De val van Prometheus : over de keerzijden van de vooruitgang
Ambo 2010, 375 pagina's - € 17,50
Lenen als E-book via bibliotheek.nl
Korte bespreking
Zo'n twintig jaar geleden trok de antropoloog en filosoof Ton Lemaire zich terug op het Franse platteland. Terug uit de moderne cultuur met haar blinde geloof in vooruitgang, in steeds maar sneller en groter en meer. Terug naar een verloren wereld waar de stem van de aarde nog gehoord wordt en waar de waarden van de natuur, de eenvoud en de kleinschaligheid nog niet door onze beschaving zijn vernield. Dit boek is een klacht en een aanklacht. In een groot aantal hoofdstukjes laat Lemaire zien wat er mis is gegaan en wat er steeds harder mis gaat. Dat hij zichzelf daarbij soms herhaalt en eigenlijk weinig nieuws vertelt, doet aan de gedrevenheid van zijn stijl en de urgentie van zijn boodschap niets af. Met noten, literatuurlijst en registers.
Fragment uit hoofdstuk 3 Blijven lachen!
Op het eerste gezicht is onze tijd een heel vrolijke tijd. Zelden hebben de mensen er zo opgewekt, jong en gezond uitgezien, nooit is er misschien meer gelachen. Het duidelijkst manifesteert zich dat wel in kranten en tijdschriften. Op de opgenomen foto's kijkt slechts een enkeling ernstig of somber, de meerderheid staat er glimlachend en vooral vrolijk en hartelijk lachend op. We vinden dat zó natuurlijk dat we niet beseffen dat nog maar twee generaties geleden bijna iedereen veel serieuzer keek. Tot nog ruim na de laatste oorlog keek men overwegend strak, gewichtig, ernstig of neutraal in de camera. Ik vermoed daarom dat het vele lachen - althans het lachend voorstellen van personen - een recente cultuurtrek is van onze maatschappij die iets zegt over onze tijd (pagina 27)
Prometheus, Europese cultuurheld
In de mythologie van veel volken treedt vaak een gestalte op die - god, halfgod, dier of trickster - aan de menselijke essentiële elementen van hun cultuur verschaft, meestal door list of roof: het vuur, de smeedkunst, de landbouw, het schrift en andere. In Europa vertegenwoordigt de Griekse halfgod Prometheus een dergelijke 'cultuurheld'. Hij was de zoon van een van de Titanen, nakomelingen van de allereerste goden Ouranos en Rhea en broer van Atlas, die het hemelgewelf torste. Prometheus probeerde de oppergod Zeus enkele malen te bedriegen, onder andere door bij hem - of volgens ene andere versie bij de god Hephaistos - het vuur te stelen en vervolgens in een holle stengel naar de mensen te brengen. Maar de oppergod liet deze vermetele daad niet onbestraft; hij ketende Prometheus naakt aan een rots in de Kaukasus en beval een gier (of een arend) elke dag diens lever aan te vreten. 's Nachts groeide die weer aan zodat de vogel de volgende dag zijn pijniging kon herhalen. Volgens sommige bronnen werd de geketende held na dertigduizend jaar van zijn rots bevrijd doordat Herakles met een pijl de kwelgeest doodde. Zeus greep niet in; wellicht vond hij de straf wel voldoende.
Hoewel de roof van het vuur in de Griekse mythen de meeste aandacht kreeg, werden nog andere weldaden aan Prometheus toegeschreven die hij de mensen zou hebben geschonken, zoals de kunst van het smeden, het pottenbakken, de bouwkunde en nog enkele. De tragediedichter Aischylos, die drie van zijn stukken aan de cultuurheld heeft gewijd, ging nog verder en meende dat deze aan de oorsprong van bijna alle menselijke vaardigheden stond: geneeskunde, sterrenkunde, de kunst tot voorspellen enzovoort. In dat geval zouden de mensen dus aan Prometheus de overgang van een natuurstaat naar de cultuur te danken hebben. Aischylos bezong de grootse prestaties waartoe de mens in staat is, zijn vindingrijkheid, zijn moed, zijn list en inspanningen. Een andere tragediedichter, Sophocles, liet in een van zijn stukken het koor een waar loflied op de mens zingen dat begint met de befaamde versen: 'Veel is verbazingwekkend maar niets verbazingwekkender dan de mens.'
Onder de vele verhalen die de Grieken over Prometheus vertelden, waren ook enkele waarin zijn broer Epimetheus optrad. Terwijl zijn naam van de eerste 'vooruit denkend' betekent, betekent die van zijn broer 'achteraf denkend'. Dit onderscheid speelt een rol in de mythe die verhaalt over de wraak die Zeus op Prometheus nam door hem een verraderlijk geschenk te sturen, namelijk Pandora, een mooie vrouw; zij had een doosje bij zich met een zekere inhoud. Hoewel Prometheus zijn broer had gewaarschuwd om geen geschenken van Zeus aan te nemen, was deze zo onverstandig om blij met Pandora te zijn, die daarna de doos opende waaruit achtereenvolgens alle rampen ontsnapten die de mensheid sindsdien teisteren, zoals oorlog, ziekte en dood. Maar het laatste wat erin bleek te zitten, was de hoop om ten slotte de mensen toch nog een zeker tegenwicht te geven. Deze mythe is niet bepaald vrouwvriendelijk want - net als in Genesis - worden de negatieve dingen in verband gebracht met de vrouw.
De mythen over Prometheus overziend, bemerkt men dat de halfgod voor de Grieken een zekere ambivalentie bezat. Enerzijds was hij het symbool van de grootsheid, de handigheid en de listigheid waartoe de mens in staat was, vooral getuige de manier waarop hij het vuur stal, dat van onschatbare waarde bleek te zijn. Maar aan de andere kant was hij ook bij uitstek symbool van overmoed, 'hybris' die door de goden zwaar werd afgestraft. In het antieke wereldbeeld was 'hybris' een belangrijk want het ergste wat mensen konden doen was zich schuldig maken aan onmatigheid, de grens te overschrijden die de goden aan de mensheid hadden gesteld. Er waren vele verhalen in omloop over overmoed en vermetelheid die werden bestraft. Een ervan ging over de vlucht van Ikarus, zoon van Daedalus die op Kreta het labyrint had gebouwd. Deze had met veren en was twee vleugels aan zijn lichaam vastgemaakt en vloog hoog de lucht in. Maar toen hij te dicht bij de zon kwam, smolt de was door de warmte en stortte hij neer in de naar hem genoemd Ikarische zee. (pagina 311-313)
Terug naar Overzicht alle titels

Geen opmerkingen:
Een reactie posten
De redactie behoudt zich het recht voor reacties te verwijderen