maandag 26 augustus 2019

De onvolkomenheid van de mens & het streven naar perfectie

De onvolkomenheid van de mens & het streven naar perfectie
Geschreven door Paul van Geest, Joyce Rupert, Joost Hengstmengel, Ard Jan Biemond & Harry Commandeur
Boom 2019, 151 pagina's - € 22,50

Website: Eibe (Erasmus Universiteit Rotterdam)

Korte beschrijving
Vijf hoogleraren uit diverse disciplines – van industriële economie tot theologie en kerkgeschiedenis – bespreken het spanningsveld dat ontstaat wanneer mensen enerzijds streven naar een ideaal, naar de perfectie in een bepaald domein of activiteit, terwijl diezelfde mens geconfronteerd wordt met zijn eigen begrenzingen op het vlak van rationaliteit, moraliteit of wilskracht. De auteurs laten profeten, filosofen, theologen en economen aan het woord. Ieder van hen, in zijn eigen discipline, komt uiteindelijk tot de opmerkelijke conclusie dat het besef van de eigen onvolmaaktheid én het streven naar het tegendeel hiervan 'tezamen' leiden tot grote en heilzame veranderingen in iemands persoonlijkheid, in organisaties en in de maatschappij. 'Beperkingen' worden positief benaderd om een 'homo dignus' te creëren en dit niet enkel op privévlak, maar ook binnen de managementstructuur van een organisatie en de maatschappij zelf. Een algemene conclusie sluit dit werkstuk af, samen met een uitvoerige literatuurlijst en een originele 'tabel met mensbeelden'. Met talrijke voetnoten met onder meer literatuurverwijzingen. Bijzonder verzorgde uitgave met leeslint.

Tekst op website uitgever
Mogen mensen ervan uitgaan dat zij op eigen kracht het goede kunnen doen, rechtvaardig kunnen zijn en anderen het beste gunnen? Of moeten zij zich juist bewust zijn van hun eigen onvolmaaktheid en slechtheid om op een goede manier met anderen om te gaan? Hier gaat het nieuwe deel in de ERGO-netwerkreeks over: hoe komen we naar een mensgerichtere economie en bedrijfsvoering?
De onvolkomenheid van de mens & het streven naar perfectie

Iedereen ervaart dagelijks de spanning tussen idealen en werkelijkheid. Wordt deze spanning minder als wij naar perfectie streven? En helpt het hierbij als wij ons bewust zijn van de eigen onvolmaaktheid? Hoe verhoudt het vertrouwen in het eigen kunnen zich tot het besef dat ons verstand, onze wilskracht en ons moreel inzicht ontoereikend zijn om alles in het leven goed te kunnen inschatten?

In dit boekje wordt aangetoond dat het besef van de eigen feilbaarheid een noodzakelijke voorwaarde is om goed te kunnen doen. Het besef van de eigen onvolmaaktheid vormt op paradoxale wijze de opmaat tot een gelukkiger leven.

Fragment uit 4. Naar een balans
4.2 Het streven naar een menswaardige organisatie
Het op de eigen, unieke wijze kunnen ontplooien van talenten via eros en het kunnen bijdragen aan de ontplooiing van anderen door philia draagt dus bij aan de menswaardigheid van organisaties. Maar er is nog een andere vorm van liefde nodig. De homo dignus onleent immers zijn waardigheid aan het simpele feit dat hij mens is. Die waardigheid veronderstelt dus een verbondenheid tussen mensen, die niet voorbehouden is aan bepaalde (groepen) mensen, maar die geldt voor alle mensen, om het simpele feit dat zij mens zijn. Het veronderstelt een universele, inclusieve, individu-overstijgende, onvoorwaardelijke liefde, die gekenmerkt wordt door barmhartigheid en compassie voor de medemens. Het is een vorm van naastenliefde met als uitgangspunt: ik ben mens, jij bent mens en daarom zijn wij verbonden. Dit is wat er bedoeld wordt met agapè. Zij vereist geen volmaaktheid en kent geen terugverdienmodel. Geven is belangrijker dan ontvangen. Het motief om te geven is de gezamenlijke vreugde die ontstaat als gevolg van het besef dat we allemaal mens zijn met gebreken en vanuit de betrokkenheid bij het opbloeien van de ander. Het behoeft weinig betoog dat deze vorm van liefde leidt tot een inclusieve cultuur, waarin de unieke talenten van medewerkers worden benut. Een organisatie op basis van deze zuivere vorm van liefde geeft simpelweg geen aanleiding tot het conformeren aan, uitsluiten van of wedijveren met anderen.
  Hoe nastrevenswaardig deze vorm van liefde in organisaties ook is, de praktijk is weerbarstig en laat vaak een andere werkelijkheid zien. De reden is dat de meeste organisaties niet rekenen op onvolmaakte maar welwillende mensen die niets terug verwachten, maar in de plaats daarvan gebaseerd zijn op het 'voor wat hoort wat'-principe. En dat niet eens vanuit een economische berekendheid, maar simpelweg op basis van een eenvoudig sociaal principe, namelijk wederkerigheid. (pagina 101-102)

