zaterdag 20 juli 2019

Marian Donner


Zelfverwoestingsboek : waarom we meer moeten stinken, drinken, bloeden, branden & dansen

Das Mag 2019, 142 pagina's -  € 18,99

Lenen als E-book via bibliotheek.nl

Website Marian Donner (1974)

Korte beschrijving
Marian Donner studeerde psychologie. Ze werkte in de politiek, het nachtleven en deed ontwikkelingswerk. Eerder schreef ze twee romans: '08.30 uur: opstand' (2006) en 'Lily' (2011). Ze schrijft daarnaast voor De Groene Amsterdammer, de Volkskrant en NRC Handelsblad. Het boek is opgebouwd in de hoofdstukken: Stink, Drink, Bloed, Brand en Dans. Marian Donner deelt haar mening over de wereld van nu, met een maatschappijkritische invalshoek en een grote twijfel over het leven anno nu. Zij geeft kritiek op ons verlangen om continu een betere versie van onszelf te worden: slanker, gelukkiger en succesvoller, en op ons conformeren aan wat van ons wordt verwacht. Daardoor lijden we steeds meer aan depressies, angststoornissen en het medicijngebruik neemt drastisch toe. In dit boek geeft de auteur haar mening over de zelfhulpindustrie en is zij kritisch naar de mensheid. Zij geeft aan dat we moeten durven falen en vergeven om zo een betere versie van onszelf te worden. Echter: het dunne boekje is niet meer dan een korte mening in honderdveertig pagina’s..

Tekst op website uitgever
Nooit zijn er meer boeken, cursussen, YouTube video’s en Ted Talks geweest die ons vertellen hoe we een betere versie worden van onszelf: gezonder, gelukkiger, slanker en succesvoller. Als we maar ons huis opruimen, mediteren, falen als een les zien, problemen als uitdagingen, in het nu leven en geen fuck geven, komt alles goed. We geloven het, kopen het, proberen het: de zelfhulpindustrie is een van de grootste industrieën ter wereld.

Ondertussen lijden steeds meer mensen aan depressie, angststoornissen en burn-outs, en neemt het medicijngebruik explosief toe. Waarom? Omdat we nog steeds denken dat er iets mis is met ons, dat wij degenen zijn die moeten veranderen, dat het onze schuld is dat we niet meekomen. Maar wat als de zelfhulpindustrie geen medicijn is, maar onderdeel van de kwaal?

Dit zelfverwoestingsboek is een oproep om de teugels te laten vieren, om strengheid te vervangen door vergevingsgezindheid, om te falen, ongezond en lelijk te zijn, om af te wijken van de norm, en zo een systeem te ondermijnen dat ons allemaal naar beneden haalt. Door te stinken, drinken, bloeden, branden en dansen!
Wikipedia: Marian Donner 9198

