maandag 28 december 2020

Mariana Mazzucato

Moonshot : grootse missies voor onze economie en samenleving
Nieuw Amsterdam 2021, pagina's - €27,99

Verschijnt mei 2021

Oorspronkelijke titel: Mission economy : a moonshot guide to changing capitalism (2021)

Wikipedia: Mariana Mazzucato (1968) en haar website

Korte beschrijving

Tekst op website uitgever
Ruim vijftig jaar geleden ging de mens naar de maan. Deze ongekende gebeurtenis was veel meer dan een wetenschappelijke topprestatie van de ruimtevaart; zonder nieuwe vormen van samenwerking tussen de publieke en de private sector was het niet gelukt.
Topeconoom Mariana Mazzucato vindt dat we de problemen van deze tijd, zoals stagnerende economische groei, klimaatverandering en toenemende ongelijkheid, met hetzelfde lef te lijf moeten gaan.
In Moonshot daagt Mazzucato economen, politici en ondernemers uit om na te denken over ambitieuze maatschappelijke doelstellingen, gedurfde langetermijninvesteringen en nieuwe publiek-private samenwerking. Het is niet voldoende om fouten in de huidige economische markten en systemen te repareren. Toekomstgericht denken en een innovatieve economie zijn noodzakelijk voor een fundamentele transformatie van economie en samenleving.

Tekst op website Engelse editie
Even before the Covid-19 pandemic in 2020, capitalism was stuck. It had no answers to a host of problems, including disease, inequality, the digital divide and, perhaps most blatantly, the environmental crisis. Taking her inspiration from the 'moonshot' programmes which successfully co-ordinated public and private sectors on a massive scale, Mariana Mazzucato calls for the same level of boldness and experimentation to be applied to the biggest problems of our time. We must, she argues, rethink the capacities and role of government within the economy and society, and above all recover a sense of public purpose. Mission Economy, whose ideas are already being adopted around the world, offers a way out of our impasse to a more optimistic future.

Fragment uit

Lees vooral ook: De ondernemende staat : waarom de markt niet zonder overheid kan (uit 2015) De waarde van alles : onttrekken of toevoegen aan de wereldeconomie (uit 2018) en  Donuteconomie : in zeven stappen naar een economie voor de 21e eeuw van Kate Raworth (uit 2017)




Terug naar Overzicht alle titels


dinsdag 22 december 2020

Nadav Eyal

Revolte : de wereldwijde opstand tegen globalisering
De Arbeiderspers 2021, 479 pagina's  - € 24,99

Oorspronkelijke titel: Revolt : the worldwide uprising against globalization (2020)

Biografie Nadav Eyal (19?)

Korte beschrijving

Tekst op website uitgever
Nationalisme, migratie, klimaatverandering. Onze wereldorde valt uiteen en Nadav Eyal heeft er een naam voor: revolte. Hij volgt deze ontwikkeling al jaren. Op alle continenten komen burgers in opstand tegen het idee van vooruitgang. Na decennia van globalisering vrezen veel mensen hun groepsidentiteit te verliezen en lijkt de kloof tussen arm en rijk alleen maar groter te zijn geworden. Nadav Eyal reisde naar het ingestorte Griekenland, sprak Duitse neonazi’s en slachtoffers van de droogte in Sri Lanka. Hij vergelijkt de migratie van zijn grootvader met die van twee Syrische adolescenten. Het dramatische totaalbeeld van Eyal maakt duidelijk dat we zullen moeten vechten om onze liberale waarden te behouden.

Fragment uit 4. Het land van de laatste olifanten
De grootste bedreiging die van de globalisering uitgaat heeft te maken met de destructieve kant van consumentisme en industrie op de mondiale ecologie. Het krachtigste en scherpste argument tegen de huidige wereldorde is domweg dat hij niet houdbaar is. Als er niets verandert, zullen dieren en mensen het niet kunnen overleven. Het keiharde feit is dat mensen en plaatselijke gemeenschappen kunnen worden geëxploiteerd en vernietigd, en dat beschavingen dat al sinds onheuglijke tijden gedaan hebben. Maar de dodelijke klappen die de mensheid aan onze planeet uitdeelt zijn iets nieuws, en misschien wel onomkeerbaar.

De Sri Lankaanse olifant wordt gedecimeerd, maar dat overkomt dieren de hele tijd, werelwijd, zij het in wisselende mate. Vernietiging van de natuurlijke leefomgeving is de belangrijkste reden voor de ongekende niveaus van soortuitroeiing waar we vandaag de dag mee te maken hebben. Sinfs 1970 is meer dan zestig procent van alle gewervelde dieren uit zijn natuurlijke leefomgeving verdwenen. Het aantal zoogdiersoorten is, gelijk opgaand met de vernietiging van hun habitat, ook sterk gedaald. Sommige wetenschappers noemen dit proces 'biologische vernietiging'; we zijn getuige van de meest overijlde uitroeiing die de aarde in tien miljoen jaar te zien heeft gekregen. 

Het is duidelijk dat het verlies aan soorten wordt versneld door menselijke bedrijvigheid. Negentig procent van alle jachtluipaarden is de afgelopen eeuw verdwenen, een percentage dat iets hoger ligt dan bij de Afrikaanse olifant, waar er in 1930 nog 10 miljoen van waren, en nu nog maar 45.000. Alleen al in Mozambique werden tussen 2009 en 2011 7000 olifanten gedood door ivoorjagers. Noord-Amerika telt 3 miljard minder vogels dan in 1970, een vermindering van dertig procent. Een baanbrekende en grondig uitgevoerde studie in Duitsland, uit 2017, toonde aan dat de insectenpopulatie in de Duitse natuurreservaten de afgelopen decennia met vijfenzeventig procent gedaald is. De studie werd alleen uitgevoerd in natuurreservaten, die geacht worden betrekkelijk immuun te zijn voor milieuschade. We weten niet wat voor ecologie op aarde kan worden gehandhaafd zonder florerende insectenpopulatie. Insecten vormen een cruciale schakel in de voedselketen en bestuiven de planten waarvan we allemaal afhankelijk zijn. Meer dan vijfenzeventig procent van de agrarische productie wereldwijd is afhankelijk van bestuiving door dieren. Tussen 2014 en 2018 verloren bijenhouders in de Verenigde Staten veertig procent van hun bijenvolken aan Colony Collapse Dosorder (CCD), die de insecten trof die het belangrijkst zijn voor de bestuiving van bloemen. (pagina 95-96)



Terug naar Overzicht alle titels


James Suzman

Werk : een geschiedenis van de bezige mens - van de oertijd tot heden
Thomas Rap 2020, 416 pagina's  - € 24,99

Oorspronkelijke titel: Work: A History of How We Spend Our Time (2020)

Wikipedia: James Suzman (1970)

Korte beschrijving
Werken is voor velen een economische noodzaak, die echter ook bijdraagt aan ontplooiing van talent en deelname aan sociale netwerken. Hoe ontstond ons beeld van werk en hoelang is dat nog te handhaven? Dit boek schetst de technologische en maatschappelijke doorbraken die het werk en opvattingen over werk revolutionair hebben veranderd. Het efficiënt opwekken en inzetten van energie is daarbij een verrassende rode draad. Dit begon zo’n half miljoen jaar geleden met de beheersing van het vuur waardoor voedsel beter kon worden omgezet in energie. De landbouw zorgde voor meer energie, die werd ingezet voor ambachtelijk, creatief en administratief werk. De industriële revolutie leidde tot een armoedeval, maar in de 20ste eeuw tot een enorme welvaart. Status en marketing zorgden voor kunstmatige schaarste en werden de nieuwe drijfveren voor werk. Digitalisering en klimaatverandering gooien deze oneindige groei echter grondig overhoop. Bijzonder geslaagd, prikkelend boek dat de lezer meeneemt van de jagers-verzamelaars tot de Millenials van nu. Met notenapparaat, index en zwart-witillustraties..

Tekst op website uitgever
Waarom draait eigenlijk alles in onze samenleving om werk? En hoe zou onze wereld eruitzien als werk een minder belangrijke rol zou spelen in ons dagelijks leven? In dit boek buigt James Suzman zich over de geschiedenis van de werkende mens. Werk definieert ons, het bepaalt waar we ons elke dag naartoe begeven en met wie we onze tijd doorbrengen. Het beïnvloedt onze manier van denken en onze eigenwaarde. Maar dat is niet altijd zo geweest. Economen voorspellen al langer dat we steeds meer vrije tijd zullen krijgen. Maar nu werk zo belangrijk is geworden, klinkt dat perspectief minder aanlokkelijk. James Suzman duikt in de geschiedenis van de werkende mens en laat ons zien dat werk altijd van grote betekenis is geweest, maar dat onze focus op productiviteit een relatief nieuw fenomeen is. Vanuit de geschiedenis werpen we een blik op de toekomst om te ontdekken dat het misschien wel tijd is voor een andere kijk op ons dagelijks werk.

Als antropoloog deed James Suzman jarenlang onderzoek in Afrika. Hij publiceerde eerder Affluence without Abundance, waarin hij schreef over het leven van de laatste jagerverzamelaars. Suzman doceert aan Robinson College in Cambridge en is lid van de Royal Geographical Society. Hij publiceert onder andere in The New York Times, The Guardian, The Observer en The New Statesman.