Artikel Ard Jan Biemond, Paul van Geest en Harry Commandeur: Homo dignus - Menszijn, niet meer en niet minder ()
Artikel: homo sapiens, homo economicus, homo dignus (augustus 2019)

Terug naar Overzicht alle titels

woensdag 21 augustus 2019

Naomi Klein 3


Brand! een vurig pleidooi voor een nieuwe groene politiek

De Geus 2019, 364 pagina's - € 21,50

Lenen als E-book via bibliotheek.nl

Oorspronkelijke titel: On Fire: The (Burning) Case for a Green New Deal (2019)

Wikipedia: Naomi Klein (1970) en haar website

Korte beschrijving
Na eerdere boeken over de negatieve gevolgen van het neoliberalisme, de globalisering en de verkiezing van Trump tot president van de VS is journaliste Naomi Klein (1970) zich gaan toeleggen op de klimaatverandering. Met haar eerdere publicatie ‘No time’ (2014)* luidde ze al de noodklok, maar om nogmaals de urgentie te benadrukken heeft ze dit keer de kreet van de jonge Zweedse klimaatactiviste Greta Thunberg (2003) als titel gekozen. Nu rekent ze af met tal van personen en organisaties die de mondiale opwarming nog ontkennen of nuanceren en het idee dat onze vrijemarkteconomie ook in de toekomst houdbaar zou kunnen blijven. Zij stelt een ‘New Green Deal’ voor, omdat in haar ogen alleen een sterke overheid in staat is om het naderende klimaatonheil af te wenden. Zoals in de jaren dertig van de vorige eeuw de Amerikaanse president Roosevelt de economische depressie succesvol te lijf ging met marktregulering en infrastructuurprojecten, zo moeten ook nu weer de regeringen het voortouw nemen om onze planeet te redden, aangezien dit niet aan bedrijfsleven, beleggers en banken kan worden toevertrouwd. Dit pleidooi voor een nieuwe, groene politiek vertoont veel overeenkomsten met het door Europarlementariër Bas Eickhout gepubliceerde 'Klimaatmanifest' (2019)**.

Tekst op website uitgever
Vijf jaar zijn er verstreken sinds Naomi Klein No Time publiceerde, haar grondige analyse van de klimaatcrisis. Sindsdien is de opwarming van de aarde nog veel dwingender op de agenda komen te staan. No Time geldt als de Bijbel voor de voorvechters van een duurzame planeet.

In Vlammen bundelt Naomi Klein een serie artikelen en lezingen die ze de afgelopen jaren schreef over brandende klimaatkwesties. Zoals over de orkaan Maria, die grote delen van Puerto Rico verwoestte. In de klimaatcrisis komen vele problemen samen: ongelijkheid, de prijs van ongebreideld kapitalisme, racisme, neokolonialisme, verminderde biodiversiteit. In Vlammen legt Klein de vinger op de zere plekken en laat zien waarom elk van ons uit zijn cocon moet stappen om tot samenwerking te komen.

