zondag 5 juli 2020

Sanne Bloemink

De wilde wereld : een nieuwe relatie met de wereld
Uitgeverij Pluim 2020, ? pagina's € 12,99


Tekst op website uitgever
Terwijl mensen over de hele wereld binnen bleven kwam de natuur tot leven. Vogels floten erop los, de lucht was frisser dan ooit en de herrie van het verkeer verstomde. Walvissen waren voor even verlost van de door zeetankers veroorzaakte geluidsoverlast en zeeschildpadden legden hun eieren op verlaten stranden. Dit tijdelijke venster op een andere wereld geeft hoop voor de toekomst.
De covid-19-pandemie wijst ons op het feit dat we niet zijn losgezongen van de materiële wereld, maar hier een integraal onderdeel van uitmaken. Alles is met alles verbonden en het wordt tijd dat we deze ecologische verbondenheid gaan voelen en erkennen. Maar hoe doe je dat?
Deze vraag stelt Sanne Bloemink zich al een aantal jaren. Hoe raak je verbonden met de omgeving, met de natuur? Waar begint die relatie? Bloemink sprak hierover met vooruitstrevende wetenschappers, kunstenaars, schrijvers en denkers die zoeken naar nieuwe perspectieven op de omgeving. Hun werk is beangstigend, desoriënterend en opwindend tegelijk. Dus houd je vast.
Sanne Bloemink (1973) is schrijver en journalist. Eerder schreef ze Hypermama (2008), Happy Me (2012) en Diagnosedrift (2018). Ze publiceert regelmatig in De Groene Amsterdammer.

Fragment uit

Sanne Bloemink schreef samen Christien Brinkgreve en Eric Koenen: Taalkracht : andere woorden andere werelden (in 2020) en Weten vraagt meer dan meten : hoe het denken verdwijnt in het regime van maat en getal (in 2017)

Paul Verhaeghe 6

Houd afstand, raak me aan
De Bezige bij 2020, 136 pagina's € 14,99 

Wikipedia: Paul Verhaeghe (1955)

Tekst op website uitgever
De wereld staat op z'n kop. De coronacrisis raakt iedereen en we moeten ons allemaal aanpassen aan een samenleving die we nog niet kenden. Dit brengt een onvermijdelijk besef met zich mee: de ongebreidelde groei waar we eeuwenlang naar streefden is niet langer verdedigbaar.

Paul Verhaeghe betoogt dat we deze crisis moeten aangrijpen om ingrijpend andere keuzes te gaan maken. Welke kant willen we op met onze economie? Hoe moeten we ons verhouden tot elkaar, en tot het milieu? Tegelijkertijd analyseert hij de impact van deze crisis op individueel niveau. Welk effect heeft dit "nieuwe normaal' op ons welbevinden? Hoe kunnen we omgaan met eenzaamheid en onzekerheid, en is het vol te houden
om niet te worden aangeraakt?

Als geen ander is Paul Verhaeghe in staat om de maatschappij en het individu met elkaar in verband te brengen. Hij toont wat we weten, wat we moeten vrezen, waarop we kunnen hopen en wat we kunnen doen – om sterker uit dit tijdperk te komen dan we erin gingen.

Fragment uit Wat moeten we doen?
Een slecht leven, zowel in de morele zin als in de betekenis van ongelukkig, heeft altijd te maken met een teveel of een te weinig. Goed is de juiste maat, met een noodzakelijke afweging binnen de context. Op een feest eet en drink je meer dan op een doordeweekse dag. Wie zich iedere dag volvreet en klem zuipt, of omgekeerd, wie voortdurend calorieën telt en enkel bronwater drinkt, is fout bezig. Hetzelfde geldt voor erotiek. De oversekste man of vrouw die van het ene bed in het andere duikt, alle standjes, genders en nieuwste gadgets uitprobeert, en dankzij een cocktail van viagra en cocaïne blijft  excelleren vindt zijn of haar tegendeel in de gefrustreerde asceet die seks afgezworen heeft en er bijgevolg de hele dag aan zit te denken. Dergelijke gewoontepatronen zijn slecht omdat ze noch een goed leven noch genot opleveren, en nog destructief zijn.
  De aristotelische regel is even eenvoudig als universeel. Moed houdt het tussen overmoed en lafheid, gematigdheid tussen losbandigheid en ascese, kalmte tussen driftkikkergedrag en kalmeerpillenapathie, en dat telkens opnieuw afhankelijk van de omstandigheden. Wie het juiste midden vindt tussen wantrouwen en goedgelovigheid, tussen passief meewerken en ellebogenwerk, tussen onderdanigheid en het betwisten van elk gezag, tussen gierigheid en verkwisting, die bezorgt zichzelf en anderen een pak ellende Een maatschappij die haar leden voorhoudt dat iedereen hogere 'targets' moet bereiken, steeds meer moet bezitten en meer moet presteren, is een immorele maatschappij, die mensen nog ongelukkig maakt ook.
  Wat wij onder 'groei' begrijpen, vinden we bij Aristoteles terug onder de term pleonexia, het altijd maar meer willen hebben van bezit, roem en veiligheid. Zijn visie daarop is even duidelijk als vernietigend. Pleonexia ligt aan de basis van een ongelukkig leven en creëert een gevaarlijke maatschappij. Het is slecht voor het individu omwille van drie redenen. De eerste is dat meer willen hebben geen eindpunt kent: nooit is genoeg. De tweede is dat het criterium altijd de ander boven ons is, waardoor afgunst de toon zet in de sociale verhoudingen. De derde is dat naarmate we meer van iets hebben, het genot geringer wordt. Het is gevaarlijk voor de maatschappij omdat een samenleving die pleonexia bevordert zichzelf op een hellend vlak plaatst, van spanningen naar conflicten naar uiteindelijk oorlog. (pagina 108-111)   

Andere boeken van Paul Verhaeghe:  Liefde in tijden van eenzaamheid : over drift en verlangen (2009), Het einde van de psychotherapie  (2011) Identiteit (2012), Autoriteit (2015) en Intimiteit (2018).


Wanda de Kanter

Parasiet der kwetsbaren : een nieuwe kijk op gezondheidsbeleid
Uitgeverij Pluim 2020, ? pagina's € 10,99

Wikipedia: Wanda de Kanter (1959)

Tekst op website uitgever
Er woekert al jaren een onzichtbare maar extreem dodelijke epidemie in onze samenleving. Jaarlijks vallen er wereldwijd miljoenen doden en zieken door roken, fastfood en alcohol, en die industrieën richten hun marketing bewust op kinderen uit de lagere socio-economische klassen. Net mensen uit die geleding van de maatschappij werden ook de eerste coronaslachtoffers, waardoor zij eindelijk even zichtbaar werden. We hebben te maken met een gezondheidscrisis van jewelste, maar de overheid grijpt niet in. Als we onze samenleving sterk en veerkrachtig willen houden, moeten we af van het idee dat dergelijke gedragsziekten gewoon vrije keuzes zijn, en moeten we de mechanismen erachter begrijpen. Wanda de Kanter laat zien hoe dit rotte systeem werkt, waarin mensenlevens worden ingeruild voor grof geld, en onderzoekt hoe we kunnen veranderen voor een sterkere, gezondere en eerlijkere wereld.
Wanda de Kanter is longarts in het Antoni van Leeuwenhoek en activist tegen de tabaksindustrie. Dat doet ze door in te zetten op rookpreventie, en juridische strijd te leveren.

Fragment uit