woensdag 31 augustus 2022

Eva Meijer 4

Misschien is een ander woord voor hoop : een pleidooi voor meerstemmigheid in het politieke en publieke debat
De Geus 2022, 74 pagina's € 10,-- 
Reeks: Publieke ruimte

Lenen als E-book via bibliotheek.nl 

Wikipedia: Eva Meijer (1980)

Korte beschrijving
Een essay dat pleit voor meerstemmigheid in het publieke debat. Eva Meijer constateert dat het ‘ik’ in het politieke en publieke debat centraal staat en men praat in monologen. Deze manier van spreken vormt de samenleving, zeker als iemand hard praat en daarmee de aandacht trekt. Dit geldt voor activisten, academici, politici en burgers. In betogende en onderzoekende stijl geschreven. Met name geschikt voor een geoefende lezersgroep. Eva Meijer (Hoorn, 1980) is (onder andere) schrijver, politicus, kunstenaar en singer-songwriter. Haar werk werd in meerdere landen uitgegeven. Het boek maakt deel uit van de serie: 'Publieke ruimte'.

Tekst op website uitgever
Zowel in het politieke als in het publieke debat praten we steeds meer in monologen waarin het ‘ik’ centraal staat. Hoe komen we weer in gesprek?

De manier waarop we met elkaar praten – op straat, op sociale media, in de Tweede Kamer, in kranten – vormt de samenleving. Wie hard praat trekt makkelijk de aandacht. Of het nu om activisten of academici gaat, om politici of burgers achter een toetsenbord. Maar als je zelf hard praat, kun je anderen niet zo goed verstaan.

Filosoof en schrijver Eva Meijer laat zien hoe taal de macht volgt en vormt, maar betoogt ook: woorden en gesprekken dragen altijd de mogelijkheid in zich van iets anders, iets nieuws.


Fragment uit 3. Meerstemmigheid als alternatief

Zoveel manieren om de wereld te zingen
Die andere manieren van spreken en schrijven zijn er natuurlijk al. Net zoals er talloze stemmen achter de dominante liggen, is ook ons taalgebruik al meerstemmig. Verschillende taalspelen - van gedichten en Jenny Holzers slogans tot ambtelijke taal - drukken de werkelijkheid allemaal op een eigen manier uit. Filosoof Maurice Merleau-Ponty noemt dat 'manieren om de wereld te laten zingen'. 
  Kunst en literatuur kunnen zich op verschillende manieren verhouden tot de gestolde politiek. Maar ook werk dat de mal van het nut weerstaat wordt in het politieke en publieke debat toch nog vaak binnen het nuttigheidskader gelezen. Dat is een probleem omdat het vreemde zo gewoon gemaakt wordt, en schoonheid handelswaar of mode wordt. Dit zie je bijvoorbeeld in de houding van de overheid naar kunst en literatuur.
  Door de regering wordt kunst, waaronder literatuur en poëzie, gezien als frivool, versiering, extra. Minister Hugo de Jonge verwoordde dit denkbeeld tijdens de coronacrisis elegant door te zeggen dat mensen in plaats van naar het theater te gaan ook een dvd kunnen opzetten. Dat is problematisch omdat het een pover mensbeeld neerzet, en ook omdat het de taak van een regering is discussie te faciliteren - een hof heeft een joker nodig. Maar sommige reacties hierop zijn ook problematisch, zoals de discussie over leesbevordering laat zien die momenteel wordt gevoerd in de publieke ruimte.
  Nederlanders lezen minder, Nederlandse kinderen lezen slechter. Verschillende academici en schrijvers betoogden dat dat een probleem is omdat lezen het empathisch vermogen kan vergroten, nieuwe perspectieven onder de aandacht kan brengen en burgerschap ten goede komt. Dat is ook belangrijk en mooi, maar kunst en literatuur worden op deze manier gelegitimeerd met een beroep op hun nut. Terwijl literatuur helemaal niet nuttig is of niet moet willen zijn, althans niet binnen de bestaande afbakeningen van nuttigheid die gericht zijn op een meetbare uitkomst in een economisch systeem.
  Voor beleidsmakers en mensen in het onderwijs kunnen dit relevante overwegingen zijn, en schrijvers kunnen erover meepraten. Maar als een schrijver naar een economisch of ander nut toe schrijft raakt diegene de ruimte kwijt om te spelen met de regels. En juist dat spelen levert een vorm van kritiek die niet goed meetbaar is, maar wel een echte opening biedt naar het andere. Dat dient een ander soort belang dan het denken in rendement. (pagina 62-63)