Fragment uit (de) Inleiding - Het economische probleem
  Als we het idee loslaten dat het economische probleem de eeuwige conditie van de menselijke soort is, kunnen we werk als meer beschouwen dan slechts het middel om in ons levensonderhoud te voorzien. Het biedt ons een nieuwe bril waardoor we onze diepe historische relatie met werk vanaf het allereerste ontstaan van het leven tot ons huidige drukke bestaan kunnen zien. Het roept ook een reeks nieuwe vragen op. Waarom vinden wij werk tegenwoordig zoveel belangrijker dan onze jagende en verzamelende voorouders het vonden? Waarom blijven wij in ons tijdperk van ongekende overvloed zo druk maken over schaarste?
  Om deze vragen te beantwoorden moeten we ons ver voorbij de grenzen van de traditionele economie begeven en de wereld van natuurkunde, evolutiebiologie en zoölogie betreden. Maar het belangrijkste is misschien nog wel dat we het vraagstuk vanuit een sociaalantropologisch perspectief moeten bekijken. Alleen via sociaalantropologisch onderzoek naar samenlevingen die tot in de twintigste eeuw blijven jagen en verzamelen kunnen we de stenen werktuigen, rotskunst en gebroken botten die nog als enige rijkelijk getuigen van het leven en werken van onze foeragerende voorouders tot leven wekken. Bovendien kunnen we alleen via een sociaalantropologische benadering beginnen te begrijpen hoe onze ervaringen van de wereld worden gevormd door de verschillende soorten werk die we verrichten. Dankzij deze bredere aanpak kunnen we verrassende inzichten verwerven in de oude wortels van wat wij vaak als unieke moderne uitdagingen beschouwen. Zo blijkt bijvoorbeeld dat onze relatie met machines een echo vormt van de relatie van vroege boeren met hun trekpaarden, ossen en andere lastdieren die hen bij hun werk hebben geholpen, en dat onze angst voor automatisering opmerkelijk sterk doet denken aan de angsten die mensen in slavernijsamenlevingen 's nachts wakker hielden. (pagina 16-17)



Terug naar Overzicht alle titels


Kate Manne

Man en macht : hoe mannelijk privilege vrouwen schaadt
Atlas Contact 2020, 264 pagina's  - € 22,99

Oorspronkelijke titel: Entitled: How Male Privilege Hurts Women (2020)

Wikipedia: Kate Manne (19?)

Klik hier voor het voorwoord

Korte beschrijving
Met talloze voorbeelden geeft de auteur inzicht in de vermeende mannelijke superioriteit en vrouwenhaat van waaruit vrouwen onderdrukt worden. Ze laat op tien gebieden, waaronder sport, seks, medische zorg en huishoudelijk werk, zien hoe de ongelijkheid tussen mannen en vrouwen ook in deze tijd nog woekert en vaak in stand gehouden wordt door aannames waarbij het normaal werd geacht dat mannen aanspraak kunnen maken op vrouwen. Ze betrekt hierbij de verschillen tussen de behandeling van blanke vrouwen en die van kleur, maar ook transgenders. Zij ontkracht de privileges waarop mannen al eeuwenlang aanspraak menen te kunnen maken en put hierbij uit wetenschappelijk onderzoek, literatuur, politiek en maatschappelijke ontwikkelingen. Haar betoog is overtuigend, baanbrekend en gedreven en haar taal is krachtig, maar er wordt wel wat van de lezer geëist om haar te kunnen volgen. Een belangrijk boek. De auteur is universitair docente filosofie en schreef voor onder meer The New York Post. Dit is haar tweede boek over misogynie. Met uitgebreid notenapparaat per hoofdstuk achter in het boek.

Tekst op website uitgever
‘Man & macht’ is het nieuwste werk van Kate Manne, die wel de filosoof van de #MeToobeweging wordt genoemd. Zij biedt in ‘Man & macht’ een prikkelend nieuw denkkader om misogynie en mannelijk privilege te begrijpen. Wat vanzelfsprekend wordt gevonden voor een man, spreekt nog altijd niet vanzelf voor een vrouw – en dit veroorzaakt een fundamentele ongelijkheid. In ‘Man en macht’ analyseert Manne de werking van mannelijk ‘entitlement’ op tien gebieden, van aandacht, kennis en medische zorg tot seks en huishoudelijk werk. Levendig en met intellectuele vurigheid toont ze aan dat genderongelijkheid niet door een paar slechteriken veroorzaakt wordt, maar diep in de samenleving wortelt.

Fragment uit ACHT - Zonder pretenties - over aanspraken op kennis
Een bepaald type man kan niet of wil niet omgaan met anderen die een mening verkondigen die indruist tegen hun eigen gevoel van wat er is gebeurd, of zou moeten gebeuren. Dit soort mannen kan zich vooral niet schikken naar meisjes en vrouwen die, terecht, aanspraken maken op hun eigen epistemisch recht om te vertellen wat er in de wereld gebeurt of wat er in de toekomst moet veranderen. Ze reageren niet alleen door het het pertinent oneens te zijn met een meisje of vrouw in die positie. Het lijkt hun zelfs te ontbreken aan argumenten - of, nogmaals, de wil - om het met haar oneens te zijn. In plaats daarvan willen ze dat ze haar mond houdt en zelfs de kans op een discussie voorkomen door te ontkennen dat haar woord enige betekenis of waarde heeft (ze is gek of ze is slecht - dus hoe je het ook wendt of keert, niets van wat ze zegt is het waard om ook maar een gedachte aan te wijden). Of zo'n man stelt zich een wereld voor waarin hij en anderen van zijn slag de macht hebben om haar haar woorden te laten inslikken - in dit geval door iets in haar keel te proppen, om haar aldus voor eeuwig het zwijgen op te leggen. Het is opvallend dat hij hierbij meestal de hele tijd het gevoel heeft dat hij in zijn recht staat, sterker nog, dat hij de gekwetste partij is.

 Zoals The Guardian schreef, sprak Patty Kineresley, de CEO van 'Our Watch', de organisatie tegen huiselijk geweld, haar bezorgdheid uit over Jones' 'verbale dreiging met geweld', en ze wees op de 'kracht van woorden [om]  een omgeving te scheppen waarin geweld tegen vrouwen als acceptabel wordt gezien of kan worden goedgepraat. 'je kunt het met iemand oneens zijn zonder hem of haar het zwijgen op te leggen,' voegde Kinnersley er wijs aan toe.

 Ik ga ervan uit dat jij dat kunt, beste lezer. Maar niet iedereen is daartoe in stata. (pagina 158-159)


Terug naar Overzicht alle titels

Bill Gates


Hoe we een klimaatramp kunnen vermijden : de oplossingen die er al zijn en de doorbraken die we nodig hebben

Hollands Diep 2021, 288 pagina's  - € 26,99

Oorspronkelijke titel: How to avoid a climate disaster : the solutions we have and the breakthroughs we need (2021)

Wikipedia: Bill Gates (1955)

Korte beschrijving

Tekst op website uitgever
Ruim tien jaar lang deed Bill Gates onderzoek naar de oorzaken en gevolgen van de klimaatverandering. Samen met experts in de natuurkunde, scheikunde, biologie, techniek, politieke wetenschappen en financiën ging hij na wat er moet gebeuren om het afglijden van de planeet naar een gegarandeerde milieuramp te stuiten. In dit boek legt hij niet alleen uit waarom we de netto uitstoot van broeikasgassen tot nul terug moeten brengen, maar geeft hij ook aan wat we moeten doen om dit uiterst belangrijke doel te bereiken.

Gates schetst een helder beeld van de uitdagingen waar we voor staan. Voortbouwend op zijn kennis van innovatie en op wat er nodig is om nieuwe ideeën op de markt te krijgen, beschrijft hij waar technologie al bijdraagt aan het verminderen van de uitstoot, waar en hoe de huidige technologie effectiever kan werken, waar nog baanbrekende technologieën nodig zijn en wie er aan deze essentiële innovaties werken. Ten slotte stelt hij een concreet, praktisch plan op om de uitstoot van broeikasgassen tot nul te reduceren. Daarin richt hij zich niet alleen op het beleid dat regeringen zouden moeten voeren, maar ook op wat wij als individuen kunnen doen om onze regering, onze werkgevers en onszelf steeds weer ter verantwoording te roepen in deze cruciale onderneming.

Zoals Bill Gates duidelijk maakt, zal het bereiken van een netto uitstoot van nul niet eenvoudig zijn, maar als we het plan volgen dat hij hier uiteenzet, is het doel beslist haalbaar.

Meer informatie: A few details about my new climate book 

Fragment uit (de) Inleiding - Van 51 miljard naar nul
In die tijd besefte ik nog niet dat we naar nul moeten. De rijke landen, die verantwoordelijk zijn voor de meeste uitstoot, kregen steeds meer aandacht voor klimaatverandering, en ik dacht dat dat zou volstaan. Mijn bijdrage, geloofde ik, zou mijn inzet zijn voor het betaalbaar maken van betrouwbare energie voor de armen.
  Zij zouden er immers de meeste baat bij hebben. Goedkopere energie zou niet alleen lamplicht in de avond betekenen, maar ook goedkopere bemesting voor hun akkers en cement voor hun huizen. Bovendien zijn het de armen die het meest te verliezen hebben door de gevolgen van klimaatverandering. De meesten van hen zijn boeren die al op het randje leven en niet opgewassen zijn tegen meer droogteperiodes en overstromingen.
  De ommekeer kwam voor mij aan het einde van 2006, toen ik met twee voormalige Microsoft-collega's afsprak, die non-profitondernemingen op het gebied van energie en klimaat wilden beginnen. Ze namen twee klimaatwetenschappers mee die veel kennis over deze onderwerpen hadden, en met z'n vieren toonden ze me de data die de uitstoot van broeikasgassen in verband brachten met klimaatverandering.
  Ik wist wel dat broeikasgassen temperatuurstijging tot gevolg hebben, maar ik had tot dan toe verondersteld dat er cyclische variaties of andere factoren bestonden die op natuurlijke wijze een klimaatramp zouden voorkomen. En het was moeilijk om te accepteren dat de temperatuur zou blijven stijgen zolang de mensheid in welke mate dan ook broeikasgassen zou blijven creëren.
  Ik zocht nog een aantal keren contact met de groep om aanvullende vragen te stellen. En uiteindelijk drong het tot mij door. De wereld zal meer energie moeten leveren om de armen meer voorspoed te brengen, maar we moeten die energie zien op te wekken zonder nog meer broeikasgassen uit te gaan stoten.
  Dat maakte het probleem nog lastiger. Het was niet voldoende om voordelige, betrouwbare energie op te wekken voor de armen. De energie moest ook schoon worden. (pagina 13)



Terug naar Overzicht alle titels

Fareed Zakaria


De wereld na de pandemie : tien lessen voor de mondiale samenleving

Atlas Contact 2021, 268 pagina's € 21,99

Verschijnt maart 2021

Oorspronkelijke titel: Ten Lessons for a Post-Pandamic World (2020)

Wikipedia: Fareed Zakaria (1964)

Korte beschrijving

Tekst op website uitgever
Lenin zei ooit: ‘Er zijn decennia waarin er niets gebeurt en weken waarin zich decennia lijken te voltrekken.’ We beleven nu zo’n versnelling. Zowel de positie van de VS als een fenomeen als thuiswerken is op slag veranderd. Fareed Zakaria helpt lezers de aard van een post-pandemische wereld te begrijpen, met name de politieke, sociale en technologische gevolgen die zich in de komende jaren gaan voordoen. In tien hoofdstukken over mondiale thema’s, variërend van biologische risico’s tot de definitieve doorbraak van digitaal leven tot een op komende bipolaire wereldorde, helpt Zakaria lezers na te denken over de mondiale effecten van de coronacrisis. De wereld na de pandemie is een urgent en actueel werk, en nodigt uit tot reflecties op het leven in de eenentwintigste eeuw.

