zaterdag 29 augustus 2020

Philipp Blom 3

Het grote wereldtoneel : over de kracht van verbeelding in crisistijd
De Bezige bij 2020, 142 pagina's  € 17,99

Oorspronkelijke titel: Das grosse Welttheater : von der Macht der Vorstellungskraft in Zeiten des Umbruchs (2020)

Wikipedia: Philipp Blom (1970)

Tekst op website uitgever
We leven in de best mogelijke wereld: we hebben nog nooit zo lang vrede gekend, we waren nooit eerder zo rijk of zo veilig. Dit verhaal houden we onszelf in elk geval voor. Maar wat nou als dit niet in overeenstemming is met de realiteit? Wat nou als democratieën ondertussen aan het afbrokkelen zijn, de haat tussen groepen toeneemt, de economische groei stagneert en het gevaar van klimaatrampen stijgt?
In dit grootse filosofische essay – met een speciaal voor de Nederlandse lezer geschreven nawoord over de coronacrisis – laat Philipp Blom zien hoe het mogelijk is dat het Westen niet ondanks, maar juist vanwege vrede en welvaart in een crisis verkeert. Daar zijn we door ons verleden geenszins op voorbereid. De strijd voor de toekomst wordt ook een strijd om een nieuw groot verhaal, voor eenieders ogen, op het podium van het wereldtoneel.

Fragment uit Vloeibare moderne tijd
Het is moeilijk in tijden van overvloed na te denken over indammen, juist omdat het niet strookt met de logica van een tijd die steeds meer stijging van de groei zoekt. Markten en technologieën hebben de neiging die logica van het exces te ondersteunen, en dus is het noodzakelijke buiten die logica na te denken over de verhouding tussen homo sapiens en de rest van de natuur. In het ideale geval zou het erom gaan andere behoeften, andere doelen en een ander concept over die verhouding te ontwikkelen. 

Diderots Aotourou had niet de hoop dat hij zijn mensen een kwalitatief andere werkelijkheid begrijpelijk zou kunnen maken, maar het is in de loop van de geschiedenis steeds weer mogelijk geweest; en er hebben zich steeds weer intellectuele en filosofische revolutied voorgedaan die het mogelijk maakten een wereld te denken waarvan de principes anders waren dan die van de eigen tijd. 

Ook de industriële beschaving schiep mogelijkheden die ze pas langzamerhand leerde begrijpen en benutten, in eerste instantie naar het beeld van haar eigen tijd. De eerste auto's, die met een verbrandingsmotor reden, waren ontworpen koetsen zonder paard. Ze waren als het ware hun gespan kwijtgeraakt, en ook de dissel, eerder een nalatigheid dan een schoonheidsfactor. De overgang naar een autonoom voertuig waarvan het design rekening hield met de technische mogelijkheden en de behoeften van de gebruiker, duurde een generatie.

Ingeneieurs dachten dus uit het verleden, en bij wetenschappers was het al niet anders. Tegen het eind van de negentiende eeuw gold de natuurkunde als een kennisbouwsel dat op enkele detailkwesties na volledig geduid en afgerond was. Op fundamenteel niveau viel er niets meer te onderzoeken, hoorden studenten tijdens hun inleidende colleges. Newtons theorie en wereld waren beschreven en berekend, bepaalde onverklaarbare effecten en tegenstrijdigheden konden rustig verwaarloosd worden, want er viel in de natuurkunde volgens de belangrijkste exponenten ervan niets fundamenteels meer te ontdekken.

Toen kwam Einstein. (pagina 74-75)

Citaat uit een recensie
Uitgangspunt van Bloms reis door de geschiedenis is dat wij van verhalen zijn gemaakt, meer en sterker dan wij denken. Zowel ons familieleven als ons maatschappelijk leven wordt gedragen door collectieve verhalen, die wij elkaar vertellen en die de sleutels tot onze 'groep' bevatten. Waa wij goed in zijn. Wat wij vrezen. Wat wij ontvluchten. Wat wij liefhebben. Wat wij verzwijgen. In een tijd van crisis komen we in onbekend gebied en bezitten we nog niet de woorden om de nieuwe realiteit te beschrijven of ons de weg naar oplossingen, veranderingen, verbeteringen voor te stellen. Dat zorgt voor een gevoel van onzekerheid en leidt tot twisten, menselijk gemodder.  (uit: Nieuw crisis, nieuwe taal in VK, zaterdag 29 augustus 2020)

Lees ook: Wat op het spel staat (uit 2017).

Terug naar Overzicht alle titels

David Brooks

De tweede berg : de zoektocht naar een zinvol leven
Spectrum 2020, 400 pagina's € 21,99

Oorspronkelijke titel: The second mountain (2019)

Wikipedia: David Brooks (1961)

Korte beschrijving
De auteur onderscheidt twee bergen: die van de gebruikelijke doelen in onze cultuur (succes, aanzien, persoonlijk geluk) en  – soms na door een dal te zijn gegaan (ontslag, verlies) – een tweede berg, een andere benadering, waarin het ego wordt afgeworpen en je jezelf plaatst tussen degenen waarvoor je nodig bent, relationeel, intiem en volhardend. David Brooks is columnist bij de New York Times en auteur van 'The road to character'. Ook in dit boek staat karaktervorming centraal. Het doel is sterke verbintenissen aan te gaan met een roeping, partner, levensfilosofie, geloof en gemeenschap. Hoe dit kan, beschrijft Brooks aan de hand van boeken (filosofie, literatuur) en mensen die van de eerste naar de tweede berg gingen, zoals Etty Hillesum. Verre van zweverig, maar zeer concreet. Een boek dat behulpzaam kan zijn voor mensen die op een tweesprong in hun leven staan. Berg één en twee zijn vergelijkbaar met Adam de eerste (allure en carrière) en Adam de tweede (het spirituele), het gedachtegoed van rabbijn Joseph Soloveitchik. Hij beïnvloedde Brooks diepgaand. Een boek dat op het eerste gezicht een doorsnee helpboek lijkt, maar uiteindelijk zoveel meer is: een pleidooi van wat er echt toe doet, persoonlijk en in de samenleving.

Fragment uit

Lees ook: Het sociale dier : de verborgen oorsprong van liefde, karakter en succes (uit 2011)

Terug naar Overzicht alle titels


woensdag 26 augustus 2020

Sverker Johansson

De oorsprong van de taal : waar, waarom en waarom de mens begon met praten
Meulenhoff 2020, 416 pagina's - € 26,99

Oorspronkelijke titel: På spaning efter språkets ursprung (2019)

Wikipedia: Sverker Johansson (1961) 

Korte beschrijving
Het populairwetenschappelijke boek ‘De oorsprong van taal’ (vertaling: Lucy Pijttersen en Marit Kramer) is geschreven door de Zweedse natuurkundige en linguïst Sverker Johansson. Hij heeft onder andere onderzoek gedaan voor EVOLANG, een belangrijke internationale onderzoeksgroep op gebied van de oorsprong en evolutie van taal. De ondertitel van het boek luidt ‘Waar, wanneer en waarom de mens begon met praten’ en vat de inhoud samen. Het boek is opgebouwd uit drie delen, Deel 1 - over taal, Deel 2 - over de oorsprong en Deel 3 - over de oorsprong van taal. Een breed scala aan onderwerpen uit taalkundig onderzoek wordt in ongeveer vierhonderd bladzijden besproken. Communicatie bij dieren, het bestaan van een oertaal, Darwins theorie van natuurlijk selectie: alles is verbonden met de geschiedenis van taal. Johansson vertelt op enthousiaste wijze over zijn vakgebied en wisselt lastige taalkundige begrippen af met aansprekende voorbeelden en verduidelijkende illustraties, kaarten en grafieken. De inhoudsopgave en het register maken het boek ook goed geschikt als naslagwerk. Goed toegankelijk voor beginnende vakgenoten en geïnteresseerde leken.