Lees ook: De soldaat was een dolfijn : over politieke dieren (uit 2017), De grenzen van mijn taal : een klein filosofisch onderzoek naar depressie (uit 2019), De stem van de Noordzee : een pleidooi voor vloeibaar denken (uit 2020, dat ze samen schreef met Laura Burgers en Evanne Nowak) en Zee Nu (een roman uit 2022)

Terug naar Overzicht alle titels

maandag 29 augustus 2022

Medard Hilhorst

Rachel Carson, op de bres voor de aarde : 60 jaar na Silent Spring
KNNV uitgeverij 2022, 285 pagina's €22,95

Korte bio van Medard Hilhorst (19?)

Korte beschrijving
Een biografie over oceanoloog en milieuactiviste Rachel Carson (1907-1964), wiens werk in de jaren zestig aan de wieg stond van de hedendaagse milieubeweging. Met haar boek ‘Silent Spring’ luidde Rachel Carson in 1962 de noodklok over de stand van ons leefmilieu. Nu, zestig jaar later, is het natuur- en milieubewustzijn mede dankzij haar groter dan ooit. Wat maakte Carson zo bijzonder? Uit welke bronnen putte zij haar inspiratie, en op welke manier is zij vandaag nog relevant? Medard Hilhorst beschrijft Carsons leven en werk, haar liefde voor de natuur en haar invloed op de milieubeweging, die nog altijd doorwerkt. ‘Rachel Carson, op de bres voor de aarde’ is in een heldere, beschouwende stijl geschreven. Voor een meer geoefende lezersgroep met interesse in klimaatproblematiek en de milieubeweging. Medard Hilhorst (1951) studeerde technische wetenschappen in Twente en theologie en ethiek in Amsterdam. Hij doceerde meer dan vijfentwintig jaar ethiek en promoveerde hij op een sociaal-ethische studie naar onze verantwoordelijkheid voor toekomstige generaties.

Tekst op website uitgever
Met haar boek Silent Spring, ‘Stille Lente’, schreef waterecoloog en oceanoloog Rachel Carson een natuurklassieker. Ze benadrukte al vroeg het zeer schadelijke effect van pesticiden en luidde de noodklok over de stand van ons leefmilieu. Het boek werd gepubliceerd in het najaar van 1962 en markeerde de omslag van natuurbehoud en natuurbescherming naar het begin van een bredere natuur- en milieubeweging. Rachel Carson, op de bres voor de aarde laat zien dat haar gedachtegoed ons nog steeds inspireert. Haar liefde voor de natuur, de moed waarmee ze de strijd aanging en de hoop die ze in het bestaan zelf probeert te vinden, bieden een inspirerende terugblik die verrassend genoeg ook hoopvol stemt. Medard Hilhorst studeerde technische wetenschappen, theologie en ethiek. Hij doceerde meer dan 25 jaar ethiek aan het Erasmus MC in Rotterdam. In de jaren ‘80 promoveerde hij op een sociaal-ethische studie naar onze verantwoordelijkheid voor toekomstige generaties.

