donderdag 21 februari 2019

Anuna De Wever en Kyra Gantois

Wij zijn het klimaat : een brief aan iedereen
De Bezige bij 2019, 64 pagina's  € 8,99

Wikipedia: Anuna De Wever (2001) haar Twitteraccount en Kyra Gantois (1999)

Beschrijving op website uitgever
Anuna De Wever en Kyra Gantois zijn, met de door hun georganiseerde scholierenprotesten in België, de gezichten van een bezorgde klimaatgeneratie. In het boek Wij zijn het klimaat steken Anuna De Wever en Kyra Gantois een hand uit naar ons allemaal. Het boek zal op vrijdag 8 maart 2019 bij Uitgeverij De Bezige Bij verschijnen.

Ze begonnen met twee. Aan de keukentafel deelden Anuna en Kyra hun zorgen over het klimaat met elkaar en besloten: het is genoeg geweest.
Op 10 januari organiseerden de Belgische scholieren een staking tegen het huidige klimaatbeleid op een door de politie aangewezen plein. Het bleek te krap voor de 3000 leerlingen die kwamen opdagen. Een week later waren ze met 12.500, de week daarna met 35.000.

Anuna en Kyra werden al snel de gezichten van een protestgeneratie die zich niet langer met geruststellende woorden van politici laat wegsturen. In Wij zijn het klimaat steken twee jonge klimaatactivisten een hand uit naar politici en beleidsmensen, naar ouders en grootouders en naar hun leeftijdsgenoten. Ze zijn naïef, zo schrijven ze zelf. Maar dat betekent hier: onontkoombaar, net zoals de toekomst, terwijl de klok tikt.

Wij zijn het klimaat van Anuna De Wever en Kyra Gantois wordt opgetekend door Jeroen Olyslaegers.

Voor elke euro opbrengst van deze uitgave gaat de helft naar Youth for Climate.

Fragment uit

Terug naar Overzicht alle titels


woensdag 20 februari 2019

Peter Frankopan 2

De nieuwe zijderoutes : het heden en de toekomst van de wereld
Spectrum 2018, 301 pagina's -

Oorspronkelijke titel: The new silk roads (2018)

Wikipedia: Peter Frankopan (1971) en zijn website

Korte beschrijving
In 2015 schreef de Oxfordse historicus en hoogleraar Peter Frankopan (1971) het veelgeprezen ’De Zijderoutes’* waarin hij een andere, meer Aziatisch georiënteerde wereldgeschiedenis geeft en betoogt dat de belangrijke rol van dit gebied in onze kijk op de geschiedenis wordt weggedrukt. In ‘De Nieuwe Zijderoutes’ geeft de auteur een update van de huidige militaire, politieke en economische ontwikkelingen vanaf 2015 tot medio 2018. Aan bod komen onder meer de opbloeiende centraal Aziatische staten als Kazachstan en Turkmenistan, de almaar groeiende rol van China op het wereldtoneel, de spanningen in de regio en de gevolgen van het isolationistische beleid van de VS onder president Trump. Ook nu weer levert dat een verfrissende en vanuit Westers perspectief soms beklemmende, kijk op de geopolitieke situatie van vandaag en morgen. Met kaarten en een uitgebreid notenapparaat. Zeer actuele aanvulling op het veelgeprezen De Zijderoutes.

Fragment uit De routes naar de toekomst
De mogelijkheden om zich op de toekomst voor te bereiden lijken beperkt te zijn. In Europa zijn de energie, middelen en focus van politici, beleidsmakers en bureaucraten vrijwel exlusief gericht op één vraagstuk: Europa zelf. Het is de ironie van een lange periode van introversie terwijl in de rest van de wereld samenwerkingsverbanden worden gesmeed - een goed voorbeeld van vioolspelen terwijl Rome in brand staat.
  In de VS ziet het er niet vele hoopvoller uit. Alleen al in de loop van 2017 verloor de buitenlandse dienst van het Amerikaanse State Department 60 procent van zijn carrièrediplomaten - de ambassadeurs met de meeste ervaring en kennis van landen waar ze waren gestationeerd, en met de beste connecties. Deze kaalslag bereikte zelfs de hoogste echelons. Voordat Tillerson werd ontslagen, waren begin 2018 acht van de tien hoogste posities op het ministerie formeel vacant, evenals 38 ambassadeursposten. Voor de 626 topfuncties in de uitvoerende tak van de Amerikaanse regering als geheel waren in 40 procent van de gevallen een jaar na het aantreden van Trump zelfs geen kandidaten gevonden om dele te nemen aan het benoemingsproces. (pagina 186)



Lees ook: De zijderoutes : een nieuwe wereldgeschiedenis (uit 2016) en Vrede en oorlog : een wereldgeschiedenis van Jonathan Holslag (uit 2018)


Terug naar Overzicht alle titels

zondag 17 februari 2019

Beate Rössler

Autonomie : een essay over het vervulde leven
Boom 2018, 384 pagina's € 32,50

Oorspronkelijke titel: Autonomie. Ein Versuch über das gelungene Leben (2017)

Wikipedia: Beate Rössler (1958)

Korte beschrijving
Filosofisch essay over de zin van het leven en de vrijheid van de mens om persoonlijke keuzes te maken.

Tekst op website uitgever
Wanneer en in hoeverre zijn wij autonoom in ons handelen en de wijze waarop wij leven? Autonomie, het eerste werk van Beate Rössler dat in het Nederlands wordt uitgegeven, is een onderzoek naar ‘het vervulde leven’.

We vinden het vanzelfsprekend dat we autonoom beslissingen nemen en een door onszelf bepaald leven leiden. We denken dat een leven waar we belangrijke beslissingen tegen onze wil in moeten nemen niet geslaagd kan zijn. Toch bepalen we veel dingen in ons leven niet zelf. Dat geldt bijvoorbeeld voor veel sociale relaties, maar ook voor situaties waarin we niet precies weten wat we willen. De alledaagse ervaring laat ons zien dat we wel autonoom willen zijn, maar dat het vaak niet lukt.

Beate Rössler stelt dat we doorgaans uitgaan van een te abstracte opvatting van het begrip autonomie. In dit belangrijke boek onderzoekt ze hoe het in het alledaagse leven mogelijk is om een autonoom en vervuld leven te leiden. In gesprek met filosofen en literaire auteurs als Jane Austen en Franz Kafka komt Rössler tot een wezenlijk nieuwe doordenking van wat autonomie is. Uiteindelijk leidt de vraag naar autonomie tot een van de belangrijkste vragen die we kunnen stellen: wanneer kun je spreken van een vervuld of geslaagd leven?