Tekst op website uitgever
Waar, wanneer en waarom de mens begon te praten is een van de grootste mysteries uit de geschiedenis

De oorsprong van taal begint miljoenen jaren geleden en beschrijft de ontwikkelingen tot aan het punt dat de bestaande talen zijn ontstaan, zo'n vijfduizend jaar terug. We maken kennis met homo erectus en de neanderthalers, ontmoeten Darwin en Chomsky en leren over dolfijnen en nachtegalen. Zich baserend op de laatste stand van zaken in de archeologie, neurologie, linguïstiek en biologie, leidt Johansson ons door de theorie en legt hij uit waarom en hoe taal is ontstaan. De oorsprong van taal staat vol met verbazingwekkende voorbeelden en is een vermakelijk en informatief boek voor iedereen die zich ooit heeft afgevraagd waarom we praten zoals we dat doen.

Fragment uit De samenwerkende aap
Taal en hulpvaardigheid

Mensen willen elkaar maar al te graag helpen als het om informatie gaat. Dat wordt ook duidelijk als kinderen net hebben leren praten: ze gebruiken hun net verkregen spraakvermogen graag om de omgeving op de hoogte te brengen van wat ze allemaal zien. 'Kijk! Vogel!'  Welke ouder herkent het niet? Ook het spraakgebruik van volwassenen bestaat voor een groot deel uit het informeren van elkaar. Vaak betreft het informatie die de ontvanger eigenlijk niet nodig heeft of waar niet om is gevraagd, maar die toch wordt geleverd. Luister je naar een groepje mensen rond de koffietafel, dan lijkt het soms of ze een wedstrijd doen wie de meeste informatie kan leveren; vaak betreft het geroddel over dagelijkse gebeurtenissen. Mensen leiden in hoge mate wat in het Duits 'Mitteilungsbedürfnis' wordt genoemd en wat je zou kunnen vertalen met 'de behoefte om je te uiten', een sterke drijfveer om je omgeving te laten weten wat je denkt.

Andere aapachtigen hebben deze behoefte niet. Zelfs apen die in taal getraind zijn en in staat zouden zijn om 'Kijk! Vogel!' te zeggen, doen dat niet. Ze voelen niet de behoefte om hun omgeving te laten weten dat ze een vogel hebben gezien. Dat betekent ook dat apen geen vragen stellen. Ze kunnen ergens om vragen, maar ze vragen niet naar informatie - misschien omdat ze geen antwoord verwachten waar ze iets aan hebben. Het 'waarom'-stadium waarover ik in het voorwoord van het boek schreef, ontbreekt volledig bij baby's van andere apen.

Die behoefte van de mens om zich te uiten en daarmee te helpen, is van betekenis voor taal. Laten we daarvoor teruggaan naar het stukje over leugens in het deel over de grenzen van taal. De communicatie van de meeste andere dieren heeft zich zodanig ontwikkeld dat het moeilijk is om te liegen zodat een leugenaar zichzelf verraadt, anders zou niemand de boodschap geloven. Maar zo werkt taal niet en we luisteren toch wel naar elkaar. Op het eerste gezicht is taal een evolutionaire paradox, maar ons vermogen tot samenwerking en onze hulpvaardigheid lost deze paradox op. Of beter gezegd: het evolutionaire raadsel verplaatst zich naar de vraag hoe we hulpvaardig en zo vol vertrouwen zijn geowrden.

Hulpvaardigheid is een voorwaarde voor menselijke taal. Taal kan zich dus niet ontwikkelen zonder onze hulpvaardigheid en de evolutie van hulpvaardigheid is daarom een sleutel tot de oorsprong van taal. (pagina 239-240)

Lees ook: Sapiens : een kleine geschiedenis van de mensheid (2014)

Terug naar Overzicht alle titels


Sue Stuart-Smith


Tuinieren voor de geest

De Bezige bij 2020, 320 pagina's - € 24,99

Oorspronkelijke titel: The Well Gardened Mind (2020)

Wikipedia: Sue Stuart-Mill (19?)

Korte beschrijving
De auteur is psychiater, ze is thuis in hersenwetenschap, psychologie, medische wetenschap, Engelse literatuur en botanie. Al haar kennis brengt ze samen in dit boek. Ze ziet de hersenen als een tuin waarin door snoeien, wieden en groeien steeds weer nieuwe verbindingen worden gelegd. Ze toont met behulp van neuropsychologisch onderzoek, psychoanalyse en eigen ervaring aan hoe het komt dat tuinen en tuinieren rust kunnen bieden, bv. door wat er gebeurt in het autonome zenuwstelsel en met hartslag en bloeddruk. Ze haalt allerlei studies aan waarmee ze onderbouwt dat tuinieren invloed heeft op ons geestelijk welzijn, ons vermogen tot zelfreflectie en op ons probleemoplossend vermogen. Ze heeft tuinen in gevangenissen bezocht en tuinen waar mensen met psychiatrische problematiek of depressies werken en heeft hier interviews gehouden. Ze geeft aan dat voor deze groepen tuinieren therapeutisch kan werken en re-integratie kan bevorderen. Dit boek is geschikt voor iedereen die meer wil weten over het verband tussen tuinieren/in de natuur zijn en welzijn en persoonlijke groei. Met bronnenoverzicht en noten.

Tekst op website uitgever
Wie in de aarde wroet, ploegt ook in het hoofd. In Tuinieren voor de geest onderzoekt psychiater Sue Stuart-Smith hoe tuinieren onze innerlijke wereld beïnvloedt. Het proces van creëren en verzorgen, van snoeien en bemesten heeft invloed op ons geestelijk welzijn, het vermogen tot zelfreflectie en op onze creativiteit. Dat blijkt ook uit resultaten van horticulturele therapie, waarbij tuinieren als remedie wordt voorgeschreven om uiteenlopende psychische problemen - van verslaving en depressie tot eenzaamheid en PTSS - te behandelen.
Stuart-Smith baseert zich op de neurowetenschap en de psychoanalyse, en put rijkelijk uit haar eigen praktijk en uit het echte leven. Ze laat zien hoe tuinieren zich niet slechts beperkt tot het verzorgen van bloemen en planten, maar dat het helend kan werken en inspiratie kan bieden om de geest te verrijken.


Fragment uit 2. Groene natuur - menselijke natuur

Het idee dat tuinieren en de natuur mensen goeddoen en hun kunnen helpen om van geestelijke aandoeningen te herstellen, kwam voor het eerst op in Europa, in de achttiende eeuw. In die tijd kwamen hervormers als de Britse arts William Tuke in het geweer tegen de barre leefomstandigheden en onmenselijke behandelingen waaraan geesteszieken maar al te vaak werden onderworpen. Tuke was de mening toegedaan dat de leefomgeving kon bijdragen aan de genezing en in 1796 liet hij op het platteland, in de buurt van York, een inrichting bouwen, The Retreat. In plaats van te worden opgesloten mochten de patiënten overal op het terrein komen en waren er allerlei mogelijkheden om nuttig werk te verrichten, waaronder tuinieren. De opzet was 'een rustig toevluchtsoord, waarin een gehavende boom zich kon herstellen of een veilig leven kon leiden', en uitgangspunten bij de behandeling waren dan ook vriendelijkheid, waardigheid en respect. In de tijd die volgde, werden dit soort instellingen in een parkachtige omgeving gebouwd, met tuinen en kassen waarin patiënten zich konden wijden aan het verzorgen van planten en groeten.