Fragment uit Een ronde pin in een vierkant gat te zijn, deel 1 
En daar zit je dan, thuis op de bank. Je hebt geen cent te makken, je zit vast in een bullshitbaan en je hangt zo langzamerhand tegen een burn-out aan. Het lukt je nauwelijks om zonder walging in de spiegel te kijken. Omdat je al zo vaak een druktemaker bent genoemd, slik je sinds kort Ritalin.
  Dit is de hedendaagse realiteit. De gekken uit de Apple-reclame? Die heten tegenwoordig 'verwarde mannen'. Buitenstaanders zijn losers. Rebellen kopen een T-shirt van The Clash bij H&M. Geen baas zit te wachten op werknemers die 'niet dol op regels zijn'.
  En wie zich een ronde pin in een vierkant gat voelt, leest een zelfhulpboek - zeven stappen naar succes, tien stappen naar geluk, honderd dingen die je nog gedaan moet hebben, duizend dingen  die je nooit meer moet doen. Opdat je jezelf alsnog in dat gat kunt wurmen. Want dat is wat al die zelfhulpboeken, artikelen, TED Talks, lezingen, cursussen en coaches, je in feite geven: regels. Regels zodat je beter zult functioneren en beter aangepast raakt aan de status quo.
  Erbij horen. Meedoen. Dat is waar het om gaat.
  Wees positief, loop rechtop, ruim je huis op, maak 's ochtends je bed op, verlaat je comfortzone, breng routines aan, stel prioriteiten, ken je kracht, werk aan je zwaktes, luister naar anderen, negeer slecht advies, wees dankbaar. En lach. lach echt, het soort lach waarbij ook je ogen meedoen, het reduceert stress. Doe aan sport, doe aan mindfullness, leer je woede en angsten beheersen, eet gezond, groene smoothies, avocado's: alleen als je lichaam optimaal presteert, zal ook je geest dat doen. Maak een plan, hou je eraan, want je kunt het, yes you can, eat that frog, spark joy, geef geen fuck en denk anders!
  Net als in de reclame is het allemaal even inspirational. Motivational. Empowering. En net als in reclames ligt het probleem altijd bij jou. Think Different, Dream Crazy, Impossible is Nothing: het is het idee dat de enige die je tegenhoudt jijzelf bent. Vergeet dus de producten, vergeet hoe ze zijn gemaakt, vergeet de wereld om je heen en de politieke en sociaaleconomische structuren die daarin heersen. Geloof in plaats daarvan in de neoliberale droom waarin alleen jij, ja, jij alleen, het heft in handen hebt. Als je maar op de toppen van je kunnen speelt, ook al val je erbij neer - 'Believe in something, even if it means sacrificing everything.'
  Het politieke is persoonlijk gemaakt, problemen zijn geprivatiseerd. Het is een kinderlijke manier van denken - ook kinderen geven zichzelf overal de schuld van, of het nu is dat hun ouders gaan scheiden of dat ze worden gepest. En toch heb je de boodschap in 'dank submission' overgenomen. je bent gaan denken dat jij het probleem bent. Dat het aan jou ligt dat je nog steeds niet gelukkig bent, succesvol bent, en zo langzamerhand tegen een burn-out aanhangt. En dus heb je Headspace aangeschaft. Een polsbandje telt je stappen, een app meet je slaap, je probeert niet meer op het negatieve te richten, maar positief te zijn. In de supermarkt negeer je kwade gezichten. Als je baas je slecht behandelt, bedenk je dat hij het vast ook moeilijk heeft. Je houdt een dankbaarheidsboek bij.
  Het is geen zelfhulp, nee, je noemt het zelfzorg. Je doet het uit liefde voor jezelf. Je doet het omdat je het gevoel hebt dat het beter kan, dat er meer moet zijn dan dit. Maar wat de zelfhulpindustrie je uiteindelijk biedt, is niets meer dan een heleboel trucs, buffers en lifehacks om het langer vol te houden. Opdat je het spel beter meespeelt en vergeet hoe onbegrijpelijk deze wereld eigenlijk is. Wat je vooral leert, is om je woede en angst op een lelieblad aan je voorbij te laten trekken en te verdragen wat eigenlijk ondraagbaar is.
  Dat gevoel dat het beter kan, dat er meer moet zijn dat dit, dat klopt. Alleen ben jij niet degene die jezelf tegenhoudt. (pagina 14-17)



Artikel: Een antikapitalistisch zelfhulpboek (NRC, juli 2019) en  Hoe komt het toch dat de consument in ons alles ruïneert, verwoest, platbrandt, sloopt en te gronde richt wat de burger en de onderzoeker in ons dierbaar is? (augustus 2019)

Lees bijvoorbeeld ook: De vermoeide samenleving van Byung-Chul Han (uit 2012), Heerlijke nieuwe wereld van Aldous Huxley (19), 21 lessen voor de 21e eeuw van Yuval Noah Harari (2018), Identiteit van Paul Verhaeghe (2012), Borderline times : het einde van de normaliteit van Dirk De Wachter (2012), De ogen van de ander : de sociale bronnen van zelfkennis van Christien Brinkgreve  (2009) of Waarom zijn we niet gelukkig? van Richard Layard (2005)

Terug naar Overzicht alle titels

donderdag 11 juli 2019

Clive Thompson

De coders : een kijkje in het hoofd van programmeurs, de machtigste beroepsgroep ter wereld

Maven 2019, 400 pagina's -  € 20,99

Oorspronkelijke titel: Coders : the making of a new tribe and the remaking of the world (2019)

Wikipedia: Clive Thompson (1968)

Korte beschrijving
Clive Thompson is een bekende wetenschaps- en technologiejournalist die publiceert in NYT Magazine en Wired. In het boek 'De coders' snijdt hij een urgent onderwerp aan: wat voor mensen zijn programmeurs, hoe denken ze en wat voor invloed heeft dat op ons dagelijks leven? Thompson behandelt veel clichés en ideeën over programmeurs en weet ze vaak te ontkrachten of te nuanceren. Zo heerst het idee dat iedereen welkom is en een kans maakt, terwijl in de praktijk veel mensen (vrouwen, minderheden) het toch moeilijker hebben als ze in de ICT-sector willen werken. Wat zeker is, is dat veel programmeurs een slag mensen zijn met specifieke vaardigheden en vaak non-conformistische, antiautoritaire opvattingen die interessant (en soms vermakelijk) zijn om te lezen. Dit boek heeft een hoge urgentie en geeft een kijkje in het heden en de nabije toekomst. Anderzijds is het werk een prachtige samenvatting van de nog korte geschiedenis van het programmeren. Dit werk is zo geschreven dat het geschikt is voor een breed publiek. Voorzien van een register. Goede kwaliteit vertaling.

