zondag 4 april 2021

Eva Meijer 3

Vuurduin : aantekeningen bij een wereld die verdwijnt
Maand van de Filosofie/Lemniscaat 2021, 84 pagina's € 4,99

Website Eva Meijer (1980)

Korte beschrijving

Tekst op website uitgever
‘Ik kan de zeepokken niet vinden.

Het is een warme zaterdagnamiddag in september, ik ben net aangekomen op het eiland en loop langs het water in de haven. Ik ben hier bijna twintig jaar niet geweest.’

De natuur verdwijnt. Diersoorten sterven uit, ecosystemen gaan eraan, de permafrost smelt, onze winters worden herfst. Maar wat is de natuur eigenlijk? En is het denken over een natuur die losstaat van de mens niet juist de oorzaak van veel van onze problemen, zoals de klimaatcrisis en de coronapandemie? In het essay ‘Vuurduin’ gaat Eva Meijer een week naar Vlieland. Het ecosysteem van de Wadden staat onder druk, maar er liggen ook delen van haar eigen geschiedenis op het eiland, tijd die nooit meer terugkomt. Met behulp van schrijvers, filosofen, kunstenaars en hond Doris gaat Meijer op zoek naar wat er nu precies verdwijnt en wat we ertegenover kunnen zetten.

Fragment uit

Interview: ‘Zonder kritisch denken krijg je totalitarisme, Shell en de VVD’ (NRC 1 april 2021)

Lees ook: De soldaat was een dolfijn : over politieke dieren (2017) en De grenzen van mijn taal : een klein filosofisch onderzoek naar depressie 2019)

Terug naar Overzicht alle titels




zondag 28 maart 2021

Ramsey Nasr

De fundamenten
De Bezige bij 2021, 144 pagina's € 16,99

Wikipedia: Ramsey Nasr (1974)

Korte beschrijving

Tekst op website uitgever
Hoe komen we uit deze crisis? Dat is de vraag die Ramsey Nasr, een van Nederlands meest veelzijdige kunstenaars, zichzelf stelt.

De pandemie legt volgens Nasr bloot wat we lange tijd niet wilden zien: het politieke en economische systeem heeft de fundamenten van onze samenleving aangetast. In een uiterst persoonlijk en tegelijk rationeel betoog ontleedt Nasr de corona- en klimaatcrisis als twee rampen die wezenlijk met elkaar verbonden zijn. Stap voor stap bevraagt hij onze gehele westerse manier van leven. Aan de hand van kunstenaars als Boccaccio, Rilke en Van Gogh houdt Nasr een pleidooi om onze plek op aarde en ons idee van geluk radicaal te herzien, niet als zweverig ideaal, maar puur uit lijfsbehoud.

De fundamenten is daarmee naast een indringende hartenkreet een politieke oproep tot opstand. Tegenover de chaos van deze tijd plaatst Nasr een urgent maar hoopvol geluid voor een land en wereld in crisis.

Fragment uit

Interview: Ramsey Nasr: ‘Ik denk dat er niemand is die op zijn sterfbed zegt: wat ben ik blij dat ik veel geld heb verdiend’  (De Volkskrant, 29 maart 2021)

De fundamenten is zonder enige twijfel een pamflet. Kik hier voor meer pamflet-achtige boeken (143 stuks, februari 2021) 

Terug naar Overzicht alle titels




woensdag 24 maart 2021

Bruno Latour 3

Waar ben ik? : lockdownlessen voor aardbewoners
Octavo 2021, 156 pagina's  - € 19,50

Oorspronkelijke titel: Le cri de Gaïa. Penser la Terre avec Bruno Latour (2021)

Verschijnt mei 2021

Wikipedia: Bruno Latour (1947)

Korte beschrijving

Tekst op website uitgever
Voorjaar 2021 verschijnt in de serie Reflecties een boek met teksten van Hannah Arendt en Susan Sontag over Walter Benjamin, en in de serie Kantelingen verschijnen het vervolg op het succesvolle Waar kunnen we landen? van Bruno Latour, getiteld: Waar ben ik? Lockdownlessen voor aardbewoners, en de vertaling van Anna Lowenhaupt Tsings nu al klassieke boek The Mushroom at the End of the World.

Fragment uit

Lees ook: Lees ook: Oog in oog met Gaia : acht lezingen over het Nieuwe Klimaatregime (uit 2017), Waar kunnen we landen? : politieke oriëntatie in het Nieuwe Klimaatregime (uit 2018) en Het parlement van de dingen : over Gaia en de representatie van niet-mensen (uit 2020)

Terug naar Overzicht alle titels


maandag 22 maart 2021

Maarten Reesink

Mens en dier : de band tussen ons en de andere dieren
Boom 2021, 367 pagina's € 29,90

Biografie Maarten Reesink (1963)

Korte beschrijving

Tekst op website uitgever
Het eerste alomvattende werk in het Nederlandse taalgebied over de veranderende kijk op mens-dierrelaties. 

Onze kennis van dieren beperkte zich eeuwenlang tot de biologie: we beschreven het leven van diersoorten. Het dierlijke gedrag zagen we als het resultaat van instincten. Intelligentie bij dieren was inferieur, en zonder al te veel bewijs gingen we ervan uit dat ze geen emoties kennen. Onze relaties met dieren zijn eeuwenlang volstrekt hiërarchisch geweest: wij bepaalden wat we met ze deden. Dat was geen enkel probleem want ze zeiden niets terug, ze verzetten zich nauwelijks. 
Dieren als individu: filosofische en juridische implicaties

De wereld is veranderd. Dieren blijken ook taal en cultuur, ideeën en gevoelens te hebben. Velen van ons rekenen hond en kat tot de familie. En waarom zou dat niet ook voor koeien en kippen, olifanten en dolfijnen gelden? Wat zijn de filosofische en juridische implicaties van een dergelijke vraag? Kortom: wat als alle dieren, ook de niet-menselijke, een individu zijn, die naast een bio-logie ook een bio-grafie hebben? 

Dier en mens is een inleiding in het snelgroeiende terrein van mens-dierstudies, waarin nieuwe inzichten vanuit diverse disciplines – filosofie, kunst, sociologie, recht, biologie en meer – bij elkaar komen. Door dit boek leer je met nieuwe ogen te kijken naar andere dieren – met de ogen van een dierenmens.

Fragment uit

Lees o.a ook Mama's laatste omhelzing : over emoties bij dieren en wat ze ons zeggen over onszelf van Frans de Waal (uit 2019)

Terug naar Overzicht alle titels

 

Jurriën Hamer

Waarom schurken pech hebben en helden geluk : een nieuwe filosofie van de vrije wil
De Bezige bij 2021, 192 pagina's € 20,99

Biografie Jurriën Hamer (1988)

Korte beschrijving

Tekst op website uitgever
Heeft een miljonair recht op zijn rijkdom? Moeten we zelfs een moordenaar vergeven? En kan een mens ooit zijn lot veranderen? Het hangt allemaal af van ons antwoord op een fundamentele vraag: hebben we een vrije wil?
Filosofen twijfelen al eeuwen over het antwoord hierop, en sinds decennia roepen biologen en neurologen dat de vrije wil niet bestaat. Ieder jaar stapelt het bewijs tegen de vrije wil zich verder op: we zijn een product van onze genen, van onze geschiedenis en van onze omstandigheden.
Toch laat de vrije wil ons niet los. Deze mythe heeft meer invloed dan ooit – in ons strafrecht, onze economie en onze zoektocht naar geluk.
Jurriën Hamer denkt verder waar anderen terugdeinzen en stelt de rol van de vrije wil ter discussie. Waarom schurken pech hebben en helden geluk is een confronterend debuut met radicale implicaties voor onze manier van leven – van onze politiek tot onze meest intieme relaties.

Fragment uit

Lees vooral ook Hoe vrij zijn wij? de machinaties van macht en de strijd voor onze toekomst van Raoul Martinez (uit 2017)

Terug naar Overzicht alle titels

 

Amin Maalouf

Schipbreuk der beschavingen
Davidsfonds 2020, 271 pagina's € 24,95

Oorspronkelijke titel: Le naufrage des civilisations (2019)

Wikipedia: Amin Maalouf (1949)

Korte beschrijving
Maalouf (1949) is een Frans-Libanese journalist en schrijver van historische werken en romans. Hij is lid van de Academie Française en ontving een eredoctoraat van de Universiteit van Leuven. Enkele werken van hem zijn reeds eerder in het Nederlands vertaald. Aan het begin van de vorige eeuw woonden joden, christenen en islamieten min of meer vredig in het Midden-Oosten. Die situatie is nu drastisch anders. In de eerste twee hoofdstukken beschrijft Maalouf op meeslepende wijze wat er fout ging. In de volgende twee hoofdstukken trekt hij zijn verhaal naar wereldniveau. Voor hem is met name 1979 van groot belang: de overwinning van het conservatisme (Iran, Thatcher enzovoort). In het vierde hoofdstuk voegt hij aan zijn analyse van het teloor gaan van de beschavingen het identiteitsdenken toe. Dit laatste, gebaseerd op een wij/zij-denken, zorgt voor versplintering van de samenhang van de verschillende volkeren. Alles bij elkaar schetst hij een somber beeld en vreest dat Orwell gelijk krijgt: de vrijheid wordt ingeruild voor behoeftebevrediging..

