Muskisme : een gids voor de verbijsterdenDe Geus 2026, 270 pagina's
- € 22,99Oorspronkelijke titel: Muskism : a guide for the perplexed (2026)
Wikipedia: Quinn Slobodian (1978)
Korte beschrijving
Een diepgaande beschouwing van de verstrengeling van technologie, macht en afhankelijkheid in de nieuwe politieke economie van de 21e eeuw, met Elon Musk als voorbeeld. Dit boek onderzoekt de rol van Elon Musk binnen de hedendaagse politieke economie, waarbij hij niet alleen als individu, maar als een systeem wordt beschouwd. De auteurs, Slobodian en Tarnoff, leggen uit hoe het concept van vrijheid wordt gecommercialiseerd en hoe bestaande hiërarchieën worden versterkt. Musk wordt gepresenteerd als een model voor de huidige tijd, in plaats van een uitzondering. Het boek biedt een kritische blik op de manier waarop deze dynamieken invloed uitoefenen op de maatschappij en hoe ze bijdragen aan een scheef en corrupt systeem. Vaardig, scherpzinnig en onderhoudend geschreven. Geschikt voor een brede tot geoefende lezersgroep. Quinn Slobodian (1978) is een Canadese hoogleraar internationale geschiedenis en auteur. Hij werd door Prospect UK uitgeroepen tot een van de 25 beste denkers ter wereld. Ben Tarnoff (1985) is een Amerikaanse auteur en schrijver voor meerdere bladen.
Tekst op de website uitgever
‘Briljant op alle manieren waarop Elon Musk dat niet is: onomstotelijk eerlijk, vol humor en diepmenselijk.’ – Astra Taylor
Elon Musk wordt gezien als genie of gevaar, maar zelden als systeem. In Muskisme laten Slobodian en Tarnoff zien hoe technologie, macht en afhankelijkheid samensmelten in een nieuwe politieke economie. Dit boek doorgrondt hoe vrijheid wordt verkocht, hiërarchieën worden verdiept en waarom Musk geen uitzondering is, maar het model van onze tijd.
‘Tarnoff is een visionair van de beste soort: scherpzinnig, pragmatisch en vastbesloten om een scheef en corrupt systeem te hervormen.’ – Naomi Klein
‘Af en toe duikt een denker op die je blik op de wereld blijvend verandert. Quinn Slobodian is zo iemand.’ – Lotte Lambrecht, De Standaard
Fragment uit 8. De staat X
Sinds de jaren 1990 had Elon Musk het al over de 'superset', een online, interactieve massa computercode die de wereld langzaam zou omsluiten. Zijn carrière draaide om het scheppen van de modules voor die superset: in de vorm van raketten om satellieten in de lucht te krijgen, in de vorm van hersenimplantaten om de bandbreedte van onze interface met het cybernetische collectief te vergroten, en in de vorm van AI-modellen en sociale media-algoritmen. Hij maakte naam en fortuin door die diensten en producten te verkopen aan overheden en consumenten, waarmee hij zichzelf langzaam maar zeker onmisbaar maakte.
Toen Musk aan de tweede regering-Trump ging meewerken als de facto hoofd van iets wat het Department of Governent Efficiency heette, ging hij nog een stap verder met de superset. Hij verklaarde dat overheden 'eigenlijk gewoon computers' zijn, slecht geconfigureerde 'grote, domme machines'. Hij legde aan senator Ted Cruz uit dat 'de enige manier om de databases met elkaar in overeenstemming te brengen en van verspilling en fraude ad te komen, is om gewoon eens goed naar de computers te kijken'.
Het muskise kwam naar Washington, doordrenkt met memes, puberale opschepperij en sadistische overwinningsdansjes bij massaontslagen en complete instanties die geschrapt werden. Aan het hoofd van een team tienerprogrammerurs en figuren uit het middenmanagement van zijn verzameling bedrijven zou Musk de codebase binnendringen en allerlei bepalingen en begrotingsposten van binnenuit herschrijven. Hij zou de pennenlikkersbureaucratie met geweld de digitale eenentwintigste eeuw in sleuren, de inhoud van gigantische zalen vol archiefkasten scannen en de data in één groot interoperabel systeem invoeren. Deze onderneming bevatte kenmerken van door aandeelhouders afgedwongen herstructureringen en van start-upmanagement, en was doortrokken van de sfeer van de gamerswereld en de rechtse cultuuroorlog. Om te slagen zou hij een 'godmodus' nodig hebben, een overzicht over het geheel en root access tot de stack.
Het mandaat van DOGE was 'het moderniseren van federale technologie en software om de efficiëntie en productiviteit van de overheid te maximaliseren', zoals het decreet dat het initiatief op 20 januari 2025 in het leven riep luidde. Maar wat het vooral deed was de surveillancecapaciteiten van de staat vergroten. Zoals de voorgaande hoofdstukken duidelijk maken was Musk ervan overtuigd geraakt dat de echte bugs in de code mensen waren, vooral de niet-witte illegale immigranten die pionnen waren in een links plan om de democratie aan te tasten en die profiteerden van 'suïcidale empathie'. Empathie vatte hij op in programmeertermen. Het was een 'exploit', een kwetsbaarheid in de software waartegen de architectuur van het systeem gehard moest worden.
In Musks kantoor stond een gamecomputer, compleet met oversized gebogen scherm, en DOGE.gov had een highscore-achtige leaderboard waarop de bezuinigingen in real time werden bijgehouden. Maar achter al die grappen en cosplay zat een serieuze overtuiging. Als de staat niet meer was dan ene database, dan kwam inefficientie voort uit slechte data: onedocumenteerde buitenlanders, spookwerknemers en zelfs 'vampiers' die bijstandsuitkeringen binnensleepten. Net als de gedachtevirussen die het cybernetische collectief bedreigden waren dit bugs in de codebase, onregelmatigheden die opgespoord, geïsoleerd en gezuiverd moesten worden. Musk had Twitter omgekwat en hertraind tot X. Door zijn cyborgbril bezien was de Amerikaanse staat gewoon het zoveelste systeem, een dataset vol glitches die opgeschoond en geoptimaliseerd moest worden.
Staat X, zeg maar. (pagina 172-174)
Terug naar Overzicht alle titels