maandag 28 december 2020

Mariana Mazzucato

Moonshot : grootse missies voor onze economie en samenleving
Nieuw Amsterdam 2021, 249 pagina's - €24,99

Oorspronkelijke titel: Mission economy : a moonshot guide to changing capitalism (2021)

Wikipedia: Mariana Mazzucato (1968) en haar website

Korte beschrijving
Visie op de aanpak van de actuele, wereldwijde problemen en de herinrichting van het kapitalistische stelsel.. - SUMMARY: ""Ruim vijftig jaar geleden ging de mens naar de maan. Deze ongekende gebeurtenis was veel meer dan een wetenschappelijke topprestatie van de ruimtevaart. Zonder nieuwe vormen van samenwerking tussen de publieke en private sector was dit niet gelukt.Topeconoom Mariana Mazzucato vindt dat we de problemen van deze tijd, zoals stagnerende economische groei, klimaatverandering en toenemende ongelijkheid, met hetzelfde lef te lijf moeten gaan. En de coronacrisis zou nu voor overheden hét moment moeten zijn om op zoek te gaan naar een nieuw, permanent evenwicht tussen staat, bedrijfsleven en burger; naar een verandering van het huidige kapitalistische systeem. In Moonshot daagt Mazzucato economen, politici en ondernemers uit om na te denken over ambitieuze maatschappelijke doelstellingen, gedurfde langetermijninvesteringen en vernieuwende publiek-private samenwerking. Het is niet voldoende om fouten in de huidige economische markten en systemen te repareren. Toekomstgericht denken en een innovatieve economie zijn noodzakelijk voor een fundamentele transformatie van economie en samenleving.

Tekst op website uitgever
Ruim vijftig jaar geleden ging de mens naar de maan. Deze ongekende gebeurtenis was veel meer dan een wetenschappelijke topprestatie van de ruimtevaart; zonder nieuwe vormen van samenwerking tussen de publieke en de private sector was het niet gelukt.
Topeconoom Mariana Mazzucato vindt dat we de problemen van deze tijd, zoals stagnerende economische groei, klimaatverandering en toenemende ongelijkheid, met hetzelfde lef te lijf moeten gaan.
In Moonshot daagt Mazzucato economen, politici en ondernemers uit om na te denken over ambitieuze maatschappelijke doelstellingen, gedurfde langetermijninvesteringen en nieuwe publiek-private samenwerking. Het is niet voldoende om fouten in de huidige economische markten en systemen te repareren. Toekomstgericht denken en een innovatieve economie zijn noodzakelijk voor een fundamentele transformatie van economie en samenleving.

Tekst op website Engelse editie
Even before the Covid-19 pandemic in 2020, capitalism was stuck. It had no answers to a host of problems, including disease, inequality, the digital divide and, perhaps most blatantly, the environmental crisis. Taking her inspiration from the 'moonshot' programmes which successfully co-ordinated public and private sectors on a massive scale, Mariana Mazzucato calls for the same level of boldness and experimentation to be applied to the biggest problems of our time. We must, she argues, rethink the capacities and role of government within the economy and society, and above all recover a sense of public purpose. Mission Economy, whose ideas are already being adopted around the world, offers a way out of our impasse to a more optimistic future.

Fragment uit 5. Hoger grijpen: missie-georiënteerd beleid op aarde
Een missie selecteren

In de allereerste plaats moet een missie gedurfd en inspirerend zijn, en tegelijk brede maatschappelijke relevantie hebben. Het moet duidelijk zijn dat de intentie is ambitieuze oplossingen te ontwikkelen die een direct positief effect hebben op het dagelijks leven en die tot de verbeelding spreken. Zoals we bij de SDG's zagen, moeten missies een duidelijke richting hebben die meetbaar en tijdgebonden is, zoals door het vaststellen van concrete targets met een specifieke tijdshorizon. Deze target kan tweevoudig zijn geformuleerd (zoals: een mens gaat naar de maan en komt terug) of in kwantitatieve vorm (zoals: veranderingen in de industriële productie om de CO2-uitstoot in vijf jaar met 30 procent te reduceren), en kan met een eenvoudige vraag worden geëvalueerd: 'Hebben we het bereikt of niet?' Dit is hoe het succes of falen van de missie is vast te stellen en hoe intussen de vooruitgang kan worden gemeten.
  Een missie moet ook doelen stellen voor investeringen en innovatie die ambitieus maar realistisch zijn. Het is belangrijk risico's te durven nemen en ambtenaren, onderzoekers en innovators te pressen om meer en beter te presteren dan ze gewend zijn. Maar hun doelen moeten haalbaar zijn, in elk geval in theorie, binnen het gegeven tijdsbestek. Het is van belang om de juiste balans te vinden: doelstellingen die onrealistisch zijn zullen niet tot de vereiste inzet leiden, terwijl andere die niet ambitieus genoeg zijn niet zullen inspireren tot inspanningen of investeringen. De technologie die vereist is om deze doeleinden te bereiken moet ook onderzoeks- en innovatie-activiteiten aantrekken die private actoren anders niet zouden ondernemen. Een missie moet zelfs een aansporing zijn tot innovatie in allerlei disciplines (inclusief sociale wetenschappen en life sciences), dwars door verschillende sectoren (zoals transport, voeding, gezondheid, diverse diensten) en door verschillende soorten actoren (publiek, privaat, vrijwilligers, maatschappelijke organisaties). Hiertoe moet de missie gefocust zijn op een probleem dat vele sectoren raakt en de mogelijkheid opent tot een systeembrede transformatie. (pagina 125)

dinsdag 22 december 2020

Nadav Eyal

Revolte : de wereldwijde opstand tegen globalisering
De Arbeiderspers 2021, 479 pagina's  - € 24,99

Lenen als E-book via bibliotheek.nl 

Oorspronkelijke titel: Revolt : the worldwide uprising against globalization (2020)

Biografie Nadav Eyal (1979)

Korte beschrijving

Tekst op website uitgever
Nationalisme, migratie, klimaatverandering. Onze wereldorde valt uiteen en Nadav Eyal heeft er een naam voor: revolte. Hij volgt deze ontwikkeling al jaren. Op alle continenten komen burgers in opstand tegen het idee van vooruitgang. Na decennia van globalisering vrezen veel mensen hun groepsidentiteit te verliezen en lijkt de kloof tussen arm en rijk alleen maar groter te zijn geworden. Nadav Eyal reisde naar het ingestorte Griekenland, sprak Duitse neonazi’s en slachtoffers van de droogte in Sri Lanka. Hij vergelijkt de migratie van zijn grootvader met die van twee Syrische adolescenten. Het dramatische totaalbeeld van Eyal maakt duidelijk dat we zullen moeten vechten om onze liberale waarden te behouden.

Fragment uit 4. Het land van de laatste olifanten
De grootste bedreiging die van de globalisering uitgaat heeft te maken met de destructieve kant van consumentisme en industrie op de mondiale ecologie. Het krachtigste en scherpste argument tegen de huidige wereldorde is domweg dat hij niet houdbaar is. Als er niets verandert, zullen dieren en mensen het niet kunnen overleven. Het keiharde feit is dat mensen en plaatselijke gemeenschappen kunnen worden geëxploiteerd en vernietigd, en dat beschavingen dat al sinds onheuglijke tijden gedaan hebben. Maar de dodelijke klappen die de mensheid aan onze planeet uitdeelt zijn iets nieuws, en misschien wel onomkeerbaar.

De Sri Lankaanse olifant wordt gedecimeerd, maar dat overkomt dieren de hele tijd, werelwijd, zij het in wisselende mate. Vernietiging van de natuurlijke leefomgeving is de belangrijkste reden voor de ongekende niveaus van soortuitroeiing waar we vandaag de dag mee te maken hebben. Sinfs 1970 is meer dan zestig procent van alle gewervelde dieren uit zijn natuurlijke leefomgeving verdwenen. Het aantal zoogdiersoorten is, gelijk opgaand met de vernietiging van hun habitat, ook sterk gedaald. Sommige wetenschappers noemen dit proces 'biologische vernietiging'; we zijn getuige van de meest overijlde uitroeiing die de aarde in tien miljoen jaar te zien heeft gekregen. 

Het is duidelijk dat het verlies aan soorten wordt versneld door menselijke bedrijvigheid. Negentig procent van alle jachtluipaarden is de afgelopen eeuw verdwenen, een percentage dat iets hoger ligt dan bij de Afrikaanse olifant, waar er in 1930 nog 10 miljoen van waren, en nu nog maar 45.000. Alleen al in Mozambique werden tussen 2009 en 2011 7000 olifanten gedood door ivoorjagers. Noord-Amerika telt 3 miljard minder vogels dan in 1970, een vermindering van dertig procent. Een baanbrekende en grondig uitgevoerde studie in Duitsland, uit 2017, toonde aan dat de insectenpopulatie in de Duitse natuurreservaten de afgelopen decennia met vijfenzeventig procent gedaald is. De studie werd alleen uitgevoerd in natuurreservaten, die geacht worden betrekkelijk immuun te zijn voor milieuschade. We weten niet wat voor ecologie op aarde kan worden gehandhaafd zonder florerende insectenpopulatie. Insecten vormen een cruciale schakel in de voedselketen en bestuiven de planten waarvan we allemaal afhankelijk zijn. Meer dan vijfenzeventig procent van de agrarische productie wereldwijd is afhankelijk van bestuiving door dieren. Tussen 2014 en 2018 verloren bijenhouders in de Verenigde Staten veertig procent van hun bijenvolken aan Colony Collapse Dosorder (CCD), die de insecten trof die het belangrijkst zijn voor de bestuiving van bloemen. (pagina 95-96)



Terug naar Overzicht alle titels


James Suzman

Werk : een geschiedenis van de bezige mens - van de oertijd tot heden
Thomas Rap 2020, 416 pagina's  - € 24,99

Lenen als E-book via bibliotheek.nl 

Oorspronkelijke titel: Work: A History of How We Spend Our Time (2020)

Wikipedia: James Suzman (1970)

Korte beschrijving
Werken is voor velen een economische noodzaak, die echter ook bijdraagt aan ontplooiing van talent en deelname aan sociale netwerken. Hoe ontstond ons beeld van werk en hoelang is dat nog te handhaven? Dit boek schetst de technologische en maatschappelijke doorbraken die het werk en opvattingen over werk revolutionair hebben veranderd. Het efficiënt opwekken en inzetten van energie is daarbij een verrassende rode draad. Dit begon zo’n half miljoen jaar geleden met de beheersing van het vuur waardoor voedsel beter kon worden omgezet in energie. De landbouw zorgde voor meer energie, die werd ingezet voor ambachtelijk, creatief en administratief werk. De industriële revolutie leidde tot een armoedeval, maar in de 20ste eeuw tot een enorme welvaart. Status en marketing zorgden voor kunstmatige schaarste en werden de nieuwe drijfveren voor werk. Digitalisering en klimaatverandering gooien deze oneindige groei echter grondig overhoop. Bijzonder geslaagd, prikkelend boek dat de lezer meeneemt van de jagers-verzamelaars tot de Millenials van nu. Met notenapparaat, index en zwart-witillustraties..