‘Beate Rössler voelt de tijdgeest haarfijn aan met grote thema's als privacy en autonomie, en doet op toegankelijke wijze wat een filosoof moet doen: voorbij de hype en het gemakkelijke oordeel verder denken.’ - Stine Jensen, filosoof en programmamaker

'Dit boek biedt een geweldige staalkaart van hedendaagse filosofische discussies over autonomie die aan maatschappelijke debatten – zoals die over het boerka-verbod – ten grondslag liggen.’ ****  – Maarten Doorman in NRC Handelsblad

Fragment uit

Terug naar Overzicht alle titels


zaterdag 16 februari 2019

Michael Ende

Momo en de tijdspaarders
Lemniscaat 1976, 265 pagina's - € 16,95

Oorspronkelijke uitgave: Momo, oder: Die seltsame Geschichte von den Zeit-Dieben und von dem Kind, das den Menschen die gestohlene Zeit zurückbrachte (1973)

Wikipedia: Michael Ende (1929-1995) en Momo

Korte beschrijving
Momo leeft zonder vader en moeder in een oude ruïne en helpt veel mensen door naar hen te luisteren, totdat de tijdspaarders komen die de sfeer verzieken en alles regelen naar de eisen van tijd en geld. Vanaf ca. 14 jaar.

Fragment uit 9. Een goede vergadering die niet plaatsvindt, en een kwalijke vergadering die wel plaatsvindt
'Beklaagde!' onderbrak de heer in het midden hem scherp. 'Bent u er zich van bewust waar u zich bevindt?
De agent kromp een beetje in elkaar. 'jawel,' fluisterde hij.
'U bevindt zich,' ging de rechter voort, 'niet voor een mensenrechtbank, maar voor uws gelijken. U weet heel goed dat u ons niet wat voor kunt liegen. Waarom probeert u het dan toch?'
'Het is - beroepsgewoonte,' stamelde de beklaagde.
'Of de onderneming van de kinderen al dan niet ernstig moet worden opgevat.' zei de rechter, 'kunt u gevoeglijk aan het oordeel van het bestuur overlaten. Maar ook gij zelf, beklaagde, weet heel goed dat niets en niemand voor ons werk zo gevaarlijk is als juist de kinderen.'
'Ik weet het,' gaf de beklaagde schuchter toe.
'Kinderen,' verklaarde de rechter, 'zijn onze natuurlijke vijanden,. Wanneer zij er niet waren zou de mensheid al lang geheel in onze macht zijn. Kinderen zijn veel en veel moeilijker tot tijdsparen over te halen dan alle andere mensen. Daarom luidt een van onze strengste wetten: Kinderen komen pas het laatst aan de beurt. Was deze wet u bekend, beklaagde?'
'Zeker wel, hooggerecht.' hijgde hij.
'Toch hebben wij onweerlegbare bewijzen,' antwoordde de rechter, 'dat een van ons, ik herhaal, een van ons met een kind gesproken heeft en dit kind bovendien nog de waarheid over ons verraden moet hebben. Beklaagde, weet u misschien wie deze een van ons was?'
'Ik was het,'antwoordde de agent BLW/553/c verslagen.
'En waarom hebt u zodoende onze strengste wet overtreden?' ondervroeg de rechter.
'Omdat dit kind,' verdedigde de beklaagde zich, 'door invloed op andere mensen ons werk buitengewoon in de weg staat. Ik heb met de beste bedoelingen voor de Tijd-Spaar-Kas gehandeld.'
'Uw bedoelingen interesseren ons niet,' gaf de rechter op ijskoude toon ten antwoord. 'Ons interesseert uitsluitend het resultaat. En het resultaat in uw geval, beklaagde, was niet alleen geen enkele tijdwinst voor ons, maar bovendien hebt u dit kind ook nog enkele van onze belangrijkste geheimen verraden. Geeft u dat toe, beklaagde?'
'Ik geef het toe,' fluisterde de agent met gebogen hoofd.
'U bekent dus dat u schuldig bent?'
'Jawel, maar ik vraag het hooggerecht toch ook rekening te houden met de verzachtende omstandigheden, dat ik regelrecht behekst werd. Door de manier waarop dit kind naar mij luisterde, ontfutselde het me alles. Ik kan er zelf geen verklaring voor geven hoe het zover gekomen i, maar ik zweer dat het zo was.'
'Uw verontschuldigingen interesseren ons niet. Verzachtende omstandigheden laten wij niet gelden. Onze wet is onschendbaar en duidt geen enkele uitzondering. In elk geval zullen we ons over dit merkwaardige kind ontfermen. Hoe heet het?'
'Momo.'
'Jongen of meisje?'
'Een klein meisje.' (pagina 117-119)

Artikel van Srećko Horvat: The children skipping school aren't ruining the planet – you are (The Guardian, 6 februari 2019)

Lees ook: Neem de tijd : overleven in de to-go maatschappij van Koen Haegens (uit 2012)

Artikel: Fomo - Bang om iets te missen (2012)

Terug naar Overzicht alle titels


Rob de Wijk 2

De nieuwe wereldorde : Hoe China sluipenderwijs de macht overneemt
Balans 2019, 284 pagina's - € 23,95

Wikipedia: Rob de Wijk (1954)

Tekst op website uitgever
De Chinese wereldorde komt eraan. In een drieënhalf uur durende toespraak tijdens het negentiende partijcongres in augustus 2017 stippelde president Xi de route uit. In 2035 moet China een welvarende staat zijn die wereldleider is op het gebied van technologie en innovatie. In de daaropvolgende vijftien jaar moet China worden uitgebouwd tot een wereldmacht. En als in 2049 de Volksrepubliek zijn honderdste verjaardag viert, moet Xi’s ‘Chinese Droom’ zijn uitgekomen: China moet dan de leider van de wereld zijn.

Die droom kan uitkomen als China de koploper van de nieuwe industriële revolutie van Internet of Things, nanotechnologie en Artificial Intelligence wordt. In een fascinerend betoog vol persoonlijke ervaringen betoogt Rob de Wijk dat dit gaat lukken en dat China dan de wereldorde kan gaan bepalen. In de negentiende eeuw deden de Britten dit en in de twintigste eeuw de Amerikanen.


Geholpen door de financiële crisis van 2008, president Trumps protectionisme, de Brexit en opkomend nationalisme in Europa wordt de eenentwintigste eeuw, de eeuw van China. Daardoor gaat de westerse wereldorde met zijn vrijemarkteconomie, internationale recht, internationale instituties, democratie, mensenrechten en burgerlijke vrijheden op de schop. Hoe dit tij te keren wordt het belangrijkste vraagstuk van onze tijd.