Tekst op website uitgever
Welkom in de 21e eeuw: het tijdperk waarin programmeurs de dienst uitmaken. Facebooks algoritmes bepalen het nieuws, WhatsApp domineert onze communicatie en ons liefdesleven wordt gestuurd door datingapps. Onze wereld draait op computercode, en die is geschreven voor programmeurs.

Clive Thompson, een van de meest invloedrijke tech-denkers van dit moment, geeft een onthullende analyse van deze onzichtbare architecten van de maatschappij. Ze hebben een passie van logica, een obsessie met efficiëntie en een extreme tolerantie voor tegenslagen. Wie zijn deze programmeurs precies, wat drijft hen en het allerbelangrijkst: hoe beïnvloedt hun manier van denken ons dagelijks leven?

Van cryptohackers tot AI-ontwikkelaars, van backend-engineers tot frontend-designers, van de allereerste coders (pionierende vrouwen) tot de huidige ‘disruptors’ in Silicon Valley (en alles ertussenin) – Thompson biedt je een alomvattende blik in het hart van de IT-machine.

Clive Thompson schrijft voor The New York Times Magazine en is columnist voor Wired en Fast Company. Hij brak door met zijn veelbesproken boek We worden steeds slimmer: Hoe apps, gadgets en social media ons intelligenter maken.

Fragment uit 3. Voortdurende frustratie en uitbarstingen van vreugde
Bovendien gaat het bij het overgrote deel van het programmeerwerk om het in kleine stukken breken van een grote, moeilijke taak. Je schrijft niet in één klap één groot ronkend programma. Je schrijft kleine brokjes code, kleine subroutines - functies, modules - die wanneer ze aan elkaar worden gekoppeld de grote taak uitvoeren. Als je ontbijt maakt, kun je elke handeling die je uitvoert zien als een functie: de eieren breken is een functie (breekeieren()), net als boter op de toast smeren (beboter - toast()). Koppel ze aan elkaar in een logische flow en daar is je hoofdprogramma.
  Wanneer je aan het programmeren bent, concentreer je je in het algemeen op het bouwen van één functie tegelijk, en nadat je die hebt geschreven word je geacht die te testen om zeker te weten dat ze werkt. Als je dagenlang hebt geschreven aan een lang programma zonder de verschillende componenten te testen, zal dit vrijwel zeker fout gaan wanneer je het probeert uit te voeren, en dan is het misschien erg lastig om uit te zoeken in welk deel (of welke delen) van het programma het probleem zit. Daarom doe je het stukje bij beetje en test je gaandeweg. Je geniet elke keer dat een functie voor de test slaagt van een 'succesje'.  Met als eindresultaat dat dit een opvallend bemoedigend gevoel van vooruitgang oplevert.
  Uit onderzoek door professor Teresa M. Amabile van Harvard en onderzoeker Steven J. Kramer is gebleken dat werknemers het gelukkigst zijn in een baan waarin ze 'de kracht van kleien successen ervaren: regelmatige, dagelijkse, zichtbare vooruitgang. Ze vinden het vreselijk als ze slechts de vage notie hebben dat ze iets hebben gepresteerd, maar als ze elke dag een concreet moment van succes beleven, zijn ze blij. Van programmeren kreeg ik precies dat gevoel van een lineaire, regelmatige prestatie. Van schrijven kreeg ik dat zelden. Van het maken van een boek krijg ik altijd meer het idee dat ik een boot over een mistig meer moet loodsen. Ik weet dat ik uiteindelijk op mijn bestemming zal komen, maar ook dat het een reis vol nagelbijtende twijfel over mijn positie zal zijn. (pagina 94-95)

Lee s ook: Algoritmisering, wen er maar aan! van Jim Stolze (uit 2018)

 Terug naar Overzicht alle titels

Marleen Stikker

Het internet is stuk : maar we kunnen het repareren
De Geus 2019, 256 pagina's - € 20,--

