woensdag 29 september 2021

Maarten Reijnders

Complotdenkers : hoe gevaarlijk zijn QAnon, nepnieuws en samenzweringstheorieën?
Aspekt 2021 (derde herziene druk), 324 pagina's € 19,95 

Website Maarten Reijnders (1976)

Korte beschrijving
Aan de hand van recente Nederlandse voorbeelden, klassiekers als UFO’s en de moord op John F. Kennedy en vanzelfsprekend de WTC-aanslagen wordt beschreven hoe complotdenkers te werk gaan en wat de gevolgen zijn van hun theorieën. De schrijver verdiept zich al jaren in de materie en heeft diverse Nederlandse complotdenkers geïnterviewd. Dit levert soms vermakelijke, maar vooral schrijnende verhalen op, waaruit blijkt dat de reputatie en emoties van onterecht beschuldigde mensen ernstig worden geschaad. De beschuldigingen tegen voormalig topambtenaar Joris Demmink, de perikelen rond de Deventer Moordzaak en de hetze tegen bepaalde vaccinatiecampagnes worden daarbij nauwkeurig gereconstrueerd en in historisch en internationaal perspectief geplaatst. Een wrang voorbeeld vormt de aids-ontkenning in Zuid-Afrika die tot honderdduizenden onnodige doden heeft geleid. De schrijver had dieper mogen ingaan op de psychologische en sociologische aspecten van complottheorieën, maar zijn conclusie is duidelijk: als leugens worden gezien als waardevolle meningen kan dit gruwelijke gevolgen hebben. Een nuchter en nuttig boek over de beweegredenen en praktijken van complotdenkers. Deze 3e, geactualiseerde druk bevat een uitgebreide inleiding (30 p.) over QAnon, Trump en de coronapandemie..

Tekst op website uitgever
Wat beweegt complotdenkers? Zijn het paranoïde geesten of lijkt hun geloof in samenzweringstheorieën eigenlijk nog het meeste op religie? Journalist Maarten Reijnders dompelde zich jarenlang onder in de wereld van de samenzweringsgelovigen.

Hij sprak verscheidene Nederlandse complotdenkers. Van een herhaaldelijk veroordeelde ex-journalist die de jacht heeft geopend op pedo-netwerken tot een anti-vaccinatieactiviste die ervan overtuigd is dat de Holocaust zwaar wordt overdreven. Tevens sprak de auteur een succesvolle ondernemer die meent de moord op John F. Kennedy te hebben opgelost als ook een oprichter van een politieke partij die de luchtmacht wil inzetten tegen chemtrails sproeiende vliegtuigen.

In deze geactualiseerde editie van Complotdenkers besteedt Reijnders uitgebreid aandacht aan coronacomplotten, QAnon en de antisemitische wortels van deze samenzweringsfantasie over een geheime satanische elite. Ook legt hij uit hoe je een complottheorie kunt herkennen, waarom iedereen wel eens geneigd is om te vallen voor de verleiding van de samenzweringstheorie en waarom dat gevaarlijk is.





















Fragment uit 23. 'Net als Galilei zal de geschiedenis mij gelijk geven'
'Ik trek altijd de parallel met Galileo Galilei', vertelt Kat me tijdens ons gesprek. 'De aarde was rond. En dat is hij nog steeds, toch? Maar Galilei werd op de brandstapel gegooid omdat hij dat zei. Terwijl hij gewoon gelijk had. Zo zal de geschiedenis ook mij gelijk geven. En ik heb veel meer medestanders dan Galilei.'

In werkelijkheid werd de Italiaanse natuurkundige, wiskundige en astronoom Galileo Galilei niet op de brandstapel gegooid. Hij overleed in 1642 na een ziekbed. Galilei, die 77 jaar oud werd, had op dat moment al achtenhalf jaar huisarrest. Maar dat was niet omdat hij zei dat de aarde rond was. Daar waren ze toen Galilei leefde al een tijdje achter. 

De Italiaanse wetenschapper riep weerstand op bij de kerkelijke autoriteiten omdat hij, in navolging van Nikolaas Copernicus, stelde dat de aarde om de zon draaide in plaats van andersom. Dat was een voor die tijd revolutionaire gedachte: de meeste wetenschappers gingen er destijds nog vanuit dat de aarde het centrum van het universum was. Dat Galilei deze algemeen aanvaarde wijsheid ter discussie stelde, werd hem dan ook niet in dank afgenomen. De kerk verbood hem om zijn heliocentrische gedachtegoed uit te dragen en verbood zijn boeken. Pas 76 jaar na zijn dood werd het werk van Galilei weer van  de zwarte lijst gehaald.

Inmiddels wordt de bijdrage die Galilei heeft geleverd aan de wetenschap alom erkend. Eén van de grootste wetenschappers aller tijden, Albert Einstein, beschouwde hem als de vader van de moderne wetenschap.

Galilei wordt onder meer geprezen vanwege zijn vermogen om zijn meningen aan te passen op basis van nieuwe feiten. Dat is een eigenschap die bij de meeste complotdenkers niet zo goed is ontwikkeld. Want hoe graag ze ook willen, complotdenkers zijn doorgaans geen dwarse denkers van het type Galilei. het zijn gelovigen die onwelgevallige feiten terzijde schuiven.

Aan het falsificeren van hun theorieën (het zoeken van argumenten waarom hun theorieën niet zouden kunnen kloppen) doen samenzweringsdenkers niet. Wie dat wel doet, is in hun ogen onderdeel van het complot. Wie complotgelovigen tegenspreekt, wil immers de waarheid in de doofpot stoppen. Het wantrouwen van complotdenkers kent geen grenzen. Elke vorm van autoriteit is verdacht. Overheden, politici, bedrijven, wetenschappers, rechters: volgens de complotdenker zijn ze per definitie niet te vertrouwen

'Wat de samenzweringstheorie zo pervers maakt', schreef Arnon Grunberg in november 2014 in een column voor het Amnesty-tijdschrift Wordt Vervolgd, 'is dat zij ontsproten lijkt te zijn aan het kritische denken dat nu juist de basis zou moeten vormen van een stabiele democratie.' (pagina 315-316)

Terug naar Overzicht alle titels

dinsdag 28 september 2021

Imme Dros

Taal is alles wat het geval is
Prometheus 2021, 112 pagina's € 16,99
Reeks Nieuw Licht

Wikipedia: Imme Dros (1936)

Korte beschrijving

Tekst op website uitgever
Taal is de stof waar dromen van worden gemaakt, ideeën in worden geformuleerd en waar verhalen uit worden geboren. En ook al loert het misverstand overal, ‘omdat de helft van de mensheid zich slecht uitdrukt en de andere helft slecht luistert’, een andere wereld is er niet, schrijft Imme Dros in Taal is alles wat het geval is.

