woensdag 28 september 2022

Karel Smouter

Blauw wit rood : de boerenopstand als spiegel voor Nederland
De Bezige bij, 175 pagina's  € 15,--

Lenen als E-book via bibliotheek.nl 

Wikipedia: Karel Smouter (1983)

Korte beschrijving
Nadat jarenlang Groningen model stond voor de kloof tussen platteland en Randstad, is dat momenteel het oosten van het land, waar het verzet tegen de stikstofplannen van het kabinet zich concentreert. Auteur Karel Smouter trok geruime tijd door Twente en de Achterhoek en peilde er de stemming. Uit zijn verslag blijkt dat het wederzijds onbegrip groot is en zich niet beperkt tot de boerengemeenschap. Hoe klein ons land ook mag zijn, de afstand tot de traditionele politieke partijen in Den Haag lijkt onoverbrugbaar en de media uit Hilversum worden er gewantrouwd vanwege hun tendentieuze berichtgeving. Via de Farmers-Defence-Force en de Boer-Burger-Beweging laten de plattelanders inmiddels luid en duidelijk van zich horen. Smouter ziet niet snel een einde komen aan deze polarisatie, omdat dit zijns inziens een aanpassing van ons democratisch proces vergt en, veel moeilijker nog, een fundamentele mentaliteitsverandering vereist. Ons ‘poldermodel’ is hiervoor ontoereikend en zal plaats moeten maken voor ‘een gesprek van de samenleving met zichzelf’.

Tekst op website uitgever
Hoe hangt de Nederlandse vlag erbij?

NRC-Journalist Karel Smouter volgde vanuit zijn standplaats Deventer vanaf het prille begin de boerenopstand die het land blauw-wit-rood kleurde. Hij zag van dichtbij hoe de uitspraak van Kamerlid Tjeerd de Groot (D66) in september 2019 insloeg als een bom op het Nederlandse platteland, hoe bij steeds meer boerderijen een omgekeerde vlag werd gehesen en hoe Caroline van der Plas (BBB) haar eerste stappen op het campagnepad zette.

In Blauw wit rood laat hij zien dat het stikstofprotest een opflakkering is van een veenbrand die al langer in Nederland smeult. Hij beschrijft drie grote kwesties die voor de brandhaarden zorgen: van wie is Nederland? Van wie is het landschap? En: van wie is de microfoon?

Maar bovenal gaat hij op zoek naar bluswater: hoe overbruggen we de verschillen tussen somewheres en anywheres, boeren en boswachters, conservatieven en progressieven? Want achter de stikstofhorizon wachten nieuwe uitdagingen, zoals de kwaliteit van het Nederlandse water, de energietransitie en, ten diepste, de ruimte in Nederland om te kunnen wonen, leven en werken. En als we niet opletten zijn we straks duurzaam, maar niet langer een samenleving.

Fragment uit De veenbrand
De drie marketeers

Naast verschillende groepen activisten ontluikt in die dagen ook de politieke tak van het boerenverzet. Caroline van der Plas, dochter van een Deventer sportjournalist en een lokaal politicus, schrijft anno 2019 nog vooral vlammende columns die vaak 'viraal' gaan onder boeren en hun bewonderaars. Ze schreef eerder als vakbladjournalist voor een aantal agrarische periodieken. Het opende haar naar eigen zeggen de ogen. 'Ik zag hoeveel moeite boeren doen om aan de eisen van de overheid tegemoet te komen, vaak zonder daarvoor in de prijs van hun product te worden gecompenseerd.' Het onrecht raakt haar zo dat ze de journalistiek inruilt voor een carrière in de communicatie. 'Ik wil boeren helpen het verhaal van hun bedrijf en hun belangen beter over het voetlicht te krijgen.'


Met drie marketeers van het Deventer communicatiebureau ReMarkAble, gevestigd in een weinig opmerkelijk bedrijfspand aan de rand van een wat belegen bedrijventerrein, legt Van der Plas in die jaren de basis voor de BoerBurgerBeweging. Vanaf 2016 laat ze iedere week een agrariër twitteren via de account 'Boerenburgertweet'.  Deze twitteraccount moet nu politiek Den Haag gaan veroveren. 

Tijdens het Weekend van het Varken - een week na de uitspraken van Tjeerd de Groot - beleeft Van der Plas haar vuurdoop als politica. Jan, haar man, ligt in die dagen op sterven. Het waken bij zijn bed is al begonnen. Maar in Van der Plas brandt een heilig vuur dat politieke bewegingen kan doen ontvlammen. 'Jan wil juist dat ik dit doe,' bezweert ze me terwijl we die dag samen Deventer uit rijden. Op een varkensboerderij in het Brabantse Sint-Oedenrode spreekt ze de ene na de andere bezoeker aan. 'Zou je op een partij stemmen die voor boeren en hun belangen opkomt?' De antwoorden zijn veelal bevestigend.

Hier, tussen de worstenbroodjes, barbecuestands en de biggen aaiende koters, wordt het electorale potentieel van Van der Plas voor het eerst zichtbaar. De ene na de andere bezoeker bedankt haar voor haar columns en zegt toe op haar te stemmen.