Fragment uit

Lees ook5 over 12 : hoe Nederland toch sterker uit de crisis kan komen (uit 2012) en De nieuwe revolutionaire golf : waarom burgers zich van hun leiders afkeren (uit 2016)

Terug naar Overzicht alle titels

donderdag 14 februari 2019

Marjolein Quené

Voorbij de managementmaatschappij : De invloed van management op werk, democratie en vrijheid
Lemniscaat 2019, pagina's - € 19,95

Website uitgever: Marjolein Quené (19?)

Tekst op website uitgever
De afgelopen jaren heeft management de wereld veroverd. Overal zijn managers te vinden die het werk beter regelen, marktconform maken of de efficiëntie verhogen en zo veel geld uit organisaties weten te halen. Alles wordt tegenwoordig gemanaged – het bedrijfsleven, het onderwijs, de zorg, de overheid, de rechtsspraak, de politiek, de schone lucht, de natuur – waardoor er veel kapot wordt gemaakt. Hoe heeft het zo ver kunnen komen?

In Voorbij de managementmaatschappij onderzoekt Marjolein Quené niet alleen waarom management zo aantrekkelijk is, maar kijkt ook met een kritische blik naar hoe de managementleer onze samenleving, onze manier van werken en denken zo ingrijpend heeft kunnen veranderen. Aan de hand van filosofen als Hannah Arendt en Susan Neiman biedt Quené een hoopvol alternatief. Het ís mogelijk om op een andere manier naar onze maatschappij te kijken en onder het juk van het management vandaan te komen.

Fragment uit

Terug naar Overzicht alle titels

Jan Bransen 2

Gevormd of vervormd? : een pleidooi voor ander onderwijs
ISVW 2019, 216 pagina's - € 24,95

Website Jan Bransen (1958)


Tekst op website uitgever
Het onderwijs vormt niet: het vervormt. Dat komt doordat het uitgaat van verkeerde aannames. Neem de aanname dat je eerst jarenlang moet leren voor je kunt meedoen aan het maatschappelijk leven, of de aanname dat kennisverwerving het best in kleine brokjes gebeurt, waarbij je voortdurend toetst. Dit alles leidt tot een cultuur waarin alles meetbaar moet zijn en waarin diploma’s je gevoel van eigenwaarde kunnen maken of breken. Dit zijn ideeën die meer kwaad doen dan goed.

Het onderwijs kan zoveel beter. Het kan vormen, en om dat te bereiken moet het roer om. Primair onderwijs hoort te draaien om de ontwikkeling van het zelfvertrouwen, zodat kinderen hun stemmen durven te verheffen. Het voortgezet onderwijs hoort ervoor te zorgen dat jongeren een positie verwerven waarin ze ertoe doen, op school en op straat. En al het zogenaamde ‘hogere onderwijs’ – wat een term! – organiseren we voortaan in duale trajecten, waarin leren en werken samengaan.

Jan Bransen is hoogleraar filosofie aan de Radboud Universiteit Nijmegen. Met Laat je niets wijsmaken (Klement 2013) won hij de Socrates Wisselbeker, de prijs voor het meest prikkelende filosofieboek. Ook zijn Word zelf filosoof, in 2014 heruitgebracht bij ISVW Uitgevers, was genomineerd voor deze prijs. Recentelijk verscheen bij Routledge het Engelstalige Don’t Be Fooled: A Philosophy of Common Sense. Hij is daarnaast oprichter van het tijdschrift Philosophical Explorations. Jan Bransen blogt over het onderwijs op www.pleidooivooranderonderwijs.nl


Fragment uit


Ander boek van Jan Bransen: Laat je niets wijsmaken : over de macht van experts en de kracht van gezond verstand (2013)
Andere titels over opvoeding en onderwijs.



zaterdag 2 februari 2019

Carl Cederström

Ons geluksideaal : een nieuwe blik op een versleten idee
Ten have 2019, 192 pagina's  - € 18,50

Oorspronkelijke titel: The happiness fantasy (2018)

Stockholm University: Carl Cederström (1980)

Tekst op website uitgever
In ‘Ons geluksideaal’ pleit Carl Cederström voor een nieuw geluksideaal. Hij toont aan dat ons huidige ideaal, dat gebaseerd is op een idee van vrijheid en zelfontplooiing, ons gijzelt en beperkt. Bepaalde factoren hebben bijgedragen aan ons huidige idee van geluk, zoals de flowerpower-beweging, de psychoanalyse, de consumptiemaatschappij en de Amerikaanse president Donald Trump. Volgens Carl Cederström is het hoog tijd dat we met onze verbeelding een nieuw ideaal ontwerpen en realiseren.

'Als analyse van onze moderne optimaliseringscultuur is dit boek scherp en bondig; en dat is geen verrassing voor lezers van Cederströms excellente vorige boek, The Welness Syndrome.’ – The Guardian

Carl Cederström is als onderzoeker verbonden aan de Stockholm Business School, en schrijft voor The Guardian. Hij schreef eerder The Wellness Syndrome, Dead Man Working en Desperately Seeking Self-Improvement.

Fragment uit

Fragment uit interview/artikel
Vanaf de jaren zeventig verdween dat politieke doel langzaam. Zelfverwerkelijking draaide steeds meer om individueel welzijn. het was de start van 'The Me Decade', zoals gemunt door de journalist Tom Wolfe. Midden jaren zeventig sloegen zelfontwikkelingscursussen aan bij het grote publiek omdat de cursussen steeds praktischer werden: je kwam er niet alleen maar om je als individu te ontwikkelen, maar ook om efficiënter en succesvoller te worden, en daarmee beter afgestemd te zijn op de markt. De volgende stap is uitbuiting door de markt.

Artikel: 'Zelfhulp maakt ongelukkig' (Filosofie Magazine, februari 2019)

Terug naar Overzicht alle titels


donderdag 24 januari 2019

Paul Scheffer 2

De vorm van vrijheid
De Bezige bij 2018, 224 pagina's  - € 20,99

Wikipedia: Paul Scheffer (1954)

Korte beschrijving
De kracht van dit boeiende boek, over de open samenleving en haar grenzen, is de reeks filosofisch getinte inzichten waarmee publicist en hoogleraar Paul Scheffer (1954) zijn beschouwingen kleur geeft. Volgens hem kan de waarde van het overschrijden van grenzen alleen worden begrepen door degene die de betekenis van grenzen wil zien. Hij vindt de wijze waarop met grenzen wordt omgegaan een van de grootste vraagstukken van deze tijd. 'Het gaat in dit boek dan ook niet over de grenzen van de vrijheid, maar over de vrijheid van de grens', aldus Scheffer. Na het schetsen van de termen kosmopolitisme en globalisering komt het begrip migratie aan de orde. Scheffer: 'Migratie is de meest zichtbare kant van een wereld die kleiner is dan ooit'. Het laatste deel van het boek is een verkenning van de staat van Europa, waarin met historisch besef scenario’s worden ontvouwd over de toekomst van de Europese Unie. Erudiet, maar in een voor de doorsnee geïnteresseerde lezer heldere taal weet deze ervaren essayist de politieke actualiteit in Europa grondig te analyseren. Bevat talrijke eindnoten en een register op persoonsnamen.