Met een beroemde tekst van de filosoof Ludwig Wittgenstein als vertrekpunt begint taalmens Dros een virtuoze zoektocht naar de herkomst van woorden en zinnen, waarin ze laat zien wat klanken met ons doen, hoe taal betovert en misleidt. En hoe we altijd aan het vertalen zijn. Niet alleen de teksten uit een vreemde taal, maar ook die uit onze omgangstaal, omdat geen individu hetzelfde klinkt.

Imme Dros (1936) schreef, vertaalde en hertaalde vele boeken, vooral voor kinderen. Met sprankelende taal wist ze de klassieke teksten van Homerus bij steeds nieuwe generaties immens populair te maken.

Fragment uit

Startpagina Nieuw Licht

Terug naar Overzicht alle titels

Maarten van den Heuvel

AEX van de ziel : hoe zelfhulpboeken de tijdgeest weerspiegelen
Prometheus 2021, 288 pagina's € 22,50

Korte bio Maarten van den Heuvel (1965)

Korte beschrijving

Tekst op website uitgever
Het Nederland van vlak na de Tweede Wereldoorlog zag er wezenlijk anders uit dan het land waarin we nu leven. Om je in die tijd met zijn wederopbouwmoraal gemakkelijk te kunnen handhaven had je andere eigenschappen nodig dan nu. Bescheidenheid was een deugd en als je je plaats niet kende liep je een grote kans op problemen. Tegenwoordig leven we in een tijd van selfies en zelfpromotie. Elke tijd vraagt om andere kwaliteiten. De vraag hoe te leven mag dan tijdloos zijn, het antwoord daarop is dat zeker niet. En dat antwoord wordt in toenemende mate gezocht in zelfhulpboeken. Historicus Maarten van den Heuvel heeft zich op de populairste zelfhulpboeken gestort en zet in AEX van de ziel op een rij hoe de boodschap in die boeken tussen de Tweede Wereldoorlog en de coronacrisis met de tijd mee veranderde. Zo schetst hij hoe we in Nederland anders in het leven zijn komen te staan en hoe zelfhulpboeken een graadmeter van de tijdgeest zijn, zoals de AEX dat van de economie is.

Maarten van den Heuvel (1965) is historicus. Zijn eerdere boek Vrijheid, gelijkheid, broederschap. Oude waarden in nieuwe tijden werd opgenomen op de longlist van de Socratesbeker 2015, de prijs voor het meest urgente, oorspronkelijke en prikkelende Nederlandstalige filosofieboek.

‘Met zijn keuze voor zelfhulpboeken heeft Maarten van den Heuvel veelzeggende bronnen aangeboord voor een boeiende kijk op de Nederlandse mentaliteitsgeschiedenis van de laatste tachtig jaar. Was ik er zelf maar opgekomen.’ Han van der Horst

‘Een vrolijke en wijze geschiedenis van de collectieve ziel.’ Trudy Dehue

Fragment uit

Artikel: Voor welke problemen zoeken lezers van zelfhulpboeken eigenlijk massaal raad? (NRC, 15 oktober 2021)

Lees ook: Vrijheid gelijkheid broederschap : oude waarden in nieuwe tijden (uit 2014)

Terug naar Overzicht alle titels

Vincent Icke

Licht
Prometheus 2021, 128 pagina's € 15,--
Reeks Nieuw Licht

Wikipedia: Vincent Icke (1946)

Korte beschrijving

Tekst op website uitgever
We verwachten van de wetenschap dat zij systematisch ontdekkingen doet en zekerheden onthult. Maar volgens natuur- en sterrenkundige Vincent Icke bestaat zo’n ‘wetenschappelijke methode’ niet. In navolging van de Verhandeling over het licht (1690) van de wereldberoemde Nederlandse fysicus Christiaan Huygens laat Icke zien dat alleen wiskunde honderd procent zekerheden oplevert. Alle andere wetenschappen zijn een proces van vallen en opstaan. Aan de hand van voorbeelden beschrijft Icke wat dit in de praktijk betekent. Niet nieuwsgierigheid, maar opmerkzaamheid blijkt de drijvende kracht. Niet de vraag, maar de hypothese is de kern van vooruitgang. Niet kennis, maar begrip is het voornaamste product van de wetenschap. De wetenschapper is een scheppend vernieuwer, geen toepasser van een soort algebra-der-ontdekking. Sterker nog: het geloof dat natuurwetten definitief door een ‘methode’ kunnen worden vastgesteld, ondermijnt volgens Icke het maatschappelijk vertrouwen in de wetenschap. Vincent Icke is hoogleraar theoretische sterrenkunde aan de Universiteit Leiden en beeldend kunstenaar. Tot zijn veelgeprezen werk behoort onder andere Reisbureau Einstein.

Fragment uit

Startpagina Nieuw Licht

Terug naar Overzicht alle titels

Karl Ove Knausgård

De morgenster
De Geus 2021, 666 pagina's € 25,99

Oorspronkelijke titel: Morgenstjernen (2020) 

Wikipedia: Karl Ove Knausgård (1968)

Korte beschrijving

Tekst op website uitgever
Het is nazomer en heet in het Noorse Bergen, heter dan ooit. Opeens verschijnt er een enorme ster aan de hemel. Niemand weet waar hij vandaan komt. En het duurt niet lang voor zich nog meer ongebruikelijke verschijnselen beginnen voor te doen.

De morgenster is een roman over het onbevattelijke, over het grote drama gezien door de beperkte lens van het kleine leven. Maar bovenal is het een roman over wat er gebeurt als de duistere krachten in de wereld worden losgelaten.

Fragment uit

Terug naar Overzicht alle titels


Suzanne Simard

Op zoek naar de moederboom : ontdek de wijsheid van bossen
Prometheus 2021, 395 pagina's € 25,--

Oorspronkelijke titel: Finding the Mother Tree : uncovering the wisdom and intelligence of the forest (2021)

Wikipedia: Suzanne Simard (19?)