Tekst op website uitgever
Waarom draait eigenlijk alles in onze samenleving om werk? En hoe zou onze wereld eruitzien als werk een minder belangrijke rol zou spelen in ons dagelijks leven? In dit boek buigt James Suzman zich over de geschiedenis van de werkende mens. Werk definieert ons, het bepaalt waar we ons elke dag naartoe begeven en met wie we onze tijd doorbrengen. Het beïnvloedt onze manier van denken en onze eigenwaarde. Maar dat is niet altijd zo geweest. Economen voorspellen al langer dat we steeds meer vrije tijd zullen krijgen. Maar nu werk zo belangrijk is geworden, klinkt dat perspectief minder aanlokkelijk. James Suzman duikt in de geschiedenis van de werkende mens en laat ons zien dat werk altijd van grote betekenis is geweest, maar dat onze focus op productiviteit een relatief nieuw fenomeen is. Vanuit de geschiedenis werpen we een blik op de toekomst om te ontdekken dat het misschien wel tijd is voor een andere kijk op ons dagelijks werk.

Als antropoloog deed James Suzman jarenlang onderzoek in Afrika. Hij publiceerde eerder Affluence without Abundance, waarin hij schreef over het leven van de laatste jagerverzamelaars. Suzman doceert aan Robinson College in Cambridge en is lid van de Royal Geographical Society. Hij publiceert onder andere in The New York Times, The Guardian, The Observer en The New Statesman.

Fragment uit (de) Inleiding - Het economische probleem
  Als we het idee loslaten dat het economische probleem de eeuwige conditie van de menselijke soort is, kunnen we werk als meer beschouwen dan slechts het middel om in ons levensonderhoud te voorzien. Het biedt ons een nieuwe bril waardoor we onze diepe historische relatie met werk vanaf het allereerste ontstaan van het leven tot ons huidige drukke bestaan kunnen zien. Het roept ook een reeks nieuwe vragen op. Waarom vinden wij werk tegenwoordig zoveel belangrijker dan onze jagende en verzamelende voorouders het vonden? Waarom blijven wij in ons tijdperk van ongekende overvloed zo druk maken over schaarste?
  Om deze vragen te beantwoorden moeten we ons ver voorbij de grenzen van de traditionele economie begeven en de wereld van natuurkunde, evolutiebiologie en zoölogie betreden. Maar het belangrijkste is misschien nog wel dat we het vraagstuk vanuit een sociaalantropologisch perspectief moeten bekijken. Alleen via sociaalantropologisch onderzoek naar samenlevingen die tot in de twintigste eeuw blijven jagen en verzamelen kunnen we de stenen werktuigen, rotskunst en gebroken botten die nog als enige rijkelijk getuigen van het leven en werken van onze foeragerende voorouders tot leven wekken. Bovendien kunnen we alleen via een sociaalantropologische benadering beginnen te begrijpen hoe onze ervaringen van de wereld worden gevormd door de verschillende soorten werk die we verrichten. Dankzij deze bredere aanpak kunnen we verrassende inzichten verwerven in de oude wortels van wat wij vaak als unieke moderne uitdagingen beschouwen. Zo blijkt bijvoorbeeld dat onze relatie met machines een echo vormt van de relatie van vroege boeren met hun trekpaarden, ossen en andere lastdieren die hen bij hun werk hebben geholpen, en dat onze angst voor automatisering opmerkelijk sterk doet denken aan de angsten die mensen in slavernijsamenlevingen 's nachts wakker hielden. (pagina 16-17)



Terug naar Overzicht alle titels


Kate Manne

Man en macht : hoe mannelijk privilege vrouwen schaadt
Atlas Contact 2020, 264 pagina's  - € 22,99

Lenen als E-book via bibliotheek.nl 

Oorspronkelijke titel: Entitled: How Male Privilege Hurts Women (2020)

Wikipedia: Kate Manne (1982)

Klik hier voor het voorwoord

Korte beschrijving
Met talloze voorbeelden geeft de auteur inzicht in de vermeende mannelijke superioriteit en vrouwenhaat van waaruit vrouwen onderdrukt worden. Ze laat op tien gebieden, waaronder sport, seks, medische zorg en huishoudelijk werk, zien hoe de ongelijkheid tussen mannen en vrouwen ook in deze tijd nog woekert en vaak in stand gehouden wordt door aannames waarbij het normaal werd geacht dat mannen aanspraak kunnen maken op vrouwen. Ze betrekt hierbij de verschillen tussen de behandeling van blanke vrouwen en die van kleur, maar ook transgenders. Zij ontkracht de privileges waarop mannen al eeuwenlang aanspraak menen te kunnen maken en put hierbij uit wetenschappelijk onderzoek, literatuur, politiek en maatschappelijke ontwikkelingen. Haar betoog is overtuigend, baanbrekend en gedreven en haar taal is krachtig, maar er wordt wel wat van de lezer geëist om haar te kunnen volgen. Een belangrijk boek. De auteur is universitair docente filosofie en schreef voor onder meer The New York Post. Dit is haar tweede boek over misogynie. Met uitgebreid notenapparaat per hoofdstuk achter in het boek.

Tekst op website uitgever
‘Man & macht’ is het nieuwste werk van Kate Manne, die wel de filosoof van de #MeToobeweging wordt genoemd. Zij biedt in ‘Man & macht’ een prikkelend nieuw denkkader om misogynie en mannelijk privilege te begrijpen. Wat vanzelfsprekend wordt gevonden voor een man, spreekt nog altijd niet vanzelf voor een vrouw – en dit veroorzaakt een fundamentele ongelijkheid. In ‘Man en macht’ analyseert Manne de werking van mannelijk ‘entitlement’ op tien gebieden, van aandacht, kennis en medische zorg tot seks en huishoudelijk werk. Levendig en met intellectuele vurigheid toont ze aan dat genderongelijkheid niet door een paar slechteriken veroorzaakt wordt, maar diep in de samenleving wortelt.

Fragment uit ACHT - Zonder pretenties - over aanspraken op kennis
Een bepaald type man kan niet of wil niet omgaan met anderen die een mening verkondigen die indruist tegen hun eigen gevoel van wat er is gebeurd, of zou moeten gebeuren. Dit soort mannen kan zich vooral niet schikken naar meisjes en vrouwen die, terecht, aanspraken maken op hun eigen epistemisch recht om te vertellen wat er in de wereld gebeurt of wat er in de toekomst moet veranderen. Ze reageren niet alleen door het het pertinent oneens te zijn met een meisje of vrouw in die positie. Het lijkt hun zelfs te ontbreken aan argumenten - of, nogmaals, de wil - om het met haar oneens te zijn. In plaats daarvan willen ze dat ze haar mond houdt en zelfs de kans op een discussie voorkomen door te ontkennen dat haar woord enige betekenis of waarde heeft (ze is gek of ze is slecht - dus hoe je het ook wendt of keert, niets van wat ze zegt is het waard om ook maar een gedachte aan te wijden). Of zo'n man stelt zich een wereld voor waarin hij en anderen van zijn slag de macht hebben om haar haar woorden te laten inslikken - in dit geval door iets in haar keel te proppen, om haar aldus voor eeuwig het zwijgen op te leggen. Het is opvallend dat hij hierbij meestal de hele tijd het gevoel heeft dat hij in zijn recht staat, sterker nog, dat hij de gekwetste partij is.

 Zoals The Guardian schreef, sprak Patty Kineresley, de CEO van 'Our Watch', de organisatie tegen huiselijk geweld, haar bezorgdheid uit over Jones' 'verbale dreiging met geweld', en ze wees op de 'kracht van woorden [om]  een omgeving te scheppen waarin geweld tegen vrouwen als acceptabel wordt gezien of kan worden goedgepraat. 'je kunt het met iemand oneens zijn zonder hem of haar het zwijgen op te leggen,' voegde Kinnersley er wijs aan toe.

 Ik ga ervan uit dat jij dat kunt, beste lezer. Maar niet iedereen is daartoe in stata. (pagina 158-159)


Terug naar Overzicht alle titels

Bill Gates

Hollands Diep 2021, 288 pagina's  - € 26,99

Oorspronkelijke titel: How to avoid a climate disaster : the solutions we have and the breakthroughs we need (2021)

Wikipedia: Bill Gates (1955)

Korte beschrijving
Microsoft-miljardair Bill Gates (1956) verleent al jaren ruimhartig steun aan gezondheidsprogramma’s in arme landen. Minder bekend is zijn inzet voor het klimaat en daar moet dit boek verandering in brengen. De opwarming van de aarde is alleen te stoppen als we de CO2-uitstoot tot nul terugdringen, zo is zijn standpunt. En dan gaat het niet alleen om elektriciteitsopwekking, warmtevoorziening en vervoer maar ook om CO2 die vrijkomt bij de productie van voedsel, plastic en bouwmaterialen als beton en staal. Laatstgenoemde processen krijgen bij ons nauwelijks aandacht, maar zijn wel goed voor de helft van de totale uitstoot. Zo bevat het boek meer eyeopeners die het behalen van het einddoel moeilijker maken dan we denken, zoals de beperkingen van zon en wind voor een stabiele elektriciteitsvoorziening, verdringing van voedselgewassen door biobrandstoffen en hoge meerkosten van CO2-neutrale alternatieven. Maar met het optimisme dat we van hem gewend zijn stippelt Bill Gates haarfijn de weg uit die we moeten volgen en uiteraard de rol die door hem gefinancierde bedrijven daar in spelen. Met een nawoord ‘Klimaatverandering en COVID-19’, dankwoord, register en noten.