Fragment uit



Terug naar Overzicht alle titels


Stephanie Kelton

De mythe van de staatsschuld : op weg naar een nieuwe economie
Ambo Anthos 2021, 320 pagina's € 23,99

Verschijnt april 2021

Oorspronkelijke titel: The deficit myth : modern monetary theory and how to build a better economy (2020)

Wikipedia: Stephanie Kelton (1969)

Korte beschrijving

Tekst op website uitgever
In De mythe van de staatsschuld presenteert econoom en hoogleraar Stephanie Kelton haar radicale nieuwe visie die ons denken over een rechtvaardige en welvarende samenleving volledig op zijn kop zal zetten.

Modern monetary theory – kortweg MMT – stelt dat de overheid geen gezin met een huishoudboekje is, maar dat zij zonder problemen grote schulden kan dragen. Grootse en noodzakelijke transities op het gebied van onderwijs, infrastructuur, zorg en klimaat vragen nu eenmaal om grootscheepse investeringen, en overheden moeten het lef hiervoor tonen. Zoals Thomas Piketty ons denken over economische ongelijkheid deed omslaan, zo doet Kelton dat op het gebied van ons monetaire beleid: structurele begrotingstekorten zijn geen probleem maar een oplossing!

De mythe van de staatsschuld is een wijs, provocerend en kraakhelder geschreven manifest voor een nieuwe economische orde, voor iedereen die in deze onzekere economische tijden op zoek is naar houvast. Speciaal voor de Nederlandse editie van De mythe van de staatsschuld voegde Stephanie Kelton een nieuw hoofdstuk toe.

‘De mythe van de staatsschuld heeft alles in zich om een economische klassieker à la Milton Friedman of Thomas Piketty te worden.’ – de Volkskrant

‘Kelton onderwerpt ons economische systeem aan en kritisch kruisverhoor. En dat is van groot belang in de postcovidwereld, omdat we ons denken over de economie zullen moeten herzien.’ – The Guardian

‘Kelton presenteert ons het noodzakelijke instrumentarium voor een voorspoedige toekomst voor ons allemaal. Lees het boek – en breng Keltons lessen in praktijk.’ – Naomi Klein

‘Dit boek zal van grote invloed zijn.’ – Financial Times

‘Een rockster binnen haar vakgebied.’ – The Times

Fragment uit



Terug naar Overzicht alle titels

Daniel Kahneman, Olivier Sibony & Cass R. Sunstein

Ruis : waarom we zo vaak de verkeerde beslissingen nemen, en hoe we dat kunnen voorkomen
Nieuw Amsterdam 2021, 384 pagina's € 24,99

Verschijnt mei 2021

Oorspronkelijke titel: Noise : a flaw in human judgment (2021)

Wikipedia: Daniel Kahneman (1934), Olivier Sibony (19?) en Cass R. Sunstein (1954)

Korte beschrijving

Tekst op website uitgever
Stel je voor dat twee artsen in dezelfde stad verschillende diagnoses stellen over dezelfde patiënten. Dat twee rechters aan hetzelfde hof verschillende straffen geven aan mensen die hetzelfde misdrijf hebben gepleegd. Dat wanneer een bedrijf klachten van klanten behandelt, de uitkomst afhangt van wie de betreffende klacht afhandelt. Stel je nu voor dat deze dokter, rechter of klachtenmedewerker zélf verschillende beslissingen neemt, afhankelijk van het tijdstip van de dag. Dit zijn voorbeelden van ruis: variabiliteit in oordelen die identiek zouden moeten zijn.

In RUIS laten Daniel Kahneman, Cass R.Sunstein en Olivier Sibony zien hoe ruis aanzienlijk bijdraagt aan beoordelingsfouten op velerlei gebieden, waaronder geneeskunde, rechtspraak, economische voorspellingen, gedrag van de politie, voedselveiligheid, veiligheidscontroles op luchthavens, bedrijfsstrategie en sollicitatiecommissies. En hoewel ruis overal te vinden is waar mensen beslissingen nemen, zijn personen en organisaties zich gewoonlijk niet bewust van de rol van toeval in hun beoordelingen en in hun handelen.

Op basis van de nieuwste bevindingen in de psychologie en gedragseconomie - én met hetzelfde aanstekelijke enthousiasme als in de bestsellers Thinking, Fast and Slow en Nudge - leggen Kahneman, Sibony en Sunstein in RUIS uit hoe en waarom mensen zo vatbaar zijn voor ruis bij het nemen van beslissingen, en wat we eraan kunnen doen.

"Daniel Kahneman is emeritus hoogleraar psychologie aan Princeton University en hoogleraar Public Affairs aan de Woodrow Wilson School of Public and International Affairs. Hij is de schrijver van het bekende Thinking, Fast and Slow ( Ons feilbare denken ). Daniel Kahneman is de grondlegger van de gedragseconomie en de geluksstudies. Hij maakte korte metten met het idee van de rationeel calculerende mens die in zijn eigen voordeel handelt. Daarvoor in de plaats introduceerde hij de feilbare menselijke psyche in de economie, gekenmerkt door gebrekkig oordeelsvermogen in onzekere omstandigheden.

Voor zijn baanbrekend onderzoek won hij in 2002 als eerste psycholoog de Nobelprijs voor de economie. Kahnemans onderzoek heeft grote invloed gehad op auteurs als Malcolm Gladwell ( Het beslissende moment), Nassim Taleb ( De zwarte zwaan) en Steven Levitt ( Freakonomics). Op bol.com vind je alle boeken van Daniel Kahneman, waaronder het nieuwste boek van Daniel Kahneman."

Fragment uit



Terug naar Overzicht alle titels


maandag 14 december 2020

Ziya Tong

Wat jij niet ziet : blinde vlekken, verborgen feiten en de gevaarlijke illusies van onze wereld
Uitgeverij Juni 2020, 408 pagina's - € 21,--

Oorspronkelijke titel: The reality bubble (2019)

Wikipedia: Ziya Tong (1972)

Korte beschrijving
De mens heeft gedurende de menselijke evolutie een systeem ontwikkeld om te overleven en zeer succesvol te worden: eigenaarschap. In eerste instantie was overleven een kwestie van het verkrijgen van voedsel, energie, tijd en ruimte om te gedijen. Maar nu is eigenaarschap een doel op zich geworden: we willen over alles beschikken, behalve over ons afval. In dit belangrijke en boeiende boek laat de Canadese wetenschapsjournaliste zien hoe dat eigenaarschap ontspoord is, omdat we allerlei blinde vlekken hebben, waardoor we de uiteindelijk desastreuze uitkomsten van ons handelen veelal niet kunnen overzien. We staan wellicht op de rand van uitsterven. Tong schreef een bijzonder boek, dat leest als een trein en dat verbluffende details en beschrijvingen bevat die je anders naar de wereld en samenleving om je heen doen kijken. Het leest als een wetenschapspopulariserend boek dat op essayistische wijze talloze onderling verknoopte onderwerpen langsgaat, maar het is uiteindelijk vooral een pleidooi om onze manier van leven te veranderen. Boeiend en buitengewoon belangrijk boek, actueel en indringend. Aanrader en geschikt voor een breed publiek en liefhebbers van bijvoorbeeld de boeken van Harari.

Tekst op website uitgever
Met het blote oog zien we eigenlijk maar een klein deel van de werkelijkheid. We zijn blind in vergelijking met röntgenstraling die door huid kan kijken of hightech bewakingscamera’s die waarnemen met kunstmatige intelligentie. En we zijn blind vergeleken met de dieren die kunnen zien in infrarood of die 360 graden zicht hebben. Deze dieren leven in dezelfde wereld als wij, maar ze zien iets heel anders.

Ziya Tong onthult deze verborgen wereld en neemt ons mee op een reis langs de grootste blinde vlekken van de mensheid. Van de anatomische blinde vlek waar we allemaal mee geboren worden, tot hoe technologie ons in staat stelt verder te kijken dan onze biologische grenzen.

Wat jij niet ziet is een uiterst fascinerend boek dat laat zien dat er meer in de wereld is dan je zou denken.

Fragment uit 4. Rampscenario
Meer dan zeventig miljard dieren per jaar lopen in een industriële omgeving de meedogenloze man met de zeis tegen het lijf, maar minstens zo schokkend is hoe dat zich aan het oog onttrekt. Na de Tweede Wereldoorlog en de Holocaust meenden we dat er een eind aan de gruwelijke verschrikkingen van de gaskamers was gekomen, maar voor dieren werd die methode in de laatste decennia van de vorige eeuw opnieuw geïntroduceerd en wordt ze ook nu nog volop toegepast. Controlled atmospheric stunning (CAS) ofwel gecontroleerde atmosferische verdoving wordt als humane methode gezien om varkens en pluimvee voor de slacht te verdoven. Maar binnen de gaskamers wordt onvoorstelbaar geleden. Dieren snakken naar adem, slaken kreten, krijgen stuiptrekkingen en proberen weg te komen zodra de CO2 in de kamer wordt gepompt. Bij elektrisch verdoven van pluimvee komen sommige kippen nog bij bewustzijn uit het water en vanwege de steeds hogere verwerkingssnelheid worden sommige kippen door fabrieksarbeiders niet correct aan de beugels bevestigd waardoor ze het automatische mes mislopen dat ze moet doden. Als gevolg hiervan zijn in de Verenigde Staten zevenhonderdduizend tot een miljoen kippen nog bij bewustzijn op het moment dat ze worden gekookt.