Korte beschrijving
Hoogleraar bosecologie Suzanne Simard, geboren en getogen in het regenwoud van Brits-Columbia, ontdekt dat ondergrondse netwerken in oerbossen veel rijker en complexer zijn dan aangenomen werd. Zij neemt de lezer mee in haar herinneringen, observaties, eerste baan bij een houthakkersbedrijf en de wondere wereld van boswetenschap, zaailingen, stelsels van boomwortels, schimmels en paddenstoelen. Het zijn kleurrijke verhalen over haar jeugd, haar voorouders, het leven in de heuvels en haar ontwikkeling en passie voor het instinctief kijken en luisteren naar wat levende dingen de mens vertellen. Openhartig verhaalt zij niet enkel over haar veldwerk en onderzoek, maar ook hoe de natuur een spiegel is voor haarzelf, haar huwelijk en gezinsleven. Termen als mycorrhizale netwerken, arbusculair of symbionten werken soms ietwat remmend als je dit vakgebied niet kent. Tegelijk leest het als een spannend boek. Niet alleen hoe zij tot een holistischer begrip van bosintelligentie komt, maar ook hoe haar eigen leven verloopt. Bevat foto's in zwart-wit en kleur. Met uitgebreide bibliografie en een register.

Tekst op website uitgever
Niemand op onze planeet heeft meer gedaan om onze kennis over bomen te verdiepen dan de wereldberoemde ecologe Suzanne Simard. Zij wordt alom geprezen door haar vermogen complexe ideeën over de natuur over te brengen op een manier die even diepgravend als betoverend is. Haar werk heeft filmmakers beïnvloed (de Boom der Zielen in James Camerons Avatar). Simard is geboren en getogen in een houthakkersfamilie in het regenwoud van Brits-Columbia. Haar hele leven heeft ze verrassende waarheden verzameld: dat bomen sociale, communicatieve wezens zijn, met in hun middelpunt een moederboom. Dat is een mysterieus, ondergronds netwerk dat alle bomen en planten in het bos verbindt en ondersteunt op de manier waarop families en menselijke samenlevingen dat doen. Deze onverbreekbare banden garanderen ons voortbestaan. Op zoek naar de moederboom is Simards eerste boek, geschreven voor een groot publiek. Zij nodigt ons uit om op een geheel nieuwe manier naar bomen te kijken en laat zien wat we van ze kunnen leren.

Dr. SUZANNE SIMARD is hoogleraar bosecologie aan de universiteit van Brits-Columbia. Haar TED-talks zijn wereldwijd door meer dan 10 miljoen mensen bekeken.

Fragment uit

Artikel: Bosecoloog Suzanne Simard: ‘Wie bomen niet vermenselijkt, richt schade aan’ (september 2021)

Terug naar Overzicht alle titels

Karl Deisseroth

Inzichten : de ontstaansgeschiedenis van ons gevoelsleven
Ambo Anthos 2021, 288 pagina's € 23,99

Oorspronkelijke titel: Projections: A Story of Human Emotions (2021)

Wikipedia: Karl Deisseroth (1971)

Korte beschrijving

Tekst op website uitgever
In Inzichten, de opzienbarende reis door de menselijke geest, verkent psychiater Karl Deisseroth de biologische en evolutionaire oorsprong van menselijke emoties aan de hand van aangrijpende klinische verhalen uit zijn praktijk.

Een jonge vrouw met een eetstoornis onthult hoe de geest kan rebelleren tegen de meest primitieve menselijke drijfveren, honger en dorst; een oudere man, depressief en dement, laat zien hoe mensen evolueerden om vreugde en het gemis daaraan te voelen; een eenzame Oeigoerse vrouw toont ons het belang van warme sociale banden.

Deisseroth ontvouwt op invoelende wijze en in poëtische bewoordingen het grotere verhaal van de biologische oorsprong van onze emoties en laat zien hoe we die beter kunnen begrijpen. De verhalen werpen een fascinerend licht op het zelf en de manieren waarop dat soms breekt.

Inzichten is een adembenemend, baanbrekend meesterwerk dat een fundamenteel nieuw inzicht biedt in de oorsprong van ons gevoelsleven.

'Zoals de telescoop van Galileo de onmetelijkheid van de ruimte opende, zo onthult Deisseroth hoe weinig we weten over onze hersenen.' – The New Yorker

'Deisseroth bewijst dat hij een betoverende schrijver is die de innerlijke gevoelens van de mens prachtig verbindt met diepe inzichten uit de moderne psychiatrie.' – Robert Lefkowitz, Nobelprijswinnaar

‘Inzichten blinkt uit in prachtige beschrijvingen van de menselijke geest, hoe deze kan ontsporen en waar in de evolutie het zaadje daarvoor kan zijn geplant.’ – Trouw

Fragment uit

Terug naar Overzicht alle titels


Sjoerd Beugelsdijk

De verdeelde Nederlanden : hoe een perfecte storm een klein land dreigt te splitsen (en wat we daaraan kunnen doen)
Balans 2021, 256 pagina's - € 21,90

Korte bio Sjoerd Beugelsijk (1976)

Korte beschrijving
In Nederland woedt volgens de auteur een cultuurstrijd die de samenleving heeft gepolariseerd. Het gaat dan niet meer om de (oude) tegenstelling tussen links of rechts, zoals nog in de jaren 1970-'80, maar om een volstrekt andere maatschappelijke tweedeling. Vanuit vier met elkaar samenhangende en elkaar versterkende vormen van spanning wordt die polarisatie beschreven: spanning tussen universalisten en traditionalisten, tussen globalisten en nationalisten, tussen internationaal en lokaal georiënteerden, en tussen degenen die politiek een meer open houding hebben of een meer gesloten. Omdat vrijwel steeds dezelfde groeperingen in deze spanningen tegenover elkaar staan, dreigt de kloof zich te verdiepen, zo maakt Beugelsdijk duidelijk aan de hand van het debat over verschillende maatschappelijke verschijnselen als globalisatie, identiteit, migratie, de verhouding kapitaal en arbeid, maatschappelijke ongelijkheid en onzekerheid. Tenslotte worden suggesties gedaan ter voorkoming van verdere polarisatie. Het boek geeft goed inzicht in de nieuwe maatschappelijke verdeeldheid. Het is bedoeld voor een niet-wetenschappelijk publiek en inderdaad in vlotte stijl geschreven, maar zal, gezien het thema, vooral van belang zijn voor beleidsmakers en in politiek geïnteresseerden.