Tekst op website uitgever
Hoe is het zover kunnen komen? Dat is de vraag die ik me steeds weer stel wanneer ik word geconfronteerd met de griezelige woelingen van deze eeuw. Wat is er fout gegaan? Hebben we een navigatiefout gemaakt? Hadden we die zaken kunnen omzeilen? En vooral: hebben we nog de gelegenheid een betere, nieuwe koers te kiezen?

Al meer dan een halve eeuw reist Amin Maalouf de wereld rond en geeft hij zijn ogen de kost. Hij groeide op in de wereldse en welvarende steden Beiroet en Caïro, en zag hoe die steeds meer in de greep kwamen van oorlog en geweld. Hij was in Saigon aan het einde van de Vietnamoorlog, en in Teheran toen de Islamitische Republiek werd uitgeroepen. In dit krachtige en veelomvattende boek treedt hij op als geëngageerd toeschouwer en denker, als iemand die zijn eigen, persoonlijke ervaringen koppelt aan reflecties over een steeds veranderende wereld.

Vandaag staan we, vreest hij, op de drempel van een wereldwijde schipbreuk, die alle domeinen van de beschaving treft. Amerika, hoewel nog steeds de enige supermacht, verliest elke morele geloofwaardigheid. Europa, dat de rest van de mensheid het meest ambitieuze en troostende project van de afgelopen eeuw voorspiegelde, valt uiteen. De Arabisch-islamitische wereld zinkt weg in een diepe crisis die haar bevolking in wanhoop stort, met rampzalige gevolgen voor de hele planeet. China, India en Rusland trekken met meer ambities dan moraal het wereldtoneel op, waar steeds vaker de wet van de sterkste geldt. Een nieuwe wapenwedloop lijkt onvermijdelijk. Om nog maar te zwijgen van de ernstige bedreigingen op het vlak van klimaat, milieu en gezondheid waar de planeet mee wordt geconfronteerd en die alleen kunnen worden aangepakt door middel van wereldwijde solidariteit. En laat het daar nu net aan ontbreken.

Het is hoog tijd, vindt Maalouf, dat de mensheid zich de juiste vragen stelt, en er een antwoord op probeert te formuleren.

Fragment uit IV. Een wereld in staat van ontbinding
Elke generatie moet een evenwicht zien te vinden tussen twee behoeften: bescherming tegen lieden die het democratische systeem te baat nemen om sociale modellen te bevorderen die alle vrijheid zouden fnuiken én bescherming tegen lieden die bereid zouden zijn de democratie de keel dicht te knijpen onder het mom haar te beschermen. Dat evenwicht is volgens mij nog niet verstoord, ondanks een paar schommelingen van de weegschaal; maar de toekomstperspectieven zijn niet bijster bemoedigend. Er is een infantiliserende en potentieel knechtende dynamiek op gang gekomen die moeilijk te stoppen zal zijn; nieuwe technologische stappen zullen onvermijdelijk nieuwe actieterreinen voor die dynamiek openen en de dreigingen die haar rechtvaardigen zullen niet verdwijnen. Sommigen zien daar een stiekeme onderneming die zo niet totalitair dan toch ten minste autoritair en manipulatief is. Helaas zie ik er zelf slechts een onvermijdelijk gevolg in van de identitaire demonen die op de wereld zijn losgebroken en die we niet in bedwang hebben kunnen houden.

  Deze rampzalige dynamiek kan zelfs erger worden en zich sneller voordoen dan we nu voor mogelijk houden. Ik durf me geen voorstelling te maken van het gedrag van onze tijdgenoten als grootschalige aanvallen met niet-conventionele wapens - bacteriologische, chemische of nucleaire - morgen onze steden treffen.

 Ik hoop dat we dat soort rampen kunnen voorkomen, maar het is helaas niet ongerijmd te denken dat die zich ooit wél kunnen voordoen en dat hun gevolgen voor onze samenlevingen dan verwoestend zullen zijn. (pagina 256-257)

Lees o.a. ook De geopolitiek van emotie : hoe culturen van angst, vernedering en hoop de wereld veranderen van Dominique Moïsi (uit 2009)

Terug naar Overzicht alle titels


zondag 21 maart 2021

Cyrille Offermans

Midden in het onbewoonbare
De Arbeiderspers 2020, 621 pagina's € 27,50

Wikipedia: Cyrille Offermans (1945)

Korte beschrijving
Dit allegaartje aan teksten over literatuur, musea, architectuur, politiek en min of meer persoonlijke anekdotes (die nergens te dichtbij komen) heeft Cyrille Offermans (1945) geordend volgens de 12 maanden van het jaar 2019. In december, aan het einde van dit 600 pagina's tellende boek, vergelijkt Offermans schrijven met tuinieren, het winterklaar maken met het oog op het voorjaar. Hij noemt zichzelf anti-specialist en ongebreideld nieuwsgierig. Zijn historisch hermeneutische essays blijven verre van naar essenties gravende universalisten of particularisten. De essays houden zich op aan de oppervlakte van het leven. Geschreven vanuit het eigen vertrouwde middelpunt kijkt de auteur uit op een wereld die door klimaatproblemen, natuurvernietiging en sociale tegenstellingen steeds onbewoonbaarder wordt. Een uitstekend boek om dagelijks iets uit te lezen, erudiet, ondanks alles optimistisch en doortrokken van een diep renaissancistisch humanisme. Kleine druk. Met nawoord en personenregister.

Tekst op website uitgever
Met Midden in het onbewoonbare – als journaal van een denkend schrijver het natuurlijke vervolg op Een iets beschuttere plek misschien – trakteert Cyrille Offermans de lezer met genereuze hand op een caleidoscoop van teksten. Over schrijvers, kunstenaars van alle disciplines en over het eigen dagelijkse leven. Maar hoe gul en monter ook – uit veel van zijn stukken spreekt evenzeer verbijstering over een wereld die gevaarlijk uit zijn voegen barst. Ongebreidelde economische expansie, natuurvernietiging, klimaatverandering, wereldwijde armoede, oorlogen, emigratiegolven, bekrompen nationalistische politiek, blind populisme en agressief Chinees imperialisme: een wereld vlak voor een ongekende crisis. Onze eigen omgeving een eiland midden in het onbewoonbare.

Fragment uit Buurjongens (Januari)
Het belangrijkste werk van Oz, daarover bestaat geen twijfel is Een verhaal van liefde en duisternis, afgerond in 2001, maar pas vier jaar later in Israël en vijf jaar later - als vrijwel altijd in de voortreffelijke vertaling van Hilde Pach - in het Nederlands verschenen. het omvangrijke boek, zeshonderdvijftig dichtbedrukte pagina's, is een mijlsteen, een summa ook van zijn eerdere werk; in de lopende tekst en in voetnoten verwijst hij er herhaaldelijk naar. Ik heb het zojuist herlezen en ben, meer nog dan indertijd, onder de indruk van de in elke regel voelbare authenticiteit, van het verlangen naar een veelzijdige, ja uitputtende, vaak ambivalente eerlijkheid.
  Misschien schuilt het geheim van dit proza vooral in de vanzelfsprekendheid waarmee de gelouterde auteur een tweetal taboes van het literaire modernisme aan zijn laars lapt: het taboe op psychologische diepgang en op beschrijvingskunst. Oz werkt met de eenvoudigste taalmiddelen, experimenten omwille van het experiment zijn aan hem niet besteed. Wel legt hij een grote, op waarneming en inleving gebaseerde fijngevoeligheid aan de dag bij het oproepen van sfeerbeelden die zich aan eenduidigheid onttrekken. Hij weet gemoedsbewegingen, alles wat zich afspeelt in het woordloze grensgebied tussen gedachten en emoties, subtiel te kleuren met observaties van de nabije omgeving, de weersomstandigheden, geruchten, herinneringssporen, het geheel van doorgaans half- of onbewust waargenomen elementen die bepalend zijn voor een leefbare wereld.