In 1812 kwam aan de andere kant van de Atlantische Oceaan Benjamin Rush, een Amerikaanse arts die een van de grondleggers was van de Verenigde Staten, met een handboek over het behandelen van geesteszieken. Daarin schreef hij dat geesteszieken die op het terrein van de inrichting werkzaamheden verrichtten omdat ze de kosten van hun verblijf moesten terugverdienen door hout te hakken, de open haarden gaande te houden en in de moestuin te spitten, vaak het beste herstelden. Mensen met een hogere maatschappelijke status hadden een grotere kans 'om binnen de muren van het ziekenhuis weg te kwijnen.' (pagina 51)

Artikel: ‘We kunnen maar voor een deel onze wil opleggen aan de tuin’ (FM, juli 2020)

Terug naar Overzicht alle titels

Susan Neiman 3

Wat we van de Duitsers kunnen leren
Lemniscaat 2020, 639 pagina's - € 39,95

Oorspronkelijke titel: Learning from the Germans : race and the memory of evil (2020)

Wikipedia: Susan Neiman (1955)

Korte beschrijving
Susan Nieman (1955) groeide als joods meisje op in het zuiden van de Verenigde Staten, studeerde geschiedenis in Berlijn en Harvard, en was hoogleraar filosofie in Tel Aviv en Yale. Kernvraag in dit boek is: hoe kan een land omgaan met en verantwoordelijkheid nemen voor ernstige misdaden als de Holocaust, slavernij, gewelddadig racisme en segregatie? Uitgebreid gaat ze in op de wijze waarop Duitsland is omgegaan met zijn verleden. Daarvoor geldt het begrip Vergangenheitsaufarbeitung: het kunnen omgaan met je (criminele) verleden. Nieman is daar positief over en vergelijkt dat met de manier waarop de VS omgaan met gewelddadig racisme tegen de zwarte bevolking. Die vergelijking is haast onmogelijk en ze geeft aan hoe racisme is ingeslopen in de samenleving in het zuiden van de VS. Er is maar één mogelijkheid: het aanvaarden van de last van een beschamende geschiedenis én lessen trekken. Ineffectief is bagatelliseren en ontkennen van de gebeurtenissen. Het boek bestaat uit drie delen. Eerst de wijze waarop Duitsland in de afgelopen 75 jaren is omgegaan met de Holocaust en welke verschillen er waren tussen Oost- en West-Duitsland. Dan bitterzoete zuiden in de VS en 'Dingen rechtzetten'. Een waardevol boek; Nederland heeft behoefte aan een vergelijkbaar boek over zijn verleden.

Fragment uit

Lees ook: Waarom zou je volwassen worden? (uit 2014) en Verzet en rede : in tijden van nepnieuws (uit 2017)

Terug naar Overzicht alle titels

maandag 24 augustus 2020

Robert Bridgeman

Stoppen met vlees : een eerlijk verhaal over de productie en consumptie van vlees
Nieuw Amsterdam 2018, 206 pagina's - € 20,--

Website Robert Bridgeman (19?)

Korte beschrijving
Robert Bridgeman, eigenaar van een ‘bewustzijnsorganisatie’, die mensen wil faciliteren in hun persoonlijke ontwikkeling, schreef een boek tegen het eten van vlees. De publicatie maakt deel uit van een multimediaal project dat Nederlanders bewust(er) wil maken van de effecten van vleesconsumptie (https://stoppenmetvlees.nl). De auteur, zelf veganist, probeert lezers te overtuigen van de negatieve gevolgen van vlees eten en geeft in de inleiding aan dat 'een volstrekt objectief boek' schrijven over vleesconsumptie onmogelijk is. Allerlei in de ogen van de schrijver negatieve aspecten van het carnivoorschap passeren de revue, zoals gezondheid, dierenleed, klimaat en bio-industrie. Hij interviewt onder meer studenten van een agrarische hogeschool, waarvan enkelen uit de vleessector afkomstig zijn. Door het boek heen voert Bridgeman ambassadeurs op, waaronder bekende Nederlanders, die zijn stop-met-vlees-etenbetoog ondersteunen. Aan het einde gaat hij kort in op wat de lezer zelf kan doen om minder of geen vlees te eten en hoe de lezer anderen kan overtuigen hetzelfde te doen. Met uitgebreid notenapparaat.

Fragment uit 6. Het klimaat
Vervuiling

Een koe stoor evenveel koolstofdioxide per jaar uit als een auto die 70.000 kilometer rijdt, aldus het Centrum voor Landbouw en Milieu. Van de FAO, de Voedsel- en Landbouworganistaie van de Verenigde Naties, weten we dat 18% van alle uitstoot wereldwijd wordt veroorzaakt door koeien. Dat is meer dan alle auto's, vrachtwagens, schepen en vlieftuigen bij elkaar. Die hebben een uitstoot van 14,5%. Het methaan dat koeien uitstoten plus alle uitstoot voor het transport en de klimaatbeheersing in de hallen waar de dieren gehouden worden vervuilt enorm. Dit heeft een direct en groot effect op de opwarming van de aarde en op de overstromingen en andere problematiek die daarmee gepaard gaat.

Volgens een onderzoek van Wageningen University & Research was het aandeel van de veeteelt aan de totale emissie in Nederland 9%. Dat geeft een ander beeld. De industrie in Nederland is dus minder vervuilend. Sterker nog, de FAO adviseert om de invloed van veehouderij op het klimaat te verkleinen via intensivering van de productie. Intensief producerende landen zoals Nederland en Denemarken blijken een lage broeikasgasemissie per kilogram geproduceerd vlees te realiseren, aldus de Wageningse onderzoekers.

Kortom, meer en intensiever produceren zou tot een lagere uitstoot leiden. Dat daarmee de belasting op oerwoud, de watervoorraad en dierenwelzijn extreem hoog wordt, laten de onderzoekers buiten beschouwing. (pagina 116-117)

Lees ook: Dieren eten van Jonathan Safran Foer (uit 2009), Fatsoenlijk eten : mijn leven als proefkonijn van Karen Duve (uit 2012) of Een pleidooi voor echt koken : thuiskomen in de keuken van Michael Pollan (uit 2013)

Terug naar Overzicht alle titels

Jared Diamond 2

Ondergang : waarom zijn sommige beschavingen verdwenen en hoe kan de onze haar ondergang voorkomen?
Spectrum 2005. 702 pagina's - € 22,50

Oorspronkelijke titel: Collapse : how societies choose to fail or succeed (2004)

Wikipedia: Jared Diamond (1937) 

Korte beschrijving
Sommige culturen uit het verleden gingen ten onder, andere niet. Hoe komt dat? Hoe kunnen we daar lering uit trekken? Deze kernvragen worden door de auteur uitgewerkt aan de hand van vele voorbeelden. Vijf groepen factoren kunnen een rol spelen: milieuschade, klimaatverandering, vijandige buren, bevriende handelspartners, en - cruciaal en actueel - reacties van een cultuur op milieuproblemen: ecocide of de polder? Het boek is ingedeeld in vier delen: I Het moderne Montana; II Verdwenen culturen (onder andere Paaseiland, Maya's en Vikingen); III Hedendaagse samenlevingen (onder andere Rwanda, Haïti, China, Australië);  IV Praktische lessen: waarom nemen sommige samenlevingen rampzalige beslissingen - Bedrijfsleven en milieu -  De wereld als polder (wat betekent dit alles voor onszelf?). Met kaartjes, een katern zwartwitfoto's, een uitgebreide literatuuropgave en een register. Boeiend, gedetailleerd, wetenschappelijk, maar ook toegankelijk geschreven werk met overdenk- en discussiestof voor een groot lezerspubliek. Jared Diamond is bioloog en hoogleraar geografie aan de University of California, LA. Hij doet onderzoek op het gebied van de evolutionaire biologie. Voor 'Zwaarden, paarden en ziektekiemen' ontving hij in 1998 de Pulitzer Prize.