Tekst op website uitgever
Ruim tien jaar lang deed Bill Gates onderzoek naar de oorzaken en gevolgen van de klimaatverandering. Samen met experts in de natuurkunde, scheikunde, biologie, techniek, politieke wetenschappen en financiën ging hij na wat er moet gebeuren om het afglijden van de planeet naar een gegarandeerde milieuramp te stuiten. In dit boek legt hij niet alleen uit waarom we de netto uitstoot van broeikasgassen tot nul terug moeten brengen, maar geeft hij ook aan wat we moeten doen om dit uiterst belangrijke doel te bereiken.

Gates schetst een helder beeld van de uitdagingen waar we voor staan. Voortbouwend op zijn kennis van innovatie en op wat er nodig is om nieuwe ideeën op de markt te krijgen, beschrijft hij waar technologie al bijdraagt aan het verminderen van de uitstoot, waar en hoe de huidige technologie effectiever kan werken, waar nog baanbrekende technologieën nodig zijn en wie er aan deze essentiële innovaties werken. Ten slotte stelt hij een concreet, praktisch plan op om de uitstoot van broeikasgassen tot nul te reduceren. Daarin richt hij zich niet alleen op het beleid dat regeringen zouden moeten voeren, maar ook op wat wij als individuen kunnen doen om onze regering, onze werkgevers en onszelf steeds weer ter verantwoording te roepen in deze cruciale onderneming.

Zoals Bill Gates duidelijk maakt, zal het bereiken van een netto uitstoot van nul niet eenvoudig zijn, maar als we het plan volgen dat hij hier uiteenzet, is het doel beslist haalbaar.

Meer informatie: A few details about my new climate book 

Fragment uit (de) Inleiding - Van 51 miljard naar nul
In die tijd besefte ik nog niet dat we naar nul moeten. De rijke landen, die verantwoordelijk zijn voor de meeste uitstoot, kregen steeds meer aandacht voor klimaatverandering, en ik dacht dat dat zou volstaan. Mijn bijdrage, geloofde ik, zou mijn inzet zijn voor het betaalbaar maken van betrouwbare energie voor de armen.
  Zij zouden er immers de meeste baat bij hebben. Goedkopere energie zou niet alleen lamplicht in de avond betekenen, maar ook goedkopere bemesting voor hun akkers en cement voor hun huizen. Bovendien zijn het de armen die het meest te verliezen hebben door de gevolgen van klimaatverandering. De meesten van hen zijn boeren die al op het randje leven en niet opgewassen zijn tegen meer droogteperiodes en overstromingen.
  De ommekeer kwam voor mij aan het einde van 2006, toen ik met twee voormalige Microsoft-collega's afsprak, die non-profitondernemingen op het gebied van energie en klimaat wilden beginnen. Ze namen twee klimaatwetenschappers mee die veel kennis over deze onderwerpen hadden, en met z'n vieren toonden ze me de data die de uitstoot van broeikasgassen in verband brachten met klimaatverandering.
  Ik wist wel dat broeikasgassen temperatuurstijging tot gevolg hebben, maar ik had tot dan toe verondersteld dat er cyclische variaties of andere factoren bestonden die op natuurlijke wijze een klimaatramp zouden voorkomen. En het was moeilijk om te accepteren dat de temperatuur zou blijven stijgen zolang de mensheid in welke mate dan ook broeikasgassen zou blijven creëren.
  Ik zocht nog een aantal keren contact met de groep om aanvullende vragen te stellen. En uiteindelijk drong het tot mij door. De wereld zal meer energie moeten leveren om de armen meer voorspoed te brengen, maar we moeten die energie zien op te wekken zonder nog meer broeikasgassen uit te gaan stoten.
  Dat maakte het probleem nog lastiger. Het was niet voldoende om voordelige, betrouwbare energie op te wekken voor de armen. De energie moest ook schoon worden. (pagina 13)


Terug naar Overzicht alle titels

Fareed Zakaria


De wereld na de pandemie : tien lessen voor de mondiale samenleving

Atlas Contact 2021, 333 pagina's € 21,99

Lenen als E-book via bibliotheek.nl 

Oorspronkelijke titel: Ten Lessons for a Post-Pandamic World (2020)

Wikipedia: Fareed Zakaria (1964)

Korte beschrijving
De auteur doceerde aan Harvard en Columbia University, was redacteur bij het gezaghebbende Foreign Affairs, en bij Newsweek en Time, heeft een mondiale visie (enigszins gekleurd door zijn Amerikaanse achtergrond), is veel gelezen, opinievormend. Hij vat zijn visie op de toekomst samen in tien hoofdstukkenen een conclusie; over het belang van een kwalitatief goed functionerende overheid, de doorzettende mondialisering, groeiende ongelijkheid, de rol van experts (en de plicht van experts om naar mensen te luisteren!), digitalisering, ongelijkheid, idealisme etc. De mondialisering zal doorgaan, het verzet daartegen zal heviger worden. De techniek ontwikkelt zich zo snel dat de mensheid de controle daarover dreigt te verliezen. We kunnen echter keuzes maken die deze trends ombuigen. Helder, goed vertaald, zonder jargon. De absolute noodzaak van keuzes maken en ombuigen zou meer benadrukt kunnen worden, evenals de sociaal-politieke ontwikkelingen ten gevolge van de mondialisering en de bedreiging door ecologische rampen. Met literatuur- en bronvermeldingen in eindnoten. Er zijn meer boeken over de toekomst; dit boek steekt hier echter boven uit door kwaliteit en veelzijdigheid.

Tekst op website uitgever
Lenin zei ooit: ‘Er zijn decennia waarin er niets gebeurt en weken waarin zich decennia lijken te voltrekken.’ We beleven nu zo’n versnelling. Zowel de positie van de VS als een fenomeen als thuiswerken is op slag veranderd. Fareed Zakaria helpt lezers de aard van een post-pandemische wereld te begrijpen, met name de politieke, sociale en technologische gevolgen die zich in de komende jaren gaan voordoen. In tien hoofdstukken over mondiale thema’s, variërend van biologische risico’s tot de definitieve doorbraak van digitaal leven tot een op komende bipolaire wereldorde, helpt Zakaria lezers na te denken over de mondiale effecten van de coronacrisis. De wereld na de pandemie is een urgent en actueel werk, en nodigt uit tot reflecties op het leven in de eenentwintigste eeuw.

Fragment uit Les negen - De wereld wordt bipolair
'Elke morgen tijdens die eindeloze maand maart ontdekten Amerikanen bij het wakker worden dat ze burgers waren van een "failed state", aldus de schrijver George Packer in de eerste weken van de Covid-19-uitbraak. De schok die door de pandemie werd veroorzaakt en de ongelukkige Amerikaanse reactie daarop waren reëel genoeg, maar speelden zich af tegen een achtergrond van al langer groeiende zorgen over de algemene staat van het land. Sinds de financiële crisis van 2008, die Amerika's reputatie aanzienlijke schade had toegebracht, vreesden velen dat het land in ernstige problemen verkeerde. Sommige economen schreven over een vertragende groei en productiviteit - zogeheten 'seculiere stagnatie'. Anderen richtten de aandacht op de toenemende ongelijkheid, terwijl weer anderen wezen op de opvallende stijging van de sterfte door alcoholisme, drugsgebruik en suïcide - de 'doden door wanhoop'. De verkiezing van een voormalige 'reality star' van de tv tot president was een teken van de neergang van de politiek. (Zelfs degenen die Trump zagen als een messias geloofden dat het systeem verrot was.) En toen kwam de pandemie, die een schril licht wierp op Amerika's problemen - van ineffectief overheidsbestuur via gebrekkige gezondheidszorg tot en met een venijnige polarisering. De Ierse commentator Fintan O'Toole schreef in april 2020: 'Al meer dan twee eeuwen hebben de Verenigde Staten allerlei gevoelens opgeroepen in de rest van de wereld: liefde en haat, vrees en hoop, jaloezie en minachting, ontzag en woede. Maar er is één emotie die tot nu toe nooit getoond is voor de VS: medelijden.'

Covid-19 riep niet alleen meer discussie op over de Amerikaanse neergang, maar deed dat tegen de achtergrond van toenemende bezorgdheid over de opkomst van China. Zoals het verval van de infrastructuur van Amerika vaak vergeleken werd met de gloednieuwe Chinese steden, zo werd ook Washingtons ineffectieve respons op de pandemie vergeleken met de de effectieve indamming van de ziekte in China. Hoewel China het oorspronkelijke epicentrum was van de pandemie, slaagde het land er vervolgens in de stijgende lijn van de besmettingen om te buigen en de verspreiding van het virus tot staan te brengen - en dat ook nog eens op een enorme schaal en in een dramatisch hoog tempo. Op het ene moment legde de Chinese regering een partiële of complete lockdown op aan 800 miljoen mensen en op het volgende moment werden 10 miljoen mensen in Wuhan in minder dan drie weken getest. De regering-Trump probeerde de aandacht af te leiden van haar eigen problemen door de schud te geven aan China, dat zeker in het begin verkeerd was omgegaan met het virus en de wereld misleid had over de ziekte. Niettemin waren veel mensen die verontwaardigd waren over de Chinese misleiding toch onder de indruk van de competentie waarmee vervolgens was opgetreden. In China zelf beschouwden commentatoren de retoriek uit Washington als een typische uiting van een supermacht in verval, die trachtte zijn opkomende rivaal zwart te maken en in de weg te staan. (pagina 219-220)



Terug naar Overzicht alle titels


Stephanie Kelton


De mythe van de staatsschuld : op weg naar een nieuwe economie

Ambo Anthos 2021, 371 pagina's € 24,99

Lenen als E-book via bibliotheek.nl 

Oorspronkelijke titel: The deficit myth : modern monetary theory and how to build a better economy (2020)

Wikipedia: Stephanie Kelton (1969)

Korte beschrijving
De auteur is een expert op het gebied van economische wetenschappen en heeft haar sporen verdiend in zowel het onderwijs alsook in het publieke domein als veelgevraagde overheidsadviseur. Aan de hand van literatuurstudie en analyse van haar eigen bevindingen in combinatie met haar revolutionaire visie, durft de auteur met onorthodoxe oplossingen te komen voor overheden voor het blijvend stimuleren van de werkgelegenheid en stabiel houden van de wisselkoers van de eigen valuta. Gezien deze bijzondere tijden waarbij de rente historisch laag staat en lenen zeer uitnodigend is, vormt het laten oplopen van een al hoge staatsschuld geen taboe meer. De auteur pleit voor een koerswijziging waarbij landen overheidsuitgaven moeten stimuleren om onder meer werk te creëren. Fiscaal beleid geniet daarbij de voorkeur. Zal haar visie uitvoerbaar kunnen zijn? Welke obstakels moeten op staatsinrichtelijk gebied worden overwonnen om dit beleid in de praktijk te brengen en te houden? Deze en overige zaken worden besproken in dit boek, dat ondanks de wetenschappelijke invalshoek goed leesbaar is. Met eindnoten waarin onder meer bronvermeldingen en een register.