Fragment uit De exodus en ons geweten
Er zijn wel degelijk mogelijkheden om enige ordening aan te brengen in de crisis aan onze grenzen. Meer kan worden gedaan aan opvang in de regio: landen als Turkije, Libanon en Jordanië moeten omvangrijke steun krijgen. Verder kunnen we jaarlijkse quota vluchtelingen uit de genoemde landen in Europa opnemen, om de druk ter plekke te verlichten. Zulke aantallen kunnen, al naargelang samenlevingen zich daartoe in staat achten, meer of minder ruimhartig zijn. En ten slotte moeten we doen wat allang had moeten worden gedaan: de buitengrenzen beter bewaken.
  In verhandelingen over grenzen wordt de generositeit gemakkelijk vergeten. We mogen ons niet afsluiten voor de verschrikkingen in onze omgeving. De wil om bij te dragen aan het lenigen van nood in andere delen van de wereld vloeit, als het goed is, niet voort uit een postkoloniaal schuldgevoel. Europa wil een waardengemeenschap zijn, en de mensenrechten buiten het eigen continent bevorderen. Tegelijk heeft Europa een beperkte invloed op de wereldwanorde en moet het bescherming bieden tegen de gevolgen van de oorlogen in onze nabijheid.
  Ik zou zeggen: juist om genereus te kunnen  blijven, hebben we grenzen nodig. Een bovengrens wat betreft de opvang van vluchtelingen is noodzakelijk: de humanitaire verplichting kan alleen maar duurzaam vorm krijgen in een begrenzing. Dat doen klassieke immigratielanden als Canada en Australië, en inmiddels hanteert de Duitse regering een flexibele bovengrens, van 180.000 tot 220.000 vluchtelingen jaarlijks. Dat is zelfs voor een groot land veel, toch een miljoen vluchtelingen elke vijf jaar, maar het vormt in ieder geval een begin van ordening.
  Gaan we aan die behoefte aan grenzen in samenlevingen voorbij, dan naderen we snel de situatie die de Duitse schrijver Hans Magnus Enzensberger al eens eerde ronder woorden bracht. In Ansichten auf den Bürgerkrieg redeneert hij in het verlengde van de verantwoordelijkheidsethiek, en hij stelt vast dat we afscheid moeten nemen van almachtsfantasieën die het geweten overbelasten: 'Morele eisen die in geen verhouding staan tot mogelijkheden om te handelen leiden er uiteindleijk toe dat de mensen aan wie deze eisen worden gesteld alle verantwoordelijkheid verre van zich werpen. Daarin ligt de kiem van een barbarij die gemakkelijk kan overgaan in woede en agressie.' (pagina 112-113)

Lees ook zijn Essay van de Maand van de Filosofie: De vrijheid van de grens (uit 2016)

Terug naar Overzicht alle titels



Jonathan Holslag 2

Vrede en oorlog : een wereldgeschiedenis
De Bezige bij 2018, 558 pagina's - € 36,99

Wikipedia: Jonathan Holslag (1981) en zijn website

Korte beschrijving
De schrijver heeft een prestatie van formaat geleverd. Het is een mondiale geschiedenis van drieduizend jaar machtspolitiek, waarbij mogendheden of het nu Europa, China, Afrika of Amerika betreft telkens het morele gelijk aan hun zijde wisten en waarbij veiligheid en hebzucht hand in hand gingen. Ondanks grote verschillen in de machtscentra door de eeuwen heen zijn er soms ook verrassend veel overeenkomsten. Ook worden interessante verbanden gelegd, zoals de invloed die de val van Rome en China tussen de derde en vijfde eeuw op een groot deel van Eurazië heeft gehad. Het accent ligt op het Euraziatische continent, waarbij merkbaar is dat de schrijver veel expertise heeft met betrekking tot China. Niettemin wordt ook aan andere regio’s aandacht besteed. Iedereen die geïnteresseerd is in de grote vragen met betrekking tot de relatie tussen politiek, economie, cultuur en oorlog en vrede tussen 1000 v.Chr. en 2000 n.Chr. heeft met dit boek een waardevol document in handen. Een notenapparaat, een uitgebreide literatuurlijst, geografische kaarten en een register ontbreken uiteraard niet.

Fragment uit Tot besluit - Gruwel als vriend
Een ander steeds terugkerend voorwendsel om oorlog te gaan voeren is de bewering van agressors dat ze onderontwikkelde volkeren de voordelen van een superieure beschaving willen brengen. Alle grote rijken beschouwden zichzelf als het middelpunt van de wereld en degenen die buiten hun grenzen woonden als barbaren die onderworpen moesten worden of als geketende volken die snakten naar bevrijding. Op vergelijkbare wijze zijn strijdende ongelovigen ook vaak opgevoerd als excuus voor oorlog. De Grieken onder leiding van Alexander de Grote stelden in de vierde eeuw voor onze jaartelling dat ze een heilige oorlog tegen de Perzen voerden. In het oude Rome waren priesters verantwoordelijk voor oorlogsverklaringen nadat ze eerst om de instemming van de goden hadden gevraagd.  Chinese keizer streden om het 'hemels mandaat' te vervullen. In Zuidoost-Azië presenteerden de koningen van Srivijaya hun veroveringsoorlogen in de zevende eeuw als boeddhistische zoektochten naar verlichting, islamitische kaliefs trokken te velde om het ware geloof te verspreiden over de Dar al-Harb, net zoals middeleeuwse Europese edellieden kruistochten voerden in dienst van Christus. Zelfs de Mongoolse veroveringen van Dzjenghis Khan en zijn nazaten werden aangeprezen als een heilige oorlog om de wereld te verenigen in opdracht van de hemelgod. Maar de strijd om het ware geloof te vestigen werd ook gestreden tussen de aanhangers van verschillende stromingen van dezelfde religie: orthodoxe christenen tegen katholieken, katholieken tegen protestanten, sjiitische tegen soennitische moslims - om nog te zwijgen over de talloze conflicten tussen de verschillende takken van hindoeïsme en het boeddhisme. Ook al riepen de meeste religies en hun heilige boeken op tot vrede, ze leverden net zozeer de argumenten voor oorlog. (pagina 456-457)