Lenen als E-book via bibliotheek.nl

Wikipedia: Marleen Stikker (1962) en website De Waag

Korte beschrijving
Het internet is stuk: het is overgenomen door multinationals als Facebook, Alphabet (Google) en Amazon die als belangrijkste verdienmodel het verzamelen van gebruikersdata hebben om er heel veel geld mee te verdienen. Dat is in de hand gewerkt door hun gratis apps waarvoor de gebruikers wel hun vrijheid en privacy moesten opofferen. Dit systeem wordt in stand gehouden doordat startups veelal gebruik moeten maken van durfkapitaal van dezelfde multinationals. En als het een startup dan toch lukt om zonder hun hulp groot te worden, dan wordt het door die multinationals gewoon opgekocht. Maar we kunnen het repareren. Dat kan bijvoorbeeld door gebruikers te stimuleren goede alternatieve apps te gebruiken, door alternatieve financiering, door een overheid die gaat reguleren met wetgeving, hoge boetes en aanpassing van het verdienmodel zonder het verzamelen van data. Dit alles en nog veel meer wordt met voorbeelden beschreven in deze prettig leesbare paperback met in Deel I de geschiedenis, in Deel II de huidige situatie en in Deel III hoe we in de komende 25 jaren het tij kunnen keren.

Korte tekst op website uitgever
Het internet moet gerepareerd worden. Onze digitale omgeving, ooit ontstaan als vrije ruimte, wordt nu bepaald door het grote geld van techreuzen. We zijn de grip op ons online leven kwijtgeraakt. We worden afgeluisterd, gestuurd, gevolgd, geleefd, en dat hebben we zelf laten gebeuren.

Fragment uit Deel 2. Het internet nu
Surveillance is een verdienmodel
Zo ongeveer alles op het internet van vandaag draait om het ontfutselen van data en het manipuleren van gedrag. Vanaf het allereerste moment bestond de mogelijkheid om computers te hacken, met gebruikers mee te kijken en fake content te verspreiden. De exponentiële groei van het internet betekent ook een exponentiële groei van die problemen; misbruik maken van het vertrouwen van mensen vormt nu het uitgangspunt van menig businessmodel. We worden op sociale media en in zoekmachines gebombardeerd met clickbait en desinformatie: de bedrijfsmodellen van nagenoeg alle techbedrijven zijn erop gebaseerd. Big Brother, George Orwells symbool voor een staat die zijn burgers beloert en onderwerpt aan permanente surveillance, heeft Grote Neven gekregen. Het zijn nu bedrijven die consumenten beloeren en een kant op dirigeren die voor hen financieel aantrekkelijk is.
  Tot dusver gebeurde dit achter de schermen, maar sinds kort wordt op maat gemaakte manipulatie ook open en bloot aan de consument aangeboden. Voor luttele tientjes kun je een dienst afnemen die voor jou een persoon naar keuze mentaal zal proberen te beïnvloeden. The Spinner is zo'n service. 'Want your wife to initiate sex?' 'Get your boyfriend to propose!' 'Get your coworker to quit their job!' Je kiest een campagne en geeft aan voor wie de campagne is bedoeld. Voor 49 dollar krijg je ene link, die je doorspeelt aan de persoon in kwestie. Als deze daarop klikt wordt er een cookie geïnstalleerd op diens telefoon. Vanaf dat moment krijgt de target drie maanden lang op de websites die hij of zij veel bezoekt een bombardement van nepartikelen met de gewenste strekking te zien. Zonder omhaal legt The Spinner uit wat de intentie is: 'Een service waarmee je een bepaalde persoon onbewust kunt beïnvloeden, door controle uit te oefenen op de inhoud van de websites die hij of zij gewoonlijk bezoekt. De beoogde persoon wordt herhaaldelijk blootgesteld aan honderden items die worden geplaatst en vermomd als redactionele inhoud.' Zo kunnen we allemaal ons eigen brexitje spelen. (pagina 95-96)

Joseph E. Stiglitz


Winst voor iedereen : progressief kapitalisme in een tijd van onvrede

Athenaeum, Polak & Van Gennep 2019, 368 pagina's - € 22,50

Lenen als E-book via bibliotheek.nl 

Oorspronkelijke titel: People, power and profits : progressive capitalism for an age of discontent (2019)

Wikipedia; Jospeh E. Stiglitz (1943)