Tekst op website uitgever
In De mythe van de staatsschuld presenteert econoom en hoogleraar Stephanie Kelton haar radicale nieuwe visie die ons denken over een rechtvaardige en welvarende samenleving volledig op zijn kop zal zetten.

Modern monetary theory – kortweg MMT – stelt dat de overheid geen gezin met een huishoudboekje is, maar dat zij zonder problemen grote schulden kan dragen. Grootse en noodzakelijke transities op het gebied van onderwijs, infrastructuur, zorg en klimaat vragen nu eenmaal om grootscheepse investeringen, en overheden moeten het lef hiervoor tonen. Zoals Thomas Piketty ons denken over economische ongelijkheid deed omslaan, zo doet Kelton dat op het gebied van ons monetaire beleid: structurele begrotingstekorten zijn geen probleem maar een oplossing!

De mythe van de staatsschuld is een wijs, provocerend en kraakhelder geschreven manifest voor een nieuwe economische orde, voor iedereen die in deze onzekere economische tijden op zoek is naar houvast. Speciaal voor de Nederlandse editie van De mythe van de staatsschuld voegde Stephanie Kelton een nieuw hoofdstuk toe.

‘De mythe van de staatsschuld heeft alles in zich om een economische klassieker à la Milton Friedman of Thomas Piketty te worden.’ – de Volkskrant

‘Kelton onderwerpt ons economische systeem aan en kritisch kruisverhoor. En dat is van groot belang in de postcovidwereld, omdat we ons denken over de economie zullen moeten herzien.’ – The Guardian

‘Kelton presenteert ons het noodzakelijke instrumentarium voor een voorspoedige toekomst voor ons allemaal. Lees het boek – en breng Keltons lessen in praktijk.’ – Naomi Klein

‘Dit boek zal van grote invloed zijn.’ – Financial Times

‘Een rockster binnen haar vakgebied.’ – The Times

Fragment uit 1. De overheid is geen huishouden
Als we de situatie door de bril van MMT bekijken, zien we dat de Amerikaanse overheid totaal anders werkt dan een huishouden of een particulier bedrijf. Het belangrijkste verschil is simpel en onontkoombaar: de overheid brengt valuta (de Amerikaanse dollar) uit, en alle anderen - Huishoudens, particuliere bedrijven, staten, county's en buitenlanders - gebruiken die alleen. Dit geeft Uncle Sam een ongelooflijk groot voordeel ten opzichte van de rest. Uncle Sam hoeft nergens dollaars vandaan te halen voordat hij ze kan uitgeven. De rest moet dat wel. Uncle Sam kan niet geconfronteerd worden met zich opstapelende rekeningen die hij niet kan betalen. Voor de rest geldt dat wel. Uncle Sam kan nooit failliet gaan. De rest kan dat wel.

Dus waarom zeggen we niet gewoon tegen het Congres dat het moet blijven uitgeven tot al onze problemen zijn opgelost? Was het maar zo simpel! Inflatie, het onderwerp van ons volgende hoofdstuk, is dan namelijk een reëel gevaar. MMT is er niet op uit alle grenzen weg te nemen, laat dat duidelijk zijn. Aan alles hangt een prijskaartje. Het doel van MMT is om de huidige aanpak, een aanpak die  geobsedeerd is door begrotingsuitkomsten, te vervangen door een aanpak waarin uitkomsten voor mensen centraal staan, terwijl tegelijkertijd de reële beperkingen van onze economische middelen onderkend en gerespecteerd worden. Met andere woorden, MMT hanteert een andere definitie van fiscaal verantwoord begroten. James Carville, een politiek strateeg van de Democraten, sprak tijdens de presidentscampagne van Bill Clinton de gedenkwaardige woorden: 'Het gaat om de economie, sukkel!' MMT heeft Carvilles woorden aangepast: 'Het gaat om de reële middelen van de economie, sukkel!' Amerika is een land dat overloopt van reële middelen - geavanceerde technologieën, geschoolde arbeidskrachten, fabrieken, machines, vruchtbare grond en een overvloed aan natuurlijke hulpbronnen. Hiermee is een economie op te bouwen die iedereen een goed leven kan verschaffen. Daar hoeven we alleen maar onze reële middelen voor te begroten. (pagina 58-59)



Terug naar Overzicht alle titels

Daniel Kahneman, Olivier Sibony & Cass R. Sunstein

Ruis : waarom we zo vaak de verkeerde beslissingen nemen, en hoe we dat kunnen voorkomen
Nieuw Amsterdam 2021, 447 pagina's € 24,99

Oorspronkelijke titel: Noise : a flaw in human judgment (2021)

Wikipedia: Daniel Kahneman (1934), Olivier Sibony (19?) en Cass R. Sunstein (1954)

Korte beschrijving
Bij elk menselijk oordeel is er sprake van ruis; professionals komen bij identieke situaties tot verschillende uitspraken en interpretaties. In zes delen wordt dit verschijnsel nader geanalyseerd en wordt tevens ingegaan op het werken aan een oplossing om door het verminderen van de ruis tot een betere besluitvorming te komen. Daarbij speelt de bewustwording van het probleem een belangrijke rol. Met behulp van de beschrijving van veel praktijksituaties en de resultaten van wetenschappelijk onderzoek wordt de gepresenteerde theorie onderbouwd. Goede beschrijving van deze problematiek en van de praktische mogelijkheden om de ruis in de organisaties te verminderen. Voor lezers die geïnteresseerd zijn in besluitvormingsprocessen. De Israelische psycholoog Daniel Kahneman (1934), met als specialiteit het grensvlak tussen psychologie en economie, schreef o.a. 'Ons feilbare denken'* en ontving in 2002 de Nobelprijs voor de economie.

Tekst op website uitgever
Stel je voor dat twee artsen in dezelfde stad verschillende diagnoses stellen over dezelfde patiënten. Dat twee rechters aan hetzelfde hof verschillende straffen geven aan mensen die hetzelfde misdrijf hebben gepleegd. Dat wanneer een bedrijf klachten van klanten behandelt, de uitkomst afhangt van wie de betreffende klacht afhandelt. Stel je nu voor dat deze dokter, rechter of klachtenmedewerker zélf verschillende beslissingen neemt, afhankelijk van het tijdstip van de dag. Dit zijn voorbeelden van ruis: variabiliteit in oordelen die identiek zouden moeten zijn.

In RUIS laten Daniel Kahneman, Cass R.Sunstein en Olivier Sibony zien hoe ruis aanzienlijk bijdraagt aan beoordelingsfouten op velerlei gebieden, waaronder geneeskunde, rechtspraak, economische voorspellingen, gedrag van de politie, voedselveiligheid, veiligheidscontroles op luchthavens, bedrijfsstrategie en sollicitatiecommissies. En hoewel ruis overal te vinden is waar mensen beslissingen nemen, zijn personen en organisaties zich gewoonlijk niet bewust van de rol van toeval in hun beoordelingen en in hun handelen.

Op basis van de nieuwste bevindingen in de psychologie en gedragseconomie - én met hetzelfde aanstekelijke enthousiasme als in de bestsellers Thinking, Fast and Slow en Nudge - leggen Kahneman, Sibony en Sunstein in RUIS uit hoe en waarom mensen zo vatbaar zijn voor ruis bij het nemen van beslissingen, en wat we eraan kunnen doen.

"Daniel Kahneman is emeritus hoogleraar psychologie aan Princeton University en hoogleraar Public Affairs aan de Woodrow Wilson School of Public and International Affairs. Hij is de schrijver van het bekende Thinking, Fast and Slow ( Ons feilbare denken ). Daniel Kahneman is de grondlegger van de gedragseconomie en de geluksstudies. Hij maakte korte metten met het idee van de rationeel calculerende mens die in zijn eigen voordeel handelt. Daarvoor in de plaats introduceerde hij de feilbare menselijke psyche in de economie, gekenmerkt door gebrekkig oordeelsvermogen in onzekere omstandigheden.

Voor zijn baanbrekend onderzoek won hij in 2002 als eerste psycholoog de Nobelprijs voor de economie. Kahnemans onderzoek heeft grote invloed gehad op auteurs als Malcolm Gladwell ( Het beslissende moment), Nassim Taleb ( De zwarte zwaan) en Steven Levitt ( Freakonomics). Op bol.com vind je alle boeken van Daniel Kahneman, waaronder het nieuwste boek van Daniel Kahneman."

Fragment uit Samenvatting en conclusie - Neem ruis serieus
Oordelen

De term oordelen zoals wij die gebruiken moet niet worden verward met 'denken'. het is een veel beperkter concept: een oordeel is een vorm van meten met de menselijke geest als instrument. Net als bij andere metingen wordt er bij een oordeel een score toegekend. Die score hoeft geen cijfer te zijn. 'De tumor van Mary Johnson is waarschijnlijk goedaardig' is een oordeel, net als de uitspraak 'De nationale economie is heel instabiel', 'Fred Williams is de beste kandidaat voor deze functie', en 'De verzekeringspremie bedraagt 12.000 dollar'. Een oordeel is een integratie van allerlei informatie tot een algemene waardering. Oordelen zijn geen berekeningen en ze volgen geen exacte regels. Docenten gebruiken hun beoordelingsvermogen om een cijfer voor een essay te geven, maar voor een meerkeuzetoets hebben ze dat niet nodig.