Fragment uit 12. Kleine filosofie van het bestaan
Slotsom: Tijdloze tegenstemmen

De zorg om de aarde is niet van vandaag of gisteren. Die zorg kent een lange geschiedenis van omgang met de natuurlijke leefomgeving. De blik waarmee naar de natuur gekeken werd heeft zich in de moderne tijd versmald. Het menselijk heersen over de natuur werd mogelijk door wetenschap en techniek, de blik werd hiërarchisch en mechanistisch, de omgang functioneel en instrumenteel, het is als zo vaak gezegd. De bescheiden en kalme Rachel Carson werd door haar passie voor de aarde tegen wil en dank activist. Zij kwam in verzet uit onvrede, zoals vele anderen na haar móést zij wel daden stellen. Ze gaf zonder schroom woorden aan haar bezorgdheid. Ze was niet bang voor confrontatie: ze veroordeelde de houding van onverschilligheid, hoogmoed en hebzucht, het gedrag van onderwerping en uitbuiting, de praktijk van beheersing en exploitatie. Wie zich bewust wordt van wat er gaande is, ontkomt niet aan maatschappijkritiek. Haar passie voor de aarde gaf stem aan toekomstige generaties.
  Het is van belang te beseffen dat aan deze kritiek een vele dieper probleem ten grondslag ligt. De huidige crisis komt voort uit ene omgang met de aarde die eraan voorbijziet dat de mens afhankelijk is van zijn leefomgeving, verbonden met het gehele ecosysteem waarin de mens is ingebed. De dominante cultuur is blind voor de grenzen die door dit ecosysteem aan het samenleven gesteld zijn. Er is sprake van een '250-jaar lange joyride met het ruimteschip Aarde,' zo typeerde Norbert Schedler in 1975 deze westerse geschiedenis: een uiterst riskante rit, louter voor ons plezier, met goederen die ons niet toebehoren. Om hierin verandering te brengen moeten we het wereldbeeld her-ijken dat ons nog steeds zo lang in de weg zit. Pas dan zullen zich nieuwe mogelijkheden openen naar de toekomst. Als we op dezelfde weg doorrazen loopt die uit op een ramp, waarschuwt Rachel Carson, Aan 'herbronnen' ontkomen we niet. 

Twee boeken van Rachel Carson: De zee (1950/2022) en Verstild voorjaar (1962/2022)

Boeken over onze nieuwe omgang met niet-dieren en dingen

Terug naar Overzicht alle titels


Fanta Voogd

Futurama : een kroniek van de toekomst
Alfabet 2022, 428 pagina's €22,99

Korte bio van Fanta Voogd (1961)

Korte beschrijving
Een boek over de geschiedenis van toekomstbeelden en uitvindingen. Fanta Voogd verdiept zich in de visioenen en denkwijzen van wetenschappers en uitvinders en hoe ontwikkelingen zijn ontstaan door toeval of ontsproten uit het brein van een genie. Zo toont ‘Futurama’ het grillige proces waaruit de wereld zoals wij die kennen is ontstaan. In heldere stijl geschreven. Geschikt voor een brede tot geoefende lezersgroep. Fanta Voogd (1961) begon als journalist bij De Waarheid. Momenteel is hij verbonden aan De Ingenieur, waar hij zich specialiseerde in techniekgeschiedenis.

Tekst op website uitgever
De technologische evolutie verteld aan de hand van aanstekelijke verhalen over experimenten, uitvindingen en grootste mislukkingen.

Toekomstvoorspellingen uit het verleden slaan de plank vaak op vermakelijke wijze mis, maar zo nu en dan zijn ze ook griezelig accuraat. Met hun visioenen, hun denk- en knutselwerk waren wetenschappers, uitvinders, futurologen, sciencefictionschrijvers en fantasten hun tijd vaak ver vooruit. In ‘Futurama’ verdiept journalist Fanta Voogd zich in de geschiedenis van de toekomst. Aan de hand van kleine en grotere geschiedenissen schetst Voogd een caleidoscopisch beeld van de technologische evolutie. Zo laat hij zien dat revolutionaire ontwikkelingen ooit zijn ontstaan door toeval, of ontsproten aan het brein van een genie. Op aanstekelijke wijze toont ‘Futurama’ het grillige proces waaruit de wereld zoals wij die nu kennen is ontstaan. Een kroniek van de menselijke verbeeldingskracht, vol hoge verwachtingen en grootse mislukkingen.

Fragment uit (de) Inleiding
Aan iedere grote technologische doorbraak gaat een onbestemde fase vooraf. Een fase waarin men nog geen helder zicht heeft op de praktische toepassingen van een nieuwe techniek. Er ontstaat een onmachtig tasten in de toekomst, waarbij leken noch ingewijden kunnen overzien wat er op het spel staat. Die fase is zo goed als onontgonnen terrein.