Fragment Brand! : 'Wij zijn de natuurbrand'
Noodtoestand voor de mens
De crisis waarin we zitten mag dan diep zijn, er is nog iets aan het veranderen dat al even diep zit, en met een snelheid die me verrast. Op het moment van schrijven is het niet alleen onze planeet die in brand staat. Het vuur woedt ook onder de sociale bewegingen die opstaan om de noodtoestand voor de mens uit te roepen. Naast de natuurbrand van de scholierenstakingen hebben we de explosieve opkomst van Extinction Rebellion gezien, het begin van een golf van geweldloze directe actie en burgerlijke ongehoorzaamheid, bijvoorbeeld een grootscheepse actie waarbij grote delen van het centrum van Londen werden platgelegd. Extinction Rebellion roept overheden op om klimaatverandering te behandelen als een noodsituatie, om snel over te schakelen op volledig hernieuwbare energie volgens de inzichten van de klimaatwetenschap en om op democratische wijze door middel van burgerplatforms een plan te ontwikkelen om deze transitie uit te voeren. Binnen enkele dagen na de zeer spectaculaire acties van de beweging in april 2019 hebben Wales en Schotland beide de 'klimaatnoodtoestand' uitgeroepen en onder druk van oppositiepartijen volgde kort daarna het Britse parlement. (pagina 30-31)

Lees ook: No time : verander nu, voor het klimaat alles verandert van Naomi Klein (uit 2014) en Nee is niet genoeg : tegen Trumps shocktherapie, voor de wereld die we nodig hebben (uit 2017)

Artikel: Volwassenheid - vereist dat je resoluut onder ogen ziet dat je nooit de wereld zult krijgen die je wenst, maar tevens blijft weigeren met minder genoegen te nemen. (februari 2019)

Terug naar Overzicht alle titels

Hannah Arendt

De vrijheid om te zijn

Met een nawoord van Thomas Meyer
Atlas Contact 2019, 54 pagina's -  € 10,00

Oorspronkelijke titel: The freedom to be free

Wikipedia: Hannah Arendt (1906-1975)

Korte beschrijving
Dit inmiddels enorm populaire boek bevat de Nederlands vertaling van een lezing die Hannah Arendt (1906-1975) in 1969 heeft uitgesproken voor een ultra-conservatieve denktank in Chicago. Het gaat om een voordracht in het kader van haar in 1963 gepubliceerde boek 'On Revolution'. Ze legt een geschiedfilosofische band tussen vrijheid en revolutie. In de titel is een citaat verwerkt dat deels op Rousseau en deels op Thoreau teruggaat. Er is een voorgevoel van de sociale en culturele revoluties die zich weldra zullen voltrekken. Arendt beweert dat een revolutie niet hoeft om te slaan in terreur of alleen vrijheid voor een bevoorrechte klasse, religie of ethnische groep. Revolutie en democratie zijn geen vijanden van elkaar. Ondanks de vele raakpunten met haar algemene ideeën over de drie fundamentele bezigheden van de mens, te weten arbeid, werken en handelen, is de tekst toch niet gemakkelijk te lezen. Dat ligt zeker niet aan de prima vertaling van Wil Hansen. Het informatieve nawoord is van Arendts 'officiële' biograaf Thomas Meyer. Pocketuitgave.

Tekst op website uitgever
Hannah Arendt gaat in het essay ‘De vrijheid om vrij te zijn’ nader in op het begrip dat onze cultuur al meer dan tweehonderd jaar hoog in het vaandel draagt: vrijheid. Ze vergelijkt de twee revoluties in de tweede helft van de achttiende eeuw die bepalend waren voor onze opvatting over vrijheid: de geslaagde Amerikaanse (1776) en de mislukte Franse (1789). De Franse Revolutie bleef steken in de bevrijding, de Amerikaanse daarentegen richtte een staatsvorm in waarin de publieke zaak de hoogste prioriteit was Arendts essay is een voortdurende oproep om ook nu na te denken over vrijheid, en over de gevaren die de vrijheid bedreigen. ‘De vrijheid om vrij te zijn’ werd pas onlangs voor het eerst in Amerika en daarna in Duitsland werd gepubliceerd. 

