dinsdag 22 januari 2019

Arnon Grunberg

Vriend & vijand : decadentie, ondergang en verlossing
Prometheus 2019, 109 pagina's € 12,99

Wikipedia: Arno Grunberg (1971)

Tekst op website uitgever
‘Volgens de Duitse denker Carl Schmitt is zonder vijandbeeld geen politiek mogelijk,’ schreven Coen Simon en Frank Meester aan Arnon Grunberg. Zij vroegen hem Het begrip politiek van Carl Schmitt (1888-1985) te lezen om na te gaan wat hij ons nu nog te zeggen heeft.
Hoeveel natiestaat hebben wij nodig? Hoeveel vijanden? Waartoe dient politiek? En is een samenleving zonder oorlog en geweld mogelijk?
Aan de hand van Schmitt en denkers als Walter Benjamin en Jacques Derrida probeert Grunberg antwoord te geven op die vragen.

‘Onze cultuur heeft de vegetarische slager voortgebracht en zal uiteindelijk ook de geweldloze oorlog produceren. Hoe die er precies uit zal zien is onduidelijk, maar Schmitts vermoeden dat die oorlog om de oorlog eens en voor altijd uit te roeien gruwelijk zal zijn lijkt me gerechtvaardigd,’ aldus Grunberg. Maar ook stelt hij dat er geen rechtvaardigheid kan bestaan als het geweld wordt afgezworen.

In Vriend & vijand legt Grunberg de vinger op zowel de zere plekken van de parlementaire democratie als de kritiek erop.
Vrienden en vijanden van deze democratie mogen dit essay niet aan zich voorbij laten gaan.

Fragment
Het wereldburgerschap en de universele vriendschap - zijn die twee wezenlijk verschillend? - zijn uiteindelijk messianistische reflexen. Ik ben Schmitts voorbehoud meer en meer gaan delen. En aangezien de eindtijd moet worden voorkomen doet de mens er verstandig aan te gokken op de katechon, op de tegenhoudende macht, niet op de beweging of de mensen die ons lokken en verleiden met verlossing.
  Schmitt heeft begrepen dat het menselijk verlangen naar gemeenschap net zo intens en vurig is als het verlangen naar verlossing, maar dat betekent niet dat we fatale misstappen van vorige generaties zonder tegen te spartelen hoeven te herhalen.
  Wie echter meent dat het politieke slechts om het onderscheid tussen vriend en vijand draait heeft Keilson niet gelezen en Schmitt te kritiekloos tot zich genomen. Het gaat om het onderscheid tussen staat en partij, tussen ernst en vermaak en uiteindelijk vooral om de manier waarop wij tegenover onze vijanden willen staan, zonder te vervallen in geveinsde geweldloosheid, die de oorsprong van het recht ontkent en ons het recht om te leven zou kunnen ontnemen.
  Aan het einde van  In de ban van de tegenstander schrijft Keilson over B: 'Zolang hij mij kon bestrijden, had hij vaste grond onder de voeten.' En ook: 'Hij heeft zichzelf nooit gekend. Ik heb in hem liefgehad wat ik in mijzelf niet kon vernietigen.' (pagina 91-92)

Startpagina Nieuw Licht

Terug naar Overzicht alle titels

Geen opmerkingen:

Een reactie posten

De redactie behoudt zich het recht voor reacties te verwijderen