  Zoals de meeste boeken van het hoogste niveau kan Een verhaal van liefde en duisternis niet tot een eenduidig genre worden gerekend. Het is een roman, vooruit, maar ook een familiegeschiedenis, een geschiedenis van het Midden-Europese Jodendom, een minutieuze karakterisering van Jeruzalem in de onzekere, tumultueuze en dramatische jaren kort voor en kort na de Onafhankelijkheidsoorlog van 1948; daarnaast bevat het boek een galerij van scherpe portretten van Joodse intellectuelen en politici uit die tijd, zoals van Menachem Begin en David Ben-Goerion, die de jonge Amos van zeer nabij en op een ontluisterende manier heeft leren kennen. Bovenal laat Oz zijn kindertijd herleven, de jaren waarin hij als gevoelig, dromerig en fantasievol jongetje de eigenschappen ontwikkelde die bepalend zouden worden voor zijn schrijverschap: zijn waarnemingsvermogen, zijn geheugen, zijn zelfdiscipline, zijn lees- en schrijfverslaving. (pagina 44-45)

Terug naar Overzicht alle titels

Floor Milikowski


Een klein land met verre uithoeken : ongelijke kansen in veranderend Nederland
Atlas Contact 2020, 269 pagina's € 21,99

Website Floor Milikowski (1980)

Korte beschrijving
Journaliste en geografe Milikowski deed jarenlang onderzoek naar de verschillen tussen kansarme en kansrijke delen van Nederland. De schrijfster stelt dat de Nederlandse economie de laatste dertig jaren veranderd is van een economie gebaseerd op fabrieken, scheepswerven en mijnbouw in een economie die draait om kennis en creativiteit en ook steeds meer in een internationaal speelveld moet opereren. In die transitie konden sommige steden, dorpen en streken niet mee; andere wisten juist hun kansen te benutten. Het beleid vanuit Den Haag is gericht op het versterken van kansrijke gebieden met als gevolg toenemende verschillen tussen krimpregio's (zoals Emmen, het noorden van Groningen, Helmond) en booming centra (Groningen, Eindhoven, Amsterdam). Zij bezocht zowel winnaars als verliezers in beide soorten regio's en sprak met beleidsmakers, ervaringsdeskundigen en wetenschappers. De vraag welk beleid gevoerd moet worden om de kloof tussen kansarme en kansrijke gebieden te verkleinen, wordt van verschillende kanten belicht. Ook worden er voorbeelden gegeven van initiatieven die de lokale gemeenschappen kunnen ondernemen. Grotendeels als artikel eerder gepubliceerd in De Groene Amsterdammer; of het nog steeds in alle opzichten actueel is? De coronacrisis zal niet zonder gevolgen zijn..

Tekst op website uitgever
In ‘Een klein land met verre uithoeken’ schetst geograaf en journalist Floor Milikowski een uiterst treffend tijdsbeeld van dorpen en steden. Bewoners en bestuurders zijn op zoek naar houvast in een veranderd land. In Nederland groeit de kloof tussen kansarm en kansrijk, tussen centrum en periferie, tussen macht en onmacht. Banen, kapitaal en hoogopgeleiden concentreren zich in een aantal grote steden. Op andere plekken krimpt de bevolking en moeten ziekenhuizen en scholen hun deuren sluiten. Het succes van de ene plek gaat ten koste van de welvaart elders. Naarmate Nederland verandert in een lappendeken van winnaars en verliezers, wordt de urgentie om in te grijpen groter. Hoe willen we dat het land eruitziet – en wie kan, wil of moet daar invloed op uitoefenen?

Fragment uit De stad als motor
Het verval van de industrie zorgde niet alleen in Emmen voor grote problemen, maar bracht de gehele Nederlandse economie in zwaar weer. In steden en dorpen in alle delen van het land gingen banen verloren door de sluiting van fabrieken, scheepswerven en mijnen. Grote bedrijven die het fundament waren geweest onder bloeiende gemeenschappen vielen om en lieten grote leegtes achter. Het zuiden van Limburg veranderde van een florerende mijnstreek in een probleemgebied met vele tienduizenden werklozen. In de havens van Amsterdam en Rotterdam kwam een einde aan de rijke geschiedenis van scheepsbouwers. Brabant zag de textielindustrie en de auto-industrie grotendeels verdwijnen. producten als steenkool, kleding en auto's kwamen niet meer van eigen bodem, maar werden met treinen, schepen en later vliegtuigen aangevoerd uit andere delen van Europa en uit landen aan de andere kant van de wereld.
  De globalisering van de economie zorgde voor een fundamentele verschuiving van functies en kansen tussen landen en dwong Nederland om zich opnieuw te positioneren. Maar wat moest er in de plaats komen van de maakindustrie? Er was geen panklaar antwoord op die vraag. De ernst en de urgentie van het probleem werd duidelijk aan het begin van de jaren tachtig op het hoogtepunt van een diepe wereldwijde crisis, toen de werkloosheid snel opliep. In 1983 telde Nederland meer dan zeshonderdduizenden werkzoekenden, 11 procent van de beroepsbevolking.
  Het kabinet-Van Agt stelde een commissie aan om de mogelijkheden te verkennen voor een nieuwe economische koers. Aan het hoofd van de commissie stond Gerrit Wagner, voormalig president-commissaris van Shell. De veranderende economie vroeg in zijn ogen om een nieuwe benadering. het dwong landen om de concurrentie met elkaar aan te gaan en te zoeken naar specifieke eigenschappen waarmee het die strijd kan winnen. Wagner verwoorde een van zijn belangrijkste aanbevelingen als volgt: 'Don't back the losers but pick the winners'. Zet je geld niet op het spreiden van kansen en het ondersteunen van de meest zwakke delen van het land, maar zoek de meest kansrijke regio's en economische sectoren en doe er alles aan om die te versterken. (pagina 65-66)

Terug naar Overzicht alle titels

zondag 14 maart 2021

Annelien De Dijn

Vrijheid : een woelige geschiedenis
Alfabet uitgevers 2021, 464 pagina's  - € 29,99

Verschijnt in april 2021

Biografie Annelien De Dijn (1977)

Korte beschrijving

Fragment uit

Fragment uit een interview
Vraag: 
Wat valt u als Vlaamse en als voormalig inwoner van de VS op aan de manier waarop in Nederland over vrijheid wordt gesproken?

‘In mijn perceptie is Nederland een heel neoliberaal land, waarin dat individualistische vrijheidsdenken diep is doorgesijpeld. Ook de officiële ideologie is heel liberaal. Rutte zei onlangs: ‘Nederland is een hartstikke socialistisch land.’ Daar ben ik het echt niet mee eens.

‘Nederland is volgens mij op twee manieren in verwarring als het om vrijheid gaat. Enerzijds zijn we dus vergeten dat vrijheid sinds de Atheense democratie een collectief begrip was. Samen verantwoordelijk zijn voor collectief bestuur wordt nu nauwelijks nog als vrijheid ervaren. Het neoliberale, individualistische vrijheidsbesef domineert, gericht op de eigen vrijheid om te doen waar je zin in hebt, te consumeren en te feesten zo veel je wil.

Vraag: En de tweede verwarring omtrent vrijheid?

‘Die betreft de vrijheid van meningsuiting. Toen dit concept in de 18de eeuw ontstond, werd het gebruikt om te strijden tegen de machthebbers: koningen, de katholieke kerk. Mensen als Voltaire bekritiseerden de macht met gevaar voor eigen leven en beriepen zich daarbij op het recht van vrije meningsuiting.

‘Mensen die nu op straat of op sociale media migranten of vrouwen of gehandicapten uitschelden, beroepen zich ook op hun vrijheid van meningsuiting. Vooral op rechts wordt het concept op deze manier ingezet. Dit is een laffe, oneigenlijke vorm van vrijheid van meningsuiting, bedoeld om minderheidsgroepen nog dieper het verdomhoekje in te trappen.’

Hoe zou het begrip vrijheid zich moeten ontwikkelen? Wat zijn de randvoorwaarden voor vrijheid in een duurzamere en gelijkere wereld?

‘Waar ik bezorgd over ben, is dat mensen de verkeerde conclusie uit de coronacrisis trekken. Dat ze gaan zeggen dat het op vrijheid gebaseerde westerse model ons de das heeft omgedaan. Dat China de crisis beter heeft aangepakt en dat we naar meer autoritaire structuren moeten. Ik denk dat de conclusie van corona moet zijn dat zelfbeschikking onverminderd belangrijk blijft, maar dat vrijheid ook betekent dat je als individu offers moet brengen voor de gemeenschap. 

‘Ik hoop dus dat de ervaring met corona en ook de crisis van 2008 ons helpen terugkeren naar een collectiever vrijheidsbegrip. Niet dat we blind vertrouwen geven aan de staat. Burgers moeten erbovenop blijven zitten om te controleren of de overheid haar beloften nakomt. Zoals Urgenda bijvoorbeeld, dat die rechtszaak tegen de staat begon omdat die de klimaatdoelstellingen niet nakwam.’

Lees: Het begrip vrijheid is gekaapt door de elite (De Volkskrant, 13 maart 2021)

Lees bijvoorbeeld ook Hoe vrij zijn wij? de machinaties van macht en de strijd voor onze toekomst van Raoul Martinez (uit 2017)

Terug naar Overzicht alle titels


Tien miljard monden

Tien miljard monden  : hoe we de wereld gaan voeden in 2050
Prometheus 2020, 383 pagina's  €24,99

Onder redactie van Ingrid de Zwarte & Jeroen Candel

Korte beschrijving
In 2050 zal de wereld tien miljard monden om te voeden kennen. We leven in een tijd waarin we voor de grootste uitdagingen rondom milieu, klimaat en gezondheid staan. In 41 verschillende hoofdstukken proberen 80 Wageningse auteurs een inkijk te geven in hun onderzoek naar het voedselvraagstuk en de vraag hoe de toekomstige wereldbevolking gevoed kan worden zonder de planeet uit te putten. Het gaat hierbij bijvoorbeeld over het verduurzamen van de landbouw, het eten van algen, het maken van betere keuzes in supermarkten en over de rol van verschillende instanties en consumenten. Mooi, informatief boek met korte en duidelijke hoofdstukken. De verschillende onderzoeken zijn verdeeld in 7 delen met aparte thema’s. De hoofdstukken zijn vlot geschreven en leesbaar voor een breed publiek. Mooie bundel, onder redactie van universitair docenten Ingrid de Zwarte en Jeroen Candel van Wageningen University, over een zeer actueel onderwerp.