Tekst op website uitgever
Van Zwarte Piet tot corona, van immigratie tot het onderwijs, van boeren en stikstof tot de huizenmarkt: Nederland polariseert. In elk debat lijken de standpunten verder uit elkaar te groeien, en ook steeds harder te worden verkondigd. Ons land lijkt uiteen te zijn gevallen in ver van elkaar verwijderde kampen, die elkaar vanuit hun eigen sociale mediabubbels bestoken met verbale handgranaten. Waar is het land van tolerantie en compromissen gebleven? Hoe komen we ooit weer bij elkaar? Sjoerd Beugelsdijk doet al jaren onderzoek naar de dieperliggende oorzaken van de toenemende polarisering. In De verdeelde Nederlanden laat hij op heldere, meeslepende wijze zien dat wij in een ‘perfecte storm’ zijn terechtgekomen: globalisering en individualisering hebben tot sterk uiteenlopende visies op identiteit geleid. Wie zijn ‘wij’ nog, vragen veel mensen zich af. Maar deze zoektocht leidt alleen maar tot méér polarisatie. Zo wil de een nationale symbolen en tradities beschermen, terwijl de ander die juist in twijfel trekt. Het resultaat: opkomend extreemrechts, ‘cancel culture’, en een schijnbaar verdwijnend midden. Is het gespleten Amerika ons voorland? Volgens Beugelsdijk hoeft het zover niet te komen. In dit fascinerende en uiterst toegankelijke boek maakt hij op basis van de laatste research en met tal van voorbeelden duidelijk dat de problemen niet vanzelf zullen verdwijnen. Tegelijk laat hij zien hoe de ernstigste gevolgen kunnen worden beperkt en het gesprek weer kan beginnen.

Fragment uit Inleiding: de olifant in de kamer
De perfecte storm

De cultuurstrijd loopt zo uit de hand omdat Nederland maatschappelijk gezien in een perfecte storm zit. Een perfecte storm is een situatie waarbij ontwikkelingen samenkomen die in combinatie zorgen voor een dramatische uitkomst. Het begrip is afgeleid uit de meteorologie en duidt op een ongewoon zware storm die veroorzaakt wordt door een zeldzame combinatie van gebeurtenissen. Ik betoog dat een zeldzame combinatie van dramatische economische, sociale en politieke ontwikkelingen verantwoordelijk is voor de polarisatie in Nederland.
  Bestaande verklaringen kiezen alleen het economische, sociale of politieke perspectief, of geven de schuld aan de sociale media. Zo leggen ze de vinger op maar een deel van de zere plek. En daarmee zien we de olifant in de kamer niet en begrijpen we nog steeds niet wat er precies aan de hand is. De econoom zit aan de slurf van de olifant en wijst naar de globalisering als oorzaak. De socioloog zit aan de staart en beweert dat het de veranderende samenleving is. En de politicoloog trekt aan het oor en roept dat het de nieuwe politieke verhoudingen zijn. Alle drie roepen ze in koor dat het komt door de sociale media. Allemaal waar. Maar ze geven slechts een deel van de verklaring.
  Om de polarisatie in Nederland te begrijpen, moeten deze ontwikkelingen in hun onderlinge samenhang worden bezien. In dit boek verbind ik de slurf, de staart en het oor om de hele olifant in kaart te brengen.
  Daarvoor breng ik de laatste wetenschappelijke inzichten uit de sociale wetenschappen bij elkaar in een groter verhaal. Ik baseer me onder meer op internationaal vergelijkend onderzoek naar verschoven waarden en normen en gegevens over handel en buitenlandse investeringen. Het gaat dus niet om het ventileren van slechts mijn gevoel, maar om een opvatting gebaseerd op twintig jaar wetenschappelijk onderzoek in de economie, sociologie, politicologie en bedrijfskunde, en mijn betrokkenheid bij het nationale identiteitsonderzoek van het Sociaal en Cultureel Planbureau (SCP). Tussen 2017 en 2019 heb ik samen met onderzoekers van het SCP onderzocht op welke manier Nederlanders zich identificeren met Nederland. Dat was uniek omdat het de eerste keer was dat ze zélf gevraagd werd hoe ze zich identificeren met hun land. Tot op heden was dat burgerperspectief niet meegenomen bij analyses van de Nederlandse identiteit. De inzichten uit dit onderzoek vormen belangrijke input voor dit boek. het is ook de directe aanleiding voor het schrijven ervan. De perfecte storm wordt gevormd door vier spanningen die de Nederlandse samenleving kenmerken. (pagina 10-11)

Artikel: Econoom Sjoerd Beugelsdijk: Ik snap de wanhoop van mensen die zich niet gehoord voelen (september 2021)

Terug naar Overzicht alle titels


Jason Hickel

Minder is meer : hoe degrowth de wereld zal redden
EPO 2021, 280 pagina's  € 24,90

Oorspronkelijke titel: Less is More: How Degrowth Will Save the World (2020)

Wikipedia: Jason Hickel (1982)

Korte beschrijving
De huidige economische orde is tot stand gekomen op een kapitalistische basis. Het resultaat was een immer groeiende economie en een toegenomen welvaart. Volgens de auteur is het onjuist alleen uit te gaan van een groeiend bruto nationaal product. De werkelijke kosten van de economische groei gaan ook gepaard met grote nadelige gevolgen voor natuur en milieu. De auteur pleit voor een afnemende consumptie en een herschikking van de economische orde. Feit blijft echter dat de wereldbevolking nog steeds sterk groeit en dat een groot deel daarvan in armoede leeft. De gedachte dat het huidige economische stelsel niet voor eeuwig houdbaar blijft, is interessant, maar het is de vraag of de door auteur geschetste weg tot de gewenste uitkomst leidt. Het boek is voorzien van eindnoten met onder meer verwijzingen naar bronnen en literatuur.

Tekst op website uitgever
Centraal in dit boek staat de vaststelling dat het kapitalisme niet in staat is de klimaatverandering en ecologische ineenstorting op te lossen. Het schetst een duidelijke weg naar een postkapitalistische economie.