  Gangbare techniekhistorici neemt de technologische successen als uitgangspunt en bestudeert van daaruit de ontstaansgeschiedenis. Van het benodigde wetenschappelijke voorwerk en de innovatie zelf tot de perfectionering, het commerciële succes en de maatschappelijke inpassing. Daarmee wordt de indruk gewekt dat technologische ontwikkeling een overzichtelijk, lineair proces is. Het verschuiven van het perspectief naar de vroegste voorgeschiedenis leidt niet alleen tot een verhaal dat vollediger is, maar ook spannender. De uitkomst stond immers geenszins vast. Het voorspellende citaat aan het begin van ieder hoofdstuk biedt de mogelijkheid om heel even door de ogen van de toenmalige mens naar de toekomst te kijken. Naar onze tijd dus én naar onszelf. Onwetend, nieuwsgierig en vol vertrouwen. Of juist behoedzaam en in bange afwachting.

  De invalshoek waarin niet de techniek zelf centraal staat, maar dat wat men ervan verwachtte, geeft een waarachtiger beeld van het grillige verloop van de technologische revolutie. Hij maakt zichtbaar dat sommige uitvindingen een veel oudere voorgeschiedenis hebben dan verondersteld. Of dat ze niet voldeden aan de hoge verwachtingen en verdwenen nog voordat ze tot wasdom kwamen. Andere kenden een valse start om later te worden herontdekt en doorontwikkeld. Soms pas na een paar honderd jaar. het woord 'vergetelheid' steekt in dit boek herhaaldelijk de kop op. (pagina 14-15)

Lees bijvoorbeeld ook: De geschiedenis van de vooruitgang van Rutger Bregman (uit 2013), Vooruitgang : tien redenen om naar de toekomst uit te kijken van Johan Norberg (uit 2016) of Gouden jaren : hoe ons dagelijks leven in een halve eeuw onvoorstelbaar is veranderd (uit 2014).

Een artikel uit september 2018 waarin meer boeken over 'de' geschiedenis van de mens worden gepresenteerd: Een kleine geschiedenis van ...

Terug naar Overzicht alle titels

zondag 28 augustus 2022

Robbert Bodegraven

Radicaal anders : 12 visionaire denkers over klimaat en rechtvaardigheid
Lemniscaat 2022, 205 pagina's € 19,99

Interviews met: Chantal Mouffe (1943), Susan Neiman (1955), Ingrid Robeyns (1972), Mariana Mazzucato (1968), Ann Pettifor (1947), Stephanie Kelton (1969), Christiana Figueres (1956), Alessandra Korap (1985), Elizabeth Wathuti (1995), Tasneem Essop (19?), Joyeeta Gupta (1964) en Heleen de Coninck (1977).

Korte bio van Robbert Bodegraven (1963)

Korte beschrijving
Een boek met ideeën van twaalf inspirerende vrouwelijke denkers en activisten om de klimaatcrisis radicaal anders aan te pakken. De ideeën verschillen sterk van elkaar, maar gaan allemaal in tegen het huidige neoliberale beleid. Nuchter, toegankelijk en persoonlijk geschreven. Voor een brede lezersgroep.

Tekst op website uitgever
Natuurlijk is het belangrijk dat we minder gaan vliegen en vaker vegetarisch eten, maar met bewust consumeren alleen lossen we de klimaatcrisis en de wereldwijde ongelijkheid niet op. Daarvoor is het nodig dat we onze samenlevingen radicaal anders organiseren. Ondenkbaar? Niets is minder waar, zo concludeert Robbert Bodegraven in gesprek met twaalf inspirerende denkers en activisten. Het gonst van de slimme alternatieven voor het rampzalige neoliberale beleid. Neem bijvoorbeeld de actieve overheid als motor van innovatie en groei (Mariana Mazzucato), het aanzetten van de geldpers (Stephanie Kelton), de terugkeer van de ideologische veren (Susan Neiman en Chantal Mouffe) of het luisteren naar de oorspronkelijke bewoners van het globale Zuiden (Elisabeth Wathuti en Alessandra Korap). De ideeën die naar voren worden gebracht in dit boek zijn soms heel verschillend maar over één ding is iedereen het eens: Voor talmen is het nu te laat. Tijd om in actie te komen!

Fragment uit We zijn in staat tot ongelofelijke veranderingen - Ann Pettifor
Dat moet u even uitleggen.