Tekst op website uitgever
In 2050 telt de wereld tien miljard monden. Tegelijkertijd staan we voor de grootste uitdagingen rondom milieu, klimaat en gezondheid uit de geschiedenis. Hoe gaan we de toekomstige wereldbevolking voeden zonder onze planeet volledig uit te putten?

In dit bijzondere boek geven tachtig Wageningse topwetenschappers een uniek inkijkje in hun grensverleggende onderzoek naar het voedselvraagstuk. Hoe maken we onze landbouw duurzamer? Wat ligt er in de toekomst op ons bord? Hoe beschermen we onze natuurlijke hulpbronnen? En wat is hierbij de rol van consumenten, bedrijven en de politiek?

Tien miljard monden neemt de lezer mee op een ontdekkingsreis langs baanbrekende ideeën op het gebied van gezond en duurzaam voedsel. Van het eten van algen en insecten tot het terugdringen van pesticiden en voedselverspilling. En van het maken van betere keuzes in de supermarkt tot het bestrijden van honger in ontwikkelingslanden. Dit boek toont het brede scala aan innovaties die nodig zijn om onze planeet te voeden en te behouden voor toekomstige generaties.

De initiatiefnemers van dit boek maken deel uit van een nieuwe generatie Wageningse voedseldenkers.

Ingrid de Zwarte is universitair docent agrarische en milieugeschiedenis en onderzoeker bij het NIOD. Eerder verscheen haar boek De Hongerwinter bij Prometheus.

Jeroen Candel is universitair docent bestuurskunde. Naast zijn onderzoek naar voedselpolitiek is hij columnist voor Foodlog en adviseert hij nationale en Europese beleidsmakers.

Fragment uit (de) Epiloog
'This tiny country feeds the world'. Zo kopte National Geographic in september 2017 over de Nederlandse innovatiekracht op het gebied van landbouw en voedsel. Het stuk roemde de hypermoderne Nederlandse kassen en doorbraken op het gebied van zaadveredeling, met een prominente rol voor Wageningen en de omliggende Food Valley-regio als wereldwijd centrum voor landbouwinnovatie. De internationale erkenning werd in Nederland met groot gejuich ontvangen. En terecht: Wageningse kennis en technologie hebben een grote bijdrage geleverd aan het verhogen en verbeteren van de wereldwijde voedselproductie, en belooft dat in de toekomst te blijven doen.

  Tegelijkertijd is National Geographic's eenzijdige focus op het verhogen van landbouwefficiëntie door technologische innovatie grotendeels achterhaald. Hoewel productiviteitsverhoging een belangrijke uitdaging blijft, delen de meeste voedselexperts in dit boek de opvatting dat het wereldvoedselvraagstuk veel meer behelst dan het garanderen van de beschikbaarheid van voldoende voedsel. Uitdagingen op het gebied van milieu, klimaat, gezondheid en sociale rechtvaardigheid vragen om een systeembenadering van het wereldvoedselvraagstuk. Voor de oplossing van dit vraagstuk zullen alle actoren in het voedselsysteem zich moeten inzetten: voedselproducenten, leveranciers, supermarkten, ngo's, overheden, financiële instellingen en consumenten hebben ieder een rol te spelen. De vraag is dus niet 'hoe voeden we de wereld in 2050' maar 'hoe zorgen we in 2050 voor voldoende gezond voedsel, met respect voor onze planeet en alle mensen dieren die er leven?' (pagina 353)

Lees ook: De profeet en de tovenaar : twee grondleggers en hun concurrerende ideeën over een leefbare toekomst op onze planeet van Charles C.Mann (uit 2018) over een van de pioniers van de Groene Revolutie: Norman Borlaug ('de tovernaar').

Klik hier voor meer boeken over het voedselvraagstuk

Terug naar Overzicht alle titels


zondag 7 maart 2021

Kazuo Ishiguro

Klara en de zon
Atlas Contact 2021, 352 pagina's -  € 22,99

Oorspronkelijke titel: Klara and the Sun (2021)

Wikipedia: Kazuo Ishiguro (1954)

Korte beschrijving

Tekst op website uitgever
‘Klara en de Zon’ van Kazuo Ishiguro (winnaar Nobelprijs voor de Literatuur 2017) gaat over Klara, een zogenaamde Kunstmatige Vriendin met een uitstekend waarnemingsvermogen, die vanaf haar plek in de winkel nauwkeurig het gedrag gadeslaat van de kinderen die binnenkomen om rond te neuzen met hun ouders. Klara blijft hopen dat een kind haar zal kiezen. Wanneer dat eindelijk gebeurt, en haar bestaan voorgoed lijkt te veranderen, krijgt ze bij haar vertrek naar haar nieuwe gezin de waarschuwing dat ze niet al te veel waarde moet hechten aan de beloften van mensen. Maar Klara houdt haar eigen ideeën erop na. ‘Klara en de Zon’ is een adembenemend mooie roman die ons een blik gunt op onze veranderende wereld door de ogen van een onvergetelijke buitenstaander. Zoals vaker in zijn vindingrijke, verfijnde, aangrijpende oeuvre onderzoekt Kazuo Ishiguro ook hier wat het betekent om écht van iemand te houden.

Fragment uit

Interview: Ik kijk uit naar de volgende generatie (De Volkskrant, 6 maart 2021)

Lees vooral ook de roman De onvolmaakten van Ewoud Kieft (uit 2020) of enkele andere dystopische romans van déze lijst of enkele non fictie boeken van déze lijst.


Mark Nelissen 3

De standaardwaarde van de mens : de eeuwige strijd met oeroude genen
Lannoo 2020, 271 pagina's  -  € 22,99

Wikipedia; Mark Nelissen (1950)

Korte beschrijving
Zijn wij overgeleverd aan oeroude drijfveren die tegenwoordig geen nut meer hebben? Kunnen we met ons verstand en onze cultuur die invloed de kop in drukken? Mark Nelissen (gedragsbioloog, auteur van 'De bril van Darwin', 2000) houdt van prikkelende, stoute vragen en start zijn inleiding met de vraag: 'Gaat u naar de hoeren?' Zo sleurt hij op zijn bekende humoristische wijze de lezer het boek in. De titel duidt op de menselijke oorsprong en vooral op welke wijze oeroude genen vandaag de dag nog steeds invloed uitoefenen op ons gedrag. Hier spreekt een wetenschapsbeoefenaar pur sang over termen als seksuele jaloezie, overspel, mishandeling, emoties, genderidentiteit, de anti-wetenschappelijke hoek, Artificial Intelligence, spiritualiteit en crisis in de coronatijd. Hij gooit er zijn uitgesproken mening overheen. Ook in dit boek zet hij de vele onbewuste drijfveren om in kennis om zo geen slaaf van onze genen te zijn. En hoopt dat de evolutietheorie aanzet tot innerlijke rust. Zijn conclusie? Combineer Socrates' uitspraak 'Ken jezelf' met het begrijpen van de evolutionaire wortels voor een opgewekter gemoed.

Tekst op website uitgever
Tegenwoordig leven we in supergeconcentreerde omgevingen, bewegen we ons met een onvoorstelbare snelheid over de wereld, bestrijden we pijn met een pilletje en schieten we raketten af die honderden kilometers verder volledige steden kunnen platleggen. Kortom, ons leven is in niets vergelijkbaar met dat van onze verre voorouders, de jager-verzamelaars.

Alleen... we delen wel nog altijd dezelfde genen. Daarom vertonen we soms gedrag dat onaangepast lijkt te zijn aan onze moderne tijd.

In dit boek gaat gedragsbioloog Mark Nelissen op zoek naar de ware aard van de mens. Hij keert hiervoor terug naar onze oorsprong en bekijkt hoe onze fabrieksinstellingen ons vandaag nog altijd deels sturen, en hoe het samenspel tussen aangeboren en culturele krachten (nature/nurture) in ons gedrag ons vormt tot de complexe mens die we vandaag zijn.

Fragment uit Om te beginnen
Een lange voorgeschiedenis

Er is het verhaal van de schepping van de mens. Een of ander opperwezen - zijn naam varieert met de cultuur waarover je spreekt - heeft ooit de aarde met al zijn levende wezens geschapen. Bijvoorbeeld in zes dagen. Elke dag lag er een andere scheppingsdaad op uitvoering te wachten, beginnend bij licht en duisternis, eindigend bij de mens. Deze laatste moest 'heerschappij voeren over alle andere schepselen'. Buiten het feit dat dit laatste op niet veel goeds is uitgedraaid - denk aan dierenmishandeling, klimaatopwarming en het uitroeien van massa's planten- en dierensoorten - is dit ene mooi verhaal. Het is mooi omdat het zo eenvoudig en behapbaar is: je kunt in ene kwartiertje uitleggen waar we vandaan komen, en iedereen kan het zonder moeite begrijpen, nog makkelijker dan ene aflevering van Friends. Ja toch? Scheppingsverhalen zijn dan ook zeer populair, nog meer dan Friends.