Kate Raworth, auteur van de internationale bestseller Donuteconomie, roemde het als ‘een krachtig en ontwrichtend boek voor ontwrichtende tijden’. Maar ook Russell Brand en Vandana Shiva zijn fan. Centraal in Minder is meer staat de vaststelling dat het kapitalisme niet in staat is de klimaatverandering en ecologische ineenstorting op te lossen. Ons dominant economisch systeem, zo legt Jason Hickel uit, heeft voortdurende expansie nodig om de eigen ineenstorting te vermijden. Minstens drie procent per jaar. Het legt een enorme druk op mensen om te blijven consumeren, om schulden aan te gaan. Hoe bevrijdend is het besef dat het anders kan! Dit boek schetst een duidelijke weg naar een postkapitalistische economie. Een economie die rechtvaardiger, zorgzamer en leuker is. Een economie die de mens laat floreren en de ecologische ineenstorting terugdraait. Want door minder te nemen, kunnen we meer worden. Met een voorwoord van Dirk Holemans. Met een nawoord van Ewald Engelen en Marianne Thieme.

Fragment uit 1. Kapitalisme: een scheppingsverhaal
Retweet Descartes

Wij zijn allemaal erfgenamen van de dualistische ontologie. We kunnen het overal terugvinden in de taal die we gebruiken voor de natuur. We gebruiken termen als 'natuurlijke bronnen', 'ruwe grondstoffen', en zelfs, alsof we de onderwerping en dienstbaarheid ervan willen benadrukken: 'ecosysteemdiensten', want we geloven dat wat er met de natuur gebeurt fundamenteel buiten de directe belangen van de mensheid valt. De termen rollen voorbij zonder erbij na te denken van onze tong. het dualisme zit zo diep dat het zelfs een weg vindt in onze taal en zelfs juist wanneer we proberen bewuster te zijn. Het hele idee van 'omgeving', waar we om zouden moeten geven, veronderstelt dat de levende wereld niets meer is dan een soort passief vat, een decor voor het verhaal van de mensheid.

'Omgeving'. De vreemdheid van deze onschuldig klinkende term valt nog meer op wanneer we hem naar het Spaanse vertalen: 'ambiente'. In de taal van de conquistadores is de levende wereld verworden tot sfeerverlichting. Gezien vanuit de animistische ontologie is deze manier om naar de natuur te kijken hetzelfde als om je moeder, broers en zussen te zien als niet meer dan decoratieve portretten aan een muur. Dat is voor animisten ondenkbaar.

Deze ideeën stopten niet bij Bacon en Descartes. Ze zijn geretweet en verfijnd door een lange rij filosofen. Ook in het postmodernisme kun je dualistische veronderstellingen terugvinden en dat postmodernisme gaat er juist prat op dat het kritiek levert op de grootheidswaanzin van de Geest, het Zelf en de Waarheid, en dat het vragen stelt bij de grote meta-narratieven van de menselijke vooruitgang. Maar wat het postmodernisme uiteindelijk doet is het dualisme nog verder doorvoeren. Want in de postmoderne visie bestaat de wereld, de werkelijkheid niet echt; of ze bestaat wel maar het geeft niet wat het is, in zichzelf, want de realiteit is dát wat mensen erin zien of ervan maken. Niets bestaat echt totdat het door de mens is gemaakt, in de menselijke taal is ingebed, een naam heeft gekregen en een betekenis, en in onze symbolische wereld is opgenomen. De werkelijkheid buiten onze eigen ervaring is letterlijk volkomen onbetekenend geworden. Postmodernisten mogen dan kritiek hebben op het modernisme, maar daarbij hebben zij eerst wel de onderliggende voorwaarden ervan aanvaard.

Tegen deze achtergrond is het niet verbazingwekkend dat we zo nonchalant reageren op de zich opstapelende bewijzen van massa-extinctie. We nemen deze informatie met opmerkelijke kalmte op. We huilen niet. We raken niet gestrest. Waarom niet? Omdat we de mens gescheiden zien van de rest van de levende wereld. Die soorten zijn daar buiten, in de omgeving. Ze zijn niet hier binnen; ze zijn geen deel van ons. Dat we zo reageren is geen verrassing, want dat is toch het kernprincipe van het kapitalisme: de wereld is niet echt levend, en het zijn zeker niet onze verwanten waar het over gaat; het is gewoon materiaal dat kan worden gewonnen en weggegooid - en hierbij hoort ook het grootste deel van de mensen die leven. Vanuit de eigen grondbeginselen heeft het kapitalisme in feite de oorlog verklaard aan het leven zelf.


Descartes omschreef het doel van de wetenschap als volgt: 'om onszelf de meesters en bezitters van de natuur te maken'. Vierhonderd jaar later zit deze moraal diep verankerd in onze cultuur. We zien de levende wereld niet alleen als 'iets anders', we zien haar als een vijand - iets waartegen je moet vechten en waarover je de baas moet worden, met behulp van de wetenschap en logisch redeneren. Toen d bestuurders van Google in 2015 een nieuw bedrijf opzetten dat zich bezighoudt met levenswetenschappen, noemden ze het 'Verily' ('Waarlijk' in het Nederlands). Op de vraag waarom ze zo'n vreemde naam hadden verzonnen, antwoordde Andy Conrad, de CEO van Verily, dat ze hierop waren gekomen omdat 'wij alleen met de waarheid Moeder Natuur kunnen verslaan.' (pagina 77-78)

Terug naar Overzicht alle titels

woensdag 22 september 2021

Warna Oosterbaan

Het leven van dingen : wat wij met dingen doen, en zij met ons
Atlas Contact 2021, 296 pagina's € 24,99

Korte bio Warna Oosterbaan (1947)

Korte beschrijving
De auteur schrijft over alledaagse dingen: voorwerpen en producten. Al lezend raak je verwonderd over wat daarover allemaal te vertellen valt en je leest geboeid tot het slot toe. Zowel in de antropologie als in de sociologie wordt aandacht aan de betekenis van 'dingen' besteed, maar de auteur blijft verre van wetenschappelijk proza. Het gaat hem om 'hoe belangrijk dingen zijn en wat voor soort informatie ze herbergen'. Dingen zijn soms onmisbaar geworden, zoals een mobiele telefoon. Hij wijst op ontdinging, zoals geld, dat steeds meer digitaal wordt. Dingen bepalen het karakter van een ruimte, ze kunnen zich daarin al of niet opdringen. Opruimen is regelmatig nodig, doe je dit niet, dan kan het een groot probleem worden. Je wilt veel, te veel, bewaren. Daardoor staan er in vrijwel alle huizen rommelbakjes. De omgang met dingen kan zo intens zijn dat je lichaam erop ingesteld raakt. Een betrekkelijk nieuw verschijnsel is dat er op eventuele schadelijkheid gewezen wordt. De auteur (1947) is socioloog en journalist en schrijft o.a. voor NRC. Hij is een onderhoudend verteller en is erin geslaagd een boeiend boek met functionele informatie te schrijven over schijnbaar doodgewone dingen.