In de auto terug naar Deventer licht Van der Plas die steun toe: 'Wat deze mensen het meest dwarszit is niet dat De Groot de veestapel wil halveren, maar dat D66 95 procent van de Nederlandse landbouw wegzet als dieronvriendelijk en milieuvervuilend. Terwijl: we doen het al beter dan veel andere landen. Wat wil hij dan? Dat we straks al ons vlees importeren, onder slechtere voorwaarden? Dat is toch hartstikke vreemd van een internationalistische partij als D66? (pagina 24-27)

Terug naar Overzicht alle titels

Arthur & Jarmo Berkhout

Antinihilisme : engagement in de 21ste eeuw
Uitgeverij Pluim 2022,197 pagina's  € 24,99

Lenen als E-book via bibliotheek.nl 

Korte bio van Arthur en Jarmo Berkhout (1992)

Korte beschrijving
Een modern filosofisch manifest over nieuwe vormen van maatschappelijk en politiek activisme. Decennia van neoliberale dominantie hebben de wereld in een permanente crisis gestort, stellen Arthur en Jarmo Berkhout. Tegelijkertijd is de mens altijd verteld dat er geen alternatief is voor het kapitalistische systeem waarin we leven. Op basis van hun eigen ervaringen met activisme en aan de hand van de filosofen die hen voorgingen, stellen de auteurs dat alleen systeemverandering ons voorbij de neoliberale impasse kan brengen. Via een diepgravende kritiek van de bestaande maatschappij en het nihilisme van deze tijd pleiten ze voor hernieuwd politiek engagement: een betere wereld begint niet bij jezelf, maar op de barricades.’Anti-nihilisme’ is in een scherpzinnige, heldere stijl geschreven en gaat diep in op politieke, sociale en filosofische thema’s en begrippen. Voor geoefende lezers. De tweelingbroers Arthur en Jarmo Berkhout (1992) zijn schrijvers en activisten. Arthur studeerde geschiedenisen filosofie in Amsterdam en Wenen, Jarmo studeerde filosofie in Amsterdam.

Tekst op website uitgever
Decennia van neoliberale dominantie hebben de wereld in een permanente crisis gestort: pandemieën, economische ongelijkheid, oorlog, de dreigende klimaatcatastrofe. Tegelijkertijd is ons altijd verteld dat er geen alternatief is voor het kapitalistische systeem waarin we leven. Van die leugen moeten we ons ontdoen. Een andere wereld is wel degelijk mogelijk, mits we de moed opbrengen voor radicale politieke verandering. Op basis van hun eigen ervaringen met activisme en aan de hand van de filosofen die hen voorgingen, stellen Arthur en Jarmo Berkhout dat alleen systeemverandering ons voorbij de neoliberale impasse kan brengen. Via een diepgravende kritiek van de bestaande maatschappij en het nihilisme van onze tijd pleiten ze voor hernieuwd politiek engagement in de 21ste eeuw: een betere wereld begint niet bij jezelf, maar op de barricades.

Fragment uit III. Het einde van de wereld? Of het einde van de mens?
3. De mythe van de moderniteit

Gedurende de decennia van het neoliberalisme, in de beruchte woorden van Margaret Thatcher immers 'alternatiefloos' verklaard, is de problematiek bijna onvoorstelbaar geëscaleerd. De helft van alle door fossiele brandstof veroorzaakte CO2-uitstoot vond plaats in de afgelopen dertig jaar. Tegelijk is de dubbele beweging van privatisering/onteigening en disciplinering verder dan ooit doorgevoerd. Domeinen van het leven die voorheen ondoordringbaar waren voor technologische beheersing en dus niet beschikbaar voor exploitatie, worden nu toegankelijk voor allerlei 'productieve' doeleinden.

Nu een groot deel van ons sociale leven zich op digitale platformen afspeelt, zijn zelfs onze meest intieme voorkeuren observeerbaar en kwantificeerbaar in de vorm van data. Bij zo goed als iedere stap die we zetten, creëren we kennis over onszelf die echter niet door onszelf beheersbaar of voor onszelf ook maar overzienbaar is. De virtuele sporen die we overal achterlaten, vormen de waardevolle bouwstenen van verhandelbare informatie die onophoudelijk van ons afgenomen wordt. De laatste commons die ons nog resteren - ons sociale leven - worden geprivatiseerd en toegeëigend door een handjevol techbedrijven. Ook wanneer we niks aan het doen zijn, zoals, laten we zeggen, YouTube-filmpjes bekijken, produceren we alsnog data: data. Zelfs tijdverspilling is dus 'productief' geworden.

Het resultaat van dit alles is, zoals Adorno en Horkheimer al lieten zien, dat terwijl de natuur bedwongen wordt en ze haar macht over de mensen verliest, er een vorm van sociale en economische dominantie ontstaat waaraan net zo moeilijk te ontsnappen valt als eens aan de mythische macht van de natuur. Natuurbeheersing is weliswaar zo volledig geworden dat ze de diepste kern van het leven kan manipuleren middels bio- engineering, kunstmatige vormen van intelligentie kan creëren en ontzaglijke hoeveelheden informatie over het sociale leven kan verzamelen, maar het aanvankelijke potentieel, namelijk de emancipatie van de menselijke wil, is geen werkelijkheid geworden. Niet 'wij mensen' staan aan het roer van het grote project natuurbeheersing.