Fragment (motto)
Ik sprak een pelgrim uit een oud, moe land,
die zei: Twee benen zonder romp, van rots,
staan in de vlakte ... Naast hen, in het zand
verzonken, ligt een stenen kop, wiens trots
en smalend oog, van ouds aan macht gewoon,
bewijst hoezeer de maker heeft bereikt
wat hij beoogde, dat uit stenen, doos,
na eeuwen nog een nors karakter kijkt.
Een opschrift op het grauwe voetstuk geeft:
'Mijn naam' is Ozymandias. Ik ben groots
en koning. Ziet mijn werk, o mens, en beeft!
Maar niets is meer te zien. Vanaf de voet
van dit gevallen koningsstandbeeld streeft
breed, eenzaam zand de einder tegemoet.

Ozymandias, Percy Bysshe Shelley, 1817

Lees ook: Omwenteling : hoe staten omgaan met crisis en verandering (uit 2019) 

Terug naar Overzicht alle titels


Meer

Meer : hoe overvloed de wereld juist duurzamer en welvarender maakt
Hidde Boersma, Ralf Bodlier, Maarten Boudry e.a.
Nieuw Amsterdam 2020, 272 pagina's € 24,95

Website/Wikipedia: Hidde Boersma (1980), Ralf Bodelier (1961), Maarten Boudry (1984)

Tekst op website uitgever
Hoe lossen we de grote problemen van deze tijd op: de klimaatverandering, de groeiende ongelijkheid en de biodiversiteitscrisis? Moeten we soberder leven, met minder groei, consumptie en reizen, zoals de groene beweging wil? Of ligt de oplossing in minder overheid, minder ontwikkelingsgeld en minder wetenschap, zoals het rechts-populisme voorstaat?
Niet mínder, maar méér is de enige weg, volgens de auteurs van dit uitdagende boek. Zo pleiten ze voor meer economische groei en welvaart om armoede te bestrijden en duurzame technologie mogelijk te maken, en voor meer overheidsingrijpen om individuele vrijheid te creëren. Een overvloedige, moderne wereld leidt tot meer geluk en autonomie. Als we dan ook nog in onszelf en ons vernuft durven geloven, ligt er een stralende toekomst in het verschiet.

Fragment uit 5. Meer mensen
Afrika is groot

Voordat we die vragen beantwoorden is het goed om stil te staan bij de cijfers. Hoe druk wordt het nu echt in Afrika? Volgens prognoses van de Verenigde Naties groeit de bevolking er van 1,3 miljard in 2020 naar 4 miljard in 2100. Dat klinkt als veel. En gecombineerd met de bekende beelden uit de volle sloppenwijken, krijg je al snel visioenen van een continent waar in de nabije toekomst iedereen hutjemutje op elkaar leeft. Een werelddeel bovendien, waar voor natuur geen plaats meer is.

Maar Afrika is groot. Afrika is veel groter dan we doorgaans beseffen. Om het even in perspectief te plaatsen: Europa, China en de Verenigde Staten beslaan minder aardoppervlak dan Afrika. De huidige bevolkingsdichtheid is er op dit moment dan ook veel lager dan elders. Afrika herbergt nu 43 mensen per vierkante kilometer, terwijl dat er in West-Europa 178 zijn. In Nederland wonen gemiddeld zelfs 488 burgers op een vierkante kilometer. Ook als Afrika die inhaalslag maakt naar drie keer zoveel mensen, komt het continent nog niet op het niveau van West-Europa, laat staan op dat van Nederland. Het is eigenlijk gek dat westerlingen altijd naar Afrika wijzen als het gaat over overbevolking, merkte de Botswaanse auteur Siyanda Mohutsiwa op Twitter op. Waarom noemt men Parijs nooit overbevolkt, of New York? Mohutsiwa hekelde de Franse president Emmanuel Macron die bij zijn eerste toespraak op Afrikaanse bodem Afrikanen vertelde dat ze te veel kinderen kregen. Retorisch vroeg ze zich af of Macron zoiets ooit zou zeggen over zijn eigen land. (pagina 66-67)

Citaat uit een recensie
Het geloof in technologie, stuur- en maakbaarheid is heilig voor de essayisten. Emma Maris voegt daar nog de menselijke suprematie over de natuur aan toe. Met de onvermijdelijke hulp van technologie natuurlijk. 'Diensten die nu nog goedkoop door de natuur worden geleverd, kunnen achterhaald worden door machines en infrastructuur die in de toekomst worden gebouwd,' schrijft de Amerikaanse journaliste. 'De dag dat bestuiving economischer is met zoemende drones dan met zoemende bijen is misschien niet eens zo ver weg.'
  Wie vragen stelt bij dat 'vooruitgangsoptimisme' krijgt in de bundel meermaals het verwijt conservatief, links of angstig te zijn. Nergens is dat duidelijker dan in Ralf Bodeliers essay over het voorzorgsprincipe. 'Wanneer je niet zeker weet hoe iets in de toekomst uitpakt, kan je er maar beter niet aan beginnen',  vat hij dat samen. Om dat 'op het eerste gezicht verstandige beginsel' vervolgens af te fakkelen als 'een moderne variant van de heksenjacht'. (Uit: Het mag wat meer zijn, FD, zaterdag 22 augustus 2020)

Website: De Bende van de Vooruitgang

Lees ook: Tegen de angst : optimisme als opdracht voor de 21e eeuw van Ralf Bodelier (uit 2005), Waarom de wereld niet naar de knoppen gaat van Maarten Boudry (uit 2019), Vooruitgang : tien redenen om naar de toekomst uit te kijken van Johan Norberg (uit 2016),  De strijd om de toekomst : over doemscenario's en vooruitgang van Addie Schulte (uit 2019), Het gaat geweldig : 100 feiten die u een andere kijk op de wereld geven van Michiel Bicker Caarten (uit 2013), De rationele optimist van Matt Ridley (uit 2010), Verlichting nu : een pleidooi voor rede, wetenschap, humanisme en vooruitgang van Steven Pinker (uit 2018) 

En lees als tegenwicht ook: De profeet en de tovenaar : twee grondleggers en hun concurrerende ideeën over een leefbare toekomst op onze planeet van Charles C. Mann (uit 2018) en Feitenkennis : 10 redenen waarom we een verkeerd beeld van de wereld hebben en waarom het beter gaat dan je denkt van Hans Rosling (uit 2018)

Artikel: Optimisme - boeken én e-books voor onze post-corona-times (april 2020)

Terug naar Overzicht alle titels

Jill Lepore

Deze waarheden : een geschiedenis van de Verenigde Staten
De Arbeiderspers 2020, 1040 pagina's € 49,99

Oorspronkelijke titel: These Truths : a History of the UNied States (2018)

Wikipedia: Jill Lepore (1966)

Korte beschrijving
Geschiedenis van de Verenigde Staten vanaf de ontdekking van Amerika in 1492, via de onafhankelijkheidsstrijd tot de huidige sterk gepolariseerde wereldmacht in crisis. Lepore (1966), hoogleraar geschiedenis aan Harvard, richt zich in dit helder gestructureerde en veelomvattende werk op de politieke geschiedenis van het land. De titel verwijst naar een passage uit de onafhankelijkheidsverklaring van 1776: 'We hold these truths to be self-evident, that all men are created equal...' De auteur werpt bij de start de vraag op of deze waarheden nog steeds vanzelfsprekend zijn. Na een gedegen analyse van ruim tweehonderd jaar Amerikaanse politiek komt ze tot conclusie dat dit de laatste decennia steeds minder het geval is. Goed leesbaar geschreven met ook veel aandacht voor thema's als slavernij en vrouwenrechten, maar voorkennis van de Amerikaanse politiek is zeker aanbevolen. De vertalers hebben ook alle bekende Engelstalige uitdrukkingen als 'Lock her up' naar het Nederlands vertaald waardoor het hier en daar helaas geforceerd overkomt. Met een uitgebreid notenapparaat, literatuurverwijzingen in eindnoten, een register op persoonsnamen en zwart-witillustraties.