Korte beschrijving
'Progressief kapitalisme in een tijd van onvrede', zo luidt de ondertitel. Daarmee wordt bedoeld dat het huidige kapitalisme in Amerika onevenwichtig is en dat de werkelijke rijkdom zit in vooruitstrevende zaken zoals wetenschap, onderwijs, technologie en wetshandhaving. Wat volgens dit boek onjuist is, is dat Amerikaanse handelsakkoorden niet in het belang zijn van de werknemers, dat de financiële sector schade aanricht en dat veel macht wordt misbruikt door grote privébedrijven. Het roept op tot collectief handelen en een heldere rol van de overheid. Deel twee richt zich op verbeteringen op weg naar een nieuwe Amerikaanse politiek en economie. Essentieel daarin zijn: herstel van de democratie, eerlijke kansen voor iedereen, fatsoenlijke gezondheidszorg, pensioen, onderwijs en woningbezit en herstel van waarden. De auteur kreeg in 2001 de Nobelprijs voor economie en is hoogleraar in New York. Een boek voor geïnteresseerden in mondialisering en ontwikkelingen in Amerika.

Korte tekst op website uitgever
Joseph Stiglitz beschrijft hoe het vrijemarktdenken is ontspoord, vooral in Amerika. Maar daar niet alleen. Kern van het probleem is dat een paar grote bedrijven de markt zijn gaan overheersen. De overheid staat erbij en kijkt ernaar. De financiële sector ging zijn eigen gang, wat leidde tot de crisis van 2008. Technologiebedrijven eigenen zich inmiddels op ongekende schaal persoonlijke data toe en in handelsovereenkomsten worden de belangen van de werknemers vergeten. Welvaart wordt op steeds grotere schaal gestolen in plaats van gecreëerd.
Stiglitz laat zien wat we nodig hebben voor welvaart en een hoge levensstandaard: onderwijs, wetenschappelijke en technische vooruitgang, verantwoordelijkheidsbesef en de rechtsstaat. Hij pleit voor eerherstel voor de instellingen die lijden onder de macht van de grote ondernemingen: de rechtspraak, de universiteiten, de media, ja de democratie zelf.
We moeten de markten zo reguleren dat ze de belangen van de mensen dienen in plaats van andersom. Dat is een politieke keuze. Stiglitz staat voor een progressieve vorm van kapitalisme met een gezonde economische groei. Alleen zo komt een fatsoenlijk bestaan voor iedereen weer binnen handbereik.

Fragment uit 11. Amerika zoals het bedoeld was
Bevordering van het algemeen welzijn
In dit boek heb ik een alternatieve agenda gepresenteerd - die we een progressieve agenda zouden kunnen noemen. Het centrale motto daarvan is een deel van het voorwoord van de grondwet: 'de bevordering van het algemeen welzijn'.  Dat algemeen welzijn is dus niet alleen het welzijn van die ene procent, maar echt van iedereen. Ik heb een basis geschetst die naar mijn idee zou kunnen dienen als consensus voor een vernieuwde Democratische partij. Zo kunnen we laten zien dat die partij niet alleen oppositie voert tegen Trump en waar hij voor staat, maar het soort waarden koestert die ik eerder in dit hoofdstuk al even beschreef. Er bestaat een visie op hoe we er nu voorstaan, waar we naartoe willen, wat we willen zijn en hoe we dat bereiken, en we hebben een idee van een nieuw eenentwintigste-eeuws sociaal contract om dit tot stand te brengen en in stand te houden. Die visie is gebaseerd op een besef van onze geschiedenis en een grondig begrip van de economie en de sociale krachten die de economie vormgeven en door die economie worden gevormd. Ze spreekt de taal van technocraten maar vormt een neerslag van onze hoogste morele verwachtingen en is bereid dat uit te drukken in een taal van normen en waarden. (pagina 253)

Youtube - Joseph Stiglitz, "People, Power, Profits"



Terug naar Overzicht alle titels
 


Sophie Zijlstra

Het kind en de rekening : een pleidooi tegen liberalisme in het onderwijs

Querido 2019, 77 pagina's - € 9,50

Bio Sophie Zijlstra (1967)

Korte beschrijving
Een pleidooi van een docent om het onderwijs aan de docenten terug te geven en daarnaast kinderen weer gelijke kansen te geven. De auteur (1967) verwijt Den Haag, in de persoon van Mark, zoals zij hem regelmatig in het boek aanspreekt, de regie over het onderwijs kwijt te zijn, geen visie te hebben en het geld in de verkeerde zakken te laten verdwijnen. Het boek is verdeeld in 12 korte hoofdstukken, waarin onder andere het afschaffen van de studiebeurs, bijlessen, cijfercultuur, het belang van vakdocenten, de middenschool, heterogene brugklassen en het Finse onderwijs beschreven worden. Een vlot geschreven pamflet, waarin zinvolle citaten, cijfers en feiten gebruikt worden om het betoog dat het onderwijs moet veranderen te ondersteunen. Bevat een uitgebreide lijst met noten.