'De Green Party in Engeland was het eerst niet met mijn analyses eens. Ze legden, net als sommige andere groene partijen, de nadruk op gedragsverandering. Ik geloof niet dat we daar moeten beginnen. Het gedrag van mensen kan heel snel veranderen, dat weten we, als de noodzaak er maar is en gevoeld wordt. Belangrijke ris dat we het systeem veranderen, de grondoorzaak van de crisis. Die ligt in ons financiële systeem.
  Het probleem is dat we het geld op de wereld aan de vrije markt hebben overgelaten, legt Pettifor uit. Commerciële banken en private investeringsfondsen bepalen de hoeveelheid geld in de wereld en beslissen aan wie het wordt uitgeleend. Ze zitten aan de knoppen van een systeem dat steeds grotere hoeveelheden geld uitleent aan de productie van goederen en diensten die de aarde uitputten, onze gezondheid bedreigen en het ecosysteem vernietigen. Er is geen democratische controle op dat systeem en nationale overheden hebben er geen grip op.
  'We brachten ons rapport over de Green New Deal uit in 2008, midden in de financiële crisis. Ik zag dat als ene kans, dacht dat er ruimte zou zijn om over de samenhang tussen het financiële en het ecologische systeem te discussiëren. Maar ik had het mis. De belangrijkste les die ik toen leerde was dat politici, en zeker de linkse en groene, het financiële systeem niet begrepen. Ze zagen de relatie tussen de ongereguleerde geglobaliseerde kredietverstrekking en de klimaatcrisis niet. Krediet is schuld, het is uitgeleend geld dat tot consumptie leidt. Consumptie betekent productie en veroorzaakt wereldwijde emissies van broeikasgassen. Als we de productie van vervuiling willen aanpakken, moeten we de verstrekkers van geld aanpakken.
  De covidcrisis maakt de situatie anders. Mensen begrijpen de gezondheidscrisis beter, ze voelen hem direct en zijn bang. Er si veel meer begrip voor de samenhang tussen hoe we met de natuur omgaan, hoe we de regie aan het financiële systeem hebben overgelaten en hoe we daar weer grip op moeten krijgen.' (pagina 81-82)

Hoe moeten we het financiële systeem dan aanpassen, hoe krijgen we daar grip op?
'Daarvoor kunnen we leren van het verleden, van de New deal die president Roosevelt in 1932 invoerde. Hij begon er meteen mee in de eerste dagen van zijn presidentschap. Hij zei: Vanaf nu zal Wall Street onze economie niet meer aansturen, de overheid neemt het over. Vanaf nu gaat de overheid over de rentestand, over de kapitaalstromen van en naar Amerika en over de ruimte voor overheidsuitgaven. Op die manier zorgde Roosevelt ervoor dat de overheid weer kon sturen op de richting en de hoeveelheid geld die geïnvesteerd werd. In plaats van private rijkdom die vanaf Wall Street besliste waar het geld naartoe ging, zette Roosevelt een programma op dat voor werkgelegenheid zorgde en de toenmalige economische crisis op kon lossen.'

De tijd van de New Deal was anders dan de huidige. Hoe gaat een New deal ons nu helpen?
  'De overeenkomsten tussen die tijd en nu zijn juist overweldigend. Eind jaren twintig was er een grote beurskrach geweest, een financiële crisis vergelijkbaar met die in 2008. Private investeerders hadden hun geld in beleggingen zitten die ineens in waarde daalden. Daardoor stagneerde het systeem, brak er paniek uit en ontstond een financiële crisis. Waar het om gaat is dat, toen net als nu, kapitaal vrijwel ongereguleerd de wereld over gaat. Dat vergroot de ongelijkheid, maakt rijken rijker en leidt tot werkloosheid en ontevredenheid en verzet bij de bevolking.
  We zien opnieuw de opkomst van reactionaire krachten, autoritaire en soms zelfs fascistische groepen. Als je de vrije markt controle geeft over de samenleving, als de samenleving vermarkt wordt, dan komen mensen in opstand. We zagen dat in de jaren dertig en we zien het nu gebeuren. Mensen vinden geen goede baan, krijgen geen fatsoenlijk inkomen, ze kunnen hun kinderen niet meer naar een goede school sturen, de gezondheidszorg is niet goed. En het ecosysteem wordt vernietigd. De corona-pandemie onderstreept dat nog eens. Wat er dan gebeurt is dat de samenleving erom vraagt beschermd te worden. Mensen kijken naar de overheid, maar die zei keer op keer: nee, daar kunnen we niets aan doen, de markt beslist, daar moet je zijn.
  Dan zoeken mensen dus bescherming bij een sterke leider. Die vinden ze bij mensen als Trump, Erdogan, Modi, Orbán, leiders die een reactie zijn op de ongereguleerde globalisering. Ze zeggen: laten we een muur bouwen tegen migranten, laten we een muur bouwen tegen handel van buiten, een muur die een virus tegenhoudt. Het enige dat ze niet bouwen is een muur tegen het werkelijke probleem, namelijk het vrije verkeer van geld. Deze leiders zijn allemaal rijk, het is een klasse van miljardairs. Ze profiteren van het vrije gedereguleerde financiële systeem. Ze zeggen: we gaan voor de gewone burgers zorgen, maar we veranderen het financiële systeem niet. Zo wordt het publiek voor de gek gehouden.' (pagina 82-83)