Fragment
Vrijheden in de zin van burgerrechten zijn het resultaat van een bevrijding, maar ze zijn bepaald niet de werkelijke inhoud van de vrijheid, waarvan de essentie is de toegang tot de publieke ruimte en de deelname aan publieke aangelegenheden. Als het er de revoluties alleen om te doen was geweest de burgerrechten te garanderen, dan was een bevrijding van de regimes die hun bevoegdheden hadden overschreden en bestaande rechten hadden geschonden, voldoende geweest.
En het is juist dat de revoluties in de achttiende eeuw zijn begonnen met het opeisen van die oude rechten. Het wordt gecompliceerd als de revolutie zich richt op bevrijding én vrijheid, en omdat bevrijding in feite een voorwaarde voor vrijheid is - al is de vrijheid bepaald niet noodzakelijkerwijs het resultaat van bevrijding - is het moeilijk de grens te zien en te bepalen tussen waar het verlangen naar bevrijding, het vrij zijn van onderdrukking, eindigt en het verlangen naar vrijheid, het leiden van een politiek leven, begint. De kern van de zaak is dat bevrijding van onderdrukking ook had kunnen worden bereikt onder een monarchistische (maar niet tirannieke) regering, terwijl de vrijheid van een politieke manier van leven een nieuwe, of liever gezegd een herontdekte regeringsvorm vereiste. Die vroeg om de grondwet van een republiek. (pagina 14-15)

Terug naar Overzicht alle titels

zaterdag 17 augustus 2019

Elke Geraerts

Authentieke intelligentie : waarom mensen altijd winnen van computers

Prometheus 2019, 235 pagina's  - € 18,99

Website Elke Geraerts (1982)

Korte beschrijving
Een boek over de sterke kanten van onze organische intelligente in digitale tijden en hoe die het beste te benutten. De titel dekt de lading niet; de lezer verwacht een vergelijking tussen kunstmatige en natuurlijke intelligentie, maar het is in feite een zelfhulpboek. Een uitstekend zelfhulpboek, zeer leesbaar en fraai geschreven. De auteur weet duidelijk waar ze het over heeft en wisselt heldere theoretische onderbouwing af met praktische tips. De optimistische toon is bovendien een welkom tegengif voor de heersende angst dat ons 'oertijdbrein' niet om kan gaan met smartphones. Enkel het deel over bedrijfsvoering valt uit de toon. Tenzij de lezer manager is, heeft dat weinig relevantie. Een minpuntje is verder dat vrouwen vaak met hun voornaam worden aangeduid en mannen met hun achternaam. Bevat links om verder te lezen en een literatuurlijst..

Fragment uit Inleiding: Hello world!
Sinds enkele jaren maak ik er mijn missie van mensen duidelijk te maken dat ze dat wonderlijke instrument tussen hun oren veel beter kunnen gebruiken dan ze op dit moment doen. Door overmatige blootstelling aan stress bevindt ons brein zich in een toestand van zware verwaarlozing. Ik ben lang niet meer de enige die durft te stellen dat we ons te midden van een 'breincrisis' bevinden: met dat geweldige brein van ons hebben we een wereld gecreëerd waaraan ons brein nu onderdoor lijkt te gaan. De symptomen daarvan zijn bekend: burn-out, depressie, suïcidaliteit, angst- en concentratiestoornissen.
  Maar dat hoeft niet zo te zijn. Met de juiste investeringen in ons mentaal kapitaal kunnen we ons niet alleen een weg door deze crisis banen, maar er zelfs versterkt, gelukkiger en veerkrachtiger dan ooit uit komen. De Positieve Psychologie, een tak van de psychologische wetenschap die zich bezighoudt met die investering, biedt ons daar heel wat mogelijkheden toe. Met wat training kunnen we onze aandacht spanne aanzienlijk vergroten, door bewuster om te gaan met ons onderbewustzijn kunnen we het maximum halen uit onze bewuste tijd, met wat oefening en de juiste levensstijl kun je leren zien dat het glas in werkelijkheid halfvol is en met de juiste technieken kunnen we meer controle krijgen over onze slechte en goede gewoontes. Dat is geen hocus pocus, het zit allemaal in ons brein. En het vermogen zit in elk van ons. (pagina 16)

Terug naar Overzicht alle titels

zaterdag 20 juli 2019

Marian Donner


Zelfverwoestingsboek : waarom we meer moeten stinken, drinken, bloeden, branden & dansen

Das Mag 2019, 142 pagina's -  € 18,99

Lenen als E-book via bibliotheek.nl

Website Marian Donner (1974)