Tekst op website uitgever
In ‘Het leven van dingen’ gaat Warna Oosterbaan in op de bijzondere relatie tussen mensen en dingen. Deze zijn met elkaar verbonden in talloze dagelijkse routines. Een deur openen, de fiets pakken, eten koken: het zijn handelingen waarin armen, benen en ogen als vanzelf de deurklink, trappers en pannen vinden. De dingen zijn een verlengstuk van onszelf geworden. Pas als de deurklink kapotgaat, we de pan niet kunnen vinden of we ons scheenbeen stoten aan de trapper, worden we ons van hun bestaan bewust. Dingen verdienen meer, zegt dingenonderzoeker Oosterbaan. Want als er in de geschiedenis één trend is aan te wijzen, dan is het wel dat dingen steeds belangrijker worden. Bovendien zijn ze een prominente rol gaan spelen in onze zorgen over de toekomst van onze planeet. Moeten er minder dingen komen, moeten ze anders ontworpen of geproduceerd worden? Moeten we minder achteloos met ze omgaan? Voordat je die vragen kunt beantwoorden moet je je eerst verdiepen in de vraag wat dingen in ons leven doen, vindt Oosterbaan. Met nieuwsgierige blik en met soepele pen onderzoekt hij de dingenwereld en maakt daarbij gebruik van inzichten uit de sociologie, filosofie, archeologie, cultuur en geschiedenis. Hij pleit voor een ‘nieuw materialisme’, voor de aandacht voor dingen die ze verdienen. •Met foto’s van Theo Baart

Fragment uit 11. Slimme dingen
Riedel

Omdat ik de wekker op mijn telefoon heb ingesteld op zeven uur, begint hij op dat moment aan zijn riedel. In het binnenste van de cd-ketel tikt ook een klok en als het zeven uur heeft, wordt een elektromagnetisch bediend klepje opengezet, en gat er een zwak stroompje gas lopen. Een elektrische vonk ontsteekt het gasstroompje. Er brandt nu een klein vlammetje, dat even later de grote brander van de ketel aansteekt. Als die het water in de warmtewisselaar op een temperatuur van 60 graden heeft gebracht, begint een elektrische pomp het water door het leidingensysteem en de radiatoren van het huis te pompen. 
  Zo gaat dat nog een tijdje door. Allerlei apparaten gaan voor me aan de slag of zijn daar al mee bezig. Een elektrische waterkoker, een vruchtenpers, de koelkast, de magnetron. De espressomachine. 
  Ik kik op mijn telefoon voor het nieuws, en of er mail is. Ik zet de ontbijtboel in de vaatwasser en kies een programma dat helemaal op eigen houtje gaat voorspoelen, opwarmen, wassen, spoelen en drogen. In dat laatste stadium belandt de machine pas na drieënhalf uur, als ik allang ergens anders ben. Voor het geval dat er misschien toch iemand aanwezig is, laat het apparaat met een paar piepjes weten dat zijn werk is gedaan. In de badkamer is het inmiddels behoorlijk warm geworden. Tijd om de tanden te poetsen. Net als de meeste Nederlanders die ik dat met een elektrische borstel. Ik gooi de was in de wasmachine voordat ik de deur uitga. Ook de machine weet wat hem te doen staat. Alle draaibewegingen van de trommel, de wisselende toerentallen, de toevoer van water en wasmiddel, het opwarmen, het spoelen en centrifugeren - allemaal voorgeprogrammeerd in de fabriek.
  Op de vloer rond de eettafel zie ik iets glinsteren, dus ga ik er even met de stofzuiger overheen. Ook al een apparaat dat met een elektromotor werkt. Als ik tel hoeveel ik er vanochtend in werking heb gezet, kom ik op een stuk of tien.
Zo begint een gewone dag, vol routines en vooral vol met apparaten en machines die zonder dat we hoeven na te denken hun werk doen. Op de achtergrond draaien ze gedienstig hun programma's.
  Pas op vakantie in een huisje in de bergen ontdek je wat een werk het is om je huis met hout warm te stoken. De meeste mensen vinden dat helemaal geen probleem, het hoort bij de vakantie. Als ze het de hele winter moesten doen, zouden ze er waarschijnlijk anders over denken. In een modern uitgerust huis zijn allerlei handelingen aan apparaten en machines uitbesteed. Je houdt meer tijd over, je kunt je leven indelen zoals je het zelf wilt. (pagina 205-206)

Terug naar Overzicht alle titels



Marjolijn van Heemstra

In lichtjaren heeft niemand haast : een zoektocht naar meer ruimte in ons leven
De Correspondent 2021, 178 pagina's € 20,--

Wikipedia: Marjolijn van Heemstra (1981)

Korte beschrijving
Auteur (1981) is van jongs af aan geïnspireerd door verhalen van en over astronauten. Ze is theatermaker én speler in veelal activistische voorstellingen. Ze schrijft in De Correspondent (online journalistiek platform) over de vraag hoe de ruimte ons kan helpen anders naar de aarde te kijken. Dit is ook het thema van de 18 korte hoofdstukken, waarin leuke en soms interessante wetenswaardigheden over onder meer de geschiedenis van de ruimtevaart en mensen die hierin iets betekend hebben. De ruimte waarover geschreven wordt is meer dan het heelal, het is tevens de ruimte in ons hoofd. Ruimte, waardoor je de aardse beslommeringen in meer perspectief gaat zien. Bovenal is het een persoonlijke zoektocht naar het kosmologisch bewustzijn. Een fijne mix van hersenspinsels van de auteur over haar woon- en werkomgeving, astronauten en ruimtevaart. Geschikt voor wie wil leren nadenken over zichzelf in de oneindigheid van de ruimte. Veel inspirerende informatie in de nauwkeurige bronvermelding achterin. Vlot geschreven, bijwijlen filosofisch en met aandacht voor poëtisch perspectief.

Tekst op website uitgever
Als we in deze tijd ergens te weinig van hebben, dan is het ruimte. Ruimte in onze agenda’s. Ruimte in ons hoofd. Ruimte in ons leven.

Maar wat als we het bestaan vanaf de grootst denkbare afstand bekijken?

Marjolijn van Heemstra neemt je mee op een intrigerende reis door de ruimte die we op aarde missen, en de ruimte die ons tegelijkertijd overal omringt.

