zaterdag 4 april 2026

Ton Lemaire 6

Op weg naar het heden : filosoferen over tijd en leven
Atlas Contact 2026, 294 pagina's € 24,99

Wikipedia: Ton Lemaire (1941)

Korte beschrijving

Tekst op website uitgever
Het meest persoonlijke boek tot nu toe van Ton Lemaire, winnaar van onder andere de prijs voor het Beste Spirituele Boek (‘Bomen en bossen’) en de Groeneveld-prijs.

In zijn nieuwe boek toont Lemaire zich persoonlijker dan ooit. Hij vertelt over zijn kennismaking met filosofie en welke stromingen hem beïnvloed hebben. Fenomenologie, levensfilosofie en existentiële thema’s hebben hem altijd beziggehouden, naast kunst en literatuur.

In ‘Op weg naar het heden’ behandelt Lemaire een grote verscheidenheid aan onderwerpen, soms ook die buiten zijn vakgebied. Hij snijdt eveneens actuele problemen aan, zoals de oorlog in Oekraïne en Gaza. Hoewel hij pessimistisch is gestemd vanwege de verontrustende toestand van de wereld en het laatste hoofdstuk over de dood handelt, is zijn boek alles bij elkaar toch een ode aan het leven.

‘Op weg naar het heden’ is het meest persoonlijke boek tot nu toe van deze winnaar van de prijs voor het Beste Spirituele Boek en de Groeneveld-prijs.

Fragment uit I. Waarom ik schrijf, bij wijze van inleiding
Door te lezen leefde ik tijdelijk 'ver van de dagelijksheid vandaan', zoals de versregels formuleert. Ja, ik wilde groots en meeslepend leven, het alledaagse leven en zeker dat op school was weinig boeiend, saai, oninteressant vergeleken met wat ik in de boeken las. Achteraf gezien was het maar goed dat ik rond mijn vijftiende drie passies kreeg die mijn leeshonger doorbraken: de sport, de natuur en de archeologie. Ik ontwikkelde mijn eigen lijfelijkheid, ik ontdekte de zintuiglijke rijkdom van de wereld, ik werd gefascineerd door de diepte van de tijd. Alle drie bleken een goed tegenwicht te vormen tegen de werelden in woorden waarin ik geneigd was te leven. Het gevaar van een eenzijdige nadruk op lezen en schrijven is dat je onvoldoende je zintuigen ontwikkelt en de densiteit van de dingen daarbuiten verkent, dat je je laat meeslepen door een op hol geslagen fantasie, dat je wereldvreemd, bijna mensenschuw en onhandig kunt worden. De taal, althans de geschreven taal, wordt dan een valkuil waar je moeilijk meer uit kunt komen. Het leven en de wereld zijn méér en anders dan de taal waarin ze kunnen worden uitgedrukt. Maar mijn vroege onderdompeling in woorden heeft zich niet verloochend, want ik ben blijven lezen en doorgegaan met schrijven, zoekend naar een evenwicht tussen taal en leven.

Wanner je zoals ikzelf gemotiveerd bent om te schrijven en te publiceren, ligt het voor de hand dat je geboeid wordt door taal in het algemeen en in het bijzonder door woorden. Een elementaire vereiste is dat je een rijk vocabulaire hebt dat, in ieder geval bij mij, sterk is bevorderd door de boeken die ik heb gelezen. Al jong was ik gretig om nieuwe woorden te leren, om te stuiten op ouderwetse of buitenissige woorden, om met te verdiepen in de etymologie ervan, dus de historische dimensie van de taal. Dit alles draagt op den duur bij tot een rijker taalgevoel, een moeilijk te definiëren vermogen van feeling voor taal, gesproken of geschreven, dat je alleen maar krijgt door veel en aandachtig te lezen en te luisteren. Daarin past uiteraard dat je je voelt aangetrokken tot literatuur, tot de taaluitingen die van diegene  die het ver gebracht hebben in hun omgang met taal en die proza en poëzie schrijven die in mijn eigen taalgevoel enorm hebben verrijkt. Schrijven is een voortdurende inspanning om het juiste woord op de juiste plaats te zetten en om zinnen te vormen die goed lopen, helder zijn en liefst ook welluidend.

Het geeft een goed gevoel wanneer je een zin hebt geschreven of een hele alinea waarmee je tevreden kunt zijn, dat wil zeggen: die kan standhouden als je hem overleest, ook weken later. Overigens begint voor mij het plezier van het schrijven al eerder, namelijk als ik de eerste woorden van een nieuwe essay of boek op papier zet. Hoewel ik al jaren werk op een pc, begin ik toch altijd nog met de pen de eerste zinnen en pagina's te schrijven en liefst ook al de grote lijn te schetsen in telegramstijl. Ik ervaar het als een ambachtelijk en esthetische genoegen om mijn pen op een nog maagdelijk vel papier te zetten, en niet met toetsen maar met de hand de letters van het alfabet te vormen. Ik ben veeleisend wat betreft de pen. Het is een gewone balpen maar wel een die heel dun en toch soepel schrijft, en die is niet zo gemakkelijk te vinden. Schrijven lijkt voor mij op tekenen en alleen al het vormen van de lettertekens met de hand geeft een zekere voldoening. Op de lagere school moest mijn generatie nog schrijven met de kroontjespen, die je steeds in een inktpot moest dopen en die vaak vlekken gaf. Op de middelbare school kreeg ik een vulpen en toen ik ging studeren schakelde ik over op een balpen (hoewel die toen nog enigszins 'ordinair' werd gevonden) - en daar ben ik bij gebleven. (pagina 20-22)

Lees ook:  De val van Prometheus : over de keerzijden van de vooruitgang (2010) en Onder dieren : voor een diervriendelijker wereld (2017), Bomen en bossen : bondgenoten voor een leefbare aarde (uit 2023), Verre velden : essays en en excursies 1995-2012 (uit 2013) en Tegen de tijd : kanttekeningen bij onze wereld (uit 2022)

Terug naar Overzicht alle titels

Geen opmerkingen:

Een reactie posten

De redactie behoudt zich het recht voor reacties te verwijderen