Het meest wezenlijke element van het grote westerse verhaal, namelijk het vertrouwen in het vermogen van de rede om voorspoed en vooruitgang te brengen door de oude religieuze en mythische vooroordelen en kosmische angsten uit te bannen, is zelf tot mythe geworden. En zoals iedere mythe is ook die van de verlichting gekenmerkt door onvermijdelijkheid. Het verschil is alleen dat we dit keer niet te maken hebben met de machten van bovennatuurlijke schepselen en de grillen van de natuur, maar met de veel sterkere kracht die de menselijke techno-economie op ons uitoefent. (pagina 156-158)

Terug naar Overzicht alle titels

Ariejan Korteweg & Eline Huisman


Lobbyland : de schaduwmachten die ons besturen

De Geus 2016, 253 pagina's  € 23,99

Lenen als E-book via bibliotheek.nl

Korte bio van Ariejan Korteweg (1955) en Eline Huisman (1988)

Korte beschrijving
De auteurs Ariejan Korteweg (1955) en Eline Huisman (1988) zijn beiden politicoloog en werken voor de Volkskrant. Zij noemen dit werk het eerste journalistieke boek dat de werkwijze en invloed van de lobbysector duidt en tot systeemkritiek wil komen. Eerdere boeken over dit onderwerp werden door lobbyisten zelf geschreven, zoals 'Handboek public affairs' van Frans van Drimmelen uit 2014, waaruit in dit boek dankbaar wordt geciteerd. Om het woord lobbyen hangt een waas. Met deze bundeling van artikelen die zij in 2016 voor de Volkskrant schreven, willen de schrijvers de lobby uit de hoek van de incidenten halen. Luchtig, leesbaar en objectief beschrijven zij hun zoektocht naar de praktijk, de noodzaak en de grenzen van lobbyen. Daarbij zijn Den Haag en vooral het Binnenhof een voor de hand liggend werkveld. Van kansspelen tot ziekenhuizen, tientallen lobbyisten komen aan het woord om het belang van het pleiten voor hun doelgroep te verklaren. Politici als Henk Kamp en Kamerlid Ton Elias geven aan hoe zij een lobby ervaren. Informatief voor iedereen met een gezonde dosis nieuwsgierigheid. Interessant voor een breed publiek.

Tekst op website uitgever
Je ziet ze niet, je hoort ze niet, je ruikt ze niet. Maar ze zijn overal. Lobbyisten breken in op elk moment van de besluitvorming – bij ambtenaren, bij Kamerleden en bij bewindspersonen. Op het Binnenhof wordt niets zonder hen besloten. Wordt er over hen gesproken, dan is er iets misgegaan. Te opzichtig geweest, verkeerde personen benaderd op het verkeerde moment. Zelfs als ze een succesje boeken, houden ze het stil. Hun zelfbeeld is helder: de oliemannetjes van de democratie. Dankzij hun inspanningen beschikken politici over de juiste informatie om besluiten te nemen. Maar klopt dat beeld wel?

Fragment uit hoofdstuk IV - Klem in de draaideur
Op het Binnenhof is niets zonder betekenis. Een Kamerlid dat je hartelijk begroet of juist straal voorbijloopt, een compliment voor een artikel, een belangstellende vraag, een suggestie, een glimlach, de uitnodiging om kennis te maken of een weigering om af te spreken - het staat allemaal ten dienste van een groter belang. Wat dat belang is, blijft doorgaans in nevelen gehuld. Die nevelen ontstaan door de ingewikkeldheid van het politieke proces. Ook als Kamerlid duurt het een tijdje voor je je weg vindt in het reglement van orde, de moties, de Kamervragen, de wandelgangen, de initiatiefwetten, de procedurevergaderingen. Voordat je weet dat je kunt vertragen door heel veel Kamervragen te stellen of door een hoorzitting te regelen. Het duurt nog langer voordat je kunt schakelen met de wereld buiten het parlement, zodat je belangengroepen, media, wetenschappers of ervaringsdeskundigen effectief kunt inzetten.
  'In je eerste periode in de Kamer moet je leren, in de tweede periode wordt je effectief en in de derde periode krijg je slagkracht', zeggen ervaren Kamerleden. Kamervoorzitter Khadija Arib maakt dezelfde inschatting. Kijk naar zwaargewichten als Pieter Omtzigt, Harry van Bommel, Geert Wilders, zegt ze. Die aren in hun eerste jaren net zo zoekend als de nieuwkomers van nu.
  Lobbykantoren zijn tuk op de kennis en contacten van (ex-)Kamerleden. Voor (ex-)bewindspersonen geldt dat alles nog in verhevigde mate. Hun expertise is groter, ze worden geacht ook bestuurlijk en organisatorisch uit de voeten te kunnen. Een ideale draaideurpoliticus komt binnen als fractiemedewerker, leert zo de olifantspaadjes kennen, wordt Kamerlid en gaat dan cashen in de lobbysector. 
  het fenomeen is wijdverbreid in Den Haag, en geldt zeker niet alleen VVD-politici. Uit onderzoek naar het carrièreverloop van Kamerleden, ministers en staatssecretarissen dat we met datajournalist Sybren Kooistra deden voor de Volkskrant - gepubliceerd op 30 januari 2016 - blijkt dat sinds1990 minstens een kwart van alle landelijke politici aan het werk is gegaan binnen het lobbycircuit: in de top van een brancheorganisatie of belangenvereniging, of bij een public-affairsbureau dat extern wordt ingehuurd om de politieke lobby te organiseren. ()
  Symbolisch voor de Haagse souplesse is de Rijkspas, die toegang geeft tot het Kamergebouw en de vertrekken van alle fracties - met uitzondering van de PVV, die een beveiligde vleugel heeft. Politici hoeven die pas pas na hun aftreden niet in te leveren. Ze houden dus vrij toegang tot het centrum van de macht, wat in een nieuwe werkkring heel handig kan zij. Pogingen daar paal en perk aan te stellen zijn tot dusver gestrand. (pagina 77-78)