Helaas, de realiteit is niet zo eenvoudig als in deze vertellingen. De schoonheid van een eenvoudig verhaal kan veel vragen en problemen maskeren. Bijvoorbeeld, waar kan een almachtig opperwezen vandaan komen op een ogenblik dat er nog niets bestaat? Hoe kan de materie, zeker in zijn meest complexe vorm - het leven - ontstaan als er in het absolute niets nog geen wetten van de natuurkunde bestaan? Dat een denkbeeldig opperwezen met een vingerknip oceanen kan doen ontstaan, is leuk, maar hoe leg je dat uit? Gelukkig biedt de wetenschap uitkomst. Dingen zitten veel logischer in elkaar dan in een verhaal, evenwel niet zonder een ander probleem: het is vele en vele malen ingewikkelder dan een leuke story. Om de wetenschappelijke beschrijving van de realiteit te begrijpen, heb je wat meer nodig dan een kwartiertje; denk eerder aan een lange studietijd.

Geen angst, het is hier niet de plaats om het wetenschappelijke alternatief voor een scheppingsverhaal grondig uit de doeken te doen. Wie hierin geïnteresseerd is, kan zijn gading vinden in mijn andere boeken. Op de bladzijden die u dadelijk leest, vat ik de belangrijkste lijnen kort samen, zodat u de nodige achtergrond hebt voor de rest van het boek. Wees gerust, ik houd het simpel. (pagina 14-15)

Lees ook Darwin in de supermarkt : of hoe de evolutie ons gedrag dagelijks beïnvloedt (2011) of Waarom we willen wat we willen : de invloed van de evolutie op wat we kopen, wat we doen, wie we graag zien en wie we zijn (uit 2004)

Terug naar Overzicht alle titels

Rob Oostveen

De digitale epidemie : hoe we kunnen afrekenen met online bedreigingen
Haystack 2020, 421 pagina's  -  € 23,50

Bio Rob Oostveen (1948)

Korte beschrijving
Uitgangspunt en conclusie na 419 pagina’s: er is weinig oog voor de keerzijde van de digitale ontwikkelingen die ons leven leuker en gemakkelijker hebben gemaakt. De auteur laat zien dat de digitale revolutie en de ontevredenheid bij burgers over de overheid, veel met elkaar te maken hebben: “De ironie is dat die ontevredenheid niet alleen voortkomt uit de gebrekkige manier waarop de overheid inspeelt op de digitale revolutie, maar dat die ontevredenheid op een digitale manier plaatsvindt en versterkt”. Daartoe zet Oostveen de geschiedenis van de digitale revolutie op een rij, waar en hoe digitalisering wordt toegepast en de invloed ervan op onze samenleving. Hij beschrijft het “Umfeld” van de digitalisering, wat we ervan kunnen verwachten en hij schetst hoe de nieuwe samenleving eruit gaat zien en hoe er de regie (te krijgen en) te houden. Resultaat: een lange opsomming die uitmondt in een politiek pamflet waarin Oostveen de overheid nogal wat tekortkomingen toedicht en er toch verantwoordelijkheden legt om die keerzijde van de digitale ontwikkelingen zo beperkt mogelijk te houden.

Fragment uit hoofdstuk 34. En hoe nu verder?
Wat moet er gebeuren?

Om te beginnen zullen we ons als burgers dienen aan te passen aan de invloed die de digitalisering, al dan niet ongemerkt, op onze samenleving gaat hebben. We dienen te waken voor misleiding en ons te wapenen tegen ongenuanceerde uitingen. We zullen anders gaan communiceren en pikken niet langer dat er dingen gebeuren waarvan we zien dat ze onjuist zijn. We zullen steeds vaker onze stem laten horen. We zullen daarbij ook meer van onszelf uitgaan, de samenleving wordt individualistischer. En daar houdt het nog lang niet mee op.
Maar wat nog belangrijker is, is dat we erop moeten kunnen vertrouwen dat de overheid ervoor zorgt dat onze welvaart, ons welzijn en onze vrijheid gewaarborgd blijven. Dat gaat allemaal niet vanzelf. Van de overheid zal een heel andere opstelling verwacht worden, er zal een andere politieke structuur en cultuur nodig zijn om ons de weg te wijzen.
Tegelijkertijd zien burgers het steeds minder zitten zich bij een politieke partij aan te sluiten of erop te stemmen, omdat vrijwel geen enkele partij een programma heeft waarin zij zich volledig kunnen vinden. Voor sommige thema's zouden zij van partij willen wisselen, maar eenmaal de stem uitgebracht, zit dat er niet meer in. Met de digitale middelen kunnen burgers per thema hun mening laten horen en hebben zij meer de behoefte hun stem dan ook per thema uit te brengen. Dit wijst op de noodzaak te gaan werken aan een directe democratie. Deze gedachte zet dan wel de partijpolitieke wereld op zijn kop, maar geeft prima weer wat de digitale wereld van zijn overheid verwacht.
Ons vertrouwen in de overheid is erg matig en alleen als de overheid de benodigde veranderingen bereid is door te voeren, kan dat vertrouwen op termijn weer teruggewonnen worden.
Gezien de centrale rol van de overheid zal het van hen afhangen of wij uiteindelijk op een passende wijze met de digitalisering om zullen kunnen gaan. (pagina 344)

Klik hier voor meer titels over digitale bedreigingen.

Terug naar Overzicht alle titels


Jaap Goudsmit

Vrij van corona : het begin van een nieuw tijdperk
Uitgeverij Pluim, 224 pagina's -  € 22,99

Wikipedia: Jaap Goudsmit (1951)

Korte beschrijving

Tekst op website uitgever
Viroloog Jaap Goudsmit werd net als iedereen overvallen door het coronavirus. Hij beschrijft in dit boek wat een jaar onderzoek door duizenden onderzoekers overal ter wereld opleverde en hoe feit van fictie te onderscheiden.

Hij stelt zich vragen die we allemaal hebben: waar komt het virus vandaan, verandert het virus tijdens zijn tocht over de wereld, waarom treft het virus kinderen vrijwel niet en ouderen zo zwaar, verspreidt het zich vooral zonder dat je er iets van merkt, wat is de oorzaak dat sommige mensen veel besmettelijker zijn dan anderen, hoe is het mogelijk dat zo snel goede vaccins zijn gemaakt, spelen het weer en het klimaat een rol bij de verspreiding en moeten we onze leefstijl veranderen om niet op de ic te belanden door dit virus of het volgende virus dat langskomt?

Jaap Goudsmit laat zien dat de wetenschappelijke vooruitgang de kennis heeft geleverd om pandemieën het hoofd te bieden. De oorzaak was binnen een paar maanden aangewezen en gekarakteriseerd, virustesten werden binnen een paar maanden gemaakt, vaccins werden binnen het jaar getest en kwamen meteen beschikbaar. Volgens Goudsmit is er een nieuw tijdperk aangebroken: het immunoceen, het tijdperk waarin we wereldwijd in staat zijn ons te beschermen tegen aandoeningen die onze levensverwachting en onze kwaliteit van leven negatief beïnvloeden.

Fragment uit 10. Staan we aan het begin van het immunoceen? Bij wijze van epiloog
We zijn in een tijdperk beland waarin pandemieën zich vaker zullen voordoen, omdat we de levensruimte van dieren die in het wild leven in razend tempo aan het beperken zijn en het klimaat verslechtert door de manier waarop we energie opwekken. Ergens in november 2019 werd een mens besmet met een vleermuisvirus, dat eind december een coronavirus bleek te zijn dat leek op een vleermuisvirus. Het virus heeft binnen een paar maanden alle uithoeken van de wereld bereikt. Sommige landen zoals Nieuw_Zeeland hadden het voordeel een eiland te zijn, dat van de buitenwereld kan worden afgesloten waardoor het het virus kon bedwingen. Maar in Azië bleken een paar landen echt in staat het virus in te tomen met draconische maatregelen zoals een volledige lockdown, waarbij de mensen in hun woning werden opgesloten en alleen op straat mogen voor de noodzakelijkste levensbehoeften. Alle verkeer ligt stil en de grenzen zijn potdicht. Elk mens is via apps, elektronische buttons en telefoon opspoorbaar en zijn of haar infectiestatus op elk moment traceerbaar. Testen werden naar de mensen gebracht, zodat iedereen makkelijk getest kon worden. Deze maatregelen werden genomen kort na de introductie van het virus in de populatie en voordat de logaritmische groei van de pandemie een paar duizend slachtoffers had gemaakt.