Beschaving en politieke correctheid hebben ons doen geloven dat we boven het barbarisme van beesten staan. Maar dat is niet echt het geval. Onze klinische methodes om te doden hebben ons blind gemaakt voor de verschrikkingen van de voedselindustrie. Zoals de Britse auteur George Monbiot schrijft: 'Welke idiotie van onze tijd zal onze kinderen in opstand doen komen? Er is genoeg te noemen. Maar een ervan is denk ik de massaslachting van dieren die ons in staat stelt hun vlees of eieren of hun melk te drinken. Terwijl we onszelf dierenliefhebbers noemen en onze katten en honden met genegenheid overstelpen, teisteren we miljarden dieren die daar wel degelijk onder moeten lijden met de bruutste ontberingen. De hypocrisie is dermate ranzig dat toekomstige generaties versteld zullen staan van het feit dat we dit niet hebben gezien.' (pagina 141-142)

Terug naar Overzicht alle titels


dinsdag 8 december 2020

Bob Michiels

Het ethisch gen : Corona getoetst & politiek vertaald
Uitgeverij Aspekt 2020, 380 pagina's - € 22,95

Bob Michiels (1950)

Korte beschrijving
De titel kan verwarring wekken: dit boek gaat niet over genetica en evenmin over de coronapandemie. Wel over ethiek en over politiek. De Vlaamse essayist Michiels (1950) haalt breed uit en hekelt het neo-liberale denken, de zogenoemde vrije-markteconomie, de milieuverwoesting, het populisme, het vijanddenken, de schijndemocratie en de groeiende kloof tussen bezitters en kanslozen. Michiels' belezenheid is enorm: De stroom verwijzingen en citaten houdt niet op, herhaalt zich soms en is op den duur wel erg veel van het goede. Met grote betrokkenheid – en ook woede – stelt Michiels vast dat door toedoen van de mens het er slecht voorstaat met de samenleving en de planeet Aarde. Hij pleit voor een andere economie die zich niet blindstaart op groei, voor een andere politiek die zich het lot van de zwakken aantrekt, voor een andere omgang met natuur en milieu. Alles moet radicaal anders en er is geen tijd te verliezen. Als analyse en denkoefening valt uit dit boek veel te leren. De remedie – inclusief Oosters reïncarnatiedenken – is niet heel concreet. Maar dat is wellicht ook teveel gevraagd. Voorzien van talrijke bronverwijzingen in voetnoten.

Tekst op website uitgever
Nu we stilaan uit het diepe corona-dal kruipen, is het verwarring troef en klinken allerhande vragen steeds luider: hoe geraken we hieruit zonder kleerscheuren, welk maatschappijmodel moeten we nastreven, heeft het neoliberalisme afgedaan, waar leggen we onze prioriteiten, hoe gaan we de rekeningen betalen…? Er wordt alom gepleit voor meer solidariteit en burgerzin, maar wat betekent dat concreet en op wie is dat van toepassing?

Zonder de juiste waardeoordelen gaan we er niet in slagen om de juiste beslissingen te nemen, maar gelukkig beschikt de mens over een moreel kompas dat hem richting geeft en hem de juiste weg zal wijzen naar een meer rechtvaardige samenleving. Dat ethisch gen zal ons helpen om gemakkelijker te kiezen voor het goede en om verder te evolueren naar een maatschappij waarin wel-zijn belangrijker is dan materiële welvaart.

Fragment uit Asociale rijken en immorele corporaties met centen, veel centen
Nochtans kun je geld niet eten, schreef ooit de priester-dichter Herman Verbeek op een beklijvende manier:

Als alle bomen zijn gevallen
alle vissen zijn gevangen
zul je weten
geld kun je niet eten,

als alle akkers zijn vergiftigd
alle nevels zijn vernietigd
zul je weten
geld kun je niet eten,

als alle zeeën zijn gestorven
alle kernen zijn gespleten
zul je weten
geld kun je niet eten,

als alle dieren zijn geketend
alles klonen zijn gekunsteld
zul je weten
geld kun je niet eten,

als alle boeren zijn verdreven
alle beurzen zijn gesprongen
zul je weten
geld kun je niet eten,

als alle ogen zijn gesloten
alle woorden zijn gelogen
zul je weten
geld kun je niet eten,

voor alle wetten zijn vergeten
alle vrezen is verboden
zul je weten
dat jij niet zult doden. 

 En toch. De enige taal die corporaties nog spreken is de Lingua Orbis neoliberalis, de taal van de Neoliberale Orde: "De opties - 'options'- verwijzen niet meer naar keuzevrijheid, maar naar het recht om te kopen. De toekomsten - 'futures' - zijn geen mysterie meer, maar zijn contracten geworden. De markten - 'markets' - zijn geen rumoerige pleinen meer, maar computerschermen. De foyer - de 'lobby' - wordt niet gebruikt om er op vrienden te wachten, maar om politici om te kopen. Niet alleen schepen varen 'offshore', de zee op: ook het geld gaat 'offshore, om belastingen en vragen te ontwijken. Wasserijen - 'laundries' - die zich voorheen et kleren bezighielden, wassen nu zwart geld." (pagina 319-320)

Terug naar Overzicht alle titels


maandag 7 december 2020

Marcus Du Sautoy

De code van creativiteit : hoe AI leert schrijven, schilderen en denken
Uitgeverij Nieuwezijds 2020, 318 pagina's - € 24,95

Oorspronkelijke titel:  The creativity code : how AI is learning te write, paint and think (2019)

Wikipedia: Marcus Du Sautoy (1965)

Korte beschrijving
Dit boek beschrijft de huidige stand van artificiële intelligentie (afgekort AI), oftewel de computer die de intelligentie en creativiteit van een mens kan simuleren. Het boek is een leesboek waarin prikkelende voorbeelden worden gegeven in de sfeer van de schilderkunst (een computer onderscheidt een schilderij van Van Gogh versus Picasso), de muziek (de computer componeert een nieuw werk dat lijkt op een Bach-compositie), de poëzie etc. Niet alleen (patroon)herkenning, maar ook iets nieuws creëren met behulp van algoritmes behoort tot de huidige mogelijkheden. Kortom: AI creëert en voegt werkelijk iets toe. Daarbij wordt ook dieper ingegaan op de techniek van lerende machines en patroonherkenning. De auteur is hoogleraar in de wiskunde (Oxford) en heeft de unieke kwaliteit om ingewikkelde onderwerpen toegankelijk te maken voor een breed publiek. Geïllustreerd met enkele figuren in zwart-wit. Naast de index bevat het boek een uitgebreide lijst van aanbevolen literatuur..

Tekst op website uitgever
Zal een computer ooit een meesterwerk schilderen, een symfonie componeren of een prijswinnende roman schrijven? Mag een machine hopen ooit Rembrandt, Mozart of Shakespeare naar de kroon te steken?

De stormachtige ontwikkelingen in kunstmatige intelligentie (AI) veranderen de wereld in rap tempo, en steeds meer menselijke taken worden net zo goed, of zelfs beter, door machines gedaan. Maar kunnen algoritmes ook concurreren met de krachtige menselijke creativiteit? Wat betekent het om creatief te zijn?

Hoeveel van onze emotionele reactie op kunst is eigenlijk een product van ons brein dat reageert op patronen en structuren? En wat kunnen machines daarvan leren?

In dit boek onderzoekt Marcus du Sautoy de aard van creativiteit. Het resultaat is een fascinerende verkenning van zowel AI als de essentie van wat het betekent om een mens te zijn.

Fragment uit 16. Waarom we creatief zijn: een ontmoeting van geesten
Zolang machines geen bewustzijn hebben, denk ik niet dat ze iets meer kunnen zijn dan een instrument om de menselijke creativiteit verder uit te breiden. Hebben we enig idee wat er nodig is om bewustzijn in een machine te creëren? Er zijn onderzoeken gedaan naar het verschil tussen het netwerk van het menselijk brein wanneer het wakker is en wanneer het in de vierde fase van diepe slaap verkeert, onze minst bewust toestand. Het verschil lijkt te zitten in een bepaalde vorm van feedback. In het wakkere, bewuste brein zien we hoe activiteit ergens in het brein begint en vervolgens uitwaaiert over het hele netwerk, gevolgd door feedback terug naar de bron, een cyclus die vervolgens aldoor wordt herhaald, alsof de feedback onze ervaring bijwerkt. In het slapende brein zien we alleen heel plaatselijk gedrag, zonder deze feedback. De machine learning, waarmee AI van een aantal opeenvolgende winters naar een plotselinge hittegolf is gegaan, bevat een element van dit feedbackgedrag, van leren van zijn interacties. Zijn we hiermee de eerste stappen aan het zetten naar een AI die uiteindelijk bewustzijn zal krijgen en dan echt creatief kan worden?

Maar stel dat een machine zelfbewust wordt. Hoe kunnen we dat ooit weten? Zou zijn bewustzijn lijken op het onze? Volgens mij is er geen fundamentele reden waarom we niet ergens in de toekomst een machine kunnen maken die zelfbewust is. Ik denk wel dat we daarvoor alle wetenschappen nodig hebben. En als we erin slagen, denk ik dat machine-bewustzijn heel anders zal zijn dan dat van ons. Ik ben ervan overtuigd dat het ons duidelijk zal willen maken hoe het is. En op dat punt zullen de creatieve kunsten cruciaal zijn om elkaar toegang te geven tot hoe het voelt om de ander te zijn. (pagina 289)

Terug naar Overzicht alle titels

Geertrui Meike De Ketelaere

Mens versus machine : artificiële intelligentie ontrafeld
Pelckmans 2020, 204 pagina's - € 27,50

Wikipedia: Geertrui Meike De Ketelaere (19?)

Korte beschrijving
De ondertitel belooft dat aspecten van kunstmatige intelligentie, of artificiële intelligentie (AI) worden ontrafeld. Die belofte maakt de auteur zeker waar, te beginnen bij de introductie waar ze betoogt dat doelstellingen rond AI dienen te worden vertaald in begrijpelijke termen en bijbehorende maatschappelijke doelstellingen. Daarvoor is kennis nodig over werken met algoritmes, moet het belang van data en correcte dataverzamelingen worden erkend, moet de noodzakelijke relatie met hardware en beheer duidelijk zijn en moet de ethiek achter digitale besluitvormingsprocessen uiteindelijk centraal staan. De vijf hoofdstukken worden afgesloten met telkens twee interviews met Belgische (ervarings)deskundigen die bij de innovatie een rol spelen. De auteur benadert de aspecten van AI vanuit wetenschappelijk en persoonlijk perspectief, waardoor ingewikkelde zaken worden vereenvoudigd. In dat persoonlijk perspectief gebruikt de auteur ook elementen uit haar eigen wetenschappelijke loopbaan, iets dat het thema dichterbij brengt. Met digitale literatuurverwijzingen middels eindnoten.

