website uitgever
Het gaat goed met Nederland. De economie groeit, de werkloosheid daalt, de financiën lijken op orde. Gaat het (dus) ook goed met onze democratische rechtsstaat? Bij Herman Tjeenk Willink, voormalig voorzitter van de Eerste Kamer en oud-vicepresident van de Raad van State, rijst steeds vaker de angstige vraag: hoe stevig zijn onze instituties als het er echt om gaat spannen? Hoe ‘Heldhaftig, Vastberaden en Barmhartig’ zijn wij, burgers, als medeburgers buiten de maatschappelijke orde worden verklaard? Wat blijft er van de democratische rechtsstaat over als feiten en waarden het afleggen tegen beelden en sentimenten? In de afgelopen veertig jaar heeft Herman Tjeenk Willink zich in al zijn functies ontpopt als een onvermoeibaar verdediger van de democratische rechtsstaat en geharnast tegenstander van de overheid als bedrijf. De ontwikkelingen van de laatste jaren en zijn vele gesprekken, vooral met professionals op de werkvloer, rechters en betrokken burgers, hebben hem ertoe verleid zijn gedachten opnieuw tegen het licht te houden. Groter denken, kleiner doen is een even noodzakelijk als verrassend antwoord op de problemen en uitdagingen van onze tijd.

Fragment uit II.1 het belang van het publieke debat
Willen we de democratische rechtsorde overeind houden, dan is een publieke herwaardering van de rol van de onafhankelijke journalistiek nodig. Haar vermogen informatie te wegen, verbanden bloot te leggen en aandacht te schenken aan de ontwikkelingen achter de incidenten. Haar opdracht, met feiten onderbouwd, gezagsdragers tegen te spreken en de andere werkelijkheid een kans te geven. Haar doel burgers in staat te stellen zelf een eigen oordeel te vormen.

Burgers in een democratische rechtsorde zijn medeverantwoordelijk voor de instandhouding en ontwikkeling van die onafhankelijke journalistiek. Het is ook een misverstand te menen dat burgers gene belangstelling hebben voor verhalen over nieuwe inzichten en wel over het schandaal van de dag; geen belangstelling voor sociale dilemma's waarmee burgers worstelen en wel voor het laatste politieke incident. Is dat misverstand ook niet een gevolg van journalistieke gemakzucht?
  Politici moeten erkennen dat onafhankelijke journalistiek niet uitsluitend aan de markt kan worden overgelaten. Dat geldt niet alleen voor de onderzoeksjournalistiek, maar bijvoorbeeld ook voor de journalistieke taak van de publieke omroep. Dat geldt niet alleen, maar vooral ook regionaal en plaatselijk.
  Zo zou ook meer aandacht mogelijk worden voor de vele debatten die wel degelijk worden gevoerd, maar nu de publiciteit niet halen. Debatten tussen betrokken burgers, in beroepsgroepen en tussen deskundigen over nieuwe ontwikkelingen voor bestaande maatschappelijke problemen. Ze worden vaan van onderop ontwikkeld; in de zorg, in de landbouw, in het onderwijs, in de sociale zekerheid. Ze representeren een andere werkelijkheid en doorbreken ingesleten patronen. Bestaande posities en belangen zullen zich vaak tegen deze vernieuwingen van onderop verzetten. Ook daarom verdienen zij meer publieke aandacht. In een democratische rechtsorde is aandacht voor 'de andere werkelijkheid' essentieel. (pagina 38-39)

Uit een artikel over dit boek
De gevolgen zien we dagelijks zegt hij. 'Uitvoerders die bezuinigingen, reorganisaties, verandering van taken, verhuizingen en digitalisering hebben doorstaan, voelen zich in de steek gelaten. Als de Belastingdienst een vertrekregeling aankondigt, maken daar zesduizend mensen gebruik van. Dat zegt iets over het gebrek aan arbeidsvreugde.'
  Volgens Tjeenk Willink hebben we te maken met een 'sluipende crisis' die niet met organisatorische maatregelen - een reorganisatie hier, een betere manager daar - kan worden verholpen, als is die suggestie vaak wel gewekt. 'Het is een politieke crisis die de politiek niet op eigen kracht kan oplossen. De politiek weet niet meer wat de eigen functie is. Politiek is vooral besturen en financieel beheer geworden. En als de vertegenwoordigende democratie hapert, komt het op de maatschappelijke democratie, de burgersamenleving aan.'
  Publieke diensten zijn over een breed politiek front te lang verwaarloosd. 'Ondanks alle verschillen waren politieke partijen het decennia lang altijd over één ding eens: maximaal haalbare bezuinigingen op het openbaar bestuur, terwijl er steeds meer taken bij kwamen.'
  Ik hoor dat we sterke politici nodig hebben met moreel leiderschap. Ik weet niet eens wat daar precies mee wordt bedoeld. Ik weet wel dat leiderschap niet voldoende is om de betonrot aan te pakken.'  (Tjeenk Willink: 'We zijn de publieke zaak structureel aan het uithollen', FD 11 december 2018)