In het Westen bleek dit een onmogelijke opgave. (pagina 161-162)

Klik hier voor meer titels over corona en pandemieën

Terug naar Overzicht alle titels

Christopher Wylie

De grote dataroof : hoe onze persoonlijke gegevens gekaapt werden om de wereld Brexit en Trump te geven
Business Contact, 379 pagina's -  € 22,99

Oorspronkelijke titel: Mindf*ck : inside Cambridge Analytica's plot to break the world (2019)

Wikipedia: Christopher Wylie (1989)

Korte beschrijving
Recent werd bekend dat databedrijf Cambridge Analytica in het geniep een omvangrijk systeem van online psychologische massamanipulatie ontwikkelde. Daartoe verzamelde en misbruikte het persoonlijke Facebookdata van miljoenen mensen. Achteraf is gebleken dat hiermee de verkiezing van Trump en de Brexit-stemming zijn gemanipuleerd. De onthullingen zijn afkomstig van een gezamenlijk onderzoek van The Observer of London en The New York Times. Ze spraken met onder anderen de Canadees Christopher Wylie, een jonge jurist/datawetenschapper die toendertijd werkte bij Cambridge Analytica. Klokkenluider Wylie komt nu naar buiten met dit boek, vol gedetailleerde inside information over de schokkende praktijken van zijn oude werkgever. Zijn boek maakt pijnlijk duidelijk hoe kwetsbaar de gebruikers van sociale media zijn geworden, en hoe onze democratie onder vuur ligt zonder dat we het merken. Een verontrustende eyeopener; bestemd voor een flinke lezerskring.

Tekst op website uitgever

Fragment uit (de) Epiloog - Over regulering: een bericht voor wetgevers
Als we willen voorkomen dat een volgend Cambridge Analytica-schandaal onze civiele instellingen aanvalt, moeten we het gebrekkige systeem waarin het is ontstaan aanpakken. De congressen en parlementen van deze wereld zijn te lang voor het onjuiste idee gevallen dat 'de wet de technologische vooruitgang niet kan bijbenen'.  De technologische industrie houdt ervan om dit idee na te praten, want het zorgt ervoor dat wetgevers zich te dom of wereldvreemd voelen om zich tegen hun macht te verzetten. Maar het recht kan de technologische vooruitgang wel degelijk bijhouden, net zoals het dat heeft gedaan met medicijnen, civiele techniek, voedselnormen, energie en talloze andere zeer technische gebieden. Wetgevers hoeven de chemische eigenschappen van moleculaire isomeren in een nieuw kankermedicijn niet te begrijpen om een effectief evaluatieproces op te zetten of van de geleidbaarheid van koper in hoogspanningskabels op de hoogte te zijn om veiligheidsnormen voor isolatie op te stellen. Wij verwachten geen deskundige technische kennis van onze wetgever omdat wij de verantwoordelijkheid voor technisch toezicht aan toezichthouders delegeren. Regulering werkt omdat we mensen die meer verstand van zaken hebben vertrouwen om industrieën en innovaties te controleren en zodoende het publiek te beschermen. 'Regulering' is mogelijk een van 's werelds minst sexy woorden. het roept een beeld op van gezichtsloze ambtenaren met hun geliefde checklists en we zullen het altijd blijven hebben over de details van hun onvolmaakte regels - maar toch werken veiligheidsvoorschriften over het algemeen best goed. Als je eten koopt in een supermarkt of naar de dokter gaat, of als je in een vliegtuig stapt en tienduizend meter omhoog raast, voel je je dan veilig? De meeste mensen zouden hierop 'ja' antwoorden. Vraag je je ooit af of je over de chemische eigenschappen of de techniek ervan zou moeten nadenken? Waarschijnlijk niet. (pagina 361-362)

Lees o.a. ook Datadictatuur van Jan Kuitenbrouwer (uit 2018), of Datadictatuur van Brittany Kaiser (uit 2019) of kijk eens op deze overzichtspagina

Terug naar Overzicht alle titels

Hans Mulder

De ontdekking van de natuur
Terra 2021, 256 pagina's -  € 49,99

Hans Mulder (19?)

Korte beschrijving

Tekst op website uitgever
Vanaf de vroege zestiende eeuw verschenen er in Europa steeds meer studies waarin dieren en planten 'naar het leven' werden beschreven en verbeeld. In de daaropvolgende eeuwen werd het onderzoek naar de natuurlijke wereld verdiept en werd de kunst om die wonderbaarlijke natuur af te beelden geperfectioneerd.

In De ontdekking van de natuur vindt u twintig prachtige en rijk geïllustreerde verhalen over vogels, insecten, bacteriën, draken en nog veel meer. De beschreven ontdekkingen zijn doorspekt met anekdotes over de bijzondere mannen en vrouwen die er tussen 1500 en 1900 voor hebben gezorgd dat wij het leven om ons heen en dat van onszelf zoveel beter begrijpen. Lees over de draak die in 1572 op een akker bij Bologna werd verslagen, over Van Leeuwenhoek, die met behulp van de door hemzelf gemaakte microscoop bacteriën in zijn eigen tandplak ontdekte. Of over hoe de jonge Charles Darwin tijdens zijn reis met de Beagle inzichten kreeg die de basis legden voor zijn evolutieleer.

Hans Mulder is opgeleid als historicus en werkt als conservator natuurlijke historie van het Allard Pierson, de collecties van de Universiteit van Amsterdam. Hij publiceert over de geschiedenis van het boek en over hoe in de westerse samenleving de kijk op de natuur in de loop der tijd veranderde. Onderwerpen waarover hij ook doceert aan de UvA. Veel van de belangrijkste natuurhistorische handschriften, gedrukte boeken, tekeningen en aquarellen die Mulder in dit boek heeft gebruikt, zijn te vinden in de Artis Bibliotheek, onderdeel van het Allard Pierson.

Fragment uit (de) Inleiding
Het schrijven van een boek over de natuurlijke historie heeft een belangrijk pluspunt: het kan mooi worden geïllustreerd. Het zal duidelijk worden dat in het behandelde tijdvak 1500-1900 de ontwikkeling van de wetenschap op een paar uitzonderingen na min of meer gelijke tred houdt met de ontwikkeling van de teken- en schilderkunst. In de loop van de tijd werden de afbeeldingen steeds beter, fotografisch bijna. Sterker nog, beter dan fotografisch. Het is niet voor niets dat ook nu nog de meeste vogelgidsen zijn geïllustreerd met tekeningen en aquarellen. Zo kunnen bepalende kenmerken van ene vogel, of van elk ander dier of plant, veel beter zichtbaar worden gemaakt. En het allermooiste is misschien wel de illusie te scheppen dat de vogel nog leeft, vliegend in zijn eigen leefomgeving. In dit boek is dan ook volop ruimte gemaakt voor die wonderschone verbeeldingen van de natuur.

Artikel: Conservator Artis Bibliotheek Hans Mulder: ‘Heel lang vonden we het bestaan van draken heel gewoon’ (Trouw, 17 januari 2021)

Grijp voor de aardigheid tijdens het lezen af en toe eens terug naar Een kleine geschiedenis van bijna alles van Bill Bryson (uit 2004)

Terug naar Overzicht alle titels

Pieter Omzigt

Een nieuw sociaal contract
Prometheus 2021, 222 pagina's € 20,--

Wikipedia: Pieter Omzigt (1974)

Korte beschrijving

Tekst op website uitgever
Heel lang geloofden we dat Nederland af was. Maar schijn bedriegt. Pieter Omtzigt laat zien dat er in Nederland grote problemen zijn met macht en tegenmacht. De mechanismen van de rechtsstaat functioneren niet goed meer, zoals uit het kinderopvangtoeslagenschandaal is gebleken. Omtzigt pleit vanuit zijn eigen ervaringen in de politiek voor een nieuw sociaal contract.

Het is nodig om het vertrouwen tussen overheid en burgers te herstellen. Dat is zeker niet eenvoudig. We moeten instituties herbouwen door checks-and-balances te hernieuwen. Het vraagt ook om een andere mentaliteit van de overheid én van de burgers zelf. Er is geen simpele oplossing. Het hele weefsel van de rechtsstaat moet worden onderzocht en gerepareerd. In dit boek doet Omtzigt een aantal voorstellen daartoe.

Pieter Omtzigt (1974) is sinds 2003 Kamerlid voor het CDA, en zit sinds 2004 in de Parlementaire Assemblee van de Raad van Europa.

Dit boek is tot stand gekomen met medewerking van Welmoed Vlieger (1976), filosoof en columnist.