Tekst op website uitgever
Te volle klassen, een nijpend lerarentekort, te weinig bevoegde leraren voor de klas in kwetsbare wijken, teruglopende budgetten voor onderwijsachterstanden en de explosieve groei van particulier onderwijs – het lijkt erop dat Nederland de droom van gelijke kansen voor ieder kind heeft losgelaten. Wat je bereikt in je leven is je eigen verdienste.
De terugtrekkende beweging van de overheid uit het onderwijs sinds de jaren negentig heeft desastreuze gevolgen. Den Haag is de regie over het onderwijs kwijt, een visie ontbreekt en ‘meer geld voor onderwijs’ komt zelden in de klas terecht. Het is een vaudeville waarin bestuurders, onderwijsgoeroes en marketingboys en -girls er grijnslachend met de hoofdrol en de centen vandoor gaan.

Fragment uit De les
Op de docentenopleiding waar ik werd opgeleid tot docent Chinese taal en cultuur was de eerste vraag die mij gesteld werd: 'Welke les herinner jij je nog?' Het antwoord was niet moeilijk: een les Duits in de tweede klas. De docent, een oudere man met een rond gezicht en terugtrekkend, dun wortelkleurig haar dat rond inhammen ternauwernood standhield, in een pak, heel formeel, passend bij het vak dat hij gaf, kwam het lokaal binnen met een versleten, kleine koffer die met jute bekleed en aan de zijkanten gerafeld was. Hij plaatste de koffer plat op een tafeltje, dat hij vervolgens onder het schoolbord schoof, maakte de koffer open, dit alles zonder een woord te zeggen, en voor degenen die vooraan zaten moet toen duidelijk zijn geworden dat zich in de koffer een grammofoon bevond.
  Uit een kleine, ook weer versleten hoes liet hij een gitzwart 45 toerenplaatje in zijn hand rollen, legde dat op de kleine draaitafel, drukte op een knop, waardoor de draaitafel in beweging kwam, en plaatste de naald op de plaat. Het krakende geluid van de naald in de groef ging over in de eerste tonen van 'Die Moritat von Jackie Messer' uit de Driestuiveropera.

Und der Haifisch, der hat Zähne und die trägt er im Gesicht
Und Macheath, der hat ein Messer, doch das Messer sieht man nicht.

Ik zal het nooit vergeten. Iedereen was muisstil. De kwaliteit van de muziek was uitermate slecht; de plaat was niet meer helemaal plat, waardoor de naald na elke ronde op dezelfde plek iets opsprong uit de groef en vervolgens terugviel, waardoor het leek of hij de hik had, maar het effect was groot. Nadat het nummer was afgelopen, vertelde de docent over de Driestuiversopera. Een gezongen toneelstuk dat opkomt voor de armen en zich verzet tegen het kapitalisme.
  Daarna gingen we verder met onregelmatige werkwoorden, naamvallen en dergelijke, degelijke saaie Duitse lesactiviteiten. (pagina 38-39)

Thijs Lijster



Verenigt u! : arbeid in de 21e eeuw

Prometheus 2019, 116 pagina's - € 16,99
Uit de reeks Nieuw Licht

Bio Thijs Lijster (1981)

Korte beschrijving
Een deel van een filosofische pamfletreeks waarin een hedendaagse denker een klassiek geworden tekst interpreteert in het licht van de huidige politieke en maatschappelijke context. In dit essay reflecteert de auteur (kunst- en cultuurfilosoof) op een – in het boek opgenomen – uitvoerig fragment uit 'Het communistisch manifest' uit 1848 van Karl Marx en Friedrich Engels. Conclusie is dat de oude vormen van ongelijkheid nog steeds actueel zijn. De welvaart is de afgelopen decennia wereldwijd toegenomen, maar dat geldt ook voor de economische ongelijkheid. De acht rijkste personen bezitten evenveel als de armste helft (te weten 3,8 miljard mensen) van de wereldbevolking. Aan de hand van bespiegelingen over onder andere 'human resources', flexibilisering en feminisering van arbeid, burn-out, robotisering en 'investeren in jezelf' voorziet de auteur een nieuwe klassenstrijd. Een sprankelend, erudiet essay, met veel vaart en flair geschreven. Interessant en inspirerend voor politici, bestuurders en sociale wetenschappers. Bevat literatuurlijst en ene verwijzing naar websites.