Fragment uit een interview
Vraag: De migratiecrisis wordt mede door het Westen zelf veroorzaakt?
Jonathan Holslag: ‘Ja. En het gaat verder dan dat. In de loop van de geschiedenis hebben denkers als Livius in bloeiperiodes van grote imperia vaak gewaarschuwd voor onverantwoorde omgang met de welvaart. Vijfhonderd jaar voor het begin van de jaartelling hield de Chinese strateeg Sun Tzu de heersers in het Wu-koninkrijk al voor dat ze moesten vermijden hun rivalen rijk te maken. Dat is precies wat nu gebeurt. Met ons roekeloze consumentisme dragen we niet alleen bij aan de migratiecrisis in het Zuiden maar pompen we elk jaar ook honderden miljarden euro’s vanuit de westerse wereld in autoritaire regimes die nu met ons eigen geld onze invloed bedreigen. We hebben onze eigen tegenstanders rijk gemaakt, van China tot Saoedi-Arabië. China verdient jaarlijks 185 miljard euro aan het handelsoverschot met Europa. Dat geld wordt gebruikt om de invloed van het Chinese autoritaire regime in de wereld te versterken. De Russen moderniseren hun krijgsmacht met de miljarden die ze verdienen met de olie- en gastoevoer naar Europa. En de Golfstaten worden al decennia slapend rijk met de olie die ze aan het Westen verkopen, waardoor ze Jemen kapot kunnen schieten en religieus fundamentalisme naar het Westen kunnen exporteren. De afgelopen dertig jaar hebben we onze rivalen zelf de middelen gegeven om economisch te groeien en de macht van ons over te nemen.’ 
Interview: Politicoloog Jonathan Holslag: ‘Wij zijn het die onze cultuur kapotmaken’ (Vrij Nederland, 14 januari 2019)

Lees ook: De kracht van het paradijs : hoe Europa kan overleven in de Aziatische eeuw (uit 2014)

Terug naar Overzicht alle titels


dinsdag 22 januari 2019

Arnon Grunberg

Vriend & vijand : decadentie, ondergang en verlossing
Prometheus 2019, 109 pagina's € 12,99

Wikipedia: Arno Grunberg (1971)

Tekst op website uitgever
‘Volgens de Duitse denker Carl Schmitt is zonder vijandbeeld geen politiek mogelijk,’ schreven Coen Simon en Frank Meester aan Arnon Grunberg. Zij vroegen hem Het begrip politiek van Carl Schmitt (1888-1985) te lezen om na te gaan wat hij ons nu nog te zeggen heeft.
Hoeveel natiestaat hebben wij nodig? Hoeveel vijanden? Waartoe dient politiek? En is een samenleving zonder oorlog en geweld mogelijk?
Aan de hand van Schmitt en denkers als Walter Benjamin en Jacques Derrida probeert Grunberg antwoord te geven op die vragen.

‘Onze cultuur heeft de vegetarische slager voortgebracht en zal uiteindelijk ook de geweldloze oorlog produceren. Hoe die er precies uit zal zien is onduidelijk, maar Schmitts vermoeden dat die oorlog om de oorlog eens en voor altijd uit te roeien gruwelijk zal zijn lijkt me gerechtvaardigd,’ aldus Grunberg. Maar ook stelt hij dat er geen rechtvaardigheid kan bestaan als het geweld wordt afgezworen.

In Vriend & vijand legt Grunberg de vinger op zowel de zere plekken van de parlementaire democratie als de kritiek erop.
Vrienden en vijanden van deze democratie mogen dit essay niet aan zich voorbij laten gaan.

Fragment
Het wereldburgerschap en de universele vriendschap - zijn die twee wezenlijk verschillend? - zijn uiteindelijk messianistische reflexen. Ik ben Schmitts voorbehoud meer en meer gaan delen. En aangezien de eindtijd moet worden voorkomen doet de mens er verstandig aan te gokken op de katechon, op de tegenhoudende macht, niet op de beweging of de mensen die ons lokken en verleiden met verlossing.
  Schmitt heeft begrepen dat het menselijk verlangen naar gemeenschap net zo intens en vurig is als het verlangen naar verlossing, maar dat betekent niet dat we fatale misstappen van vorige generaties zonder tegen te spartelen hoeven te herhalen.
  Wie echter meent dat het politieke slechts om het onderscheid tussen vriend en vijand draait heeft Keilson niet gelezen en Schmitt te kritiekloos tot zich genomen. Het gaat om het onderscheid tussen staat en partij, tussen ernst en vermaak en uiteindelijk vooral om de manier waarop wij tegenover onze vijanden willen staan, zonder te vervallen in geveinsde geweldloosheid, die de oorsprong van het recht ontkent en ons het recht om te leven zou kunnen ontnemen.
  Aan het einde van  In de ban van de tegenstander schrijft Keilson over B: 'Zolang hij mij kon bestrijden, had hij vaste grond onder de voeten.' En ook: 'Hij heeft zichzelf nooit gekend. Ik heb in hem liefgehad wat ik in mijzelf niet kon vernietigen.' (pagina 91-92)

Startpagina Nieuw Licht

Terug naar Overzicht alle titels

Alexander Schimmelbusch

Opperduitsland
Prometheus 2019, 221 pagina's  - € 19,99

Oorspronkelijke titel:  Hochdeutschland (2018)

Wikipedia: Alexander Schimmelbusch (1975)

Tekst op website uitgever
Victor werkt als investeringsbankier in Frankfurt, maar zijn succesvolle loopbaan kan in zijn ogen slechts worden bestempeld als absurd, evenals het leven zelf. Zijn pogingen om liefde te vinden monden uit in niets, en ondanks de dure Porsche waarin hij rijdt, verlangt hij stiekem naar een doodnormaal burgerlijk leven.
Op een dag flanst Victor uit pure verveling een manifest in elkaar, een blauwdruk voor de ideale samenleving, als ware het zoveelste businessplan. Hij verpakt zijn zelfhaat als een aanval op de uitwassen van het moderne kapitalisme. Maar dat hij er een politieke aardverschuiving mee zal veroorzaken, heeft hij niet voorzien.
Opperduitsland is doordrenkt van humor met een kwaadaardig randje, vol met bijtende observaties van iemand die het wereldje van binnenuit heeft meegemaakt. Ook biedt de roman verrassende politieke inzichten over de ondergang en wederopstanding van de staat.

Alexander Schimmelbusch (1975) studeerde economie en Duitse taal en literatuur aan Georgetown University in Washington. Hij werkte vijf jaar als consultant bij een investeringsbank in Londen. Schimmelbusch woont afwisselend in Washington en Berlijn.