Lees vooral ook de roman Alkibiades van Ilja Leonard Pfeijffer (uit 2023) over het opkomen van politici voor deelbelangen in een tijd waarin de democratie onder vuur ligt

Terug naar Overzicht alle titels


Tom Grosfeld

Agendahedonisme : hoe onze obsessie met tijdsoptimalisatie leidt tot een dichtgetimmerd bestaan
Vrij Nederland 2022, 248 pagina's € 22,99

Lenen als E-book via bibliotheek.nl 

Website van Tom Grosfeld (1994)

Korte beschrijving
Een boek over de obsessie van de hedendaagse mens met efficiëntie, productiviteit en doelmatigheid. De verinnerlijking van het kapitalistische arbeidsethos, de nieuwe digitale technologieën en de toenemende individualisering van de samenleving zorgen ervoor dat we ons leven zien als een groot, rationeel project waar we het maximale uit moeten halen. Daardoor blijft nauwelijks ruimte over voor spontaniteit, verveling en het onverwachte. In heldere stijl en met diepgang geschreven. Geschikt voor een brede tot geoefende lezersgroep. Tom Grosfeld (1994) is journalist. Hij schrijft voor Het Parool en Vrij Nederland over de tijdgeest in het algemeen en de invloed van digitalisering en technologie op ons leven in het bijzonder..

Tekst op website uitgever
Een verfrissend en intellectueel tegengeluid als antwoord op de berg zelfhulpboeken over efficiëntie en productiviteit.

We zijn meer dan ooit geobsedeerd door efficiëntie, productiviteit doelmatigheid. Die waardes hebben niet alleen onze werktijd, maar ook ons privéleven gekoloniseerd. Het is de bril waardoor we ons bestaan bezien. De verinnerlijking van het kapitalistische arbeidsethos, de nieuwe digitale technologieën die in rap tempo om ons heen verschijnen en de toenemende individualisering van de samenleving zorgen ervoor dat we ons leven zien als een groot, rationeel project waar we het maximale uit moeten halen. Het gevolg is een dichtgetimmerd bestaan waarin nauwelijks ruimte overblijft voor spontaniteit, verveling en het onverwachte. Waardes die, omdat ze geen groei opleveren en niet meetbaar zijn, steeds meer worden verdrukt, maar juist zo van belang zijn voor het alledaagse leven.

Een busje van Picnic

Fragment uit 7. Het huwelijk tussen mens en techniek

Toen ik een mannetje van een jaar of tien was, ging ik regelmatig met mijn vader mee naar de supermarkt. Met het boodschappenlijstje in mijn hand struinde ik de gangpaden af. Ik voelde me heel groot wanneer ik de tagliatelle gevonden had en uit het schap had gevist, en stoer wanneer ik aan een vakkenvuller vroeg of hij wist waar de doperwten lagen. In mijn herinnering zwierven we urenlang door de supermarkt. Waarschijnlijk duurde het niet langer dan een minuut of twintig, hooguit dertig. Wat ik wel zeker weet: mijn vader had alle tijd van de wereld.

Een kleine twintig jaar later worden boodschappen steeds vaker thuisbezorgd. Bij mij in de buurt rijden de hele dag busjes van Picnic en Albert Heijn rond. Veel buurtbewoners pochen over het feit dat ze al maanden geen voet meer in de supermarkt hebben gezet. Het laat zich niet moeilijk raden waarom ze hun boodschappen zo graag laten bezorgen: naast dat het gemakkelijk is, bespaart het tijd. De slogans op de bussen van Albert Heijn vatten de kern samen: 'Druk, druk, druk, en toch je koelkast gevuld.' En: 'Haal jij de kinderen, doen wij de boodschappen.'

De agendahedonist leunt op een hoop nieuwe technologieën en diensten die een faciliterende rol spelen in het optimaliseren van zijn tijd. Dertig jaar geleden, of laten we zeggen vóór het tijdperk van de smartphone, had de agendahedonist in zijn huidige vorm niet kunnen bestaan. Hij was gedwongen geweest zich neer te leggen bij een dagelijkse trits aan inefficiënte, niet-productieve handelingen. Dat is het verschil tussen de naar efficiëntie en productiviteit strevende mens uit de tweede helft van de twintigste eeuw en de agendahedonist uit de eenentwintigste eeuw: laatstgenoemde kan met behulp van digitale technologie zo ongeveer elke minuut van zijn leven optimaliseren. De totstandkoming van de agendahedonist is daarom niet alleen een mentale, maar ook een technologische kwestie.