Veel mensen verdienen hun brood als professionele beoordelaar en iedereen heeft in vaak belangrijke omstandigheden met hun werk te maken. Denk bijvoorbeeld aan voetbalcoaches, cardiologen, advocaten, ingenieurs, leidinggevenden in de filmwereld of acceptanten. In dit boek hebben we ons gericht op het werk van zulke professionele beoordelaars omdat daar uitgebreid onderzoek naar is gedaan en omdat hun kwaliteit van zo'n grote invloed op ons allemaal is. We denken dat wat we hierbij hebben geleerd ook van toepassing is op beoordelingen op andere terreinen in het leven.

Sommige beoordelingen zijn voorspellend en sommige daarvan zijn verifieerbaar: we kunnen er uiteindelijk achterkomen of ze nauwkeurig waren. Dat is over het algemeen het geval met kortetermijnvoorspellingen van resultaten zoals het effect van medicijnen, het verloop van een pandemie, of de uitslag van de verkiezingen. Maar veel oordelen, zoals langetermijnvoorspellingen en antwoorden op fictieve vragen, zijn niet verifieerbaar. De kwaliteit van zulke oordelen kan alleen worden bepaald door de kwaliteit van het gedachteproces waarmee ze zijn gevormd. Bovendien zijn veel oordelen niet voorspellend maar evaluerend: het vonnis van een rechter of de prijs die een schilderij in een wedstrijd krijgt kunnen niet makkelijk worden vergeleken met bestaande objectieve waarde.

Het is echter opvallend dat mensen die ene oordeel vellen vaak doen alsof een werkelijke waarde echt bestaat, of dat nu zo is of niet. Ze denken en handelen alsof er een onzichtbare roos is waarop ze kunnen mikken en die ze zo goed mogelijk moeten raken. Bij een beoordeling maken ze een eigen afweging, waarbij wordt geïmpliceerd dat er gebrek aan overeenstemming kan optreden en de verwachting bestaat dat het verschil beperkt zal blijven. Beoordelingen bevinden zich in een soort tussengebied tussen uitkomsten van berekeningen enerzijds, waarbij gene gebrek aan overeenstemming mag zijn, en kwesties van smaak of mening anderzijds, waarbij er weinig overeenstemming wordt verwacht, behalve in extreme gevallen. (pagina 367-368)

Terug naar Overzicht alle titels


maandag 21 december 2020

Sarah Sluimer

De Stilte : het leven van een vrouw geboren tijdens de lockdown
Uitgeverij Pluim, 102 pagina's  € 10,99
Reeks: Vitale ideeën voor de wereld van morgen

Lenen als E-book via bibliotheek.nl 

Wikipedia: Sarah Sluimer (1985)

Korte beschrijving
De hoofdpersoon Josje wordt geboren tijdens de Stilte in het voorjaar van 2020. Als er na twee jaar een vaccin gekomen is, komt het leven weer wat op gang en gaat haar vader weer werken. Maar haar moeder blijft thuis in volledige isolatie. Als je gezond leeft en in goede conditie bent, kun je goed leven en heb je een toekomst. Maar je wordt altijd in de gaten gehouden. Josje wil buiten het gebaande pad kunstenares worden en krijgt een relatie. Wanneer ze haar oude buurjongen Dorian opnieuw ontmoet, blijkt hij aan lager wal te zijn geraakt. Ze wil hem helpen, maar dat heeft grote gevolgen. Het verhaal neemt de lezer mee naar een compleet veranderde wereld na corona. Het is geschreven in een heldere stijl. Duidelijke druk.

Tekst op website uitgever
Josje Silvius wordt geboren tijdens de eerste maanden van de Stilte, op 4 mei 2020. In haar vroege jaren is ze thuis met haar moeder, die besloten heeft de rest van haar leven in isolatie te blijven. Haar vader ontwerpt in het lege oosten van het land grote gebouwen, waar wonen en werken samenkomen. Op school bepaalt je conditie je toekomst. Een gezond lichaam garandeert maatschappelijk succes. Fysieke kwetsbaarheid kent verregaande consequenties. Josje wil tegen de stroom in beeldend kunstenaar worden en verhuist met haar vriend naar de stad. Daar komt ze haar oude buurjongen Dorian tegen, die aan de rand van de samenleving terecht is gekomen. Door hem weet ze wat haar eerste echte kunstwerk zal zijn. Ze besluit van zijn leven een statement te maken.

Fragment uit 7. Dorian II
Het was in de late zomer van 2041, op een zondagochtend. Sol vroeg me om maanzaad en dadels te halen bij de markt in het oude schoolgebouw. September was net begonnen, de maand van de opluchting. De ergste warmte was weggetrokken. De zon stond lager en het regende zelfs zachtjes, waardoor de straten glommen. De mensen kwamen weer in beweging. Winkels en huizen werden schoongemaakt, op straat speelde een jong meidje viool en de man van de supplementenwinkel schreeuwde dat zijn goedkope pillen vandaag nog goedkoper waren. Ik had mijn goggles op, omdat ik werkte aan een project waarbij ik mijn wijk in kleur wilde vangen. Door met mijn ogen te knipperen maakte ik foto's van dingen die me opvielen. De kleuren werden daar dan direct uit gefilterd en in een aprt bestand op een digitaal vlak geprojecteerd. Daarna kon ik zelf nog mengen, vormen maken en schuien met verhoudingen. het resultaat printte ik met verf op een groot stuk canvas. Een stupide idee, dat vond ik zelf ook, maar op de academie zouden ze het goed vinden.

Ik liep het gebouw in, waar het droog was en de zomerhitte in de stenen zat. Pas over een paar weken, als de herfststormen inzetten, zou het dak een voordeel bieden ten opzichte van een straatmarkt. Nu was het er klam en rook het er muf. Ik stond in de rij toen ik een stukje verderop een nieuwe kraam zag die een zee aan papieren bloemen torste. Echte bloemen waren enigszins uit de gratie geraakt: we konden hun verwelken en sterven niet meer aanzien. Papieren bloemen waren van duur en chic in een paar jaar een betaalbaar, goedkoop geproduceerd massaproduct geworden. Ik ging met mijn goggles langs de bladeren. Koningsblauw, vermiljoen, jadegroen en amarant: ik had de jackpot gevonden. Ik stapte uit de rij en liep naar de kraam toe. Toen ik voor de bloemen stond begon ik met mijn ogen te knipperen. In dit tempo was mijn werk binnen ene dag af. Toen kwam de schaduw van een jongen vanachter een bos weelderige pioenrozen mijn blikveld in. Er was iets met de kromming van zijn rug waardoor ik verstijfde. Zijn gezicht was van me afgedraaid. Lang haar in geknoopte strengen, schouders die gespannen op en neer gingen bij iedere ademteug.

Dorian. (pagina 73-74)

Terug naar Overzicht alle titels

maandag 14 december 2020

Ziya Tong

Wat jij niet ziet : blinde vlekken, verborgen feiten en de gevaarlijke illusies van onze wereld
Uitgeverij Juni 2020, 408 pagina's - € 21,--

Oorspronkelijke titel: The reality bubble (2019)

Wikipedia: Ziya Tong (1972)

Korte beschrijving
De mens heeft gedurende de menselijke evolutie een systeem ontwikkeld om te overleven en zeer succesvol te worden: eigenaarschap. In eerste instantie was overleven een kwestie van het verkrijgen van voedsel, energie, tijd en ruimte om te gedijen. Maar nu is eigenaarschap een doel op zich geworden: we willen over alles beschikken, behalve over ons afval. In dit belangrijke en boeiende boek laat de Canadese wetenschapsjournaliste zien hoe dat eigenaarschap ontspoord is, omdat we allerlei blinde vlekken hebben, waardoor we de uiteindelijk desastreuze uitkomsten van ons handelen veelal niet kunnen overzien. We staan wellicht op de rand van uitsterven. Tong schreef een bijzonder boek, dat leest als een trein en dat verbluffende details en beschrijvingen bevat die je anders naar de wereld en samenleving om je heen doen kijken. Het leest als een wetenschapspopulariserend boek dat op essayistische wijze talloze onderling verknoopte onderwerpen langsgaat, maar het is uiteindelijk vooral een pleidooi om onze manier van leven te veranderen. Boeiend en buitengewoon belangrijk boek, actueel en indringend. Aanrader en geschikt voor een breed publiek en liefhebbers van bijvoorbeeld de boeken van Harari.

Tekst op website uitgever
Met het blote oog zien we eigenlijk maar een klein deel van de werkelijkheid. We zijn blind in vergelijking met röntgenstraling die door huid kan kijken of hightech bewakingscamera’s die waarnemen met kunstmatige intelligentie. En we zijn blind vergeleken met de dieren die kunnen zien in infrarood of die 360 graden zicht hebben. Deze dieren leven in dezelfde wereld als wij, maar ze zien iets heel anders.

Ziya Tong onthult deze verborgen wereld en neemt ons mee op een reis langs de grootste blinde vlekken van de mensheid. Van de anatomische blinde vlek waar we allemaal mee geboren worden, tot hoe technologie ons in staat stelt verder te kijken dan onze biologische grenzen.

Wat jij niet ziet is een uiterst fascinerend boek dat laat zien dat er meer in de wereld is dan je zou denken.

Fragment uit 4. Rampscenario
Meer dan zeventig miljard dieren per jaar lopen in een industriële omgeving de meedogenloze man met de zeis tegen het lijf, maar minstens zo schokkend is hoe dat zich aan het oog onttrekt. Na de Tweede Wereldoorlog en de Holocaust meenden we dat er een eind aan de gruwelijke verschrikkingen van de gaskamers was gekomen, maar voor dieren werd die methode in de laatste decennia van de vorige eeuw opnieuw geïntroduceerd en wordt ze ook nu nog volop toegepast. Controlled atmospheric stunning (CAS) ofwel gecontroleerde atmosferische verdoving wordt als humane methode gezien om varkens en pluimvee voor de slacht te verdoven. Maar binnen de gaskamers wordt onvoorstelbaar geleden. Dieren snakken naar adem, slaken kreten, krijgen stuiptrekkingen en proberen weg te komen zodra de CO2 in de kamer wordt gepompt. Bij elektrisch verdoven van pluimvee komen sommige kippen nog bij bewustzijn uit het water en vanwege de steeds hogere verwerkingssnelheid worden sommige kippen door fabrieksarbeiders niet correct aan de beugels bevestigd waardoor ze het automatische mes mislopen dat ze moet doden. Als gevolg hiervan zijn in de Verenigde Staten zevenhonderdduizend tot een miljoen kippen nog bij bewustzijn op het moment dat ze worden gekookt.