Tekst op website uitgever
Deze waarheden is de briljante weerslag van de bewogen geschiedenis van de Verenigde Staten. In fonkelend proza beschrijft Jill Lepore de worsteling van Amerika met haar eigen historie en met de fundamentele waarheden waarop zij als natie is gebouwd: gelijkheid van alle mensen, soevereiniteit, en het recht op leven, vrijheid en het streven naar geluk.
Dit boek voorziet die worsteling van historische context. Een erudiete, messcherpe analyse van de Amerikaanse politiek, het recht, de journalistiek, de technologie, de erfenis van de slavernij, de blijvende ongelijkheid.
Bekende en onbekende Amerikanen bevolken het relaas: presidenten en schurken, rijken en armoedzaaiers, wetenschappers en kunstenaars – en dragen bij aan Lepore’s meeslepende verhaal.

Fragment uit Zestien - Amerika ontwricht
Die avond is de Obama-gekte begonnen. Hij was jong, knap en betoverend. Hij was een fenomenaal spreker. Vooral de pers viel massaal in katzwijm. Obama had zijn zetel nog niet ingenomen of hij kreeg de vraag voorgelegd of hij aan de presidentsverkiezingen zou gaan meedoen, wat hij meteen wegwuifde. Zijn Senaatsperiode is hem niet bevallen. 'Schiet me liever dood,' was zijn antwoord toen een vriend hem vroeg of hij na zijn termijn in Washinton zou blijven. Hij werd gek van de bloeddorst waarmee de partijen elkaar bestreden. Het was dom van de Democraten om te denken dat een vijandige benadering een overwinning op de Republikijen zou opleveren. Hij bleef erbij dat het Amerikaanse volk 'George Bush geen kwaadaardige, vooringenomen man' vond. 'De mensen zijn boos,' zo ging hij verder, 'want de redenen om Irak binnen te vallen werden overdreven, ze zijn bang omdat we bestaande en mogelijke bondgenoten onnodig van ons vervreemden en ze schamen zich voor gebeurtenissen als in Abu Ghraib, die onze idealen geweld aandoen.'

Het motto waarmee hij in 2008 namens de Democraten de voorverkiezingen inging - 'Si, se puede', ofwel 'Yes we can' - ontleende hij aan de actiecampagne van The United Farm Workers onder leiding van César Chávez en Dolores Huerta in 1972. Zijn cv stelde weinig voor. Hij moest het van zijn talent, karakter en levensverhaal hebben. De een vond hem te zwart en de ander niet zwart genoeg. Dat hij zich als senator tegenstander van de Irakoorlog had verklaard, sprak in zijn voordeel in de heftige, ternauwernood gewonnen voorverkiezingswedstrijd met de toen zestigjarige Hillary Clinton. Daar kwam bij dat Clintons man de ruime steun die ze aanvankelijk onder de Afro-Amerikaanse kiezers had genoten kundig naar de gallemiezen had geholpen. De ex-president zag zich bedreigd door de kalme, zelfverzekerde Obama (zijn coolere, zwartere en oprecht evenbeeld), en vervreemdde de zwarte kiezer nog verder van zich toen hij de tegenstrever van zijn vrouw en diens aanhang verweet een vuil spelletje te spelen. 'Volgens mij gooien ze het op discriminatie,' luidde zijn klacht. (pagina 840)

 



Eric Holthaus

De toekomstige aarde
HarperCollins 2020, 255 pagina's  € 20,--

Oorspronkelijke titel: The Future Earth (2020)

Wikipedia: Eric Holthaus (1981)

Tekst op website uitgever
Een positieve kijk op wat mogelijk is in het tijdperk van de opwarming van de aarde

Klimaatwetenschapper en -journalist Eric Holthaus (door Rolling Stone 'The Rebel Nerd of Meteorology' genoemd) biedt een nieuwe en hoopvolle visie op onze toekomst. Hij laat ons zien hoe we de korte- en langetermijneffecten van klimaatverandering de komende drie decennia kunnen omkeren. De basis van klimaatwetenschap is namelijk eenvoudig: klimaatverandering wordt volledig door de mens veroorzaakt. En als wij het probleemveroorzaken, kunnen wij het dus ook oplossen.

Dit boek is voor iedereen die zich overweldigd voelt door de huidige toestand van onze wereld. De toekomstige aarde moedigt ons aan om een nauwere relatie met de aarde aan te gaan en de effecten van klimaatverandering om te keren, als commitment aan onszelf en de generaties na ons.

Fragment uit 2020-2030 Rampzalig succes
In de weken voor de klimaattop in Parijs werd de wereld opgeschrikt door een foto van een Syrisch jongetje, verdronken op een strand in Turkije na een wanhoopspoging van zijn familie om aan een afschuwelijke oorlog te ontsnappen. Opeens kwam die ramp heel dichtbij voor de mensen die tot dan toe weinig aandacht hadden voor wat is uitgegroeid tot de grootste gedwongen volksverhuizing sinds de Tweede Wereldoorlog.
  Inmiddels is gebleken dat de crisis in Syrië deels veroorzaakt is door de nasleep en de verkeerde aanpak van een van de ergste droogtes in eeuwen. Die hield weer verband met de verschuivende neerslagpatronen door de warmer wordende planeet. Na de eerste schrik omdat de vluchtelingencrisis ineens een menselijk gezicht kreeg, maakte de foto duidelijk dat niet alleen de stijgende zeespiegel, maar ook het verlies van landbouwgebieden bepalend is in een wereld waar snel veranderende weersomstandigheden verstrekkende gevolgen beginnen te krijgen.

 Het Pentagon heeft gewaarschuwd dat verschuivende droogtepatronen, hittegolven en smeltend ijs een van de grootste bedreigingen vormen voor de veiligheid van de planeet. In sommige delen van de wereld, zoals Syrië, is dit een van de aanleidingen geweest voor brute oorlogen waardoor mensen zich gedwongen zagen hun vertrouwde omgeving te verlaten. Het conflict in Syrië heeft een groot deel van de huidige massamigratie veroorzaakt, maar is ook een voorbode van iets veel ergers. Als er niets verandert, zullen volgens de VN halverwege de eenentwintigste eeuw naar schatting meer dan 250 miljoen mensen in de hele wereld zich gedwongen zien om te vertrekken uit ecologisch kwetsbare gebieden. (pagina 97-98)

woensdag 19 augustus 2020

Thomas Decreus 2

Spektakeldemocratie
EPO 2020, 79 pagina's € 15,--

Blog Thomas Decreus (1984)

Korte beschrijving
In een kort essay schetst de auteur, een Vlaamse journalist, de ontwikkeling van de westerse democratie van burgerlijke democratie via massademocratie naar spektakeldemocratie, ook trumpisme genoemd. De burger is slechts publiek, de politici strijden om de aandacht en vooral de gevoelens van het publiek, ingekaderd door het mediapolitieke complex, waarin sensatie centraal staat en permanent campagne wordt gevoerd. Een zeer interessant betoog, ook internationaal-vergelijkend (Reagan, Thatcher, Haider, Berlusconi, Fortuyn, Trump). Over remedies en de ware democratie is de auteur weinig concreet: protest en anarchie worden aangeprezen, over de rechtsstaat en goed bestuur geen woord. Toch een verhelderend en intelligent betoog. Pocketuitgave; normale druk.

Tekst op website uitgever
Hoe te breken met de spectaculaire vorm die de democratie vandaag heeft aangenomen en haar terug te brengen naar haar oorsprong: de straat, de barricade en de opstand?