Tekst op website uitgever
Wie denkt dat artificiële intelligentie (AI) een ver-van-zijn-bed-show is, heeft het mis. AI komt niet enkel aan bod in futuristische sciencefictionfilms of op hippe technologiebeurzen. AI is overal, ook in jouw leven.

De gepersonaliseerde reclamefolder van de supermarkt met aanbiedingen ‘speciaal voor jou’? AI. De voorgestelde liedjes op Spotify? AI.
De zelfregelende verkeerslichten op de hoek van je straat? AI.

Het valt niet te ontkennen. Artificiële intelligentie dringt aan een duizelingwekkende snelheid onze realiteit binnen. Ze duikt niet alleen op in jouw dagelijkse leven, maar ook in de verschillende bedrijfssectoren. Dit roept veel vragen op. Wat kan AI allemaal? Wat nog niet? En in hoeverre is AI écht intelligent en een meerwaarde voor onze manier van leven?

AI-experte Geertrui Mieke De Ketelaere volgt de ontwikkelingen in deze fascinerende wereld vanop de eerste rij. In dit boek legt ze op toegankelijke en transparante wijze de basisconcepten van artificiële intelligentie uit. Daarbij heeft ze niet alleen aandacht voor de vele kansen die AI biedt, maar wijst ze ook op de risico’s. De Ketelaere neemt de lezer mee voorbij de hype, waardoor je geïnformeerd kunt deelnemen aan dit boeiende debat. Eén waarheid staat daarbij als een paal boven water: AI is vandaag al erg belangrijk, maar wordt voor onze toekomst cruciaal.

Korte beschrijving

Fragment uit

Terug naar Overzicht alle titels

Peter Klerks

Door leugens verleid : hoe je fake news en andere vormen van manipulatie herkent en bestrijdt
Prometheus 2020, 544 pagina's - € 29,99

Wikipedia: Peter Klerks (1958)

Tekst op website uitgever
Psychologische oorlogsvoering is gevaarlijke materie voor een democratie. Toch doen overheidsdiensten, ondernemingen en criminelen op grote schaal aan psychologische misleiding.
Door leugens verleid vertelt over de grootste misleidingsoperaties uit de geschiedenis tot nu: van het organiseren van een staatsgreep door überpropagandist Joseph Goebbels tot de kunst van virtuele verleiding. Peter Klerks laat zien hoe er met rubberen tanks en een sound system drie Duitse Wehrmachtdivisies op de vlucht werden gejaagd, hoe de CIA het feminisme op gang hielp en hoe er 96 boeven werden gevangen door een feest te organiseren. Puttend uit historische tot voor kort geheime bronnen, wetenschappelijk onderzoek en honderden vaak ontoegankelijke rapporten schetst Klerks een indringend beeld van misleidingstechnieken. De lezer wordt ingewijd in methoden als neuromarketing, militaire misleiding en propaganda.
Dit verontrustende boek schetst juridische en ethische dilemma’s, maar maakt in de eerste plaats verborgen kennis voor iedere lezer toegankelijk. Door leugens verleid daagt uit tot debat; kunt u het zich veroorloven stiekeme misleiding te negeren?
Peter Klerks (1958) studeerde politicologie en sociologie aan de Universiteit van Amsterdam en promoveerde aan de Erasmus Universiteit Rotterdam op georganiseerde criminaliteit. Klerks was gemeenteraadslid in Amsterdam, werkt aan de Politieacademie en is raadadviseur bij het Openbaar Ministerie.

Korte beschrijving

Fragment uit

Terug naar Overzicht alle titels

Rana Foroohar

Big tech : hoe we onze privacy, vrije markt en democratie in de uitverkoop doen
Lemniscaat 2020, 367 pagina's € 24,95

Oorspronkelijke titel: Don't be evil : how big tech betrayed its founding (2019)

Wikipedia: Rana Foroohar (1970)

Tekst op website uitgever
Het lijkt allemaal zo gemakkelijk en goedkoop: Met een paar handige apps ligt de wereld aan je voeten. Maar onze voorkeuren worden zonder dat we erbij stilstaan verkocht aan bedrijven die ons bestoken met advertenties. Met onze privégegevens worden miljardenwinsten gemaakt, terwijl mkb’ers de concurrentieslag met internetplatforms verliezen. En dan hebben we het nog niet eens over het fake news dat een grote impact heeft op onze democratie. Hoe hebben we onze samenleving zo kunnen laten ontwrichten?

Financial Times-journalist Rana Foroohar deed verslag van de opkomst van technologiereuzen als Amazon, Facebook en Google en beschrijft hoe Big Tech zijn onschuld verloor. Jarenlang hebben we ons laten misleiden door het sportieve uiterlijk en de mooie praatjes van de internetondernemers, die ondertussen wereldwijde monopolyposities verwierven. Handig gebruikmakend van het gebrek aan regelgeving en van het internationale speelveld is hun macht daadwerkelijk grenzeloos geworden. Hoog tijd voor adequate regelgeving, eerlijke concurrentie én, zo stelt Foroohar, voor kritische gebruikers.

Korte beschrijving

Fragment uit 14. Hoe kwaad te vermijden
Ik maak me ook zorgen dat we misschien in een soortgelijk regelgevingsparadigma terecht zullen komen als we na 2008 in de financiële sector hebben gezien. Lobbyisten en gevestigde belangen aan beide zijden van het politieke spectrum kwamen toen met een complexe mengeling van nieuwe wetten. De enorme complexiteit zorgde voor talloze lacunes waar bedrijfsjuristen gebruik van konden maken. Terwijl het  nemen van risico's bij sommige individuele instellingen was ingeperkt, was het systeem als geheel er niet veiliger op gewordne. In de verwarring van het complexe en technologische debat waren we de enige vraag die ertoe deed uit het oog verloren: hoe kunnen we een financiële sector creëren die de reële economie bedient?

We moeten nu dezelfde vraag stellen voor de nieuwe technologieën die zich overal om ons heen verspreiden. De structurele overgang van een materiële naar een imamateriële economie - een overgang die de Industriële Revolutie in vergelijk doet verbleken - zou ons moeten aanzetten tot een diepgaande analyse van tal van grote onderwerpen: digitale eigendomsrechten, handelsvoorschriften, privacywetgeving, antitrustregels, aansprakelijkheidsregels, vrije meningsuiting, de rechtsgeldigheid van surveillance, de implicaties van data voor het economisch concurrentieermogen en de nationale veiligheid, de impact van de algoritmische ontwrichting van werk op de arbeidsmarkten, de ethiek van artificiële intelligentie, en de gezondheid en het welzijn van digitale technologie.

Deze onderwerpen zijn ieder op zich al diepgaande en complexe kwesties. Maar ze moeten tezamen worden bezien omdat elke kwestie effect heeft op alle andere Deze uitdaging vereist dat beleidsmakers robuuste gesprekken voeren met deskundigen uit een breed scala aan disciplines over hoe het nieuwe kader voor economische groei, politieke stabiliteit, persoonlijke vrijheid, en gezondheid en veiligheid in onze nieuwe digitale wereld eruit zou moeten komen te zien. In de nasleep van 2008 werden beleidsmakers die het financiële stelsel probeerden te repareren door Wall Street zelf gekaapt - het overgrote deel van de overleggen over de meest omstreden regels van na de financiële crisis vonden plaats met precies degenen die gereguleerd moesten worden. Dat maakt geen goede indruk, en het had grote politieke consequenties in de zin dat Amerikanen achterbleven met het gevoel dat het systeem gemanipuleerd was. We moeten ervoor waken om opnieuw dezelfde fouten te maken. Wanneer we nadenken over hoe we de kracht van technologie kunnen aanwenden voor het algemeen belang in plaats van voor de verrijking van een paar bedrijven, dan moeten we ervoor zorgen dat de leiders van die bedrijven niet de enigen zijn die een stem hebben in de regels. (pagina 310-311)

Terug naar Overzicht alle titels

donderdag 3 december 2020

Jos van der Horst

Onze vrijheid zit in een wurggreep : en daar kunnen we wat aan doen!
SWP 2020, 259 pagina's € 12,50

Biografie Jos van der Horst (1956)

Korte beschrijving
In dit boek behandelt de auteur de vragen hoe vrij individuele mensen zijn, welke beperkingen er zijn en welke beperkingen mensen zichzelf opleggen. De spil is 'wat ons bezielt en beweegt'. Het boek bevat vier samenhangende delen: de waarde van vrijheid, de grenzen ervan, hoe gaan we ermee om en tot slot: wat staat ons te doen? Naarmate het boek vordert wordt het aandeel van de overheid in de analyse groter. De auteur houdt een behoorlijk normatief verhaal. Diverse, ook wetenschappelijke, inzichten in combinatie met eigen inzichten van de auteur leiden tot een scherpe analyse en dito oordelen op diverse vraagstukken: het nut van toerisme, consumentenmacht, arbeidsethos e.a. Daarmee bevat het boek diverse onderdelen waar lezers hun eigen oordeel aan kunnen spiegelen of scherpen. Tot slot zijn er diverse concrete aanbevelingen voor zelfbewust activisme als opmaat naar verandering. Het boek bevat een bronnenregister.

Tekst op website uitgever
Jos van der Horst stelt de vraag hoe het is gesteld met onze vrijheid en komt tot de verontrustende conclusie dat deze in een steeds strakker wordende wurggreep zit. Onze vrijheid brokkelt in snel tempo af. Dit heeft vier oorzaken. Als burgers worden wij steeds meer afgerekend op de - vooral financiële - gevolgen van onze dagelijkse keuzes en gedrag, voor samenleving en landgenoten. Als consumenten worden wij opgezadeld met de opdracht gretig en onbeperkt te consumeren. Tegelijkertijd is het aan ons om al consumerend de grote problemen van deze tijd aan te pakken. Als werker worden we opgejaagd, kunnen we lang niet altijd de goede dingen op de goede manier doen en zitten vele van ons vast in een situatie die gezondheid en welzijn bedreigt. Tot slot wordt onze vrije toekomst ons afgenomen doordat slimme algoritmen gigantische hoeveelheden persoonlijke informatie verzamelen  en leren hoe zij ons gedrag kunnen manipuleren en beheersen.