Want hoewel de drang om onze tijd te optimaliseren en economiseren al langer bestaat, is er pas tijdens de digitale revolutie technologie ontstaan die ons volledig in die behoefte tegemoet kan komen. En omdat er niet een paar, maar inmiddels honderden technologieën en diensten zijn afgestemd op ons verlangen naar efficiëntie, gemak, optimalisatie en tijdsbesparing, faciliteert technologie het niet alleen om te leven als een agendahedonist, maar stimuleert het daartoe ook, of minder omfloerst geformuleerd: die leefwijze wordt ons door de strot geduwd. (pagina 128-129)

Draadje (februari 2023)

Lees ook: Neem de tijd : overleven in de to-go maatschappij van Koen Haegens (uit 2012) of Kairos : een nieuwe bevlogenheid van Joke Hermsen (uit 2014).

Onderstaande boeken worden in het boek (meer dan) aangestipt

Svend Brinkmann

Standvastig

2016

174

Nicholas Carr

De glazen kooi

2014

334

Carl Cederström

Ons geluksideaal

2019

175

Michael Ende

Momo en de tijdspaarders

1973

26

Erich Fromm

De angst voor vrijheid

1941

270

Yuval Noah Harari

Homo Deus

2017

444

Joke Hermsen

Kairos

2014

310

Joke Hermsen

Stil de tijd

2009

272

Marli Huijer

Ritme

2011

206

Ewoud Kieft

De onvolmaakten

2020

336

Roman Krznaric

De goede voorouder

2021

303

Miriam Rasch

Frictie

2020

238

Hartmut Rosa

Leven in tijden van versnelling

2016

160

Hans Schnitzler

Het digitale proletariaat

2015

175

Hans Schnitzler

Wij nihilisten

2021

158

Clive Thompson

De coders

2019

400

 Terug naar Overzicht alle titels

Simon Barnes

De groene planeet : het verborgen leven van planten
Luitingh-Sijthoff 2022, 319 pagina's € 29,99

Oorspronkelijke titel: The green planet : the secret life of plants (2021)

Wikipedia: Simon Barnes (1951)

Korte beschrijving
Het boek bij de gelijknamige BBC-serie ‘De groene planeet’. Journalist Simon Barnes ontdekt dat de mens niet kan bestaan zonder planten. Ze zijn een cruciaal onderdeel van het menselijk leven, maar toch weten we maar weinig van ze. Planten beschikken over een geheugen, zijn vindingrijk, intelligent en sociaal. Dit boek voert de lezer mee langs hun verborgen leven, met onder andere bijzondere verhalen over hoe planten zich handhaven in extreme omstandigheden en waarom sommige soorten wel duizenden jaren oud kunnen worden. ‘De groene planeet’ is in een aansprekende informatieve stijl geschreven en gebruikt de bevindingen van Sir David Attenborough uit de serie als gids voor de vele en uitgebreide natuurbeschrijvingen. De tekst wordt omlijst door prachtige natuurfoto’s in kleur. Simon Barnes (1951) is een Engelse journalist. Hij was tot 2014 Chief Sports Writer van The Times en schreef een column over wildlife-opinie in de zaterdageditie van dezelfde krant. Hij schreef drie romans.

Tekst op website uitgever
In het boek bij de gelijknamige BBC-serie De groene planeet van Simon Barnes komen we erachter dat de mens zonder planten niet kan bestaan. Planten zijn een cruciaal onderdeel van het menselijk leven en toch weten we er eigenlijk maar weinig van. Ze beschikken over een geheugen, zijn vindingrijk, intelligent en sociaal. Zo helpen ze elkaar bij het bestrijden van een gezamenlijke vijand en gebruiken ze vernuftige strategieën om te overleven. Dit boek voert ons mee langs het verborgen leven van planten: we ontdekken hoe ze zich handhaven in extreme omstandigheden – in woestijnen, onder water en tijdens koude winters – en waarom sommige soorten wel duizenden jaren oud kunnen worden. Hoog tijd om deze groene levensaders beter te leren kennen. 'Barnes beschrijft de wonderen van de natuur met een aanstekelijk enthousiasme.’

Fragment uit (de) Inleiding
Wat betekenen planten eigenlijk voor ons?
  Wie door de straten van een willekeurige stad loopt of - die kans is groter - rijdt, zal het nog knap lastig vinden om antwoord op deze vraag te geven. We lijken onze banden met planten te hebben doorgesneden en denken blijkbaar dat wij, anders dan onze voorouders, planten niet meer nodig hebben om te overleven. Dat is tenminste de aanname op grond waarvan we onze planeet inrichten en beheren. 
  Over het algemeen accepteren we dat planten deel uitmaken van het leven en daarom waarschijnlijk een goed idee zijn. Maar dit bij lange na niet genoeg. Planten zijn leven. Zonder planten kan er geen leven op aarde zijn, zou er nooit leven op aarde zijn geweest.
  Alles wat je eet, alles wat je lichaam opneemt, is afhankelijk van planten. Elke maaltijd is in feite een bord vol platen, veel meer dus dan die paar blaadjes sla ter garnering. Ons vee zet planten om in vlees. (Een koe eet in haar leven 6 tot 25 keer zoveel voedsel als dat ze uiteindelijk aan vlees oplevert.) De voedselketen in de zee is in wezen afhankelijk van fytoplankton, microscopisch kleine zeeplantjes. Zelfs schimmels zijn planteneters.
  Maar onze afhankelijkheid van planten bestaat slechts voor een deel uit het voedsel waarvan ze ons voorzien. Ze leveren ook zuurstof die we inademen. We nemen zuurstop op en stoten kooldioxide uit. Planten nemen kooldioxide op en stoten zuurstof uit. We kunnen - maar dat doen we helaas veel te weinig - het regenwoud beschouwen als een gigantische zuurstoffabriek.