Tekst op website uitgever
De geschiedenis is, aldus Karl Marx, geschiedenis van de klassenstrijd: de strijd tussen de klasse die bezit en de klasse die niets anders heeft dan zijn eigen arbeidskracht. In de Oudheid had je de patriciërs tegenover de plebejers en slaven, in de Middeleeuwen de heren tegenover de horigen, en na de val van het ancien régime de kapitalisten tegenover het proletariaat. Sinds Marx en Engels in 1848 in hun roemruchte Communistisch Manifest de ‘proletariërs aller landen’ opriepen zich te verenigen, is de groep die niets heeft heel veel groter geworden, maar ook steeds minder solidair. Hoger- en lageropgeleiden, hoofd- en handarbeiders, lageloners en flexwerkers, arbeidsmigranten en boze witte mannen, pensioengerechtigden en studenten; ze trekken allen aan het kortste eind en toch worden ze eenvoudig tegen elkaar uitgespeeld. Thijs Lijster voorziet desondanks een grote omwenteling, die aan veel een einde maakt, maar niet aan de geschiedenis.

Fragment
We moeten ons echter afvragen of de afgebeelde figuur de strijd nog alleen aan zou kunnen of moeten gaan. Wat dat betreft is de hele categorie van een enkel 'subject van de geschiedenis' misschien wel hopeloos achterhaald. Er is de afgelopen jaren veel discussie gevoerd over de vraag of politiek strijd op links het beste in termen van 'identiteit' of 'klasse' gevoerd moet worden. Maar waarom zouden we moeten kiezen? Niet alleen is klasse zélf een identiteit (zoals de Franse socioloog en romancier Didier Eribon overtuigend aantoonde in zijn roman Terug naar Reims), maar bovendien zijn de uitbuiting en miskenning van arbeid, de onderdrukking van minderheden, de achtergestelde positie van vrouwen, en de vernietiging van de aarde evenzovele symptomen van een systeem dat gebaseerd is op concurrentie, competitie en eindeloze groei, in plaats van op solidariteit, duurzaamheid en zorg voor de ander. Pas zodra we dat inzien, kan het precariaat, in al zijn diversiteit, tot klassenbewustzijn komen en kunnen de verschillende kwetsbare groepen zich verenigen.
  Die coalitie zal vermoedelijk niet langer de vorm hebben van weleer, van een arbeiderspartij waarin de proletariërs met een uniforme achtergrond zich organiseerden. (pagina 74-76)

Startpagina Nieuw Licht

Terug naar Overzicht alle titels

Lieke Asma


Mijn intenties en ik : filosofie van de vrije wil 

Boom 2021, 239 pagina's  - € 22,50

Bio Lieke Asma (1984)

Korte beschrijving
Het bestaan van de vrije wil blijft een eeuwig discussiepunt. Binnen de neurowetenschappen lijkt de consensus te zijn dat de vrije wil een illusie is en dat onze handelingen vooraf bepaald worden in onze hersenen. Psychologe en filosofe Lieke Asma noemt deze positie 'willusionisme'. In dit boek laat ze zien dat de argumenten van 'willusionisten' als Dick Swaab, Victor Lamme en Benjamin Libet niet overeind blijven. Vervolgens neemt ze het denken van Elizabeth Anscombe (1919-2001) tot uitgangspunt voor een nieuw filosofisch raamwerk om over de vrije wil en het zelf na te denken. Binnen dat raamwerk blijken intenties en het eerste-persoonsperspectief doorslaggevend. Niet alleen kan daarmee het bestaan van de vrije wil en van een zelf succesvol beargumenteerd worden, maar ook blijken de implicaties voor bijvoorbeeld het determinisme verstrekkend. Een erg interessant en belangrijk boek, dat ingaat tegen de mainstream en de waarde van filosofie sterk laat zien. Veel alledaagse voorbeelden, maar vanwege de vele nuanceringen moet de lezer worstelen om de rode draad in het zicht te houden.