Hoe graag wij ook anderen zouden willen aanwijzen als daders, wij zelf dragen hieraan enthousiast ons steentje bij. Aan deze verwurging van onze vrijheid komt dan ook niet vanzelf een einde. Van der Horst beschrijft hoe wij het tij kunnen keren. Wat kunnen wij doen om onze vrijheid te beschermen en terug te winnen? En hoe krijgen wij overheid, politiek, ondernemingen en de instituten die hen vertegenwoordigen, zover dat ook zij doen wat nodig is om onze vrijheid te bevrijden? Wat Van der Horst betreft vraagt dit om zelfbewuste, activistische burgers die beschermen wat waardevol is: onze individuele vrijheid, de kwaliteit van onze levens en van de Nederlandse samenleving.

Hiervoor is er geen beter moment dan nu, voordat wij een sprint trekken om alles zo snel mogelijk weer “zoals voor Corona” te krijgen.

Fragment uit 6. Lofzang op onze vrijheid
Onze vrijheid staat op een hoge sokkel. Als verheven westerse waarde, economische noodzaak en persoonlijk als weg naar zelfactualisatie. Onze vrijheid wordt door heel wat mensen gezien als groots, niet onderhandelbaar, onwrikbaar en bovenal een lichtend voorbeeld en lonkend perspectief voor de rest van de wereld waarin vrijheid ontbreekt of nog fragiel is. De gedachte dat onze vrijheid niet vanzelfsprekend is, maakt dat wordt gehoopt op de overwinning van het vrije individu naar westers voorbeeld. Het enige wat hiervoor nodig is, is dat de hele wereld hiervan doordrongen raakt. Wat kan hier mis mee zijn? Niet toch! Velen geloven in het lonkende perspectief van een wereld ie is geschapen naar het westerse vrijheidsideaal, steunend op de democratische rechtsstaat, kapitalistische economie en de daarmee samenhangende waarden.
  De kans is groot dat u gelooft in vrijheid. En dat uw denken daarover overeenkomt met het westerse ideaalbeeld. U wordt ook niet echt aangemoedigd om kritisch te reflecteren op uw visie en welke gevolgen deze heeft. U vindt immers overal bevestiging. Zeker op momenten dat de spanningen in de wereld toenemen weerklinkt al snel de zorg voor onze economie en vrijheid.
  Het gesprek over vrijheid en onvrijheid wordt steevast gevoerd met grote woorden. Tegenover het democratische Westen worden totalitaire staten geplaatst. Dictators zoals Kim Jong Un, Saddam Hoessein of Muammar Gaddafi, tegenover democratisch in het zadel geholpen presidenten zoals Trump, Merkel, Macron of Rutte. Landen waarin verkiezingen plaatsvinden tegenover die waarin dit niet het geval is, of waarin die worden gemanipuleerd. Naties waarin op grote schaal mensenrechten worden geschonden, tegenover die waarin daarvan gene sprake is, of waarin er serieus aan wordt gewerkt om hieraan een einde te maken. De gesprekken hierover zijn zwart-wit, wel-niet. Nuances ontbreken veelal. Onvrijheid vind je in de totalitaire systemen in deze wereld,. Vrij dat zijn wij. Gene vijftig tinten grijs, maar enkel zwart en wit.
()
Ik vraag u een genuanceerde bril op te zetten. Tussen vrijheid en onvrijheid zitten wel degelijk vijftig tinten grijs. (pagina 42-43)

Terug naar Overzicht alle titels


Jan Blommaert

Frames, formats en selfies : wat moordenaars, hoofddoeken en bewakingscamera's vertellen over onze identiteit
EPO 2018, 125 pagina's  € 12,50

Wikipedia: Jan Blommaert (1961)

Korte beschrijving
Jan Blommaert legt uit waarom veel van onze ideeën over de virtuele wereld er volkomen naast zitten. Het is een prikkelend essay over het volgens de auteur achterhaalde strakke onderscheid tussen online en offline sociaal gedrag. Offline wordt in het algemeen beschouwd als 'de echte wereld', terwijl de onlinewereld als 'virtueel' (dus niet echt) wordt bestempeld. Volgens Blommaert is die visie achterhaald en maken de on- en offlineomgeving sámen deel uit van het totale sociale leven – met veel wederzijdse beïnvloeding. We leven op het snijpunt van de 'echte' en de 'virtuele' wereld. Online spelen we constant met normen en regeltjes die 'normaal' geacht worden, maar we geven daarbij nog steeds gestalte aan onszelf aan de hand van oude formats. Stof tot nadenken! Spaarzaam geïllustreerd (met kleine zwart-witfoto's); met eindnoten. Een lezenswaardig boek over een onderwerp dat velen raakt, goed voor een flinke lezerskring..

Fragment uit Geformatteerde moordpartijen
Het gebruik van pseudoniemen is overigens heel wijdverspreid op het web, zelfs op grote socialemediaplatformen zoals Twitter. Daarbij valt iets interessants op. Twitter is een medium bij uitstek voor het uiten van scherpe opinies, hetzij door ze te formuleren, hetzij door die van anderen te liken of te retweeten - te delen. Heel wat mensen die onder een pseudoniem twitteren, motiveren die maatregel merkwaardig genoeg als een middel 'om zichzelf te kunnen zijn'.  Dat is vreemd, want blijkbaar kan je maar jezelf zijn wanneer je een uiterst belangrijk deel van jezelf verbergt. Er blijken dus heel uiteenlopende manieren te zijn om jezelf te zijn, om 'echt' te zijn in de ogen van anderen, afhankelijk van de sociale ruimte waarin je opduikt - precies zoals Goffman ons aangaf.
  Het punt is echter dat we op Twitter interacties aangaan met mensen die per definitie niet herkenbaar zijn buiten de ruimte van Twitter, en die offline best je buur, broer of voormalige leerkracht kunnen zijn. Met andere woorden: we vormen relaties met mensen die we enkel kennen binnen de onlineruimte en via de interactievormen van het sociale medium waarop we aanwezig zijn. En daarmee vormen we gemeenschappen, want dankzij de retweets van onze volgers en hun respectieve volgers (hier is de gemeenschap) gaan onze tweets viraal. Viraliteit is een ongemeen boeiend gegeven, omdat het vaak kortstondige maar soms enorme gemeenschappen vormt die via geformatteerde handelingen (retweets) worden geschapen - grotendeels zoals Garfinkels wachtrijen. Wanneer Donald Trump een tweet de wereld instuurt, en die wordt 160.000 keer geretweet, dan bestaat er op dat ogenblik, en heel even, een gemeenschap van die omvang. Die gemeenschap bestaat uit grotendeels onbekende mensen die het ook helemaal niet eens hoeven te zijn met de tweet van Trump. Maar voor de algoritmes en data-archieven van Twitter, zowel als voor de politici zelf en voor heel wat journalisten en opiniemakers, gaat het wel degelijk om een gemeenschap, en geldt de omvang ervan zelfs als bewijs voor de steun die mensen zoals Trump en anderen bij de bevolking genieten.

Lees ook: Wat was er echt belangrijk in mijn academisch leven? (uit 2020)

Terug naar Overzicht alle titels

dinsdag 1 december 2020

Ben Wilson

Metropolis : de grootste uitvinding van de mens
Spectrum 2020, 544 pagina's  - € 49,99

Oorspronkelijke titel: Metropolis (2020)

Biografie Ben Wilson (1980)

Korte beschrijving
De auteur, Ben Wilson, is een vermaarde historicus en heeft zich onder meer gespecialiseerd in de ontstaansgeschiedenis van nederzettingen die later uitgroeiden tot belangrijke steden en kruispunten waar handel en het alledaagse leven welig tierden. Aan de hand van literatuurstudies krijgt de lezer een gedetailleerd beeld van de wijze waarop een kleine gemeenschap kon uitgroeien tot een metropool. Van Athene, Alexandrië en Amsterdam tot Parijs, New York en Lagos. Ervaar hoe specifieke gebeurtenissen hebben geleid tot de groei van nederzettingen. Ontdek hoe de geografische ligging cruciaal was voor verdediging tegen buitenlandse mogendheden en de bloei van handel in die gebieden. Dit boek bespreekt op gedegen en wetenschappelijk onderbouwde wijze de urbanisaties van de hedendaagse metropolen en geeft inzicht in de politieke, sociale en economische effecten op de omringende gebieden en gemeenschappen. Met twee kleine fotokaternen, uitgebreide noten en een register.

Tekst op website uitgever
Ben Wilson laat in het geweldig geschreven Metropolis zien dat het leven in steden de kraamkamer van en de drijfveer achter de belangrijkste veranderingen was.
In de tweehonderd millennia van het menselijk bestaan heeft niets ons grondiger veranderd dan de stad.

Wilson vertelt het glorieuze verhaal van de bloei van de stedelijke mensheid, beginnend in Uruk, de eerste stad in 5000 v.C. Hij laat zien dat steden nooit een noodzaak waren, maar toen ze er eenmaal waren, creëerde de nabijheid van andere mensen een enorme kracht die uitvindingen, kunst en handel tot grote hoogte dreven – een snelkookpan voor vooruitgang en beschaving.

Wilson neemt zijn lezer mee langs de beroemde steden van de afgelopen 7000 jaar, van het beginnende burgerschap in het oude Athene, de wereldwijde handel in negende-eeuws Bagdad, de rol van Londense koffiehuizen bij het ontstaan van financiële markten, het moderne huiselijke comfort in het centrum van Amsterdam tot aan het flaneren in het Parijs van de belle époque. Ook kijkt hij naar de impact die wolkenkrabbers hadden en hebben in New York, naar het uitgestrekte landschap in Los Angeles en de recente ecologische vernieuwingen in Shanghai.

Levendig, erudiet en onweerstaanbaar: Metropolis is een grand tour langs menselijke prestaties.