Korte beschrijving
Marian Donner studeerde psychologie. Ze werkte in de politiek, het nachtleven en deed ontwikkelingswerk. Eerder schreef ze twee romans: '08.30 uur: opstand' (2006) en 'Lily' (2011). Ze schrijft daarnaast voor De Groene Amsterdammer, de Volkskrant en NRC Handelsblad. Het boek is opgebouwd in de hoofdstukken: Stink, Drink, Bloed, Brand en Dans. Marian Donner deelt haar mening over de wereld van nu, met een maatschappijkritische invalshoek en een grote twijfel over het leven anno nu. Zij geeft kritiek op ons verlangen om continu een betere versie van onszelf te worden: slanker, gelukkiger en succesvoller, en op ons conformeren aan wat van ons wordt verwacht. Daardoor lijden we steeds meer aan depressies, angststoornissen en het medicijngebruik neemt drastisch toe. In dit boek geeft de auteur haar mening over de zelfhulpindustrie en is zij kritisch naar de mensheid. Zij geeft aan dat we moeten durven falen en vergeven om zo een betere versie van onszelf te worden. Echter: het dunne boekje is niet meer dan een korte mening in honderdveertig pagina’s..

Tekst op website uitgever
Nooit zijn er meer boeken, cursussen, YouTube video’s en Ted Talks geweest die ons vertellen hoe we een betere versie worden van onszelf: gezonder, gelukkiger, slanker en succesvoller. Als we maar ons huis opruimen, mediteren, falen als een les zien, problemen als uitdagingen, in het nu leven en geen fuck geven, komt alles goed. We geloven het, kopen het, proberen het: de zelfhulpindustrie is een van de grootste industrieën ter wereld.

Ondertussen lijden steeds meer mensen aan depressie, angststoornissen en burn-outs, en neemt het medicijngebruik explosief toe. Waarom? Omdat we nog steeds denken dat er iets mis is met ons, dat wij degenen zijn die moeten veranderen, dat het onze schuld is dat we niet meekomen. Maar wat als de zelfhulpindustrie geen medicijn is, maar onderdeel van de kwaal?

Dit zelfverwoestingsboek is een oproep om de teugels te laten vieren, om strengheid te vervangen door vergevingsgezindheid, om te falen, ongezond en lelijk te zijn, om af te wijken van de norm, en zo een systeem te ondermijnen dat ons allemaal naar beneden haalt. Door te stinken, drinken, bloeden, branden en dansen!
Wikipedia: Marian Donner 9198