Fragment uit deel III. Hoe modellen Nederland bepalen
De econometrische modellen die voor beleid gebruikt worden, bestaan meestal uit een gestileerde beschrijving van de werkelijkheid in de vorm van een aantal aannames en een aantal vergelijkingen. Neem bijvoorbeeld een model voor de verkoop van elektrische auto's. Daarin wordt een aanname gemaakt hoe duur de batterij is - veruit het duurste onderdeel van de auto - en hoe die prijs zich de komende jaren gaat ontwikkelen. Daarnaast zijn er vergelijkingen die aangeven hoeveel auto's er verkocht worden. Dus de verkoop van kleine elektrische auto's hangt af van de prijs, maar ook van andere beschikbare auto's (kleine benzineauto's maar ook de net iets grotere elektrische auto's) en hun prijs, van de economische omstandigheden en meer. Die vergelijkingen worden naar beste vermogen geschat. Maar ook een simpel model bevat algauw tientallen aannames en schattingen. En al die aannames en schattingen zijn met onzekerheid omgeven.
  De gouden standaard in natuurwetenschappen is dat een experiment reproduceerbaar is. In de context van econometrische modellen houdt dit in dat je modellen openbaar moeten zijn, zodat duidelijk is welke aannames je maakt en welke schattingen je hebt. Op basis daarvan kan er vervolgens een discussie worden gevoerd over de gebruikte modellen en de gebruikte aannames. Het klinkt misschien verbazingwekkend, maar de overheid en de planbureaus hebben zich op geen enkele wijze gecommitteerd aan zo'n standaard. De modellen zijn vaak openbaar, maar ook regelmatig geheim. En het achterhalen van een aantal aannames kost grote moeite of is onmogelijk.
  Tegelijk wordt de output van modellen als absolute waarheid gepresenteerd, ook als een model keer op keer gefaald heeft bij voorspellen (zoals dit bijvoorbeeld bij elektrische auto's het geval was). Het is bijna onmogelijk om de discussie hierover aan te gaan. Niet alleen omdat sommige modellen geheim zijn, maar ook omdat je wordt neergezet als een slechte verliezer, zelfs als je van tevoren gewaarschuwd hebt. Want de media zijn, helemaal vlak voor de verkiezingen, kort en snel. (pagina 108-109)

Lees vooral ook 
Zo hadden we het niet bedoeld : de tragedie achter de toeslagenaffaire van Jesse Frederik (uit 2021),
Groter denken, kleiner doen van Herman Tjeenk Willink (uit 2018), 
Moreel leiderschap van Alex Brenninkmeijer (uit 2019) en
De grote verkilling van Geert Van Istendael (ook uit 2019).
En de impressies die Jan Schuurman Hess in 2014 in Voettocht naar het hart van het land : hoe sociaal en democratisch zijn we nog? opdeed. 

Terug naar Overzicht alle titels

dinsdag 2 maart 2021

Rebecca Henderson


Een nieuw kapitalisme voor een wereld in verwarring

Business Contact 2020, 349 pagina's € 29,99

Oorspronkelijke titel: Reimagining capitalism in a world on fire (2020)

Wikipedia: Rebecca Henderson (19?)

Korte beschrijving
De auteur, één van de meest vooraanstaande hoogleraren op Harvard, beschrijft in dit boek het nieuwe bedrijfseconomische denken. Voortbordurend op het 3P-model (People, Planet, Profit) geeft ze vele voorbeelden van het succes van dit nieuwe denken. Het aardige is dat ze daarbij een route kiest waarin bedrijfsontwikkeling en winst niet tegenover ecologisch denken staat en dat het nieuwe denken ook groei en innovatie kan bevorderen. Ondanks het feit dat het als zeer wetenschappelijk kan worden beschouwd (alleen al de voetnoten beslaan ruim 40 pagina's) leest het prettig; vaktaal wordt vermeden. Tevens voorzien van uitgebreid register. Actueel onderwerp en geschreven door één van de toppers op het terrein van dit nieuwe denken, waarin binnen het kapitalisme ruimte is voor duurzaamheid, rechtvaardigheid en gelijkheid.

Tekst op website uitgever
In ‘Een nieuw kapitalisme voor een wereld in verwarring’ legt Harvard-professor Rebecca Henderson uit dat alhoewel het kapitalisme de grootste bron van welvaart is die de wereld ooit gekend heeft, het succes ervan duur betaald wordt. Het kapitalisme staat op het punt de aarde te vernietigen, en de groeiende kloof tussen arm en rijk dreigt te zorgen voor maatschappelijke ontwrichting. Wat we nodig hebben is een heel nieuw kapitalisme, niet gericht op winst en groei, maar op duurzaamheid, rechtvaardigheid en gelijkheid. Dat klinkt abstract, maar er zijn al heel wat organisaties die laten zien dat het kan. Sterker nog, deze nieuwe aanpak blijkt grote strategische voordelen op te leveren: meer slagkracht en innovatievermogen, grotere betrokkenheid van de medewerkers en een beter imago. In ‘Een nieuw kapitalisme voor een wereld in verwarring’ combineert Henderson de inzichten uit haar lange onderzoekscarrière met inspirerende praktijkverhalen. Ze toont ons een haalbaar alternatief in deze tijd van extreme uitdagingen – maar ook van unieke kansen.

Fragment uit 1. 'Als de feiten veranderen, verander ik van gedachten. En wat doet u?'
Aandeelhouderswaarde als achterhaald idee

Het gevaar
Jarenlang hebben voorstanders van de ongecontroleerde vrije markt de Amerikaanse regering aangevallen. Maar het alternatief voor een sterke democratisch gecontroleerde regering is niet de zegevierende vrije markt. Het alternatief is een kapitalisme van vriendjespolitiek, of wat een ontwikkelingseconoom 'extractie' noemen, een politiek systeem waarin de rijken en de machtigen samen het land - en de markt - runnen om hun eigen belangen te dienen. Extractieve elites monopoliseren de economische activiteit en onderinvesteren (als ze al investeren) in het algemeen belang, in de vorm van wegen, ziekenhuizen, scholen en dergelijke.

Er wordt altijd een prijs betaald. Te veel nadruk op het algemeen belang gaat ten koste van de ondernemersdynamiek die de levensader van goed functionerende markten is. Te veel nadruk op economische vrijheid leidt tot de vernietiging van de maatschappelijke en de natuurlijke wereld en de gestage desintegratie van de instituties die de markt in evenwicht houden.

De geschiedenis van Rusland illustreert deze dynamiek. De Sovjeteconomie onder het communisme groeide veel langzamer dan de westerse economieën, terwijl ze bovendien de persoonlijke en politieke vrijheid aan banden legde. Na de val van de Berlijnse muur en de ineenstorting van het Sovjetrijk, omarmde Rusland van harte een volledig ongehinderde markteconomie in haar zuiverste vorm. Eén glorieus moment leek het erop dat Rusland een ontwikkelde markteconomie zou worden. Maar niemand dacht eraan om een prijs te verbinden aan niet doorberekende kosten; om instituties op te bouwen die wetgeving konden handhaven; om goed onderwijs en gezondheidszorg aan te bieden; of te zorgen dat bedrijven niet hun eigen regels konden bepalen. Achter al die vriendelijke gezichten waren de mannen met de geweren nog altijd de baas. De Russische staat verkocht zijn eigendommen - het overgrote deel van de economie - aan een kleine groep 'vrienden'., waarmee een uitgesproken akelige vorm van nepotistisch kapitalisme werd gecreëerd. De Verenigde Staten heeft 327 miljoen inwoners en een BBP van $21 biljoen. Rusland heeft ongeveer de helft van het bevolkingscijfers en een BBP van slechts $1,6 biljoen. Vrije markten kunnen niet zonder vrije politiek: goed functionerende instituties zijn belangrijk voor het bedrijfsleven. (pagina 34-35)

Lees o.a. Waarom sommige landen rijk zijn en andere arm van Daron Acemoglu en James Robinson (uit 2012), De limieten van de markt : de slinger tussen overheid en kapitalisme van Paul De Grauwe (uit 2014/2020) of kijk eens op deze literatuurlijst.

Terug naar Overzicht alle titels


donderdag 18 februari 2021

Jill Lepore 2

Dit Amerika : pleidooi voor een betere natie
De Arbeiderspers 2021, 143 pagina's € 20,--

Oorspronkelijke titel: This America, the case for the nation (2020)

Wikipedia: Jill Lepore (1966)

Korte beschrijving

Tekst op website uitgever
Dit Amerika is een vervolg op Deze waarheden, Jill Lepore’s veelgeprezen geschiedenis van de Verenigde Staten. In een tijd van grote wanhoop over de toekomst van de democratie, is dit boek een vurig pleidooi voor de waarden waarop het land gebouwd is. Nu gevaarlijke vormen van nationalisme in opkomst zijn, verwerpt Lepore het nationalisme door zijn lange geschiedenis uit te leggen, en de geschiedenis van het idee van ‘de natie’ zelf. Tegelijkertijd roept ze op tot een ‘nieuw Amerikanisme’: een genereus patriottisme dat een eerlijke afrekening met het verleden van de Verenigde Staten vereist.

Fragment uit XIV - Het einde van het liberalisme?
Tussen 1965 en 2000 groeide het conservatisme uit tot de dominante kracht in de Amerikaanse politiek. Conservatieven vielen het liberalisme aan, ze vielen de pers aan en de academische wereld. Ze namen de Republikeinse Partij over, het Witte Huis , het Congres en het Hooggerechtshof. De meeste Republikeinen hadden niets met het nationalisme en stonden er in feite afwijzend tegenover. Maar Trump was een nationalist in het kwadraat. Liberale en linkse krachten kwamen met antwoorden, maar zij hadden het nog maar zelden over de natie als natie.

In 1986, toen Carl Degler opstond om zijn voorzittersrede te houden voor de American Historical Association, hield vrijwel niemand onder zijn vakgenoten zich nog bezig met nationale geschiedschrijving of de zaak van de natie als zodanig. Degler zag het met lede ogen aan. En ik vermoed dat hij in 1989 al evenmin veel zal hebben opgehad met Francis Fukuyama's 'The End of History?'. Later, nadat de burgeroorlog in Bosnië was uitgebroken, kondigde de politicoloog en filosoof Michael Walzer grimmig aan: 'De stammen zijn terug.' Ze waren nooit weggeweest. Ze waren de historici alleen minder opgevallen omdat die er niet echt meer naar hadden omgekeken. (pagina 118)

Lees ook: Deze waarheden : een geschiedenis van de Verenigde Staten (2020)

Terug naar Overzicht alle titels

dinsdag 16 februari 2021

David Farrier

Voetafdrukken : op zoek naar de fossielen van de toekomst
Atlas Contact 2020, 334 pagina's € 24,99

Oorspronkelijke titel: Footprints : in search of future fossils (2020)

Bio David Farrier  (19?)