Fragment uit (de) Inleiding - De eeuw van de metropool

Hoezeer de urbanisatie de laatste tijd is toegenomen, valt vanuit de ruimte goed te zien aan de lichtvlekken waarmee het aardoppervlak 's nachts bezaaid is. De renaissance van de stad springt op straatniveau al in het oog. Veel steden die vanaf het midden tot het eind van de twintigste eeuw nog gevaarlijk en wat armoedig waren, zijn veiliger en gewilder geworden; ze zijn hipper en duurder en danken hun opleving aan een 'smörgasbord' van chique restaurants, eetkraampjes, cafés, galerieën en muziekpodia. Tegelijk stelt de digitale revolutie ons een hoop nieuwe technologieën in het vooruitzicht die veel schaduwkanten van het stadsleven zullen wegnemen; ze zullen futuristische, op data gebaseerde 'slimme steden' creëren met miljoenen, geïntegreerde KI-sensoren die verkeersstromen in goede banen leiden, openbaarvervoerssystemen op elkaar afstemmen, misdaad uitbannen en milieuvervuiling verminderen. Zo worden steden weer oorden waar je graag naartoe gaat in plaats van ze te ontvluchten. Wie iets wil zien van onze huidige stadsrenaissance hoeft maar even te kijken naar het veranderlijke stadslandschap: naar de gentrificatie (opknapbeurt) van vervallen wijken, naar de stijgende huren, naar gebouwen die een andere bestemming hebben gekregen en naar de massa wolkenkrabbers die bijna overal uit de grond schieten. (pagina 17)

Lees o.a. ook: Sapiens : een kleine geschiedenis van de mensheid en Homo Deus : een kleine geschiedenis van de toekomst van Yuval Noah Harari, of De geschiedenis van de vooruitgang van Rutger Bregman of Katoen : de opkomst van de moderne wereldeconomie van Sven Beckert

Artikel met veel meer boeken over geschiedenis: Geschiedenis - boeken én e-books voor onze post-corona-times (mei 2020)

Terug naar Overzicht alle titels

Frank Tallis

Leven : wat de grootste psychologen ons vertellen over geluk, onbehagen en zingeving
Atlas Contact 2020, 336 pagina's - € 22,99

Oorspronkelijke titel: The act of living : what the great psychologists can teach us about surviving discontent in an age of anxiety (2020)

Wikipedia: Frank Tallis (1958)

Korte beschrijving
Dit boek is in essentie een persoonlijk gekleurde geschiedenis van de psychotherapie. Een beschrijving van wat er wordt verstaan onder psychotherapie, de belangrijkste personen met in grote lijnen hun bijdrage en de werking van de diverse vormen van psychotherapie. Dit doet de schrijver aan de hand van belangrijke items, onder andere identiteit, inzicht, narcisme, seks en zingeving. Daarmee wordt duidelijk hoe psychotherapie op zoek is naar een zo optimaal mogelijk zinvol leven. Ze kan opheldering verschaffen en adviezen geven betreffende grote levensvragen en de manier van leven. Van belang daarbij zijn bijvoorbeeld praten, veiligheid, een vertrouwensrelatie, de onbewuste drijfveren, afweermechanismen en ook het accepteren dat een bepaalde mate van psychisch leed onvermijdelijk is. Het boek bevat illustraties in zwart-wit, eindnoten en een register. Een boeiend boek, met name voor wie kennis heeft van en interesse in psychologie en psychotherapie. Frank Tallis is schrijver en psychotherapeut in Londen, een expert op het terrein van obsessies en dwangneuroses. Hij schreef veel boeken over psychotherapie. Hij kreeg in 2000 de New London Writers Award.

Tekst op website uitgever
In ‘Leven’ probeert psycholoog Frank Tallis het leven te duiden. Wat is een zinvol leven? Hoe kunnen we omgaan met onze gedachten, gevoelens, verlangens, angsten? Antwoorden op deze vragen worden vaak gezocht in religie en filosofie. In ‘Leven’ biedt Frank Tallis antwoorden vanuit een ander veld, dat van de psychotherapie. De betekenis van de psychotherapeutische traditie strekt verder dan bijdragen aan de geestelijke gezondheid. De traditie biedt boeiende, realistische visies op mensen en het menselijk bestaan, op samenleving, cultuur en beschaving. Daarnaast illustreert Tallis de werking van verschillende vormen van psychotherapie met intrigerende voorbeelden uit zijn eigen praktijk. Mensen hebben het beter dan ooit tevoren, meer persoonlijke vrijheid, meer comfort, bezit en een langere levensverwachting. Toch is een groot aantal van hen depressief, angstig of ongelukkig. ‘Leven’ biedt een grondige reflectie op dit alles. Behalve een fascinerende geschiedenis van het psychotherapeutisch denken is het ook een toegankelijke praktische gids die ons wegen wijst naar een optimaal leven.


Fragment uit 10. Wensen: de valstrik van de hebzucht

Fromm stelde dat het menselijke mentale leven gekarakteriseerd wordt door twee fundamentele staten of 'modi': de 'modus van het hebben' en de 'modus van het zijn'. De 'modus van het hebben' is de modus van het willen hebben van dingen. Uiteraard moeten we sommige bezittingen hebben om comfortabel te kunnen leven. Maar in Het Westen wordt veel van wat we doen gemotiveerd door verdergaande hebzucht. Het wensen en verwerven zijn zozeer deel van ons, dat de begeerte om dingen te bezitten onze hele kijk op de wereld aantast. Deze invloed is groter en reikt verder dan de meeste mensen zich realiseren, en de consequenties zijn bijna altijd volledig negatief. De effecten zijn zelfs zo kwaadaardig dat we vaak niet bij machte zijn om te genieten van het simpele gegeven dat we in leven zijn. We raken verstrikt in cycli van hevig verlangen en teleurstelling. Vaak 'zijn we blij als we de tijd hebben verdaan die we zo hard hebben geprobeerd vrij te maken.'
  Identiteit, achting en respect zijn zozeer vervlochten geraakt met eigendom dat de eigenwaarde wordt afgemeten aan het aantal bezittingen dat iemand heeft verworven. Consumptie is een volledig ongeschikt en onbetrouwbaar surrogaat geworden voor zelfrespect. Symbolen van rijkdom, zoals peperdure horloges of handtassen, worden vaak gebruikt om gewichtigheid uit te stralen; maar het enige onderscheid dat uitgestraald wordt, is dat de eigenaar wellicht meer dingen bezit dan andere mensen. Dingen zijn slechts dingen. Een Rolls-Royce kan prestige symboliseren, maar het blijft gewoon een auto, een voertuig met een motor en vier wielen, en in sommige opzichten hebben mensen die een Rolls-Royce kopen om hun status op te vijzelen, in werkelijkheid helemaal geen auto verworven. Ze hebben meer egocentrisme verworven; ze hebben ene 'image' gekocht. Dat kan ze een goed gevoel geven, althans een tijdje, maar zoals we weten zal een opgeblazen ego iets afdoen aan de kwaliteit en directheid van het ervaren. (pagina 227-228)

Terug naar Overzicht alle titels

Stefan Vermeulen

De slag om HEMA : hoe een nationaal icoon werd uitgekleed
Prometheus 2020, 320 pagina's - € 22,99

Website Stefan Vermeulen (1983)

Tekst op website uitgever
De HEMA is al bijna honderd jaar ons nationale warenhuis. Rookworsten en tompoezen, kinderkleding en handdoeken, lippenstift en beha’s – lekker degelijk, voor een lage prijs. Een iconische winkelketen, geliefd door miljoenen klanten.
Maar in 2020 trok ‘onze’ HEMA om andere redenen de aandacht. Het bedrijf werd keihard geraakt door corona, aan de top ontspon zich een bloederig gevecht om de macht. Eigenaar Marcel Boekhoorn werd aan de kant gezet, schuldeisers namen het roer over. De familie achter supermarktketen Jumbo gaat er nu met de buit vandoor, zo lijkt het.
De toekomst van de winkelketen staat op het spel. En dat is niet voor het eerst. Vorige eigenaren kleedden de ooit zo machtige HEMA financieel uit, de schuldenlast is nog altijd gevaarlijk groot. Heeft die geliefde HEMA nog wel toekomst?
In De slag om HEMA onthult Stefan Vermeulen het drama dat zich de afgelopen tijd achter de schermen heeft afgespeeld. Van de roemrijke historie tot de overname door het Britse Lion Capital in 2007, van de ‘redding’ door zakenman Marcel Boekhoorn tot de coup van de schuldeisers – hoe kon het met HEMA zo gruwelijk misgaan?

Stefan Vermeulen (1983) is onderzoeksjournalist. Eerder verscheen van zijn hand Heineken na Freddy, dat in 2017 genomineerd werd voor de Brusseprijs.

Korte beschrijving

Fragment uit 22. Het consortium
Nu HEMA weer te koop staat, is er eigenlijk één ideale koper: Jumbo. Het van oorsprong Brabantse supermarktconcern, waarvan het hoofdkantoor in Veghel staat, barst van het geld. De twee bedrijven werken al nauw samen: begin 2020 nam Jumbo een reeks HEMA-filialen over, in de Jumbo-supermarkten worden sinds kort ook spullen van HEMA verkocht. DE aandelen van Jumbo zijn bovendien volledig in handen van de familie Van Eerd: oprichter Karel en diens kinderen Frits, Colette en Monique. Een betrokken familiebedrijf dus, met een focus op de lange termijn: Jumbo zou HEMA nooit opnieuw laten verzuipen in de rentelasten. Bij het aangaan van de samenwerking, eerder in het jaar, liet topman Frits van Eerd zich ontvallen dat hij 'diep in zijn hart' het liefst HEMA helemaal had overgenomen.
  Helaas heeft Jumbo nu geen interesse in een overname. 'Er is geen sprake van dat we eigenaar worden', zegt Jumbo's financieel bestuurder Ton van Veen negen dagen na de coup door de schuldeisers in De Telegraaf. De Jumbo-top volgt de situatie bij HEMA alleen met belangstelling, zegt hij: 'Het is een mooi bedrijf met een enorme historie en dan is het jammer om te zien dat het bedrijf door de jaren heen een speelbal is geworden van financiële partijen. [...] Maar nogmaals, wij hebben als Jumbo niet de ambitie om HEMA over te nemen en eigenaar te worden.' (pagina 294)

Terug naar Overzicht alle titels

maandag 30 november 2020

David Van Reybrouck 4

Revolusi : Indonesië en het ontstaan van de moderne wereld
De Bezige bij 2020, 684 pagina's  - € 39,99

Wikipedia: David Van Reybrouck (1971)

Korte beschrijving
De Vlaming Van Reybrouck (1971) maakte naam met zijn hooggeprezen 'Congo, een geschiedenis' (2010, sindsdien 41 drukken). De Indonesische dekolonisatie (1945-1950) beschrijft hij, na een lange aanloop, in een zelfde opzet: bestaande bronnen aangevuld met de ervaringen van 185 ooggetuigen, allen nu hoogbejaard. Hun ervaringen van alledag verschaffen nieuwe invalshoeken en verlevendigen het geschiedverhaal, ook doordat de auteur verslag doet van de omstandigheden van zijn interviews, tot in Japan en Nepal. Hij gaat ruimschoots in op de koloniale voorgeschiedenis, waarna de Japanse bezetting (1942-1945) de opmaat vormt tot de onafhankelijkheidsstrijd (1945-1949), bloedig uitgevochten tussen de Republiek Indonesië en Nederland. De auteur is soms onevenwichtig in zijn aandacht voor gebeurtenissen en ontwikkelingen, zoals bijvoorbeeld de intern-Indonesische verhoudingen. Het boek als geheel is een betrokken verhaal in een boeiende stijl, met een consequent uitgesproken keuze tegen het kolonialisme. Geïllustreerd met enkele kaarten; tachtig bladzijden worden besteed aan een bibliografisch essay en een literatuurlijst; verder zijn er eindnoten en een register.