Beschaving en politieke correctheid hebben ons doen geloven dat we boven het barbarisme van beesten staan. Maar dat is niet echt het geval. Onze klinische methodes om te doden hebben ons blind gemaakt voor de verschrikkingen van de voedselindustrie. Zoals de Britse auteur George Monbiot schrijft: 'Welke idiotie van onze tijd zal onze kinderen in opstand doen komen? Er is genoeg te noemen. Maar een ervan is denk ik de massaslachting van dieren die ons in staat stelt hun vlees of eieren of hun melk te drinken. Terwijl we onszelf dierenliefhebbers noemen en onze katten en honden met genegenheid overstelpen, teisteren we miljarden dieren die daar wel degelijk onder moeten lijden met de bruutste ontberingen. De hypocrisie is dermate ranzig dat toekomstige generaties versteld zullen staan van het feit dat we dit niet hebben gezien.' (pagina 141-142)

Terug naar Overzicht alle titels


dinsdag 8 december 2020

Bob Michiels

Het ethisch gen : Corona getoetst & politiek vertaald
Uitgeverij Aspekt 2020, 380 pagina's - € 22,95

Bob Michiels (1950)

Korte beschrijving
De titel kan verwarring wekken: dit boek gaat niet over genetica en evenmin over de coronapandemie. Wel over ethiek en over politiek. De Vlaamse essayist Michiels (1950) haalt breed uit en hekelt het neo-liberale denken, de zogenoemde vrije-markteconomie, de milieuverwoesting, het populisme, het vijanddenken, de schijndemocratie en de groeiende kloof tussen bezitters en kanslozen. Michiels' belezenheid is enorm: De stroom verwijzingen en citaten houdt niet op, herhaalt zich soms en is op den duur wel erg veel van het goede. Met grote betrokkenheid – en ook woede – stelt Michiels vast dat door toedoen van de mens het er slecht voorstaat met de samenleving en de planeet Aarde. Hij pleit voor een andere economie die zich niet blindstaart op groei, voor een andere politiek die zich het lot van de zwakken aantrekt, voor een andere omgang met natuur en milieu. Alles moet radicaal anders en er is geen tijd te verliezen. Als analyse en denkoefening valt uit dit boek veel te leren. De remedie – inclusief Oosters reïncarnatiedenken – is niet heel concreet. Maar dat is wellicht ook teveel gevraagd. Voorzien van talrijke bronverwijzingen in voetnoten.

Tekst op website uitgever
Nu we stilaan uit het diepe corona-dal kruipen, is het verwarring troef en klinken allerhande vragen steeds luider: hoe geraken we hieruit zonder kleerscheuren, welk maatschappijmodel moeten we nastreven, heeft het neoliberalisme afgedaan, waar leggen we onze prioriteiten, hoe gaan we de rekeningen betalen…? Er wordt alom gepleit voor meer solidariteit en burgerzin, maar wat betekent dat concreet en op wie is dat van toepassing?

Zonder de juiste waardeoordelen gaan we er niet in slagen om de juiste beslissingen te nemen, maar gelukkig beschikt de mens over een moreel kompas dat hem richting geeft en hem de juiste weg zal wijzen naar een meer rechtvaardige samenleving. Dat ethisch gen zal ons helpen om gemakkelijker te kiezen voor het goede en om verder te evolueren naar een maatschappij waarin wel-zijn belangrijker is dan materiële welvaart.

Fragment uit Asociale rijken en immorele corporaties met centen, veel centen
Nochtans kun je geld niet eten, schreef ooit de priester-dichter Herman Verbeek op een beklijvende manier:

Als alle bomen zijn gevallen
alle vissen zijn gevangen
zul je weten
geld kun je niet eten,

als alle akkers zijn vergiftigd
alle nevels zijn vernietigd
zul je weten
geld kun je niet eten,

als alle zeeën zijn gestorven
alle kernen zijn gespleten
zul je weten
geld kun je niet eten,

als alle dieren zijn geketend
alles klonen zijn gekunsteld
zul je weten
geld kun je niet eten,

als alle boeren zijn verdreven
alle beurzen zijn gesprongen
zul je weten
geld kun je niet eten,

als alle ogen zijn gesloten
alle woorden zijn gelogen
zul je weten
geld kun je niet eten,

voor alle wetten zijn vergeten
alle vrezen is verboden
zul je weten
dat jij niet zult doden. 

 En toch. De enige taal die corporaties nog spreken is de Lingua Orbis neoliberalis, de taal van de Neoliberale Orde: "De opties - 'options'- verwijzen niet meer naar keuzevrijheid, maar naar het recht om te kopen. De toekomsten - 'futures' - zijn geen mysterie meer, maar zijn contracten geworden. De markten - 'markets' - zijn geen rumoerige pleinen meer, maar computerschermen. De foyer - de 'lobby' - wordt niet gebruikt om er op vrienden te wachten, maar om politici om te kopen. Niet alleen schepen varen 'offshore', de zee op: ook het geld gaat 'offshore, om belastingen en vragen te ontwijken. Wasserijen - 'laundries' - die zich voorheen et kleren bezighielden, wassen nu zwart geld." (pagina 319-320)

Terug naar Overzicht alle titels


maandag 7 december 2020

Marcus Du Sautoy

De code van creativiteit : hoe AI leert schrijven, schilderen en denken
Uitgeverij Nieuwezijds 2020, 318 pagina's - € 24,95

Oorspronkelijke titel:  The creativity code : how AI is learning te write, paint and think (2019)

Wikipedia: Marcus Du Sautoy (1965)

Korte beschrijving
Dit boek beschrijft de huidige stand van artificiële intelligentie (afgekort AI), oftewel de computer die de intelligentie en creativiteit van een mens kan simuleren. Het boek is een leesboek waarin prikkelende voorbeelden worden gegeven in de sfeer van de schilderkunst (een computer onderscheidt een schilderij van Van Gogh versus Picasso), de muziek (de computer componeert een nieuw werk dat lijkt op een Bach-compositie), de poëzie etc. Niet alleen (patroon)herkenning, maar ook iets nieuws creëren met behulp van algoritmes behoort tot de huidige mogelijkheden. Kortom: AI creëert en voegt werkelijk iets toe. Daarbij wordt ook dieper ingegaan op de techniek van lerende machines en patroonherkenning. De auteur is hoogleraar in de wiskunde (Oxford) en heeft de unieke kwaliteit om ingewikkelde onderwerpen toegankelijk te maken voor een breed publiek. Geïllustreerd met enkele figuren in zwart-wit. Naast de index bevat het boek een uitgebreide lijst van aanbevolen literatuur..

Tekst op website uitgever
Zal een computer ooit een meesterwerk schilderen, een symfonie componeren of een prijswinnende roman schrijven? Mag een machine hopen ooit Rembrandt, Mozart of Shakespeare naar de kroon te steken?

De stormachtige ontwikkelingen in kunstmatige intelligentie (AI) veranderen de wereld in rap tempo, en steeds meer menselijke taken worden net zo goed, of zelfs beter, door machines gedaan. Maar kunnen algoritmes ook concurreren met de krachtige menselijke creativiteit? Wat betekent het om creatief te zijn?

Hoeveel van onze emotionele reactie op kunst is eigenlijk een product van ons brein dat reageert op patronen en structuren? En wat kunnen machines daarvan leren?

In dit boek onderzoekt Marcus du Sautoy de aard van creativiteit. Het resultaat is een fascinerende verkenning van zowel AI als de essentie van wat het betekent om een mens te zijn.

Fragment uit 16. Waarom we creatief zijn: een ontmoeting van geesten
Zolang machines geen bewustzijn hebben, denk ik niet dat ze iets meer kunnen zijn dan een instrument om de menselijke creativiteit verder uit te breiden. Hebben we enig idee wat er nodig is om bewustzijn in een machine te creëren? Er zijn onderzoeken gedaan naar het verschil tussen het netwerk van het menselijk brein wanneer het wakker is en wanneer het in de vierde fase van diepe slaap verkeert, onze minst bewust toestand. Het verschil lijkt te zitten in een bepaalde vorm van feedback. In het wakkere, bewuste brein zien we hoe activiteit ergens in het brein begint en vervolgens uitwaaiert over het hele netwerk, gevolgd door feedback terug naar de bron, een cyclus die vervolgens aldoor wordt herhaald, alsof de feedback onze ervaring bijwerkt. In het slapende brein zien we alleen heel plaatselijk gedrag, zonder deze feedback. De machine learning, waarmee AI van een aantal opeenvolgende winters naar een plotselinge hittegolf is gegaan, bevat een element van dit feedbackgedrag, van leren van zijn interacties. Zijn we hiermee de eerste stappen aan het zetten naar een AI die uiteindelijk bewustzijn zal krijgen en dan echt creatief kan worden?

Maar stel dat een machine zelfbewust wordt. Hoe kunnen we dat ooit weten? Zou zijn bewustzijn lijken op het onze? Volgens mij is er geen fundamentele reden waarom we niet ergens in de toekomst een machine kunnen maken die zelfbewust is. Ik denk wel dat we daarvoor alle wetenschappen nodig hebben. En als we erin slagen, denk ik dat machine-bewustzijn heel anders zal zijn dan dat van ons. Ik ben ervan overtuigd dat het ons duidelijk zal willen maken hoe het is. En op dat punt zullen de creatieve kunsten cruciaal zijn om elkaar toegang te geven tot hoe het voelt om de ander te zijn. (pagina 289)

Terug naar Overzicht alle titels

Geertrui Mieke De Ketelaere

Mens versus machine : artificiële intelligentie ontrafeld
Pelckmans 2020, 204 pagina's - € 27,50

Lenen als E-book via bibliotheek.nl 

Wikipedia: Geertrui Mieke De Ketelaere (1970)

Korte beschrijving
De ondertitel belooft dat aspecten van kunstmatige intelligentie, of artificiële intelligentie (AI) worden ontrafeld. Die belofte maakt de auteur zeker waar, te beginnen bij de introductie waar ze betoogt dat doelstellingen rond AI dienen te worden vertaald in begrijpelijke termen en bijbehorende maatschappelijke doelstellingen. Daarvoor is kennis nodig over werken met algoritmes, moet het belang van data en correcte dataverzamelingen worden erkend, moet de noodzakelijke relatie met hardware en beheer duidelijk zijn en moet de ethiek achter digitale besluitvormingsprocessen uiteindelijk centraal staan. De vijf hoofdstukken worden afgesloten met telkens twee interviews met Belgische (ervarings)deskundigen die bij de innovatie een rol spelen. De auteur benadert de aspecten van AI vanuit wetenschappelijk en persoonlijk perspectief, waardoor ingewikkelde zaken worden vereenvoudigd. In dat persoonlijk perspectief gebruikt de auteur ook elementen uit haar eigen wetenschappelijke loopbaan, iets dat het thema dichterbij brengt. Met digitale literatuurverwijzingen middels eindnoten.