Langs de vierkante meters waarop we elkaar in de weg lopen, tot de cirkels die we trekken om de zon. Want terwijl de wereld benauwder wordt en ons leven gehaaster, ontdekte ze: in lichtjaren heeft niemand haast.


Fragment uit 1. Verlangen naar uitzicht

De eerste keer dat ik de Hubble Extra Deep Field zag was in 2006 in de Space Expo, het museum naast de European Space Agency (ESA) in Noordwijk. Dat jaar had ik me voorgenomen huisdichter te worden van de ESA. Ik was al lange tijd gefascineerd door de ruimte. De kosmos was voor mij de plek van het niet-weten, niet-zien. Het besef daardoor omgeven te zijn, heb ik altijd bevrijdend gevonden.
  Ik mailde de Space Expo met de vraag of ik het museum mocht gebruiken als tijdelijke werkplek. Ik schreef erbij dat ik eigenlijk astronomie had willen studeren maar dat het godsdienstwetenschappen werd, met een specialisatie in islamitische mystiek, een andere route naar het mysterie. De toenmalige directeur, Rob van den Berg, stuurde een vriendelijke mail terug. Het was prima als ik af en toe in de Space Expo wilde komen schrijven.
  Die foto, de Hubble Ultra Deep Field, hing voor een lichtbak vlak bij de ingang van de expositieruimte, in een verder verduisterde gang. Ik heb er ochtenden lang betoverd naar gekeken. De onbevattelijkheid van duizenden sterrenstelsels met daarin honderden miljarden sterren.
  Maar het lukte me niet er een gedicht over te schrijven. Ik kwam niet verder dan één strofe. Daarin bracht ik het schervenveld in verband met een joodse scheppingsmythe waarin een vat vol licht in miljarden stukken breekt. Al die stukken vormen, volgens de mythe, uiteindelijk het leven. De mensen, de dieren, zelfs de woorden: heilige scherven licht. In die mythe blijft elke scherf licht heimwee houden naar het vat waarin alles bij elkaar was. Dus ontstaat elke ontmoeting tussen scherven uit verlangen van licht naar nog meer licht, of die scherven nu mensen, dieren, planten of letters zijn.
  De gebroken wereld is een verlangende wereld.

Terug naar Overzicht alle titels

Peter Wohlleben

Het verborgen leven van bomen : wat ze voelen, hoe ze communiceren - ontdekkingen uit een onbekende wereld
LeV 2016, 222 pagina's € 20,99

Oorspronkelijke titel: Das geheime Leben der Bäume: Was sie fühlen, wie sie kommunizieren – die Entdeckung einer verborgenen Welt (2015)

Wikipedia: Peter Wohlleben (1964)

Korte beschrijving
In ruim 35 hoofdstukken/onderwerpen legt de auteur uit dat bomen ook gevoel hebben, kunnen communiceren, tellen, onthouden en elkaar helpen. De auteur (1964) heeft een bosbouwkundige opleiding en werkt al ruim dertig jaar in en met bos, waarvan nu als boswachter in de Eifel. Hij heeft veel bijzondere dingen gezien/ervaren en geeft daar nu zijn eigen betekenis aan, aangevuld met wetenschappelijk onderzoek. Het boek is vertaald uit het Duits en is daar een bestseller. De auteur heeft meerdere, niet in het Nederlands vertaalde, boeken over bos, dieren en natuurbehoud geschreven. Bevat noten, geen illustraties. Bijzonder, nuttig en uniek boek, echt iedereen zal anders naar bomen gaan kijken.

Tekst op website uitgever
Peter Wohlleben (1964) studeerde bosbouw en werkte meer dan 20 jaar bij bosbeheer in het Rijnland (Duitsland). In 2006 nam hij ontslag om zijn ideeën over ecologie in de praktijk te kunnen brengen, en werd boswachter van een gebied van 1200 hectare in de Eifel. Hij schreef meerdere boeken over het bos, dieren en natuurbehoud. HET VERBORGEN LEVEN VAN BOMEN was afgelopen jaar het bestverkochte non-fictieboek in Duitsland en er werden ruim 200.000 boeken verkocht. Het boek verschijnt in Nederland op 29 maart 2016. 

In het bos gebeuren verbazingwekkende dingen: bomen communiceren met elkaar. Bomen die niet alleen liefdevol voor hun nageslacht zorgen, maar ook voor hun oude en zieke buren. Bomen met emoties, gevoelens en een geheugen. Moeilijk te geloven? Misschien, maar het is waar!

Boswachter Peter Wohlleben vertelt fascinerende verhalen over de onverwachte en ongelooflijke vaardigheden van bomen. Hij combineert de laatste wetenschappelijke inzichten met zijn eigen ervaringen uit het bos, en creëert zo een opwindende nieuwe kennismaking met levende wezens die we dachten te kennen, maar nu pas echt leren begrijpen. En zo betreden we een compleet nieuwe wereld...

Het verborgen leven van bomen is een onweerstaanbare liefdesverklaring aan het bos.