  Planten spelen ook een essentiële rol in de watercyclus. Ze halen water uit de grond en schieten het de lucht in, waar het wolken vormt en als regen neervalt. Planten zijn dus leveranciers van voedsel, lucht en water; zaken die op z'n zachts gezegd nogal belangrijk zijn voor ons bestaan.
  We denken vaak dat de eenentwintigste mens de banden met de natuur heeft doorgesneden en een wereld heeft gecreëerd die niet langer afhankelijk is van ouderwetse zaken zoals bomen. Maar de moderne wereld wordt nog steeds hoofdzakelijk gevoed door planten. De industriële revolutie, de grootste verandering die de mens op deze planeet teweegbracht na de uitvinding van de landbouw 12.000 jaar eerder, werd aangedreven door kool, en kool is een plantaardig materiaal dat voor het grootste deel uit gefossiliseerde bomen bestaat. Onze voornaamste energiebron is olie, eveneens een vorm van gefossiliseerd leven: planten, algen en andere organismen die in zee leven. Nu proberen we minder afhankelijk van olie te worden door biobrandstoffen te ontwikkelen, oftewel brandstof die gemaakt is van planten.
  De manier waarop we deze in wezen plantaardige energiebronnen hebben gebruikt, heeft de grootste crisis in de geschiedenis van de mensheid veroorzaakt: de klimaatverandering. De aarde wordt almaar warmer, en met hun gemeenplaatsen kunnen politici het tij niet keren. Maar planten beperken de opwarming door kooldioxide uit de lucht te halen en koolstof op te slaan, en zo te fungeren als het koelsysteem van de aarde. We kunnen de opwarming van de aarde op twee manieren onder controle krijgen: door geen fossiele brandstoffen meer te gebruiken en door planten te koesteren als nooit tevoren.
  Planten zijn van essentiële waarde voor elke seconde van ons leven, maar dat is slechts ten dele de reden om ze in dit boek te noemen. In de meeste documentaire en boeken over de natuur spelen planten een ondersteunende rol; ze zorgen voor een pittoreske achtergrond en voorzien de medewerkers van eten en zuurstof.
  Wij zijn zelf dieren en dus is het logisch dat we onze kennis van de wereld waarin we leven willen verrijken door naar andere dieren te kijken. Bovendien houden we van actie en drama. Jagende leeuwen, parende olifanten, dansende paradijsvogels, het sociale leven van wolven en het eenzame bestaan van ijsberen, het boeit ons allemaal mateloos. Maar door de ontwikkelingen in zowel de wetenschap als de fotografie kunnen we het plantenrijk tegenwoordig veel beter onderzoeken en komen er allerlei onbekende aspecten aan het licht: tragedie, strijd, vijandschap, samenwerking, vindingrijkheid en zelfs jachtlust.
  Veel planten leven op een tijdschaal die wij niet kunnen bevatten. Soms duurt een plantenleven maar een paar weken, soms duizenden jaren. Het complexe mysterie van het plantenleven is in bewegende beelden vastgelegd door de makers van de tv-serie The Green Planet en op de foto door de makers van dit boek. (pagina 7-9)



Boeken over onze nieuwe omgang met niet-dieren en dingen

Terug naar Overzicht alle titels

Ben Rawlence

De boomgrens : het laatste bos en de toekomst van de planeet
Ten Have 2022, 414 pagina's € 24,99

Oorspronkelijke titel: The treeline : the last forest and the future of life on earth (2022)

Wikipedia: Ben Rawlence (1974)

Korte beschrijving
Een journalistieke en wetenschappelijke ontdekkingstocht naar wat het voor de mensheid zal betekenen als de bomen verdwijnen. De afgelopen 50 jaar krimpen de noordelijke bossen in rap tempo en worden de effecten van klimaatverandering zichtbaar. De auteur neemt ons mee op een reis langs de cruciale grenslijn, van Noorwegen naar Siberië, van Alaska tot Groenland.  Hij ontmoet wetenschappers, bewoners en de bomen die met de veranderingen te maken hebben en schetst een verontrustend toekomstbeeld. Onderhoudend geschreven, met persoonlijke passages. Het boek zal speciaal in het onderwerp geïnteresseerde lezers aanspreken. Met illustraties en kaarten in zwart-wit. Ben Rawlence (1974) is schrijver, mensenrechtenverdediger en onderzoeker. Zijn werk werd in meerdere landen uitgegeven.

Tekst op website uitgever
Een meeslepende ontdekkingstocht langs de boomgrens waarin de effecten van klimaatverandering voelbaar worden.