Tekst op website uitgever
Wie denkt dat artificiële intelligentie (AI) een ver-van-zijn-bed-show is, heeft het mis. AI komt niet enkel aan bod in futuristische sciencefictionfilms of op hippe technologiebeurzen. AI is overal, ook in jouw leven.

De gepersonaliseerde reclamefolder van de supermarkt met aanbiedingen ‘speciaal voor jou’? AI. De voorgestelde liedjes op Spotify? AI.
De zelfregelende verkeerslichten op de hoek van je straat? AI.

Het valt niet te ontkennen. Artificiële intelligentie dringt aan een duizelingwekkende snelheid onze realiteit binnen. Ze duikt niet alleen op in jouw dagelijkse leven, maar ook in de verschillende bedrijfssectoren. Dit roept veel vragen op. Wat kan AI allemaal? Wat nog niet? En in hoeverre is AI écht intelligent en een meerwaarde voor onze manier van leven?

AI-experte Geertrui Mieke De Ketelaere volgt de ontwikkelingen in deze fascinerende wereld vanop de eerste rij. In dit boek legt ze op toegankelijke en transparante wijze de basisconcepten van artificiële intelligentie uit. Daarbij heeft ze niet alleen aandacht voor de vele kansen die AI biedt, maar wijst ze ook op de risico’s. De Ketelaere neemt de lezer mee voorbij de hype, waardoor je geïnformeerd kunt deelnemen aan dit boeiende debat. Eén waarheid staat daarbij als een paal boven water: AI is vandaag al erg belangrijk, maar wordt voor onze toekomst cruciaal.

Fragment uit 2. Data
Clicks en personal things

Naast data over onze gezondheid is er ook een andere soort data belangrijk in een AI-context: consumentengedrag. De digitalisering zorgde voor een massale overvloed aan consumentendata. Bedrijven moeten niet langer op zoek gaan naar wie er interesse heeft in hun producten of diensten, want sinds de opkomst van het internet en slimme apparaten, creëren we voor hen een vloedgolf aan inzichten die deze vraag kunnen beantwoorden via AI-systemen. Die vloedgolf bestaat uit zaken zoals ons klikgedrag op websites, de locatie gegevens van onze mobiele telefoons, de bergen informatie over interesses en emoties die we achterlaten op sociale media, de digitale foto's en filmpjes op die platformen, de geluidsfragmenten die digitale assistenten zoals Alexa en Siri opslaan en zelfs de beelden die slimme bewakingscamera's verzamelen. We leven in ene uitermate verbonden wereld waarin elke digitale interactie, van telefoongesprekken tot online winkelen een schepje toevoegt aan deze digitale footprint. Met de opkomst van het internet of things (IOT) blijft deze trend doorgaan en genereren objecten zoals banden van onze wagens, koelkasten, tuinrobots en zelfs kleding miljoenen persoonlijke inzichten in ons gedrag.

Voor heel wat bedrijven zijn deze data waarschijnlijk hun belangrijkste bron van informatie. Want zonder klanten heb je geen business. Digitale kanalen plaatsten macht meer en meer in de handen van klanten. Ze shoppen waar ze willen, wanneer ze willen. Een concurrent is maar een klik verwijderd wanneer je online winkelt. Loyalty bestaat niet langer meer over het verzamelen van punten in een programma, maar over op elk moment van de dag, via elk kanaal, klanten persoonlijk inspireren.

Om die klanten aan te trekken en te blijven inspireren heb je een goede klantervaring nodig, en dus ook een zo breed mogelijk palet van klantendata waarop je inzichten bouwt. Hiervoor heb je als bedrijf nieuwe digitale data nodig van allerlei soort. Zo bouw je een klanten-DNA of een 360 graden klantbeeld (). Bedrijven die zo een betere ervaring bieden dan hun concurrenten groeien gedurende de laatste jaren scherp. Spelers zoals amazon.com of bol.com zijn gekende retailvoorbeelden daarvan, maar ook andere sectoren kunnen uit deze aanpak sterke winst halen.

In al deze succesvolle bedrijven werd de volledige bedrijfsstrategie opgezet rond het klanten-DNA. het stelde hen in staat een betere product- of dienstenportfolio op te zetten, een accuratere salesstrategie uit te werken, een verfijnd marketingplan te realiseren en een geoptimaliseerde dienstverlening te leveren. Hoe deze strategie uiteindelijk ervaren wordt, hangt echter niet enkel af van de verzameling persoonlijke data en de acties hierop, maar ook van de klant zelf. Wat een inspiratie is voor één klant, is een irritatie voor een andere klant.

Het is logisch dat bij bepaald klanten privacy bedenkingen opduiken wanneer we het hebben over het gebruik van deze persoonlijke data. Hoe goed zijn we ons bewust van wat we allemaal achterlaten? (pagina 79-80)

Terug naar Overzicht alle titels


Peter Klerks

Door leugens verleid : hoe je fake news en andere vormen van manipulatie herkent en bestrijdt
Prometheus 2020, 542 pagina's - € 29,99

Wikipedia: Peter Klerks (1958)

Korte beschrijving
Spectaculaire voorbeelden van misleiding in oorlogsvoering komen aan bod in dit boek. Zoals de Slag bij Austerlitz op 2 december 1805, toen de overmoedige Oostenrijkse-Russische coalitie de aanval inzette en verrast werd door de aanvalskracht van de Napoleontische troepen en door de briljante omtrekkende beweging van Napoleon die hen in de flank en de rug aanviel. En ook D-Day op 6 juni 1944, toen de Duitse legerleiding door misleiding het Duitse vijftiende leger met 22 divisies niet inzette tegen de invasiemacht. Het boek waarschuwt dat misleiding tegenwoordig meer dan ooit op de loer ligt met toenemende technologische toepassingen zoals bijvoorbeeld gemanipuleerde beelden en eigen internetplatforms waardoor misleiding steeds meer op maat is toegesneden. Het gaat om meer domeinen dan veiligheid en fraudebestrijding. Journalisten, burgers en wetenschapsbeoefenaars moeten zich wapenen tegen manipulaties die steeds geraffineerder worden. De overheid zou er goed aan doen om hier actie op te ondernemen. Een belangrijk boek met zwart-witillustraties en een uitgebreid notenapparaat, literatuurlijst en registers op personen en onderwerpen. De auteur is werkzaam aan de Politieacademie en is adviseur bij het Openbaar Ministerie.

Tekst op website uitgever
Psychologische oorlogsvoering is gevaarlijke materie voor een democratie. Toch doen overheidsdiensten, ondernemingen en criminelen op grote schaal aan psychologische misleiding.
Door leugens verleid vertelt over de grootste misleidingsoperaties uit de geschiedenis tot nu: van het organiseren van een staatsgreep door überpropagandist Joseph Goebbels tot de kunst van virtuele verleiding. Peter Klerks laat zien hoe er met rubberen tanks en een sound system drie Duitse Wehrmachtdivisies op de vlucht werden gejaagd, hoe de CIA het feminisme op gang hielp en hoe er 96 boeven werden gevangen door een feest te organiseren. Puttend uit historische tot voor kort geheime bronnen, wetenschappelijk onderzoek en honderden vaak ontoegankelijke rapporten schetst Klerks een indringend beeld van misleidingstechnieken. De lezer wordt ingewijd in methoden als neuromarketing, militaire misleiding en propaganda.
Dit verontrustende boek schetst juridische en ethische dilemma’s, maar maakt in de eerste plaats verborgen kennis voor iedere lezer toegankelijk. Door leugens verleid daagt uit tot debat; kunt u het zich veroorloven stiekeme misleiding te negeren?
Peter Klerks (1958) studeerde politicologie en sociologie aan de Universiteit van Amsterdam en promoveerde aan de Erasmus Universiteit Rotterdam op georganiseerde criminaliteit. Klerks was gemeenteraadslid in Amsterdam, werkt aan de Politieacademie en is raadadviseur bij het Openbaar Ministerie.

Fragment uit (de) Inleiding
In de eenentwintigste-eeuwse samenleving wordt iedereen beïnvloed: als consument, als professional of beleidsmaker, als gebruiker van traditionele en sociale media, als burger in democratische besluitvorming. Die beïnvloeding gebeurt vaak openlijk, maar deels ook zodanig dat het niet direct wordt opgemerkt. In het laatste geval spreken we van heimelijke beïnvloeding of manipulatie. Dit boek beoogt die heimelijke beïnvloeding zichtbaar te maken en te duiden.

We horen over bedrog in de politiek, door de gevestigde media, door bedrijven en zelfs wetenschappers. Verontrustende voorbeelden stapelen zich op. Wat ontbreekt is een overzicht en een verklarend kader. Het gaat immers niet om geïsoleerde incidenten. Hoe kun je misleiding herkennen, en kan een normaal mens zich daar nog tegen verweren?

Soms is de misleiding overduidelijk, en wordt die ook publiekelijk aan de kaak gesteld. Ongeloofwaardige reclames en onware claims van politici kunnen rekenen op kritiek, fact checking en tegengas. Wie op een evidente leugen wordt betrapt, verliest aan geloofwaardigheid. Als je er echter stelselmatig op gaat letten, is er zo veel onwaarheid en heimelijke misleiding om ons heen, dat achterdocht geboden lijkt.