Fragment uit Een ronde pin in een vierkant gat te zijn, deel 1 
En daar zit je dan, thuis op de bank. Je hebt geen cent te makken, je zit vast in een bullshitbaan en je hangt zo langzamerhand tegen een burn-out aan. Het lukt je nauwelijks om zonder walging in de spiegel te kijken. Omdat je al zo vaak een druktemaker bent genoemd, slik je sinds kort Ritalin.
  Dit is de hedendaagse realiteit. De gekken uit de Apple-reclame? Die heten tegenwoordig 'verwarde mannen'. Buitenstaanders zijn losers. Rebellen kopen een T-shirt van The Clash bij H&M. Geen baas zit te wachten op werknemers die 'niet dol op regels zijn'.
  En wie zich een ronde pin in een vierkant gat voelt, leest een zelfhulpboek - zeven stappen naar succes, tien stappen naar geluk, honderd dingen die je nog gedaan moet hebben, duizend dingen  die je nooit meer moet doen. Opdat je jezelf alsnog in dat gat kunt wurmen. Want dat is wat al die zelfhulpboeken, artikelen, TED Talks, lezingen, cursussen en coaches, je in feite geven: regels. Regels zodat je beter zult functioneren en beter aangepast raakt aan de status quo.
  Erbij horen. Meedoen. Dat is waar het om gaat.
  Wees positief, loop rechtop, ruim je huis op, maak 's ochtends je bed op, verlaat je comfortzone, breng routines aan, stel prioriteiten, ken je kracht, werk aan je zwaktes, luister naar anderen, negeer slecht advies, wees dankbaar. En lach. lach echt, het soort lach waarbij ook je ogen meedoen, het reduceert stress. Doe aan sport, doe aan mindfullness, leer je woede en angsten beheersen, eet gezond, groene smoothies, avocado's: alleen als je lichaam optimaal presteert, zal ook je geest dat doen. Maak een plan, hou je eraan, want je kunt het, yes you can, eat that frog, spark joy, geef geen fuck en denk anders!
  Net als in de reclame is het allemaal even inspirational. Motivational. Empowering. En net als in reclames ligt het probleem altijd bij jou. Think Different, Dream Crazy, Impossible is Nothing: het is het idee dat de enige die je tegenhoudt jijzelf bent. Vergeet dus de producten, vergeet hoe ze zijn gemaakt, vergeet de wereld om je heen en de politieke en sociaaleconomische structuren die daarin heersen. Geloof in plaats daarvan in de neoliberale droom waarin alleen jij, ja, jij alleen, het heft in handen hebt. Als je maar op de toppen van je kunnen speelt, ook al val je erbij neer - 'Believe in something, even if it means sacrificing everything.'
  Het politieke is persoonlijk gemaakt, problemen zijn geprivatiseerd. Het is een kinderlijke manier van denken - ook kinderen geven zichzelf overal de schuld van, of het nu is dat hun ouders gaan scheiden of dat ze worden gepest. En toch heb je de boodschap in 'dank submission' overgenomen. je bent gaan denken dat jij het probleem bent. Dat het aan jou ligt dat je nog steeds niet gelukkig bent, succesvol bent, en zo langzamerhand tegen een burn-out aanhangt. En dus heb je Headspace aangeschaft. Een polsbandje telt je stappen, een app meet je slaap, je probeert niet meer op het negatieve te richten, maar positief te zijn. In de supermarkt negeer je kwade gezichten. Als je baas je slecht behandelt, bedenk je dat hij het vast ook moeilijk heeft. Je houdt een dankbaarheidsboek bij.
  Het is geen zelfhulp, nee, je noemt het zelfzorg. Je doet het uit liefde voor jezelf. Je doet het omdat je het gevoel hebt dat het beter kan, dat er meer moet zijn dan dit. Maar wat de zelfhulpindustrie je uiteindelijk biedt, is niets meer dan een heleboel trucs, buffers en lifehacks om het langer vol te houden. Opdat je het spel beter meespeelt en vergeet hoe onbegrijpelijk deze wereld eigenlijk is. Wat je vooral leert, is om je woede en angst op een lelieblad aan je voorbij te laten trekken en te verdragen wat eigenlijk ondraagbaar is.
  Dat gevoel dat het beter kan, dat er meer moet zijn dat dit, dat klopt. Alleen ben jij niet degene die jezelf tegenhoudt. (pagina 14-17)



Artikel: Een antikapitalistisch zelfhulpboek (NRC, juli 2019) en  Hoe komt het toch dat de consument in ons alles ruïneert, verwoest, platbrandt, sloopt en te gronde richt wat de burger en de onderzoeker in ons dierbaar is? (augustus 2019)

Lees bijvoorbeeld ook: De vermoeide samenleving van Byung-Chul Han (uit 2012), Heerlijke nieuwe wereld van Aldous Huxley (19), 21 lessen voor de 21e eeuw van Yuval Noah Harari (2018), Identiteit van Paul Verhaeghe (2012), Borderline times : het einde van de normaliteit van Dirk De Wachter (2012), De ogen van de ander : de sociale bronnen van zelfkennis van Christien Brinkgreve  (2009) of Waarom zijn we niet gelukkig? van Richard Layard (2005)

Terug naar Overzicht alle titels

donderdag 11 juli 2019

Clive Thompson

De coders : een kijkje in het hoofd van programmeurs, de machtigste beroepsgroep ter wereld

Maven 2019, 400 pagina's -  € 20,99

Oorspronkelijke titel: Coders : the making of a new tribe and the remaking of the world (2019)

Wikipedia: Clive Thompson (1968)