‘Onze bomen zijn aan het verdwijnen: een verschrikkelijk beeld. Dit boek is een evocatieve, wijze en krachtige ontdekkingstocht naar wat dat zal betekenen voor de mensheid.’ – Jay Griffiths, auteur van ‘A Sideways Look at Time’

De afgelopen 50 jaar krimpen de noordelijke sneeuwbossen in een rap tempo. Hier worden de geologische effecten van klimaatverandering voor het eerst pijnlijk zichtbaar. Ben Rawlence neemt ons mee langs die cruciale grenslijn – van Noorwegen naar Siberië, van Alaska tot Groenland – en combineert een reisverhaal met journalistiek en wetenschap. Hij portretteert 6 boomsoorten, hun mysterieuze werking op de lucht waar wij afhankelijk van zijn, en schetst een verontrustend toekomstbeeld.

Ben Rawlence heeft jarenlang onderzoek gedaan in de Hoorn van Afrika voor Human Rights Watch. Zijn boek Vluchtelingenstad is een wereldwijde bestseller en werd genomineerd voor de LA Times Book Prize. Eerder schreef hij voor The Guardian en The New York Times.


Fragment uit (de) Proloog

Achter mijn huis staat een enorme, oeroude boom. Het is zo'n typische, alledaagse, knoestige oude boom op een kerkhof, typisch Welsh, en ik had er nooit veel aandacht aan besteed. Maar de laatste tijd heb ik meer aandacht voor bomen, merk ik.
De boom in kwestie is een taxus, Taxus baccata. Hij staat op een heuvel enkele meters boven de weg, de wortels dicht opeengepakt onder de grond, als een spierbundel onder de huid. De tere wintergroene naalden van de taxus lijken op fijn haar en ze hangen aan grote gebogen takken als een slordige franje die een gezicht verbergt - een verlegen Groene Man misschien. Om de stam te benaderen, moet je het hoof buigen onder de afhangende franje en de takken opzij duwen als de zware gordijnen voor een heiligdom - alsof je je achter het altaar waagt. Het is een mysterieus toevluchtsoord op een steenworp afstand van het pad, met de sterke kenmerkende geur van altijdgroen, van het leven.
  Aan de overkant van het pad staat een andere taxus, iets kleiner maar met hetzelfde gladde rozige schors, op sommige plaatsen harig en kleverig. Ik volg de blootgelegde wortels die uit de grond barsten, zich een weg banen langs en onder het pad, zich verstrengelen met die van de grotere buurman en één levende structuur vormen. Bij nader inzien heeft de kleinere boom helderrode besjes en is vrouwelijk en de grotere, zonder vruchten, blijkt mannelijk. Het is een knap paar. Wat ik echter ook probeer, ik kan niemand vinden die weet hoe oud deze oude geliefden zijn en hoe ze hier zijn terechtgekomen. (pagina 13-14)

Boeken over onze nieuwe omgang met niet-dieren en dingen

Terug naar Overzicht alle titels

vrijdag 16 september 2022

Daniel Smith

Een kleine wereldgeschiedenis in 50 boeken
Spectrum 2022, 332 pagina's € 18,99

Oorspronkelijke titel: A short history of the world in 50 books (2022)

Wikipedia: Daniel Smith (19?)

Korte beschrijving
In ‘Een kleine wereldgeschiedenis in 50 boeken’ neemt de Daniel Smith de lezer mee op een historische excursie langst de vijftig invloedrijkste boeken allertijden. Van het Epos van Gilgamesj en de filosofische werken van Plato en Confucius tot de tijdloze werken van William Shakespeare. Maar ook belangrijke werken van recentere auteurs zoals Stephen Hawking en Nelson Mandela. Dit boek geeft een snelcursus over de boeken die bepalend waren in het verloop van de wereldgeschiedenis. Onderhoudend geschreven. Met zwart-wit illustraties. Daniel Smith heeft meer dan 30 boeken geschreven, onder andere over Sherlock Holmes, Steve Jobs, politieke schandalen en de Tweede Wereldoorlog. Zijn boeken zijn vertaald in 25 talen. Hij is daarnaast redacteur bij The Statesman's Yearbook, een geopolitieke gids die al sinds 1864 wordt gepubliceerd en informatie geeft over de landen van de wereld.

Tekst op website uitgever
De 50 meest invloedrijke boeken die de wereldgeschiedenis hebben veranderd

Boeken zijn het middel bij uitstek om verhalen te delen, kennis te verspreiden, onszelf onder de loep te nemen en te dromen over wat er voorbij onze eigen wereld ligt. Daniel Smith neemt ons mee op een historische excursie langs de vijftig invloedrijkste boeken aller tijden, van het Epos van Gilgamesj – een van de oudste literaire werken van circa 2100 v.C. – en de filosofische werken van Plato en Confucius tot de tijdloze werken van William Shakespeare en de belangrijkste werken van recentere auteurs als Stephen Hawking en Nelson Mandela. Het waren stuk voor stuk producten van hun tijd en allemaal speelden ze een essentiële rol in de vorming van onze wereld.

Een kleine wereldgeschiedenis in 50 boeken leert ons meer over deze toonaangevende werken. Het kost een leven lang om al deze boeken te lezen en in je op te nemen, maar Smith geeft een meeslepende snelcursus over de boeken die onze manier van denken en leven hebben veranderd en bepalend waren in het verloop van onze geschiedenis.

Daniel Smith heeft meer dan 30 boeken geschreven, onder andere over Sherlock Holmes, Steve Jobs, politieke schandalen en de Tweede Wereldoorlog. Zijn boeken zijn vertaald in 25 talen. Hij is daarnaast redacteur bij The Statesman's Yearbook, een geopolitieke gids die al sinds 1864 wordt gepubliceerd en informatie geeft over de landen van de wereld.