‘Dit boek hoort op elke boekenplank: het is hét boek om te laten zien dat de scherpste cultuurkritiek op het kapitalisme juist uit het kapitalisme zelf kan komen, gebaseerd op nauwkeurige kennis, een inzicht in de ziekelijke neiging tot opkomst en ondergang, inclusief een barmhartige blik op de korsten en littekens van de bankiersziel. Een roman die aantoont dat daarbij ook humor is geoorloofd.’
Florian Illies, Die Zeit

Fragment uit Vijf
Wat we van plan zijn
Om ons vaderland voor de toekomst te wapenen, zullen we er in Duitsland niet omheen kunnen een einde te maken aan de zinloze concentratie aan privé vermogen. Slechts met een efficiënte allocatie van nationale hulpbronnen zal de politiek haar kerntaak kunnen vervullen, namelijk het waarborgen van een verbetering van de levensomstandigheden van alle Duitse burgers. Daarom zal het in ons verhaal nu ook over een rechtvaardige herverdeling gaan, waarzonder een compromisloze gelijkheid van kansen niet naar behoren gefinancierd kan worden.
  Een gepaste maatregel lijkt ons een hard vermogensplafond, dat wij op een nettobedrag van 25 miljoen euro per burger vastleggen; activa daarboven moeten naar de gemeenschap worden overgeheveld. Want even eerlijk, beste mensen, niemand hoeft zich toch iets te ontzeggen als hij als privé persoon met maar 25 miljoen moet rondkomen? Het gezond verstand vertelt ons dat een privévermogen van een paar miljard niet te rechtvaardigen valt door arbeidsprestaties en dat obscene concentratie van rijkdom ongepast is in een hoogontwikkelde beschaving als die van de Duitsers.
  Om nog te zwijgen van het feit dat de fundamenten van ons industriële vermogen bijna volledig in collaboratie met de nazi's zijn gebouwd en dus op de massagraven van onze dwangarbeiders. Een voorvader van de familie die BMW bezit deinsde er bijvoorbeeld niet eens voor terug zijn echtgenote aan Goebbels te koppelen om zijn zaken met het bewind te bevorderen. Voor de nakomelingen van onze lijkenpikkers zal de bovengrens daarom een verlossing zijn - een mogelijkheid namelijk om de schande van hun bloed achter zich te laten en voortaan hun eigen weg te gaan.
  Het enige argument tegen deze bovengrens is dan ook dat onze oligarchen bij de jachtencheck voor de kust van Saint-Tropez voortaan het hoofd zullen moeten buigen voor hun Russische soortgenoten; maar wij zullen met smaad leren leven. Wie als Duitser in de toekomst graag op een schip van de Kielse Germania-werf het ruime sop wil kiezen , wordt veeleer uitgenodigd om voor een uitdagende functie bij onze uitstekende marine te solliciteren. (pagina 117-119)

Recensie: Multimiljonair Victor (39) vindt het absurd dat hij zo rijk is (januari 2019)
Recensie: Het Duitse antwoord op Bret Easton Ellis (De Groene Amsterdammer, 30 januari 2019)

Terug naar Overzicht alle titels


maandag 21 januari 2019

Clive Hamilton

De provocerende aarde : over het lot van de mens in het antropoceen
Klement 2018, 176 pagina's € 21,99

Oorspronkelijke titel: Defiant Earth : (2017)

Wikipedia: Clive Hamilton (1953)

Korte beschrijving
Dit boek is een aanklacht tegen de onverschilligheid onder wetenschappers en publiek over de klimaatverandering. De impact van de mens op de aarde wordt compleet onderschat. Het vraagt een collectieve verantwoordelijkheid om de koers van ons denken radicaal te wijzigen. De uitkomst is de filosofie. De auteur, politiek wetenschapper en klimaatexpert in Australië, is een bekende polemist. Zijn toon is en blijft verontwaardigd. Aardig en nieuw is dat hij zijn betoog met filosofie lardeert. Daardoor blijft de inhoud toch boeien. Het boek is voorzien van veel voetnoten. Het is zwartgallige kost voor iedereen, maar als discussiemateriaal biedt het veel, zowel voor wetenschappers als voor politici.

Fragment uit (het) Woord vooraf: wakker worden
De grootste tragedie van vandaag bestaat dan ook in het ontbreken van een gevoel voor de tragedie. De onverschilligheid van de meeste mensen tegenover de verstoring van het aardsysteem kan mogelijk worden toegeschreven aan een falen van het verstand of aan psychologische zwakte; maar dat lijkt een onvoldoende verklaring voor het feit dat we ons nu aan de rand van de afgrond bevinden. Hoe is het te begrijpen dat het hedendaagse denken zo jammerlijk faalt als het erom gaat greep te krijgen op wat ons nu overkomt? Enkele jaren nadat de tweede atoombom was geworpen, schreef Kazuo Ishiguro een roman over de inwoners van Nagasaki, een roman waarin de bom nooit wordt genoemd, maar wel een schaduw werpt over ieders leven. Ook de schaduw van het antropoceen valt over ons allemaal. Hoewel menige boekhandel vol staat met toekomstverkenningen van de hand van onze toonaangevende intellectuelen ter linker- en rechterzijde, wordt daarin nauwelijks melding gemaakt van de ecologische crisis. Ze schrijven over de opkomst van China, over botsende beschavingen en over machines die de wereld overnemen; maar bij hun benadering en uiteenzetting van deze thema's gaan ze volledig voorbij aan het feit dat er ook nog zoiets als klimaatwetenschap bestaat. Zonder zich te storen aan evidente feiten doen ze voorspellingen over de toekomst, als futurologen die opgesloten zitten in een obscuur verleden. Dit is het grote zwijgen. Tijdens een feestmaal ging een van Europa's meest vooraanstaande psychoanalytici enthousiast en uitgebreid in op alle thema's die ter tafel kwamen, maar hij viel stil toen de verandering van het klimaat er sprake kwam. Daarover had hij niets te zeggen. De meeste intellectuelen lijken de scenario's die de aardwetenschappers schetsen voor dermate ongerijmd te houden dat ze die met een gerust gemoed kunnen negeren. Misschien is het defaitisme onder intellectuelen zo groot omdat de krachten waarvan ze hoopten dat die de wereld een beschaafder oord zouden maken (persoonlijke vrijheden, democratie, materiële vooruitgang, technologisch vermogen), in werkelijkheid de weg naar vernietiging plaveien. De krachten waarop we het meest vertrouwden, hebben ons verraden; datgene waarvan we geloofden dat ons zou redden, dreigt ons nu te verslinden. Sommige mensen lossen deze spanning op door het bewijsmateriaal te verwerpen, wat erop neerkomt dat ze de verlichting opzijschuiven. Anderen reageren door neerbuigend te spreken over oproepen om het gevaar onder ogen te zien; die doen ze af als een verlies van geloof in de mensheid, alsof angst om de toekomst van de aarde een romantische illusie of een bijgelovige terugval zou zijn. Toch blijven de aardwetenschappers ons lastigvallen en achtervolgen ze ons als klagende spookverschijningen, terwijl wij ons voorthaasten in ons leven en ons af en toe geërgerd omdraaien om het kruis van de Vooruitgang op te heffen. (pagina 14-15)