Lees vooral ook
In het boek wordt bij de volgende dames verwezen naar door hen geschreven boeken, dan wel titels die op hun gedachtegoed aansluiten.
 Susan Neiman (1955) Wat we van de Duitsers kunnen leren (2020), Verzet en rede in tijden van nepnieuws (2017), Waarom zou je volwassen worden? (2014)
 Ingrid Robeyns (1972) Rijkdom : hoeveel ongelijkheid is nog verantwoord (2019), 
Mariana Mazzucato (1968) De ondernemende staat : waarom de markt niet zonder overheid kan (2015), De waarde van alles : onttrekken of toevoegen aan de wereldeconomie (2018) of Moonshot : grootse missies voor de hervorming van het kapitalisme (2021), 
Ann Pettifor (1947) Brand! : een vurig pleidooi voor een nieuwe groene politiek (van Naomi Klein, uit 2019), 
Stephanie Kelton (1969) De mythe van de staatsschuld : op weg naar een nieuwe economie (2021), Donuteconomie : in zeven stappen naar een economie voor de 21e eeuw (van Kate Raworth uit 2019) of Fantoomgroei : waarom we steeds harder werken voor steeds minder (van Sander Heijne en Hendrik Noten uit 2020), 
Christiana Figueres (1956) Wij bepalen de toekomst : de klimaatcrisis overleven (2020), 
Tasneem Essop (19?) Een beter milieu begint niet bij jezelf (van Jaap Tielbeke uit 2020), 
en Heleen de Coninck (1977) Wat iedereen zou moeten weten over klimaatverandering (van Bart Verheggen uit 2020)

Boeken over onze nieuwe omgang met niet-dieren en dingen

Terug naar Overzicht alle titels

vrijdag 19 augustus 2022

Eva Meijer 3

Zee Nu
Cossee 2022, 236 pagina's €22,99

Wikipedia: Eva Meijer (1980)

Korte beschrijving
Een indringende klimaatroman over de mogelijkheid dat de zee Nederland overspoelt, en over hoe de mens dan verder moet. De zee wint elke dag een kilometer terrein. Polders aan de kust lopen vol en de boulevard van Scheveningen staat blank. De minister-president geeft een persconferentie en Defensie stuurt soldaten naar de dijken. Als de mensen geëvacueerd zijn en de laatste meeuwen hun heil elders zoeken, volgt de lezer activiste Arie, scholier Wilg en oceanograaf Paula van der Steen op hun tocht over de nieuwe zee, waar het water hun kijk op de wereld fundamenteel verandert. ‘Zee Nu’ is in een lichtvoetige, heldere en poëtische stijl geschreven en zal voornamelijk literaire lezers en lezers met interesse in het genre klimaatfictie aanspreken. Eva Meijer is filosoof en schrijver. Ze schreef vijf romans, waaronder de internationale bestseller 'Het vogelhuis’. Naast fictie schrijft ze filosofische essays.

Tekst op website uitgever
Zee Nu is als de zee – grillig, woest en onvoorspelbaar, dreigend en uiteindelijk troostend.

Het duurde even voor de mensen begrepen wat er aan de hand was. De zee komt de ene dag verder het strand op dan de andere. Een enkele strandwandelaar voelde wel dat er iets niet in de haak was. Maar wat?