Fragment uit Narren op de troon
7. Gesensationaliseerde media dragen bij tot een merkwaardige vorm van structurele depolitisering bij journalisten, of misschien zelfs een soort a-politisering. De individuele politieke intenties die een journalist drijven doen niet meer ter zake. Ongeacht of een journalist met veel weerzin, heel kritisch of uiterst lovend schrijft over trumpisten - ze krijgen een podium. In een spektakeldemocratie maakt iedere kritiek, iedere poging tot ontmaskering altijd al deel uit van het spektakel. Om buiten het spektakel te geraken, moeten we het spektakel zelf bevragen.

8. De instrumentalisering van provocatie zou een van de werkwijzen bij uitstek worden van alle latere trumpisten en natuurlijk ook van Trump zelf. Steeds opnieuw wordt geaasd op een schokeffect, op een golf van verontwaardiging die mediadominantie garandeert. Racistische uitspraken zijn daar geschikt voor, maar seksistische of ronduit domme en kinderlijke uitspraken ook - zolang ze maar provoceren, sensaties opwekken en daardoor de aandacht opeisen.

9. Sociale media hebben de tactiek van de provocatie nog effectiever gemaakt. Het volstaat één provocatieve tweet of statusupdate de wereld in te sturen om een stortvloed aan commentaren, retweets en reacties te generen. Het gaat daarbij niet enkel om instemmende reacties, maar evengoed om tegenstanders die boodschappen reproduceren om ze te bekritiseren. De reproductie van de boodschap zorgt voor de verspreiding ervan en kan zo een steeds groter publiek creëren. (pagina 46-47)

Lees ook: Een paradijs waait uit de storm : over markt, democratie en verzet (uit 2013) en Dit is morgen (uit 2016)

Artikel: Democratie - boeken én e-books voor onze post-corona-times (april 2020)

Terug naar Overzicht alle titels

Daron Acemoglu & James A. Robinson 2

Wankel evenwicht : de eeuwige strijd tussen staat en samenleving
Nieuw Amsterdam 2020, 640 pagina's - € 39,95

Oorspronkelijke titel: The narrow corridor : states, societies and the fate of liberty (2019)

Wikipedia: Daron Acemoglu (1967) en James Robinson (1960)

Tekst op website uitgever
Vrijheid is niet vanzelfsprekend, vroeger niet, en nog steeds niet. Maar in deze tijd van destabilisering op vele terreinen hebben we vrijheid hard nodig. Niet 'alleen' verlies van politieke vrijheid is wat dreigt, ook onze welvaart en veiligheid is in gevaar.
Vrijheid is een delicaat evenwicht tussen staat en samenleving, tussen de economische, politieke en sociale elite en gewone burgers. Als de balans doorslaat komt de vrijheid in gevaar. Voor vrijheid zijn instellingen nodig die zich permanent vernieuwen om economische en sociale uitdagingen aan te kunnen. Vrijheid is sterk afhankelijk van een waakzame samenleving.
Wankel evenwicht is een fascinerende zoektocht, over de hele wereld en door de eeuwen heen, naar wat vrijheid eigenlijk is.

De pers over Waarom sommige landen rijk zijn en andere arm:
'Dit bijzonder toegankelijke boek biedt zowel specialisten als algemeen geïnteresseerden verrassend nieuwe inzichten.' Francis Fukuyama

'Een fascinerend boek.' Thomas Friedman

'Acemoglu en Robinson hebben een boeiend en zeer lezenswaardig boek geschreven.' Niall Ferguson

'Verdient te worden gelezen door politici en economen, waar ook ter wereld.' Het Financieele Dagblad

    Een fantastisch boek (...). Even onderhoudend als tot nadenken stemmend.'
    Jared Diamond, auteur van Paarden, zwaarden en ziektekiemen

Fragment uit 13. De rode-koningdynamiek ontspoord
Hitler werd veroordeeld tot vijf jaar gevangenis, maar kwam in december 1924, amper dertien maanden na zijn arrestatie, vervroegd vrij. Tijdens zijn gerieflijke verblijf in de gevangenis schreef Hitler zijn beruchte boek Mein Kampf. Ook had hij inmiddels een belangrijke les geleerd: de NDSAP moest niet inzetten op een staatsgreep maar kiezen voor het democratische pad naar de macht.

Zelfs bij de verkiezingen van 1928 waren de nazi's nog steeds niet meer dan een splinterpartij die nog geen 3 procent van de stemmen haalde. Dat veranderde allemaal met de beurskrach van 1929 en het begin van wereldwijde economische crisis die daarop volgde. Hoewel die crisis Duitsland pas in 1930 in volle hevigheid zou treffen, bleven investeringen al meteen in 1929 uit. In 1930 daalde het nationale inkomen met 8 procent. In 1931 was dat inkomen al met een kwart afgenomen en tegen 1932 met bijna 40 procent. Veel Duitsers zagen hun spaargeld in hoog tempo verdampen, maar de grootste ellende trof de miljoenen die hun baan verloren: het werkloosheidscijfer liep pijlsnel op tot 44 procent, het hoogste percentage ooit geregistreerd in ene geavanceerde economie. Ter vergelijking: in 1932 beliep de werkloosheid in de VS 24 procent, terwijl dat in Groot-Brittannië op 22 procent lag.

Toch stemden de werklozen zelf niet overwegend voor de nazi's. Net als degenen die lid waren van een vakbond stemden ze eerder op linkse partijen. De kolossale economische onzekerheid van die tijd leidde ertoe dat vooral de protestantse middenklassen, de winkeliers en boeren maar ook de misnoegde stedelijke jeugd werden aangetrokken door de vage beloftes van een nationale wederopleving. De nazi's werden een soort koepelpartij voor wie was ontgoocheld door het bestaande partijstelsel en de Weimarpolitiek, wat de historicus Richard Evans ertoe bewoog die mensen te beschrijven als 'een regenboogcoalitie van ontevredenen'. (pagina 455)

Lees ook: Waarom sommige landen rijk zijn en andere arm (uit 2012)


Terug naar Overzicht alle titels

dinsdag 11 augustus 2020

Charles Eisenstein 2

Een betere wereld : waarvan we in ons hart weten dat die mogelijk is
Juwelenschip 2019, 352 pagina's € 29,--

Oorspronkelijke titel: The more beautiful world our hearts know is possible (2013)

Wikipedia: Charles Eisenstein (1967)

Korte beschrijving
Het boek is uit het Engels vertaald op initiatief van het Nederlandse spirituele Centrum voor Zelfbezinning. Haar auteur is de internetgoeroe en Amerikaanse dwarsdenker Charles Eisenstein die als medeorganisator van de Occupy-beweging goed is voor de ene internethype na de andere. Het boek opent sterk met een beschrijving van de inmiddels bij iedereen bekende ernstige problemen waarmee westerse samenlevingen momenteel worstelen. Volgens Eisenstein bewijzen ze dat we een verkeerd verhaal vertellen over de Mensheid, een verhaal dat verdeeldheid en afscheiding benadrukt. Het is tijd voor iets totaal nieuws, een verhaal van verbondenheid dat zegt dat ik meer ben dan mijn geïsoleerde zelf, het leven een bedoeling heeft en het universum intelligent is. Het boek heeft een sterk activistische inslag, is bedoeld als gids en oproep aan iedereen het oude op te geven voor het nieuwe. Een bruikbare analyse van de problemen wordt echter niet gegeven, een filosofische duiding is al evenmin aanwezig. En als politiek programma is het geen aanrader. Maar het is het gedachtegoed van Eisenstein waar je een eigen mening over kunt vormen.