Fragment uit Bos als waterpomp
Hoe komt het water eigenlijk in het bos of - nog fundamenteler - überhaupt aan land? Hoe simpel die vraag misschien ook klinkt, in eerste instantie is er nog niet zo gemakkelijk een antwoord op te geven. Want een van de belangrijkste eigenschappen van land is dat het hoger ligt dan de zee. Water stroomt door de zwaartekracht altijd naar het laagste punt en eigenlijk zouden de continenten dus moeten uitdrogen. Dat wordt slechts verhinderd door de constante bevoorrading via de wolken die zich boven de zee vormen en vervolgens door de wind verder worden getransporteerd. Dat mechanisme functioneert maar tot een paar honderd kilometer van de kust. Hoe verder landinwaarts je komt, hoe droger het wordt, omdat de wolken leeg geregend zijn en verdwijnen. Al na 600 kilometer wordt het zo droog dat de eerste woestijnen verschijnen. Leven zou daarom eigenlijk alleen in een smalle strook langs de buitenrand van de continenten mogelijk moeten zijn; het binnenland zou troosteloos en dor moeten zijn. Eigenlijk wel, ja. Maar gelukkig hebben we de bossen. Zij zijn de vegetatievorm met het grootste bladoppervlak: per vierkante meter bos vormen zich in de kronen 27 vierkante meter loof en naalden. Daarboven blijft een deel van de neerslag hangen, die meteen weer verdampt. Daarnaast verbruiken de bomen in de zomer per vierkante kilometer tot 2.500 kubieke meter water, dat ze via hun ademhaling afgeven aan de lucht. Door die waterdamp vormen zich nieuwe wolken, die vervolgens landinwaarts trekken en daar weer leeg regenen. Dat gaat telkens zo door, zodat ook de verst verwijderde gebieden van vocht worden voorzien. Die waterpomp functioneert zo goed dat de neerslag in veel uitgestrekte gebieden van de aarde, zoals het Amazonebekken, zelfs duizenden kilometers landinwaarts nauwelijks van die aan de kust te onderscheiden is. De enige randvoorwaarde is dat er van zee tot in de verste uithoek bos moet zijn. Vooral als de eerste bouwsteen ontbreekt: het bos aan de kust dus, stort het systeem in elkaar. Alle lof voor de ontdekking van deze ongelooflijk belangrijke verbanden verdienen de wetenschappers rond Anastassia Makarieva uit Sint-Petersburg in Rusland. Zij deden over de hele wereld onderzoek in verschillenden bossen en kwamen telkens tot dezelfde conclusies. Of het nu gaat om het regenwoud of de Siberische taiga, steeds weer waren het de bomen die de essentiële vochtigheid landinwaarts doorgaven. De wetenschappers ontdekten ook dat het hele systeem in elkaar stort wanneer de bossen aan de kust worden gekapt. Het werkt hetzelfde als wanneer je bij een elektrische pomp het zuigstuk uit het water zou trekken. In Brazilië zijn de gevolgen al zichtbaar: het Amazoneregenwoud wordt steeds droger. Midden-Europa ligt nog binnen de 600 kilometerzone en daardoor in het aanzuigbereik van de pomp. Gelukkig zijn hier nog bossen, ook al zijn ze inmiddels sterk gekrompen. (pagina 95-96)

Terug naar Overzicht alle titels

Stefan Buijsman

AI - Alsmaar Intelligenter : een kijkje achter de beeldschermen
De Bezige bij 2020, 222 pagina's  € 21,99

BIo TU Delft: Stefan Buijsman (1995)

Korte beschrijving
Een kijkje in de wereld van de kunstmatige intelligentie. Hoe het door de jaren heen vorm krijgt: van geprogrammeerde instructies en zelflerende algoritmes tot neurale netwerken geïnspireerd op de menselijke hersenen. De auteur beschrijft stap voor stap de ontwikkelingen vanuit een historisch perspectief en laat zien welke technieken worden toegepast om de intelligentie te vergroten. De ontwikkeling wordt toegelicht met duidelijke voorbeelden van de mogelijkheden en de beperkingen. De zwakke kanten van neurale netwerken zullen, naar verwachting van de auteur, ook in de nabije toekomst nog van invloed zijn op de toepassing in de samenleving. De auteur (1996) is een gerespecteerd wetenschapper en filosoof, die in staat blijkt technisch ingewikkelde materie in begrijpelijke taal over te brengen. Geschikt voor een brede doelgroep die meer wil weten over kunstmatige intelligentie, de achtergronden en de toepassing ervan in de samenleving, nu en de nabije toekomst. Bevat illustraties en een uitgebreid bronnenoverzicht.

Tekst op website uitgever
Gezichtsherkenning, zelfrijdende auto’s, algoritmisch nepnieuws, Tinder-matches, deepfakes en sollicitatiegesprekken met een computerprogramma. Of we het nu willen of niet, we worden omringd door artificiële intelligentie. Maar wat betekent dat? Moeten we ons zorgen maken over een toekomst vol computers die slimmer zijn dan wij? Om daarachter te komen duikt Stefan Buijsman in de kunstmatige intelligentie. Vanaf de eerste chatbot in de jaren zestig via computers die vliegtuigen laten crashen in de jaren negentig tot aan de nieuwste zelfrijdende auto’s laat hij zien hoe wij met algoritmes omgaan, hoe ze eigenlijk werken en hoe beperkt die programma’s zijn. In AI: Alsmaar intelligenter neemt Buijsman ons op zeer toegankelijke wijze mee langs alle pluspunten en valkuilen van kunstmatige intelligentie. De beloftes en de gevaren van die techniek hangen volledig van ons af.

Fragment uit Kunstmatige Intelligentie in de (toekomstige) samenleving
Je snapt het idee ondertussen wel. Technologische vooruitgang kun je net zo gemakkelijk misbruiken als voor iets moois inzetten. Computers kunnen ons in staat stellen om meer te controleren, omdat het mogelijk is om nóg meer tegelijkertijd in de gaten te houden en te sturen. Ze kunnen ook sneller misleidende informatie verspreiden, via nepfoto's en -filmpjes, en door geautomatiseerd nepnieuws. Deels is de technologie daar weer een antwoord op. Eerder noemde ik al neurale netwerken die door de computer geschreven teksten opsporen en algoritmes die Photoshopbewerkingen kunnen terugdraaien. Daarmee kunnen we die nepbeelden en -teksten bestrijden, al zal dat nooit perfect lukken. Facebook kwam eind 2019 met een techniek om gezichten onherkenbaar te maken voor gezichtsherkenning (maar niet voor ons) die bij video's gebruikt kan worden. Toch moeten we waakzaam blijven voor de toepassingen die kunstmatige intelligentie krijgt. Want het grootste gevaar van kunstmatige intelligentie is ons gebruik ervan.
  En vergeet niet: de gevaren van kunstmatige intelligentie liggen niet alleen in de potentie er doelbewust kwaad mee aan te richten. De zwakke kanten van neurale netwerken kunnen er óók voor zorgen dat systemen met een goede intentie ongewenst uitpakken. Computers kunnen alsnog stereotypes versterken, bij uitzonderingen volledig willekeurige beslissingen nemen en ga zo maar door. Hoe belangrijker de beslissingen die de computer neemt, des te ingrijpender de gevolgen van deze beperkingen. Daar kunnen wij natuurlijk iets aan doen: computers voorlopig nog geen grote beslissingen laten nemen in gevallen waar we niet zeker zijn van hun gedrag. En voorstellen van computers (over de duur van een straf bijvoorbeeld) niet blindelings opvolgen. Kortom, kritisch blijven, ongeacht hoe geavanceerd het stuk kunstmatige intelligentie ook zou zijn. Dat blijft nodig en dat is ook een van de redenen dat ik optimistisch ben over de toekomst van onze banen. (pagina 183-184)

Terug naar Overzicht alle titels