Tekst op website uitgever
Vijf jaar lang werkte David Van Reybrouck aan zijn monumentale Revolusi. Hij interviewde bijna tweehonderd mensen, de laatste nog levende getuigen van de onafhankelijkheidsstrijd, in Indonesische rusthuizen, Japanse miljoenensteden en op verafgelegen eilanden. Ook in Nederland bracht zijn onderzoek tal van nieuwe verhalen aan het licht. De veelheid aan perspectieven en herinneringen weeft Van Reybrouck samen tot het aangrijpende verhaal van de Indonesische onafhankelijkheid. Zo toont hij hoe een nieuwe wereld vorm kreeg: in bloed, in pijn, met hoop.

De onafhankelijkheidsstrijd van Indonesië, die zijn hoogtepunt bereikte in de jaren veertig van de vorige eeuw, is lang gezien als een conflict tussen kolonisator Nederland en het gekoloniseerde Indië. Maar in werkelijkheid was het wereldgeschiedenis. David Van Reybroucks Revolusi is het eerste boek dat de strijd lostrekt uit het nationale perspectief en het belang ervan toont als mondiale gebeurtenis. Indonesië was het eerste land dat na de Tweede Wereldoorlog zijn onafhankelijkheid uitriep. Na de Japanse bezetting verzetten jonge rebellen zich gewapenderhand tegen elke nieuwe vorm van overheersing. Britse, Australische en vooral Nederlandse troepen moesten rust en orde brengen, maar hun aanwezigheid leidde juist tot het ontvlammen van de eerste moderne dekolonisatieoorlog. Die strijd inspireerde onafhankelijkheidsbewegingen in Azië, Afrika en de Arabische wereld, zeker toen het vrije Indonesië in 1955 de legendarische Bandung-conferentie organiseerde, het eerste wereldcongres zonder het Westen. De wereld had zich met de Revolusi bemoeid en de wereld was erdoor veranderd.

Korte beschrijving

Fragment uit 15. In het ochtendlicht
Cisca kon ervan meespreken: 'Amerika zag Indonesië te links worden en toen had je al die arrestaties. Mijn man verdween in de gevangenis gewoon omdat hij voor een linkse krant schreef. Ik werd ook opgepakt, maar kon vrijkomen. Mijn man niet, hij stierf in gevangenschap.' Als alleenstaande meoder van vier verhuisde ze naar Nederland, waar ze bibliothecaresse werd. Aan de muur hing een portret van haar echtgenoot. Om de hals droeg ze al een halve eeuw hetzelfde sieraad: een hangertje dat hij voor haar uit kokoshout had gesneden, in zijn cel. 

De 'Jakarta-methode' werd overal herhaald. Een maand na de coup van Suharto kwam in Congo Mobutu op de troon: ook een militair, ook een vriend van de CIA, ook 32 jaar aan de macht. In enkele jaren vonden er militaire staatsgrepen plaats in Brazilië, Bolivia, Ghana, de Centraal-Afrikaanse Republiek, Nigeria en Irak, meestal met seun van de CIA. In 1965 zond Amerika de eerste grondtroepen naar Vietnam - de oorlog zou meer dan 3 miljoen levens kosten. En in 1971 kwamen met medeweten van Nixon en Kissinger één miljoen mensen om bij een genocide in Bangladesh. (pagina 515)

() Cisca Pattipilohy zuchtte. We hadden uren zitten praten. Buiten raasde de eenentwintigste eeuw. Haar gezicht stond bedrukt. 'Weet je', zei ze om de stilte te verbreken, 'eigenlijk zijn we nooit onafhankelijk geworden. We dachten dat we de boel rechtvaardiger konden maken, maar we hadden drie eeuwen achterstand. Dan is het een lastige strijd. De overkant was sterker, het kapitalistische systeem heeft zch overal gevestigd. Maar zolang dit systeem doorgaat, gaat de wereld kapot en wordt het hele milieu verwoest. De oerwouden van Sumatra, van Kalimantan, van heel Afrika, ze worden allemaal vernield ...'

Ze zweeg. Het was stil in huis. Haar blik gleed langs het portret van haar man naar buiten, naar het raam waartegen een koude, Amsterdamse regen zachtjes tikte. (pagina 516-517)

Lees ook: Pleidooi voor populisme : pamflet (2008), Tegen verkiezingen (2013) van David Van Reybrouck en Roofstaat : wat iedere Nederlander moet weten (2016) van Ewald Vanvugt.

vrijdag 27 november 2020

Bruno Latour

Het parlement van de dingen : over Gaia en de representatie van niet-mensen
Boom 2020, 192 pagina's - € 22,50

Oorspronkelijke titel: het boek is een bundel artikelen die van 2011 tot 2019 verschenen.

Wikipedia: Bruno Latour (1947)

Korte beschrijving
De Gaia-hypothese van Lovelock en Margulis uit 1979 vormt de leidraad in dit boek. Het gaat daarbij om de rol van alle planten en dieren t.o.v. de mens en dat niet de mens, met alle macht en invloed die hij heeft, de leidende en sturende factor is in de natuur. De natuur is een zelfstandig en regulerend geheel dat de ontwikkeling van de Aarde in stand houdt. Alle wezens op de Aarde hebben een gelijke rol in beslissingen en beleid. De auteur is o.a. bekend vanuit filosofie, geschiedenis van de wetenschap en technologie en het thema duurzaamheid. Hier gaat hij in op de benadering van de ecologische crisis en de klimaatopwarming, geplaatst in het licht van de genoemde theorie. Gaia (een model van het nieuwe parlement) wordt uitgebreid besproken (met aandacht voor voor- en tegenstanders). De opvallend filosofische tekst bestaat uit lezingen en essays die eerder elders verschenen zijn. Gaia is a.h.w. de oproep om de ecologische feiten en processen te zien in het grotere verband van de Aarde. En ook, zoals hijzelf zegt: om duurzaam te zijn, moeten we ophouden modern te zijn. Het filosofisch karakter bepaalt de lezersgroep. Interessant maar taalkundig op een hoog niveau.

Tekst op website uitgever
De Franse filosoof Bruno Latour lanceerde een spraakmakend idee: we kunnen de wereld vanuit het gezichtspunt van andere mensen, dieren, planten en zelfs objecten bekijken door ons ermee te vereenzelvigen. Via rollenspellen is het mogelijk om andere personen en zaken een stem te geven in een theatraal ‘parlement der dingen’. Latours idee, dat zich bevindt op het raakvlak van filosofie en kunst, is vooral aangeslagen in de wereld van de natuurbescherming. Zijn aanpak blijkt zeer geschikt om de ecologische rijkheid te verbeelden en politiek hanteerbaar te maken.

In dit boek staan vertalingen van de belangrijkste Franse en Engelse teksten van Latour over het parlement der dingen en de ecologie. Daaronder ook zijn recente teksten, zoals ‘Esquisse d’un parlement des choses’, ‘A Fictional Planetarium’, ‘Waiting for Gaia’, ‘War and Peace in an Age of Ecological Conflicts’ en ‘Extending the Domain of Freedom, or Why Gaia Is So Hard to Understand’. Met deze teksten geeft Latour niet alleen alle levende wezens op de planeet een stem, maar ook de Aarde, Gaia, zelf. Dit boek verschijnt ter ere van de toekenning van de Spinozalens 2020 aan Bruno Latour.

Fragment uit 2. Wachten op Gaia - Hoe we onze gemeenschappelijke wereld door middel van kunst en politiek kunnen vormgeven
Wat moeten we doen nu we worden geconfronteerd met een ecologische crisis die in niets lijkt op economische of oorlogscrises, waarvan de schaal en omvang natuurlijk ook angstaanjagend kunnen zijn, maar waaraan we min of meer gewend zijn, omdat ze een 'menselijke, al te menselijke' oorsprong hebben? Wat moeten we doen nu we dag in, dag uit te horen krijgen, en dat steeds luider en schriller, dat onze huidige samenleving gedoemd is; dat de aarde zo verknoeid is dat ze nooit meer kan terugkeren naar een van haar verschillende stabiele toestanden in het verleden? Wat doe je als je bijvoorbeeld een boek leest als Requiem For a Species : Why We Resist theTruth about Climate Change van Clive Hamilton? Wat doe je als je leest dat met het woord species in de titel niet de walvis of de dodo wordt bedoeld, maar dat het over ons gaat, over jou en mij? Of neem Climate Wars : What People Will Be Killed For in the 21st Century van Harald Welzer; een boek dat keurig is verdeeld in drie afdelingen: hoe gisteren gedood werd, hoe vandaag gedood wordt en hoe morgen wordt gedood! Als je het aantal doden bijhoudt, moet je in elk hoofdstuk een hogere macht aan je calculator toevoegen. Ik weet het, de tijd van de grote verhalen ligt achter ons, en het kan bespottelijk lijken om een zo complex vraagstuk te willen oplossen met een heel klein uitgangspunt. Maar dat is precies de reden waarom ik het wil proberen: wat moeten we doen als kwesties voor iedereen te groot zijn, en vooral wanneer ze veel te groot zijn voor de auteur, dat wil zeggen voor mij? (pagina 43-44)

Lees ook: Oog in oog met Gaia : acht lezingen over het Nieuwe Klimaatregime (uit 2017) en Waar kunnen we landen? : politieke oriëntatie in het Nieuwe Klimaatregime (uit 2018)

Terug naar Overzicht alle titels