Korte beschrijving
Clive Thompson is een bekende wetenschaps- en technologiejournalist die publiceert in NYT Magazine en Wired. In het boek 'De coders' snijdt hij een urgent onderwerp aan: wat voor mensen zijn programmeurs, hoe denken ze en wat voor invloed heeft dat op ons dagelijks leven? Thompson behandelt veel clichés en ideeën over programmeurs en weet ze vaak te ontkrachten of te nuanceren. Zo heerst het idee dat iedereen welkom is en een kans maakt, terwijl in de praktijk veel mensen (vrouwen, minderheden) het toch moeilijker hebben als ze in de ICT-sector willen werken. Wat zeker is, is dat veel programmeurs een slag mensen zijn met specifieke vaardigheden en vaak non-conformistische, antiautoritaire opvattingen die interessant (en soms vermakelijk) zijn om te lezen. Dit boek heeft een hoge urgentie en geeft een kijkje in het heden en de nabije toekomst. Anderzijds is het werk een prachtige samenvatting van de nog korte geschiedenis van het programmeren. Dit werk is zo geschreven dat het geschikt is voor een breed publiek. Voorzien van een register. Goede kwaliteit vertaling.

Tekst op website uitgever
Welkom in de 21e eeuw: het tijdperk waarin programmeurs de dienst uitmaken. Facebooks algoritmes bepalen het nieuws, WhatsApp domineert onze communicatie en ons liefdesleven wordt gestuurd door datingapps. Onze wereld draait op computercode, en die is geschreven voor programmeurs.

Clive Thompson, een van de meest invloedrijke tech-denkers van dit moment, geeft een onthullende analyse van deze onzichtbare architecten van de maatschappij. Ze hebben een passie van logica, een obsessie met efficiëntie en een extreme tolerantie voor tegenslagen. Wie zijn deze programmeurs precies, wat drijft hen en het allerbelangrijkst: hoe beïnvloedt hun manier van denken ons dagelijks leven?

Van cryptohackers tot AI-ontwikkelaars, van backend-engineers tot frontend-designers, van de allereerste coders (pionierende vrouwen) tot de huidige ‘disruptors’ in Silicon Valley (en alles ertussenin) – Thompson biedt je een alomvattende blik in het hart van de IT-machine.

Clive Thompson schrijft voor The New York Times Magazine en is columnist voor Wired en Fast Company. Hij brak door met zijn veelbesproken boek We worden steeds slimmer: Hoe apps, gadgets en social media ons intelligenter maken.

Fragment uit 3. Voortdurende frustratie en uitbarstingen van vreugde
Bovendien gaat het bij het overgrote deel van het programmeerwerk om het in kleine stukken breken van een grote, moeilijke taak. Je schrijft niet in één klap één groot ronkend programma. Je schrijft kleine brokjes code, kleine subroutines - functies, modules - die wanneer ze aan elkaar worden gekoppeld de grote taak uitvoeren. Als je ontbijt maakt, kun je elke handeling die je uitvoert zien als een functie: de eieren breken is een functie (breekeieren()), net als boter op de toast smeren (beboter - toast()). Koppel ze aan elkaar in een logische flow en daar is je hoofdprogramma.
  Wanneer je aan het programmeren bent, concentreer je je in het algemeen op het bouwen van één functie tegelijk, en nadat je die hebt geschreven word je geacht die te testen om zeker te weten dat ze werkt. Als je dagenlang hebt geschreven aan een lang programma zonder de verschillende componenten te testen, zal dit vrijwel zeker fout gaan wanneer je het probeert uit te voeren, en dan is het misschien erg lastig om uit te zoeken in welk deel (of welke delen) van het programma het probleem zit. Daarom doe je het stukje bij beetje en test je gaandeweg. Je geniet elke keer dat een functie voor de test slaagt van een 'succesje'.  Met als eindresultaat dat dit een opvallend bemoedigend gevoel van vooruitgang oplevert.
  Uit onderzoek door professor Teresa M. Amabile van Harvard en onderzoeker Steven J. Kramer is gebleken dat werknemers het gelukkigst zijn in een baan waarin ze 'de kracht van kleien successen ervaren: regelmatige, dagelijkse, zichtbare vooruitgang. Ze vinden het vreselijk als ze slechts de vage notie hebben dat ze iets hebben gepresteerd, maar als ze elke dag een concreet moment van succes beleven, zijn ze blij. Van programmeren kreeg ik precies dat gevoel van een lineaire, regelmatige prestatie. Van schrijven kreeg ik dat zelden. Van het maken van een boek krijg ik altijd meer het idee dat ik een boot over een mistig meer moet loodsen. Ik weet dat ik uiteindelijk op mijn bestemming zal komen, maar ook dat het een reis vol nagelbijtende twijfel over mijn positie zal zijn. (pagina 94-95)