Fragment uit (de) Inleiding
Wat is een boek? Technisch gezien kunnen we zeggen dat het een reeks bedrukte pagina's is die aan elkaar zijn bevestigd binnen een omslag. Maar hoe zit het dan met al die boeken die u kunt lezen op tablet of telefoon? En met die oude teksten die misschien gegraveerd zijn in kleitabletten of zelfs op de botten van ene offerdier? We hebben een rijke literaire geschiedenis die veel verder teruggaat dan de technologie die ons het papier gaf, laat staan de middelen om dat papier aan elkaar te binden en er een omslag op te plakken. We kunnen dus beter een veel bredere definitie gebruiken - een boek is een fictie- of non-fictiewerk dat geschreven is met de bedoeling dat het gelezen wordt door anderen. Op welk materiaal het oorspronkelijk was vastgelegd, doet er nauwelijks toe.
  Wij zijn natuurlijk de enige soort die boeken produceert: een object dat de ideeën en verbeelding van de auteur of auteurs omvat. Het boek heeft een unieke status als symbool van de menselijke cultuur en beschaving. Het is een werktuig voor het delen van verhalen, het verspreiden van kennis, het onderzoeken van de aard van onze buitengewone soort en het verbeelden van wat er buiten onze bekende wereld ligt. Zoals Carlyle suggereert, bieden boeken uiteindelijk een onschatbaar en uitgebreid verslag van wat het betekent om mens te zijn. Sms kunnen ze voor ons zelf een venster zijn dat uitkijkt op het goddelijke. Zoals Jorge Luis Bunuel ooit schreef: 'Ik heb m het Paradijs altijd voorgesteld als een soort bibliotheek.'
  Dit boek bevat een zorgvuldig samengestelde lijst met vijftig van de meest invloedrijke boeken aller tijden, waarbij elk werk in zijn historische context wordt geplaatst. Van oude baanbrekende werken als het Epos van Gilgamesj en de Ilias, als heilige teksten en werken van filosofische aard door mensen als Confucius en Plato, via wetenschappelijke verhandelingen, historische primeurs (zoals het eerst gedrukte boek) tot culturele werken met blijvende invloed (denk aan Shakespeare, Cervantes en Joseph Heller). Het zijn zowel producten van hun samenleving als teksten die onmisbaar waren bij het voren van diezelfde samenleving.
  Wat deze selectie niet is, is een eerbewijs aan de literaire canon, een herbevestiging van de 'beste' boeken uit het verleden. U vindt hier geen Austen of Dickens, noch Melville of Dostojevski of García Márques. Shakespeare, Cervantes en Tolstoj staat erin, maar niet omdat ze op de een of andere manier 'beter' zijn dan die anderen. Integendeel, deze collectie beoogt boeken te selecteren die de voortgang van de menselijke geschiedenis weerspiegelen - meestal onze vooruitgang en soms ook onze terugval. De meeste reflecteren echter niet alleen, maar veranderden hoe we denken en leven - ze zijn meer dan alleen symbolen van de geschiedenis, ze beïnvloedden haar ook. Het zijn per definitie 'belangrijke' werken en, in brede kritische termen, ook 'grote' werken. Dit boek gaat niet over de vraag welke boeken de allergrootste zijn - er zijn genoeg andere werken die dat trachtten vast te stellen, en we mensen ze veel succes daarmee.
  Het is onvermijdelijk dat het maken van zo'n selectie zeer subjectief is. Het is een proces dat evenzeer wordt gedefinieerd door het weglaten als door wat er wél wordt gekozen. Als de keuze uit slechts vijftig titels bestaat, kunnen we niet meer dan onze teen (en dan nog onze kleine teen) onderdompelen in de enorme poel van literatuur door de eeuwen heen, Als we dat doen, zou het dwaas zijn een definitief resultaat te beloven. In plaats daarvan spelen we een literair spel. Welke van de vijftig keuzes staan buiten kijf? Welke nemen een plek in waar andere werken meer recht op hebben? Iedereen zal er zijn eigen ideeën over hebben. Uiteindelijk doet het er weinig toe of we het er allemaal over eens zijn. Belangrijker is dat we, hoe dan ook, door onze gedachten op deze vraag te richten, misschien onbekende werken tegenkomen, enkele oude favorieten opnieuw bekijken en ondertussen wat inzicht opdoen en plezier hebben,
  Boeken zijn iets schitterends. Ze zijn bouwstenen van onze collectieve identiteit. Ze zijn monumenten van onze beschaving. Ze zijn poorten naar nieuwe werelden. We kunnen ze nooit genoeg onderzoeken. Carl Sagan vatte het briljant samen: 'Over de millennia heen spreekt een auteur duidelijk en stil in je hoofd, rechtstreeks tegen jou. Het schrijven is misschien wel de grootste menselijke uitvinding. Ze verbindt mensen die elkaar nooit hebben gekend, burgers van verre tijdperken. Boeken verbreken de ketenen van de tijd. Een boek is het bewijs dat mensen in staat zijn tot magische dingen.' (pagina 11-14)

Twee geselecteerde titels staan op dit blog: 1984 van George Orwell (uit 194() én Silent spring van Rachel Carson (uit 1962).

Terug naar Overzicht alle titels