Korte tekst op website uitgever
Vrije wil is een raadselachtig fenomeen. Wij mensen hebben de indruk dat we zelf keuzes maken, maar de wetenschap vertelt een heel ander verhaal: onze handelingen zijn slechts het resultaat van onze persoonlijke eigenschappen, onbewuste associaties en hersenprocessen. Ons bewuste zelf is niets meer dan een passieve toeschouwer. Het is dan ook niet verrassend dat wetenschappelijk onderzoek vaak uitmondt in determinisme of ‘willusionisme’. Maar wat is vrije wil eigenlijk? En wat betekent het om zelf te kiezen? In Mijn intenties en ik verkent Lieke Asma vrije wil en legt ze nauwgezet uit hoe we over de vrijheid van onze eigen keuzes en handelingen moeten nadenken. Wat blijkt? Filosofisch onderzoek en het in ogenschouw nemen van het perspectief van de handelende persoon zijn essentieel voor een goed begrip van vrije wil. Lieke Asma (1984) is filosoof en psycholoog. In 2018 promoveerde ze aan de Vrije Universiteit Amsterdam op een proefschrift over vrije wil en wetenschappelijk onderzoek. Ze werkt aan de Munich School of Philosophy, waar ze onderzoek doet naar zelfontplooiing, impliciete motieven en handelen.

Fragment uit 12. Zelfbepaling en vrije wil
Hoe wij van stenen en wijnglazen verschillen

Maar hoe is het mogelijk dat wij als geheel een actieve rol spelen in wat wij doen? En wat voor soort actieve rol is precies noodzakelijk voor zelfbepaling?
Vrije wil wordt door sommige filosofen gezien als een vermogen. Tegelijkertijd hebben juist filosofen, zoals David Hume, het bestaan van vermogens lange tijd ontkend. Net als vormoorzaken en processen zijn ook vermogens fenomenen waar binnen de metafysica van Hume geen ruimte voor is. Als een bepaalde gebeurtenis optreedt, bijvoorbeeld het breken van ene ruit, dan is dat volgens Hume volledig in termen van een andere gebeurtenis, het vallen van een steen bijvoorbeeld, te verklaren. Maar is het feit dat iets op de ruit viel wel voldoende om te verklaren dat de ruit brak? Als datgene wat viel een blad was geweest in plaats van een steen, dan was de ruit niet gebroken. Met andere woorden, we moeten de steen en zijn vermogens in onze verklaring meenemen. Stenen kunnen iets wat bladeren niet kunnen: ruiten breken. En ruiten hebben een vermogen dat muren niet, of in ieder geval in mindere mate, hebben: breken. Om een volledige verklaring te kunnen geven van het breken van de ruit, moeten we iets zeggen over de vermogens van de objecten die bij de gebeurtenis betrokken waren. Wetenschappers weten allang dat we de werkelijkheid niet gaan doorgronden als we vermogens negeren. We hebben de breekbaarheid van glazen, de oplosbaarheid van zout en het isolatievermogen van rubber nodig om te begrijpen waarom deze objecten bij processen betrokken kunnen zijn waar andere objecten niet bij betrokken kunnen zijn.
Vermogens zijn interessant. Het zijn eigenschappen van objecten, maar we kunnen deze eigenschappen niet zomaar waarnemen, zoals de kleur of de vorm van het object. Cruciaal is dat het object de eigenschap ook heeft als het op dat moment niet, os zelfs nooit, tot uiting komt. Een wijnglas is ook breekbaar als het nooit breekt, maar als het na een val breekt, kunnen we dat verklaren in termen van dit vermogen. Ook al is het vermogen zelf niet aan te wijzen en komt het alleen naar voren als het glas daadwerkelijk breekt, dat betekent niet dat vermogens niet bestaan of minder echt zijn. Ze spelen een belangrijke rol in (wetenschappelijke) verklaringen, bijvoorbeeld dat de ruit breekt of dat iemand een blikseminslag overleeft. De neiging bestaat om deze vermogens tot de fysieke eigenschappen van het object te reduceren. Het feit dat het wijnglas van glas is, is de verklaring dat het breekt. Een verwijzing naar het vermogen zou dan overbodig zijn. Toch zijn veel denkers het erover eens dat de breekbaarheid van het wijnglas niet te reduceren si tot het feit dat het van glas is. Van glas zijn is niet hetzelfde als breekbaar zijn. Botten zijn ook breekbaar, net als vazen, bloemen en papieren kunstwerken. Bovendien zijn sommige glazen objecten veel breekbaarder dan andere; een wijnglas is breekbaarder dan een borrelglaasje, en een borrelglaasje is breekbaarder dan een massief glazen bol. De fysieke eigenschappen van het object realiseren het vermogen, maar het vermogen is daar niet toe te reduceren. (pagina 181-183)


Artikel: Waarom filosofe Lieke Asma het opneemt voor de vrije wil (Trouw, juni 2018)

Youtube - Vrije Wil en Bewustzijn (Lieke Asma)



Terug naar Overzicht alle titels