Terug naar Overzicht alle titels

woensdag 16 januari 2019

Michiko Katukani

Het einde van de waarheid : over leugens in het tijdperk van Trump
Spectrum 2018, 224 pagina's -  € 19,99

Oorspronkelijke titel: The Death of Truth: Notes on Falsehood in the Age of Trump (2018)

Wikipedia: Michiko Kakutani (1955)

Korte beschrijving
De verkiezing van een Amerikaanse president die het niet zo nauw neemt met de waarheid is geen plotseling toeval, maar een proces dat langer gaande is. Het wortelt in de jaren zestig in de kritiek op het functioneren van de overheid, in het relativisme en postmodernisme. Ieder zoekt zijn eigen persoonlijke waarheid, subjectivisme wint het van wetenschap en gedeelde waarheden verdwijnen. Er is een groeiende scheidslijn tussen kennisgemeenschappen, als 'ommuurde denktuinen'. De maatschappelijke verschillen worden daardoor groter. Trumps tweets zijn een aanval op de werkelijkheid en zijn taalfouten verraden een vorm van nonchalance. Het internet is niet louter een bron van gedeelde kennis, maar een middel om verdeeldheid te zaaien en verkiezingen te beïnvloeden. De boosheid en verontwaardiging hierover spatten af van iedere pagina van dit boek door de Amerikaanse journaliste. Goed geschreven en gedocumenteerd. Voor journalisten, politici, schrijvers en wetenschappers, burgers etc. Heldere analyse van het probleem en de gevolgen voor de rest van de wereld. Met eindnoten en een overzicht van extra bronnen.


Fragment uit 'ikke' en de opkomst van de subjectiviteit
Het postmodernistische argument dat alle waarheden vooringenomen zijn (en voortvloeien uit het eigen perspectief) leidde tot het hieraan verwante argument dat er vele legitieme manieren zijn om een gebeurtenis te begrijpen of te representeren. Dit was bevorderlijk voor een meer egalitair discours en maakte het ook mogelijk dat de stemmen gehoord werden van mensen die voorheen onhoorbaar waren. Maar het werd gelijktijdig uitgebuit door lieden die zich sterk wilden maken voor beledigende of als vals ontmaskerde theorieën, of die zaken die onvergelijkbaar zijn aan elkaar gelijk willen stellen. Creationisten riepen bijvoorbeeld op tot het onderwijzen van 'intelligent design' naast de evolutieleer op scholen. 'Geef les in beide,' bevalen sommigen aan. 'Onderwijs in de controverse,' zeiden anderen.
  Een variatie op dit 'beide kanten'-argument werd door president Trump gebruikt bij zijn poging mensen die demonstreerden tegen witte suprematie gelijk te stellen aan de neo-nazi's in Charlottesville, Virginia bijeen waren gekomen om te protesteren tegen het verwijderen van standbeelden van confederates. Er waren 'enkele zeer goede mensen aan beide kante', verklaarde Trump. Ook zei hij: 'Wij veroordelen in de strengst mogelijke termen dit verschrikkelijke vertoon van haat, vooringenomenheid en geweld aan beide zijden, aan vele zijden.
  Klimaatontkenners, tegenstanders van vaccinatie en andere groepen die de wetenschap niet aan hun zijde hebben, wapperen aan alle kanten met zinsneden die niet zouden misstaan in een college over deconstructie: 'vele zijden', 'verschillende perspectieven', 'onzekerheden', 'meerdere kernwijzen'. Zoals Naomi Orekses en Erik M. Conway aantoonden in hun boek uit 2010, Merchants of Doubt, hebben rechtse denktanks, de fossielebrandstofindustrie en andere bedrijven die erop uit zijn de wetenschap in diskrediet te brengen (of het nu gaat om het werkelijk bestaan van klimaatverandering of de gevaren van asbest, meeroken of zure regen) zich bediend van een strategie die de tabaksindustrie als eerste gebruikt om bij het grote publiek verwarring te zaaien over de gevaren van roken. 'Twijfel is ons product' staat te lezen in een berucht memo uit 1969, geschreven door een hoge functionaris uit de tabaksindustrie, 'omdat het de beste methode is om te wedijveren met de "massa feiten" die aanwezig is in de geest van het grote publiek. (pagina 83-85)

Documentaire: Merchants of doubt (2015)

Artikel: Huxleys schrikbeeld van een bevolking die te zeer gedrogeerd is door 'onverbloemde trivialiteiten' om zich als verantwoordelijke burgers in te zetten. (januari 2019)

Lees (vooral ook):
Gebakken lucht
van Nick Davies (uit 2009/2010),
Wij amuseren ons kapot : de geestdodende werking van de beeldbuis
(uit 1985/1986) van Neil Postman.
Totalitarisme, gevolgd door Het verval van de nationale staat en het einde van de rechten van de mens van Hannah Arendt
(uit 2014)
1984 van George Orwell (uit 1949)
Heerlijke nieuwe wereld van Aldous Huxley (uit 1932)
De gedachteloze generatie van Allan Bloom (uit 1987/1988)
Al Gore. De aanval op de redelijkheid (2007)
Aandacht is het nieuwe goud : hoe commercie en media vechten om ons hoofd in te komen van Tim Wu (uit 2016)
De cultuur van het narcisme : leven in een tijd van afnemende verwachtingen van Christopher Lasch (uit 1980)
Nee, je bent geen gadget van Jaron Lanier (uit 2010)
Het ondiepe : hoe onze hersenen omgaan met internet van Nicholas Carr (uit 2011)

Terug naar Overzicht alle titels

zaterdag 12 januari 2019

Menno ter Braak

Het nationaal-socialisme als rancuneleer : met een voorwoord van Bas Heijne
Van Oorschot 2019, 61 pagina's € 12,50

Oorspronkelijke uitgave: 1937

Wikipedia: Menno ter Braak (1902-1940)

