woensdag 22 september 2021

Marjolijn van Heemstra

In lichtjaren heeft niemand haast : een zoektocht naar meer ruimte in ons leven
De Correspondent 2021, 178 pagina's € 20,--

Wikipedia: Marjolijn van Heemstra (1981)

Korte beschrijving
Auteur (1981) is van jongs af aan geïnspireerd door verhalen van en over astronauten. Ze is theatermaker én speler in veelal activistische voorstellingen. Ze schrijft in De Correspondent (online journalistiek platform) over de vraag hoe de ruimte ons kan helpen anders naar de aarde te kijken. Dit is ook het thema van de 18 korte hoofdstukken, waarin leuke en soms interessante wetenswaardigheden over onder meer de geschiedenis van de ruimtevaart en mensen die hierin iets betekend hebben. De ruimte waarover geschreven wordt is meer dan het heelal, het is tevens de ruimte in ons hoofd. Ruimte, waardoor je de aardse beslommeringen in meer perspectief gaat zien. Bovenal is het een persoonlijke zoektocht naar het kosmologisch bewustzijn. Een fijne mix van hersenspinsels van de auteur over haar woon- en werkomgeving, astronauten en ruimtevaart. Geschikt voor wie wil leren nadenken over zichzelf in de oneindigheid van de ruimte. Veel inspirerende informatie in de nauwkeurige bronvermelding achterin. Vlot geschreven, bijwijlen filosofisch en met aandacht voor poëtisch perspectief.

Tekst op website uitgever
Als we in deze tijd ergens te weinig van hebben, dan is het ruimte. Ruimte in onze agenda’s. Ruimte in ons hoofd. Ruimte in ons leven.

Maar wat als we het bestaan vanaf de grootst denkbare afstand bekijken?

Marjolijn van Heemstra neemt je mee op een intrigerende reis door de ruimte die we op aarde missen, en de ruimte die ons tegelijkertijd overal omringt.

Langs de vierkante meters waarop we elkaar in de weg lopen, tot de cirkels die we trekken om de zon. Want terwijl de wereld benauwder wordt en ons leven gehaaster, ontdekte ze: in lichtjaren heeft niemand haast.


Fragment uit 1. Verlangen naar uitzicht

De eerste keer dat ik de Hubble Extra Deep Field zag was in 2006 in de Space Expo, het museum naast de European Space Agency (ESA) in Noordwijk. Dat jaar had ik me voorgenomen huisdichter te worden van de ESA. Ik was al lange tijd gefascineerd door de ruimte. De kosmos was voor mij de plek van het niet-weten, niet-zien. Het besef daardoor omgeven te zijn, heb ik altijd bevrijdend gevonden.
  Ik mailde de Space Expo met de vraag of ik het museum mocht gebruiken als tijdelijke werkplek. Ik schreef erbij dat ik eigenlijk astronomie had willen studeren maar dat het godsdienstwetenschappen werd, met een specialisatie in islamitische mystiek, een andere route naar het mysterie. De toenmalige directeur, Rob van den Berg, stuurde een vriendelijke mail terug. Het was prima als ik af en toe in de Space Expo wilde komen schrijven.
  Die foto, de Hubble Ultra Deep Field, hing voor een lichtbak vlak bij de ingang van de expositieruimte, in een verder verduisterde gang. Ik heb er ochtenden lang betoverd naar gekeken. De onbevattelijkheid van duizenden sterrenstelsels met daarin honderden miljarden sterren.
  Maar het lukte me niet er een gedicht over te schrijven. Ik kwam niet verder dan één strofe. Daarin bracht ik het schervenveld in verband met een joodse scheppingsmythe waarin een vat vol licht in miljarden stukken breekt. Al die stukken vormen, volgens de mythe, uiteindelijk het leven. De mensen, de dieren, zelfs de woorden: heilige scherven licht. In die mythe blijft elke scherf licht heimwee houden naar het vat waarin alles bij elkaar was. Dus ontstaat elke ontmoeting tussen scherven uit verlangen van licht naar nog meer licht, of die scherven nu mensen, dieren, planten of letters zijn.
  De gebroken wereld is een verlangende wereld.

Terug naar Overzicht alle titels

Geen opmerkingen:

Een reactie posten

De redactie behoudt zich het recht voor reacties te verwijderen