Tekst op website uitgever
Wat kan je zelf doen om van de wereld een betere plek te maken – zelfs in deze tijd van sociale en ecologische crisis?
Dat was de inspiratie voor dit boek van de populaire Amerikaanse denker Charles Eisenstein (filosoof en wiskundige), dat bedoeld is als tegengif tegen cynisme, frustratie en doorgeschoten individualisme. Allereerst maakt hij duidelijk dat wij allemaal met elkaar verbonden zijn en dat de keuzes die we als individu maken, een onvermoede transformatiekracht bezitten. Door ons niet alleen bewust te worden van onze onderlinge verbondenheid maar die ook te omarmen en te praktiseren, kunnen we wezenlijk bijdragen aan het tot stand brengen van de nodige veranderingen.

De spiegel die Eisenstein ons voorhoudt, is dat niet ‘de wereld’ of ‘de maatschappij’ ons gevangen houdt; we doen het zelf.

Fragment uit Verstoren
De wereld zoals wij die kennen, is gebaseerd op een verhaal. Als je verandering tot stand wilt brengen, moet je beginnen het bestaande Verhaal van de Wereld verstoren en vervolgens een nieuw Verhaal van de Wereld vertellen, zodat mensen die in de leegte tussen die twee verhalen terecht komen, een oriëntatiepunt hebben waar ze zich op kunnen richten. Vaak lopen beide activiteiten door elkaar, omdat we het oude verhaal al ontkrachten door de dingen die we doen en zeggen om een nieuw verhaal te vertellen.

  Zo zie ik ook mijn werk, net als dat van activisten en in zekere zin ook dat van kunstenaars en genezers. Veel van de verhalen die ik in dit boek heb verteld, zoals dat over het treffen tussen Pancho en de politieagent, zijn voorbeelden van sitaties waarin het oude verhaal wordt vestoord. Ik zal straks nog een paar van die verhalen met je delen, maar laten we eerst eens kijken naar een categorie mensen waar veel van mijn kennissen wanhopig van worden, 'de mensen die het maar niet willen begrijpen'. 

  Als ik een lezing geef, krijg ik na afloop vaak vragen als deze: 'Het tot stand brengen van een betere wereld vereist een gigantische omslag in waarden en overtuigingen en dat zie ik echt niet gebeuren. De meeste mensen zijn vastgeroest en slecht geïnformeerd. Ze zullen nooit veranderen - de mensen die aan de touwtjes trekken niet en mijn conservatieve zwager ook niet. Hoe krijg je mensen in beweging?'

  Wat vrijwel nooit werkt, is iemand op andere gedachten proberen te brengen met behulp van logica en feiten. Dat is niet zo gek, aangezien voor de meeste mensen geldt dat hun overtuiging toch al niet gebaseerd was op logica of feiten. We gebruiken de rede veel meer om feiten zo te schikken dat ze een verhaal vormen dat strookt met een onderliggende staat van bewustzijn, waarin vooral emotionele tendensen, oude wonden, relatiepatronen en opvattingen een rol spelen. Dat verhaal hangt nauw samen met andere verhalen en uiteindelijk met de diep ingesleten persoonlijke mythes die ons leven bepalen. Die persoonlijke mythes zijn op hun beurt verweven met de mythologie van onze cultuur, onze gedeeld opvatting van de werkelijkheid die teruggaat tot aan de bronnen van onze beschaving. Omdat overtuigingen gewoonlijk deel uitmaken van een groter verhaal dat ook onze identiteit en ons waardencomplex omvat, wordt alles wat er mee in strijd is vaak als een aanval opgevat. Dan komen allerlei verdedigingsmechanismen in actie om dat grotere verhaal overeind te houden. Met als resulataat dat je wordt genegeerd, afgeschilderd als hippie, links tuig, milieuactivist of dromer en om de oren wordt geslagen met alles wat aan tegengas voor het oprapen ligt. Soms probeert de andere partij je betoog te ontkrachten door je te betrappen op iets triviaals als een verspreking of een grammaticale fout.

  Zulke mensen zijn heel anders dan jij! In tegenstelling tot republikeinen, linkse democraten, de mensen van Tea Party, christenfundamentalisten, en al die zweverige nieuwe-tijdsadepten bepaal jij immers je overtuiging op grond van feiten en logica! Dat klopt. Jij hebt je opvatting te danken aan het het feit dat je met een heldere blik naar de feten kijkt, terwijl de mensen die het niet met je eens zijn, gehinderd worden door onwetendheid en vooroordelen en ordinaire stompzinnigheid.

  Maar wees eens eerlijk. Wie van ons kan met droge ogen beweren dat hij niet het grootste deel van de tijd zijn ogen heeft gesloten voor de waarheid en ontvankelijk was voor precies dezelfde manipulaties die ik zojuist heb beschreven? Of denk je soms dat je inmiddels veranderd bent en ook op een heel andere manier tot je overtuiging komt? (pagina 281-283)

Lees ook: Naar een economie van verbinding : hoe geld de wereld naar de afgrond voerde en toch redden kan (uit 2019) 

Terug naar Overzicht alle titels

 

 


maandag 10 augustus 2020

Ruud Veltenaar & Leen Zevenbergen

Once upon a future
Bertram + De Leeuw uitgevers 2020, 391 pagina's  - € 29,90

Wikipedia: Ruud Veltenaar (1958) en website Leen Zevenbergen (19?)

Korte beschrijving
Dit boek schetst de grote uitdagingen waar wij in de nabije toekomst voor komen te staan. Drijvende krachten daarbij zijn de zich snel ontwikkelende technologie, de immense klimaatproblematiek en de alomvattende globalisering. De impact van die drie factoren doet zich gelden op tal van gebieden, van onderwijs en gezondheidszorg tot voedselvoorziening en industrie. In dit boek verkennen de schrijvers de problematiek, schetsen vervolgens scenario's voor de toekomst en stimuleren de lezer om met hen mee te denken. Dat doen zij in de vorm van meer dan duizend kleine hoofdstukjes, stuk voor stuk zeer leesbaar, vaak indringend geschreven, maar door de veelheid van onderwerpen voor de lezer soms moeilijk vol te houden. Zevenbergen is ondernemer, spreker en publicist; Veltenaar is filosoof en hoogleraar. Het boek is voorzien van een bronnenoverzicht. Een register ontbreekt; in de toegankelijkheid is voorzien door een inhoudsopgave. Vrij kleine druk.

Tekst op website uitgever
Once Upon A Future is een fascinerende expeditie naar een wereld waarnaar we allemaal verlangen. Een intense beleving en confrontatie met onze belemmerende overtuigingen. Voor optimisten, pessimisten en realisten. Voor idealisten en activisten. En voor iedereen die geïnteresseerd is in de toekomst. Gewoon, omdat het erg leuk en relevant is.

Once Upon A Future verschaft duidelijkheid over jouw toekomst en biedt concrete hoop op een betere wereld. Jarenlang onderzoek heeft geleid tot de meest actuele inzichten en samenhang tussen alles dat ons leven in de toekomst raakt en zinvol maakt. Dit boek neemt je mee op reis en biedt antwoorden op oude en nieuwe vragen. Wat heeft de ontketende toekomst voor jou in petto? Hoe bereid jij je het beste voor op deze ontketende toekomst en welke kansen dienen zich aan en hoe kun je deze het beste benutten?

Adembenemend, groots en alles overziend – Once Upon A Future herschrijft niet alleen de bedoeling, maar werpt ook nieuw licht op de toekomst van alles en iedereen. En hoe je deze zelf kunt creëren.

Ga mee op reis en verbind je met de aandienende toekomst. Ontdek hoe je actief kunt bijdragen en je leven en werk leuker kunt maken. Het is boeiend, spannend en uitdagend. Want het doet er toe!

Fragment uit 2.5 Bezit - nieuwe vormen van eigendom
en hoe gaan we om met de rechten en plichten die bij eigendom horen

Wat is van wie? Over die vraag denken we veelal niet na. Toch is die vraag over eigendom cruciaal in de toekomstige wereld. En in de wereld van vroeger. Zoals eerder beschreven verkochten de Amerikaanse indianen grond aan de Engelse veroveraars. Voor een appel en een ei, bijna letterlijk. De Engelsen dachten dat ze de eigenaren waren van de grond, de indianen dachten dat de Engelsen de grond wilden gebruiken, want grondbezit kenden de indianen niet.