Lee s ook: Algoritmisering, wen er maar aan! van Jim Stolze (uit 2018)

 Terug naar Overzicht alle titels

Marleen Stikker

Het internet is stuk : maar we kunnen het repareren
De Geus 2019, 256 pagina's - € 20,--

Lenen als E-book via bibliotheek.nl

Wikipedia: Marleen Stikker (1962) en website De Waag

Korte beschrijving
Het internet is stuk: het is overgenomen door multinationals als Facebook, Alphabet (Google) en Amazon die als belangrijkste verdienmodel het verzamelen van gebruikersdata hebben om er heel veel geld mee te verdienen. Dat is in de hand gewerkt door hun gratis apps waarvoor de gebruikers wel hun vrijheid en privacy moesten opofferen. Dit systeem wordt in stand gehouden doordat startups veelal gebruik moeten maken van durfkapitaal van dezelfde multinationals. En als het een startup dan toch lukt om zonder hun hulp groot te worden, dan wordt het door die multinationals gewoon opgekocht. Maar we kunnen het repareren. Dat kan bijvoorbeeld door gebruikers te stimuleren goede alternatieve apps te gebruiken, door alternatieve financiering, door een overheid die gaat reguleren met wetgeving, hoge boetes en aanpassing van het verdienmodel zonder het verzamelen van data. Dit alles en nog veel meer wordt met voorbeelden beschreven in deze prettig leesbare paperback met in Deel I de geschiedenis, in Deel II de huidige situatie en in Deel III hoe we in de komende 25 jaren het tij kunnen keren.

Korte tekst op website uitgever
Het internet moet gerepareerd worden. Onze digitale omgeving, ooit ontstaan als vrije ruimte, wordt nu bepaald door het grote geld van techreuzen. We zijn de grip op ons online leven kwijtgeraakt. We worden afgeluisterd, gestuurd, gevolgd, geleefd, en dat hebben we zelf laten gebeuren.

Fragment uit Deel 2. Het internet nu
Surveillance is een verdienmodel
Zo ongeveer alles op het internet van vandaag draait om het ontfutselen van data en het manipuleren van gedrag. Vanaf het allereerste moment bestond de mogelijkheid om computers te hacken, met gebruikers mee te kijken en fake content te verspreiden. De exponentiële groei van het internet betekent ook een exponentiële groei van die problemen; misbruik maken van het vertrouwen van mensen vormt nu het uitgangspunt van menig businessmodel. We worden op sociale media en in zoekmachines gebombardeerd met clickbait en desinformatie: de bedrijfsmodellen van nagenoeg alle techbedrijven zijn erop gebaseerd. Big Brother, George Orwells symbool voor een staat die zijn burgers beloert en onderwerpt aan permanente surveillance, heeft Grote Neven gekregen. Het zijn nu bedrijven die consumenten beloeren en een kant op dirigeren die voor hen financieel aantrekkelijk is.
  Tot dusver gebeurde dit achter de schermen, maar sinds kort wordt op maat gemaakte manipulatie ook open en bloot aan de consument aangeboden. Voor luttele tientjes kun je een dienst afnemen die voor jou een persoon naar keuze mentaal zal proberen te beïnvloeden. The Spinner is zo'n service. 'Want your wife to initiate sex?' 'Get your boyfriend to propose!' 'Get your coworker to quit their job!' Je kiest een campagne en geeft aan voor wie de campagne is bedoeld. Voor 49 dollar krijg je ene link, die je doorspeelt aan de persoon in kwestie. Als deze daarop klikt wordt er een cookie geïnstalleerd op diens telefoon. Vanaf dat moment krijgt de target drie maanden lang op de websites die hij of zij veel bezoekt een bombardement van nepartikelen met de gewenste strekking te zien. Zonder omhaal legt The Spinner uit wat de intentie is: 'Een service waarmee je een bepaalde persoon onbewust kunt beïnvloeden, door controle uit te oefenen op de inhoud van de websites die hij of zij gewoonlijk bezoekt. De beoogde persoon wordt herhaaldelijk blootgesteld aan honderden items die worden geplaatst en vermomd als redactionele inhoud.' Zo kunnen we allemaal ons eigen brexitje spelen. (pagina 95-96)