Korte beschrijving
Uit het Engels vertaalde visie op hoe wij met de huidige leefomgeving omgaan en wat daarvan over zal zijn in de verre tot zeer verre toekomst. Een duizelingwekkende beschouwing en reis in de tijd die aandoet als een koortsdroom, zowel door de pen en de brede aanpak van de auteur als door het buitengewoon confronterende realiteitsgehalte van het onderwerp. De auteur die als universitair docent Engelse literatuur hierin letterlijk alle grenzen heeft opgezocht, belicht de eindigheid en betrekkelijkheid van alles wat we nu als normaal beschouwen: steden en landen zullen verdwijnen door ons eigen toedoen en door de aardse processen. Geen makkelijke kost maar volop stof tot nadenken. Zeer bijzonder boek.

Tekst op website uitgever
In ‘Voetafdrukken’ neemt David Farrier onder de loep wat voor fossielen wij achter zullen laten. Wat blijft er over van onze huidige leefomgeving en de spullen van ons dagelijks leven? Hoe ziet de wereld van de toekomst eruit, over tienduizend jaar? Of tien miljoen jaar? Het Antropoceen laat overal zijn sporen na: in de lucht, de oceanen en op het land. Resten van steden, wegen en bruggen zullen als sporenfossielen in de diepe tijd opduiken. Maar ook nutteloos plastic in de oceaan en kernafval opgeborgen in aardlagen zijn niet zomaar weg. Zelfs de CO2 die we de afgelopen honderd jaar hebben uitgestoten zit nog honderdduizend jaar in de atmosfeer. De fossielen van de toekomst vertellen ons veel over hoe we leven in het nu. In ‘Voetafdrukken’ worden we uitgenodigd na te denken over hoe wij herinnerd zullen worden in de mythen en verhalen van onze verre nazaten. David Farrier rekt de grenzen van wat de mens vermag te verstaan op en verandert daarmee niet alleen ons tijdsbesef, maar ook onze blik op de wereld van vandaag.

Fragment uit (de) Inleiding. Sporen van een spookachtige toekomst
Voetafdrukken is mijn poging om erachter te komen hoe we in de zeer verre toekomst herinnerd zullen worden. Mensen zijn al eeuwen bezig het land en ecosystemen te veranderen, maar de veranderingen met betrekking tot de aarde en de steeds duurzamere materialen die we - vooral op het noordelijk halfrond - sinds de Industriële Revolutie hebben geproduceerd, hebben elkaar in een zeer rap tempo opgevolgd. Ze zullen langdurig hun sporen nalaten en alles overtreffen wat mensen eerder hebben voortgebracht. In mijn speurtocht naar toekomstige fossielen let ik op de lucht, de oceanen en de gesteenten, van een bolletje ijs uit het hart van Antarctica tot een rustplaats voor radioactief afval onder het vaste gesteente in Finland. Ik onderzoek de landschappen en voorwerpen die het langst blijven bestaan en de veranderingen die ze zullen ondergaan: de processen die een metropool zullen veranderen in een dun laagje beton, staal en glas in de bodemformaties, de toekomst van de 50 miljoen kilometer aan wegen die rond de aarde liggen en onze steden voorzien van producten die over grote afstanden zijn vervoerd, en de verhalen over deze producten zelf, zoals de vijf triljoen stukken plastic die nu al ronddrijven in de oceanen. (pagina 29-30)

Lees vooral ook De wereld zonder ons (uit 2007) en Aftellen : onze laatste kans op een toekomst op aarde (uit 2014) van Alan Weisman 

Terug naar Overzicht alle titels

Andere Lezers van Stavast-titels van deze uitgever


maandag 15 februari 2021

Marc Buelens

 

De verblinde samenleving : hebben we echt een catastrofe nodig om vooruitgang te boeken?
Lannoo 2020, 288 pagina's € 22,99

Bio Marc Buelens (1949)

Korte beschrijving
Wat valt er te leren van de coronacrisis? In dit boek stelt de auteur, een Belgische organisatiepsycholoog, het leervermogen van de maatschappij ter discussie. De eenzijdige oriëntatie van wetenschap, economie en politiek op groei heeft ons volgens hem veel verkeerde dingen geleerd. Aan de hand van bekende feiten en ontwikkelingen uit de afgelopen decennia op het gebied van wetenschap, economie en politiek laat hij zien hoe meer aandacht voor maatschappelijke leerprocessen een catastrofe kan voorkomen. Zo kan dit boek gezien worden als een bijdrage aan het publieke debat over het langere termijnperspectief na de coronacrisis. Leesbaar voor een breed publiek. Met eindnoten en een literatuurlijst..

Tekst op website uitgever
Hoe we als maatschappij fundamentele vooruitgang kunnen boeken
Hoe leert een samenleving? En vooral: waarom leren we zo vaak ook de verkeerde dingen? Het zijn vragen die verrassend weinig worden gesteld. Het lijkt wel alsof we altijd eerst een catastrofe nodig hebben voordat we vooruitgang kunnen boeken.

In dit boek brengt organisatie-expert Marc Buelens een messcherpe analyse van hoe samenlevingen zichzelf al te vaak in de voet schieten. Hij legt uit hoe de drie trekpaarden van onze maatschappij - wetenschap, economie en politiek - altijd maar lijken door te draven... en hoe ze onze 'luwe' systemen, zoals cultuur, zingeving en solidariteit, op die manier compleet dreigen te vertrappelen.

In plaats van de politieke besluitvorming te stroomlijnen, gezondheidscrisissen te managen of de immense uitdagingen inzake ongelijkheid, klimaat en milieu aan te pakken, blijven we in rondjes draaien. Wat kunnen we dan leren opdat het coronadebacle geen generale repetitie voor de klimaatcrisis wordt? Kunnen we onszelf uit het moeras trekken of blijven we blind voor onze catastrofale leerprocessen?


Fragment uit 1. Even de pauzeknop indrukken

Er zetelen haast uitsluitend wetenschappers, economen en politici in de leidende organen. Zelden bespeur je andere figuren aan de top van de nieuwe maatschappelijke piramide. Als het er echt op aankomt, is er geen plaats voor dichters, gewone ouders, bisschoppen, zieners, toneelspelers, leerkrachten. Hier en daar mag een historicus of een psycholoog een probleem duiden. De wereld moet gered worden. Dat doe je met sterke systemen. De luwe systemen leiden niet, zij dienen vooral het volk te troosten en te entertainen: ontroerende kindertekeningen aan de ramen, een operazanger die vanaf zijn balkon zingt, knuffels, een kolonel die moedig in zijn tuin stapt achter zijn rollator en 44 miljoen pond verzamelt voor de Britse Nationale Gezondheidsdienst NHS. De vrije pers bezingt vooral de lofzang van de kleine burger, zijn heldhaftigheid, creativiteit, volgzaamheid en geduld. Ze is aanvankelijk opvallend minder kritisch dan gewoonlijk voor de luide systemen. Media tonen naast veel lijden vooral de mooie zijde van de mens: solidariteit, respect, betrokkenheid, dankbaarheid. Maar in de comités die over onze toekomst beslissen, of tijdens de grote persconferenties, zijn de luwe systemen opvallend afwezig. Die behoren tot ons privéleven. Ze staan op het niveau van puzzelen, behangen of in de tuin werken. 
Wetenschap, economie en politiek zijn de laatste decennia vooral gericht op groei en hebben ons in die periode welvarend, gelukkig en vrij gemaakt en ons (volgens sommige pessimisten althans) compleet vervreemd van onszelf. Zij hebben ons weliswaar niet kunnen beschermen tegen het onheil, maar moeten ons nu wel uit de modder trekken.

Voor mij werd duidelijk dat we met z'n allen vele verkeerde dingen hebben geleerd. Zijn we het slachtoffer geworden van verslaving, een ontspoord leerproces? Hebben we ons dagelijks leven al te zeer laten domineren door het credo 'shop till you drop', technologie en populistisch gezwets? Ik vrees dat onze maatschappij op sleeptouw is genomen door veel te intense leerprocessen, bewust én onbewust ontworpen door het vermelde driespan. Die leerprocessen hebben ons verblind, ook voor de mogelijke driegingen die met hoge snelheid op ons afkwamen. Tijdens intense leerprocessen focussen we op één zaak en vergeten de rest. Wie met de auto leert rijden, sluit tijdelijk zowat alle signalen van zijn omgeving uit. Zijn we met z'n allen verblind voor wat kritische denkers existentiële risico's noemen? Voor rampen zo groot dat het voortbestaan van de mensheid zelf ervan afhangt?  (pagina 12-13)

Terug naar Overzicht alle titels

Andere Lezers van Stavast-titels van deze uitgever