Instituten als wetenschap, de kerk, de medische sector, kwaliteitskranten en politie en justitie verloren door een aaneenschakeling van affaires hun aureool van onaantastbaarheid. Gerenommeerde ondernemingen zoals financiële instellingen, energiebedrijven en autofabrikanten bleken jarenlang de waarheid geweld aan te doen en namen daarbij ernstige schade aan volksgezondheid, leefomgeving en economie voor lief. Zelfs overheidsinstellingen die over onze veiligheid moeten waken, keken soms bewust de andere kant op en verdoezelden de feiten. Daardoor konden zich besmettelijke ziektes en kanker door blootstelling aan schadelijke lozingen manifesteren. (pagina 13-14)

Terug naar Overzicht alle titels

Rana Foroohar

Big tech : hoe we onze privacy, vrije markt en democratie in de uitverkoop doen
Lemniscaat 2020, 367 pagina's € 24,95

Oorspronkelijke titel: Don't be evil : how big tech betrayed its founding (2019)

Wikipedia: Rana Foroohar (1970)

Tekst op website uitgever
Het lijkt allemaal zo gemakkelijk en goedkoop: Met een paar handige apps ligt de wereld aan je voeten. Maar onze voorkeuren worden zonder dat we erbij stilstaan verkocht aan bedrijven die ons bestoken met advertenties. Met onze privégegevens worden miljardenwinsten gemaakt, terwijl mkb’ers de concurrentieslag met internetplatforms verliezen. En dan hebben we het nog niet eens over het fake news dat een grote impact heeft op onze democratie. Hoe hebben we onze samenleving zo kunnen laten ontwrichten?

Financial Times-journalist Rana Foroohar deed verslag van de opkomst van technologiereuzen als Amazon, Facebook en Google en beschrijft hoe Big Tech zijn onschuld verloor. Jarenlang hebben we ons laten misleiden door het sportieve uiterlijk en de mooie praatjes van de internetondernemers, die ondertussen wereldwijde monopolyposities verwierven. Handig gebruikmakend van het gebrek aan regelgeving en van het internationale speelveld is hun macht daadwerkelijk grenzeloos geworden. Hoog tijd voor adequate regelgeving, eerlijke concurrentie én, zo stelt Foroohar, voor kritische gebruikers.

Korte beschrijving

Fragment uit 14. Hoe kwaad te vermijden
Ik maak me ook zorgen dat we misschien in een soortgelijk regelgevingsparadigma terecht zullen komen als we na 2008 in de financiële sector hebben gezien. Lobbyisten en gevestigde belangen aan beide zijden van het politieke spectrum kwamen toen met een complexe mengeling van nieuwe wetten. De enorme complexiteit zorgde voor talloze lacunes waar bedrijfsjuristen gebruik van konden maken. Terwijl het  nemen van risico's bij sommige individuele instellingen was ingeperkt, was het systeem als geheel er niet veiliger op gewordne. In de verwarring van het complexe en technologische debat waren we de enige vraag die ertoe deed uit het oog verloren: hoe kunnen we een financiële sector creëren die de reële economie bedient?

We moeten nu dezelfde vraag stellen voor de nieuwe technologieën die zich overal om ons heen verspreiden. De structurele overgang van een materiële naar een imamateriële economie - een overgang die de Industriële Revolutie in vergelijk doet verbleken - zou ons moeten aanzetten tot een diepgaande analyse van tal van grote onderwerpen: digitale eigendomsrechten, handelsvoorschriften, privacywetgeving, antitrustregels, aansprakelijkheidsregels, vrije meningsuiting, de rechtsgeldigheid van surveillance, de implicaties van data voor het economisch concurrentieermogen en de nationale veiligheid, de impact van de algoritmische ontwrichting van werk op de arbeidsmarkten, de ethiek van artificiële intelligentie, en de gezondheid en het welzijn van digitale technologie.

Deze onderwerpen zijn ieder op zich al diepgaande en complexe kwesties. Maar ze moeten tezamen worden bezien omdat elke kwestie effect heeft op alle andere Deze uitdaging vereist dat beleidsmakers robuuste gesprekken voeren met deskundigen uit een breed scala aan disciplines over hoe het nieuwe kader voor economische groei, politieke stabiliteit, persoonlijke vrijheid, en gezondheid en veiligheid in onze nieuwe digitale wereld eruit zou moeten komen te zien. In de nasleep van 2008 werden beleidsmakers die het financiële stelsel probeerden te repareren door Wall Street zelf gekaapt - het overgrote deel van de overleggen over de meest omstreden regels van na de financiële crisis vonden plaats met precies degenen die gereguleerd moesten worden. Dat maakt geen goede indruk, en het had grote politieke consequenties in de zin dat Amerikanen achterbleven met het gevoel dat het systeem gemanipuleerd was. We moeten ervoor waken om opnieuw dezelfde fouten te maken. Wanneer we nadenken over hoe we de kracht van technologie kunnen aanwenden voor het algemeen belang in plaats van voor de verrijking van een paar bedrijven, dan moeten we ervoor zorgen dat de leiders van die bedrijven niet de enigen zijn die een stem hebben in de regels. (pagina 310-311)

Terug naar Overzicht alle titels

donderdag 3 december 2020

Jos van der Horst

Onze vrijheid zit in een wurggreep : en daar kunnen we wat aan doen!
SWP 2020, 259 pagina's € 12,50

Biografie Jos van der Horst (1956)

Korte beschrijving
In dit boek behandelt de auteur de vragen hoe vrij individuele mensen zijn, welke beperkingen er zijn en welke beperkingen mensen zichzelf opleggen. De spil is 'wat ons bezielt en beweegt'. Het boek bevat vier samenhangende delen: de waarde van vrijheid, de grenzen ervan, hoe gaan we ermee om en tot slot: wat staat ons te doen? Naarmate het boek vordert wordt het aandeel van de overheid in de analyse groter. De auteur houdt een behoorlijk normatief verhaal. Diverse, ook wetenschappelijke, inzichten in combinatie met eigen inzichten van de auteur leiden tot een scherpe analyse en dito oordelen op diverse vraagstukken: het nut van toerisme, consumentenmacht, arbeidsethos e.a. Daarmee bevat het boek diverse onderdelen waar lezers hun eigen oordeel aan kunnen spiegelen of scherpen. Tot slot zijn er diverse concrete aanbevelingen voor zelfbewust activisme als opmaat naar verandering. Het boek bevat een bronnenregister.

Tekst op website uitgever
Jos van der Horst stelt de vraag hoe het is gesteld met onze vrijheid en komt tot de verontrustende conclusie dat deze in een steeds strakker wordende wurggreep zit. Onze vrijheid brokkelt in snel tempo af. Dit heeft vier oorzaken. Als burgers worden wij steeds meer afgerekend op de - vooral financiële - gevolgen van onze dagelijkse keuzes en gedrag, voor samenleving en landgenoten. Als consumenten worden wij opgezadeld met de opdracht gretig en onbeperkt te consumeren. Tegelijkertijd is het aan ons om al consumerend de grote problemen van deze tijd aan te pakken. Als werker worden we opgejaagd, kunnen we lang niet altijd de goede dingen op de goede manier doen en zitten vele van ons vast in een situatie die gezondheid en welzijn bedreigt. Tot slot wordt onze vrije toekomst ons afgenomen doordat slimme algoritmen gigantische hoeveelheden persoonlijke informatie verzamelen  en leren hoe zij ons gedrag kunnen manipuleren en beheersen.

Hoe graag wij ook anderen zouden willen aanwijzen als daders, wij zelf dragen hieraan enthousiast ons steentje bij. Aan deze verwurging van onze vrijheid komt dan ook niet vanzelf een einde. Van der Horst beschrijft hoe wij het tij kunnen keren. Wat kunnen wij doen om onze vrijheid te beschermen en terug te winnen? En hoe krijgen wij overheid, politiek, ondernemingen en de instituten die hen vertegenwoordigen, zover dat ook zij doen wat nodig is om onze vrijheid te bevrijden? Wat Van der Horst betreft vraagt dit om zelfbewuste, activistische burgers die beschermen wat waardevol is: onze individuele vrijheid, de kwaliteit van onze levens en van de Nederlandse samenleving.

Hiervoor is er geen beter moment dan nu, voordat wij een sprint trekken om alles zo snel mogelijk weer “zoals voor Corona” te krijgen.

Fragment uit 6. Lofzang op onze vrijheid
Onze vrijheid staat op een hoge sokkel. Als verheven westerse waarde, economische noodzaak en persoonlijk als weg naar zelfactualisatie. Onze vrijheid wordt door heel wat mensen gezien als groots, niet onderhandelbaar, onwrikbaar en bovenal een lichtend voorbeeld en lonkend perspectief voor de rest van de wereld waarin vrijheid ontbreekt of nog fragiel is. De gedachte dat onze vrijheid niet vanzelfsprekend is, maakt dat wordt gehoopt op de overwinning van het vrije individu naar westers voorbeeld. Het enige wat hiervoor nodig is, is dat de hele wereld hiervan doordrongen raakt. Wat kan hier mis mee zijn? Niet toch! Velen geloven in het lonkende perspectief van een wereld ie is geschapen naar het westerse vrijheidsideaal, steunend op de democratische rechtsstaat, kapitalistische economie en de daarmee samenhangende waarden.
  De kans is groot dat u gelooft in vrijheid. En dat uw denken daarover overeenkomt met het westerse ideaalbeeld. U wordt ook niet echt aangemoedigd om kritisch te reflecteren op uw visie en welke gevolgen deze heeft. U vindt immers overal bevestiging. Zeker op momenten dat de spanningen in de wereld toenemen weerklinkt al snel de zorg voor onze economie en vrijheid.
  Het gesprek over vrijheid en onvrijheid wordt steevast gevoerd met grote woorden. Tegenover het democratische Westen worden totalitaire staten geplaatst. Dictators zoals Kim Jong Un, Saddam Hoessein of Muammar Gaddafi, tegenover democratisch in het zadel geholpen presidenten zoals Trump, Merkel, Macron of Rutte. Landen waarin verkiezingen plaatsvinden tegenover die waarin dit niet het geval is, of waarin die worden gemanipuleerd. Naties waarin op grote schaal mensenrechten worden geschonden, tegenover die waarin daarvan gene sprake is, of waarin er serieus aan wordt gewerkt om hieraan een einde te maken. De gesprekken hierover zijn zwart-wit, wel-niet. Nuances ontbreken veelal. Onvrijheid vind je in de totalitaire systemen in deze wereld,. Vrij dat zijn wij. Gene vijftig tinten grijs, maar enkel zwart en wit.
()
Ik vraag u een genuanceerde bril op te zetten. Tussen vrijheid en onvrijheid zitten wel degelijk vijftig tinten grijs. (pagina 42-43)

Terug naar Overzicht alle titels