De grond bedanken - Respect voor de grond. Wie heeft dat nog? De Aboriginals. Die bedanken de grond waarop bijvoorbeeld een vergadering plaatsvindt voordat de vergadering begint. Let wel: ze bedanken de grond! Grond is tegenwoordig van een land, een persoon, of van een bedrijf of organisatie. Maar niet van iedereen. En die grond wordt nog maar zelden gebruikt met het gevoel  van dankbaarheid dat past bij het netjes omgaan met iets van waarde. Welnee. De zeebodem en de zee zijn de vuilnisbelt van de wereld en het liefst van niemand als het neerkomt op het opruimen van afval. Maar wél het liefst van iemand als het gaat om bodemschatten of de vissen. Scharmer schrijft: 'Eigendomsrechten worden ooit vastgelegd. Binnen de maatschappelijke context ontwikkelt hun legitimiteit zich. En deze legitimiteit is een evenwicht tussen rechten en verantwoordelijkheden binnen die samenleving.' En zo is het precies: evenwicht tussen rechten en verantwoordelijkheden. Hoe ga je om met bezit om binnen de maatschappelijke context? That's the question. Het antwoord is helaas maar al te vaak: we willen eigendom als het ons uitkomt en anders liever niet. 

Waar gaat dat geld heen? - Over eigendom gesproken. Leen herinnert zich dat zijn fotoalbum vroeger bij hem in de kast stond. Dat album was van hem en van hem alleen. Het fotomateriaal mocht alleen door anderen worden gebruikt met expliciete toestemming ofwel tegen betaling. Dat gold ook voor zijn andere bezittingen. Zijn fiets, zijn huis, zijn privégegevens. En daar komen we op een bijzonder punt wat eigendom betreft. Want er zijn nu bedrijven die privé-informatie gebruiken en daarmee profielen opbouwen om die vervolgens door te verkopen aan geïnteresseerde bedrijven. Waar gaat dat geld heen? Niet naar de eigenaars van die profielen. Want profielen zijn van niemand, maar wel in het bezit van Facebook en Google. Waarom betalen zij de eigenaars van al die data niet? Waarom betaalden wij de indianen niet? Omdat er verschillende inzichten zijn als het over eigendom gaat. En dat gaat veranderen.

Het summum van de commons - Heel in het begin was alles van iedereen. Dit was het summum van de commons. Alles wat er was, stond ter beschikking van de groep. Langzaam maar zeker kwamen daar privébezittingen bij. Bijvoorbeeld de kleding die mensen droegen, bestek of een huis. Maar de landbouwgronden en de landwegen bleven van de gemeenschap, net zoals het geval was met de latere wegenstelsels en infrastructuur. En zo werden steeds meer eigendomsrechten toegekend aan zaken en die werden toebedeeld aan de groep of overheid of aan het individu. (pagina 187-188)

OPMERKELIJK
In de uitvoerige literatuurlijst staan tientallen boeken die ook op dit blog staan.

Terug naar Overzicht alle titels

Ivan Krastev

Morgen komt geen dag te laat : hoe de pandemie Europa verandert
Atlas Contact 2020, 94 pagina's - € 10,00

Oorspronkelijke titel: Is it tomorrow, yet? (2020)

Wikipedia: Ivan Krastev (1965)

Korte beschrijving
Dat de coronapandemie ook ingrijpende politieke gevolgen heeft, zal weinigen zijn ontgaan. Grenzen werden gesloten zonder buurlanden te raadplegen, burgerlijke vrijheden ingeperkt door het uitroepen van de noodtoestand en omvangrijke economische ondersteunings-programma’s opgetuigd. Filosoof Ivan Krastev vergelijkt deze crisis met die uit de recente historie - veroorzaakt door terreuraanslagen (2001), banken (2009) en vluchtelingen (2015) – en concludeert dat de neiging bij regeringen nu groter zal zijn om democratische rechten te beknotten. Daarnaast verwacht hij dat er een kentering zal komen in de globalisering, doordat het internationaal reisverkeer stilligt en landen minder importafhankelijk willen worden. Hoewel deze effecten geenszins denkbeeldig zijn, is het te vroeg om ze zo zwaar aan te zetten, aangezien niet is uit te sluiten dat een vaccin de toestand binnen een paar jaar grotendeels zal normaliseren. Mogelijk dat zijn pessimisme deels te maken heeft met zijn Oost-Europese afkomst (Bulgarije) en het geringe vertrouwen dat men daar heeft in het functioneren van overheden.

Tekst op website uitgever
In ‘Morgen komt geen dag te laat’ beschrijft Ivan Krastev hoe de coronaviruspandemie Europa verandert. Welke gevolgen heeft de coronacrisis voor onze democratie? Gaan regeringen mensen redden of economieën uit de brand helpen? Hoe zal de crisis onze samenleving veranderen en wat kunnen we ervan leren? Het virus bevestigt de angsten van de tegenstanders van globalisering en de mystieke krachten van grenzen. De big data-politiek zoals die nu al door de Chinese overheid wordt gevoerd, zal door corona ook elders meer ingang vinden. Het sluimerende generatieconflict en de aanwezige spanningen binnen de EU zullen door COVID-19 worden verhevigd. Aan de hand van paradoxen, lessen en briljante inzichten geeft Krastev antwoord op vragen die de hele wereld bezighouden.

Fragment uit (de) Inleiding - de grijze zwaan
Op dit moment kunnen we hoogstens speculeren over de politieke en economische gevolgen op de lange termijn. Historici laten er geen misverstand over bestaan dat 'een echte epidemie een manifestatie is, en geen trend', zoals medisch historicus Charles Rosenberg stelt: 'Epidemieën ontstaan op een bepaald moment, verspreiden zich dan op een door ruimte en duur begrensde schaal, verlopen volgens een scenario waarin de spanning zich steeds duidelijker openbaart, ontwikkelen zich tot een crisis op individueel en collectief nieau en verdwijnen ten slotte weer van het toneel.' Het zij zo - maar in dit boekje wordt gesteld dat COVID-19 onze wereld wel degelijk op een ingrijpende manier zal veranderen, ongeacht of we ons de dagen van de pandemie wel of niet zullen herinneren. De wereld zal veranderen en dat is niet omdat onze samenlevingen willen dat er verandering optreedt, of omdat er overeenstemming bestaat over de aard van de veranderingen, maar omdat er geen weg terug is.

Een eeuw geleden deed de Spaanse griep zijn intrede in een wereld die was verscheurd, uitgeput en afgestompt door de Grote oorlog. De epidemie moordde ook als een oorlog: de kwetsbaarste groep waren gezonde volwassenen tussen twintig en veertig jaar oud. De epidemie sloeg wereldwijd om zich heen, maar zo herinnerden mensen zich de catastrofe niet, omdat de idee van een gemeenschappelijke wereld tijdens de lange oorlogsjaren was weggekwijnd. De COVID-19-pandemie zal, naar het zich laat aanzien, een einde maken aan de globalisering zoals we die nu kennen. We kunnen hoogstens speculeren over de kwestie of de pandemie zal veroorzaken wat normaal gesproken door oorlogen wordt veroorzaakt, maar afgezien van wat er zal gebeuren kunnen we er gerust van uitgaan dat de wereld zal worden geteisterd door een 'nostalgie-pandemie' zodra het virus verslagen is. (pagina 14-15)

Lees ook: Falend licht : hoe het Westen de Koude Oorlog won maar de vrede verloor, dat hij samen schreef met Stephen Holmes (2019)

Terug naar Overzicht alle titels