Tekst op website uitgever
Het nationaalsocialisme als rancuneleer is een van de bekendste essays van Menno ter Braak, waarin hij zijn bezorgdheid om de grondslagen van het opkomende nationaalsocialisme uit. Tachtig jaar later is zijn gedachtegoed nog steeds actueel.
Volgens Ter Braak behoort ‘de rancune (...) tot de meest essentiële verschijnselen van onze cultuur'. Onze democratie is gericht op gelijke rechten voor iedereen, maar juist dit principe ? dat in praktijk onhaalbaar is ? zorgt voor onderlinge spanningen en rancune. Deze maatschappelijke wrok leidt vervolgens tot wat Ter Braak een ‘haten om het haten' noemt; bij het nationaalsocialisme zijn het de joden die als haatobject fungeren.
Ook in de eenentwintigste eeuw heerst er onvrede die gepaard gaat met wrok. De opkomst van het populisme, dat bij uitstek op onvrede is gebaseerd, is een goed voorbeeld van hedendaags, maatschappelijk ressentiment. Dit ressentiment is nooit te voorkomen, het is inherent aan ons menselijk bestaan, maar Ter Braak laat wel zien hoe belangrijk het is om ‘de macht van het ressentiment over onze geheele cultuur' te erkennen, en ‘als rancune te erkennen wat uit rancune voortkomt'.

Fragment uit Met de moed der wanhoop - Bij Menno ter Braaks 'Het nationaalsocialisme als rancuneleer' (door Bas Heijne)
2.
Het is onwaarschijnlijk dat Ter Braaks brochure de NSB in 1937 stemmen heeft gekost, daar is zijn tekst te intellectueel voor. Maar juist als priemende intellectuele exercitie is deze tekst klassiek geworden, en ook nu pregnant. Ter Braak onthult iets wat je niet graag onder ogen ziet: het menselijk vermogen tot rancune, afgunst, ressentiment als drijfveer in de politiek.
  In navolging van zijn grote voorbeeld Friedrich Nietzsche  ziet Ter Braak democratie als iets wat, net als het christendom, tegen de menselijke natuur ingaat. Democratie gaat uit van gelijkheid die in werkelijkheid niet bestaat. Mensen zijn sociaal en biologisch ongelijk; de belofte die de democratie  de mensen doet, is een loze belofte en draait steeds opnieuw uit op een zware teleurstelling. Die teleurstelling wakkert het ons aangeboren gevoel van rancune aan, de haat tegen wat ons miskent en tekortdoet. In de negentiende eeuw, stelt Ter Braak, heeft het liberale vooruitgangsdenken korte metten gemaakt met het idee van ongelijkheid, zonder oog te hebben voor het daarmee gepaard gaande groeiende ressentiment. Dat wordt veroorzaakt, schrijft hij, door de discrepantie tussen 'het recht op alles' en 'het bezit van weinig'. Dat die gelijkheidsgedachte door de heersende klasse vooral met de mond wordt beleden, wakkert de rancune alleen maar nog maar verder aan.
  Het nationaalsocialisme, zoals Ter Braak dat ziet, is dus menselijk, al te menselijk. Het doet niets anders dan het ressentiment, dat al in ons zit, tot leidend principe, tot toetsteen van alles maken. Van het durf te weten van de Verlichting, maakt het nationaalsocialisme durf te haten - zoals letterlijk in het gedicht van de nationaalsocialist George Ketteman staat, dat Ter Braak als motto van zijn pamflet heeft gebruikt. (pagina 11-12)

Menno ter Braak
Het nationaalsocialisme als rancuneleer onthult zich nog op andere manieren als de leer van het 'pure' ressentiment. Men komt dikwijls de voorstelling tegen als zou het ressentiment een gevolg zijn van sociale misstanden en met name van armoede; vooral in socialistische kringen is het eigenlijk gewoonte om de armoede te idealiseren tegenover de rijkdom en een bijzondere zin voor gerechtigheid te veronderstellen bij de arbeidersklasse, sedert Marx het lot van de mensheid min of meer identiek heeft verklaard met de afschaffing van de klassentegenstellingen  door het proletariaat. Men meent dan uit het bestaan van misstanden en armoede het ressentiment te kunnen verklaren en er het ressentiment zelfs door te kunnen idealiseren. Het nationaalsocialisme bewijst duidelijk het tegendeel. Het is immers geen godsdienst van de 'verworpenen der aarde', het is evenmin een sociologie van wetenschappelijk geanalyseerde klassentegenstellingen; het wil een 'volksgemeenschap', d.w.z. het wil dat de rijken de rijken, de middenstanders de middenstanders en de armen de armen blijven ... maar alles tot op zekere hoogte, gelimiteerd door fooien van de 'Winterhilfe'. Het nationaalsocialisme verraadt door zijn gebrek aan positieve programmapunten en zijn overvoed aan beloften voor Jan en alleman, dat het de eerste 'leer' in het democratisch Europa is die uit het ressentiment van allen tegen allen is geboren; van de armen tegen de rijken, van de rijken tegen de armen; van de middenstanders, vooral, tegen beide, tegen de verfoeide 'grootkapitalisten', zowel als de minstens evenzeer verfoeide 'slaven van Moskou'. Daarom is het (potentieel) ook voor allen geschikt die genoeg beschaving hebben om geen analfabeten te zijn (men moet minstens een 'vliegend blaadje' kunnen lezen en van de Germanen of Piet Hein hebben vernomen), die beschaving als vanzelfsprekend bezit (als recht dus)  opgediend hebben gekregen, en verder alle neiging missen om ontevreden te zijn met het aller gemakkelijkste simplisme; en van dezulken zijn er meer dan alleen maar een 'troepje'. Hun opkomst is met aandoenlijke naïviteit voorbereid door alle zegeningen van de democratie, zoals daar zijn algemene leerplicht en Volksuniversiteiten en Openbare Leeszalen, en wanneer het ressentiment van allen tegen allen zich op een gegeven ogenblik tégen deze instituten richt, dan kan men alleen maar zeggen dat ondank 's werelds loon is. Het is niet de domheid 'pur' die het nationaalsocialisme in de hand werkt en het is ook niet in de eerste plaats de armoede, al kunnen die het terrein effenen, het is de halfbeschaving die de onontbeerlijke voorwaarde is voor het nationaalsocialistisch ressentiment en die rijk, arm en middenstander met een mystieke band samenhoudt, en het is het product van deze halfbeschaving, de frase (synthese van pathos, leugen en simplisme), die het sjibbolet is van de ressentimentsinternationale. (pagina 46-48)

Verzameld werk (in 7 banden) is aanwezig in de collectie van de samenwerkende Noord Oost Brabantse Bibliotheken.

Terug naar Overzicht alle titels