Terug naar Overzicht alle titels

donderdag 6 december 2018

Ad Verbrugge, Govert Buijs & Jelle van Baardwijk

Het goede leven en de vrije markt : een cultuurfilosofische analyse
Lemniscaat 2018, 452 pagina's  - € 29,95

Wikipedia: Ad Verbrugge (1967)

Tekst op website uitgever
De vrije markt is overal: ze verspreidt zich over de hele wereld en haar rol in ons persoonlijke leven is groter dan ooit. Allerlei goederen en diensten zijn toegankelijk geworden voor steeds meer mensen en het mondiale welvaartsniveau was nooit eerder zo hoog. Toch dringt zich de laatste jaren ook de vraag op naar de schaduwkanten van de globaliserende markt. Wat gebeurt er met een samenleving als allerlei maatschappelijke sectoren steeds meer in termen van de markt worden uitgelegd? Wat doet het met de kwaliteit van onze relaties als mensen zichzelf en elkaar als homo economicus opvatten en zij zichzelf gaan begrijpen als producerende, consumerende en concurrerende individuen? Bovendien, kunnen we ons op de lange termijn wel een dergelijke economische bedrijvigheid veroorloven, bijvoorbeeld ten opzichte van de natuur? En welke rol speelt de moderne techniek in dit verband?

Fragment uit

Lees ook Tijd van onbehagen : filosofische essays over een cultuur op drift (uit 2004) en Staat van verwarring : het offer van liefde (2013) van Ad Verbrugge.

Terug naar Overzicht alle titels

maandag 3 december 2018

Fabian Scheidler

Het einde van de megamachine : een korte geschiedenis van ene falende beschaving
Lemniscaat 2018, 424 pagina'  - € 24,-95-

Oorspronkelijke titel: Das Ende der Megamaschine. Geschichte einer scheiternden Zivilisation (2015)

Wikipedia: Fabian Scheidler (1968)

Tekst op website uitgever
De toekomst van de aarde is in gevaar: 5.000 jaar aan menselijke beschaving heeft geleid tot een vernietiging van menselijke samenlevingen en van ecosystemen. Een wereldcrisis staat op het punt van uitbreken. Wie wil begrijpen hoe het zover heeft kunnen komen, en wat we eraan kunnen doen, is bij Fabian Scheidler aan het goede adres.

Scheidler ontmantelt de westerse vooruitgangsmythologieën en laat zien hoe de alomtegenwoordige focus op kapitaalvermeerdering de menselijke toekomst in gevaar heeft gebracht. Tegen de achtergrond van de klimaatchaos, afnemende hulpbronnen, financiële instorting en massale armoede is de tijd gekomen voor ingrijpende veranderingen van onze beschaving: door ons te verzetten tegen de onderdrukking van het systeem, door zelforganisatie en door échte democratie, lukt het ons misschien de megamachine te stoppen voordat het te laat is.
De combinatie van economische, culturele en ecologische perspectieven maakt van Het einde van de megamachine een uniek boek. Het verduidelijkt de wereld om ons heen, maakt ons boos en zet ons aan tot actie.

Korte beschrijving
Los van ideologie bestaat steeds meer consensus over de onhoudbaarheid van ons economisch systeem gezien de druk op milieu en mensenrechten. Dit boek neemt kritisch stelling en schetst een inktzwart beeld over de opkomst van de westerse beschaving, die stelselmatig de hele wereld heeft veranderd in een soort megamachine. Deze megamachine wordt in stand gehouden door bezit, krediet en schulden en een onterecht vooruitgangsdenken dat de mensheid al vijfduizend jaar in zijn ban houdt. De historische ontwikkelingen en verbanden worden meeslepend geschetst, maar de nuance ontbreekt. De lezer wordt eerder murw geslagen door de onvermijdelijkheid van dit voortrazende systeem dan gemotiveerd tot andere gedachten. Het laatste hoofdstuk probeert oplossingen aan te reiken, die enigszins obligaat liggen op het vlak van duurzaamheid, collectiviteit en kleinschaligheid. Uit het voorbeeld van het eeuwenoude waterbeheer op de Balinese rijstvelden moet de lezer wat moed putten. De voorgaande hoofdstukken lijken echter weinig reden tot hoop te bieden. Met kleine zwart-witillustraties, eindnoten, een chronologisch overzicht en literatuuropgave..

Fragment uit

Terug naar Overzicht alle titels