De zee wint elke dag een kilometer terrein. Polders aan de kust lopen vol en de boulevard van Scheveningen staat blank. De minister-president geeft een persconferentie en Defensie stuurt soldaten naar de dijken. Op Twitter roepen complotdenkers Actie!, de Action adverteert: Eenmalig! 4 reddingsvesten voor de prijs van 3! Wetenschappers komen van heinde en verre om dit zeldzame fenomeen te onderzoeken. Duitsland stelt sportzalen voor de geëvacueerde buren ter beschikking. De koning vertrekt naar zijn vakantiehuis in Mozambique. Maar waar moeten de herten heen? En hoe zal het de blijvers vergaan die hun kampement opslaan op de daken van kantoorgebouwen in de Randstad?

Als de mensen geëvacueerd zijn en de laatste meeuwen hun heil elders zoeken, volgen wij activiste Arie, scholier Wilg en oceanograaf Paula van der Steen op hun tocht over de nieuwe zee, en ontdekken hoe het water hun kijk op de wereld fundamenteel verandert.

Zee Nu is als de zee – grillig, woest en onvoorspelbaar, dreigend en uiteindelijk troostend. Het is een roman over het grootste gevaar van dit moment, over Nederland, over de natuur die ons bedreigt en koestert en over de mens, die gedwongen wordt zichzelf opnieuw uit te vinden.

Fragment uit 5
Steen en Zevenberg zaten naast de herberg met filosofen die vonden dat ze in deze crisis te weinig waren geraadpleegd, terwijl er toch allerhande ethische en epistemologische en ontologische kwesties te onderzoeken en bespreken waren geweest. Ze hadden wekelijks een colloquium waarbij work in progress werd gepresenteerd, ze waren behoorlijk op dreef, ja, er waren er zelfs die al artikelen hadden ingediend bij gerenommeerde wetenschappelijke tijdschriften, over de ethiek van onheilstijdingen, een latouriaanse analyse van rampen in de context van de komst van de zee, waterig bewustzijn, d eontologie van de daadkracht, dekoloniale vormen van deliberatie in de context van zeespiegelstijging, een biopolitieke analyse van de evacuatie, melancholie en landverlies, niet-menselijke antagonisme als alternatief voor de natiestaat, overstroming als vervreemding, de rol van redelijkheid in een wereld die vergaat, redding en dwang, hydromorfisme en monadologie, de zee als Ander voorbij Hegel, en vergelijkingen tussen westerse en niet-westerse benaderingen van de zee-mensrelatie. 

De discussie die in de academische wereld gaande was over publiceren in het Engels had nu het grondgebied verdween ook een nieuwe wending genomen, dat wil zeggen: de discussie leek zichzelf met het verdwijnen van het taalgebied te hebben opgelost. Het leek haast niemand meer zinnig om in het Nederlands te schrijven. 

Op het vakantieterrein kwamen elke dag nieuwe gastonderzoekers aan, ze kwamen van heinde en verre om dit zeldzame fenomeen, de wraak van de natuurgodin, de conclusie van het Antropoceen, het logische gevolg van de opwarming van de planeet, van de verzwakte Golfstroom te onderzoeken. Zonder uitzondering waren het grote namen, wie zou ontdekken wat er aan de hand was zou in één keer haar naam vestigen, zou de rest van haar leven gebeiteld zitten qua onderzoekssubsidies, zou misschien de Nobelprijs wel winnen. (pagina 130-132)

Lees ook: De soldaat was een dolfijn : over politieke dieren (uit 2017), De grenzen van mijn taal : een klein filosofisch onderzoek naar depressie (uit 2019) en De stem van de Noordzee : een pleidooi voor vloeibaar denken (uit 2020, dat ze samen schreef met Laura Burgers en Evanne Nowak).

Boeken over onze nieuwe omgang met niet-dieren en dingen

Terug naar Overzicht alle titels

woensdag 17 augustus 2022

Oliver Bullough 2


De butler van de wereld : hoe Groot-Brittannië handlanger werd van oligarchen, belastingontduikers en criminelen

Thomas Rap 2023, 367 pagina's  - € 24,99

Lenen als E-book via bibliotheek.nl 

Oorspronkelijke titel: Butler to the World: How Britain Helps the World's Worst People Launder Money, Commit Crimes, and Get Away with Anything (uit 2022).

Wikipedia: Oliver Bullough (1977)

Korte beschrijving
Een verhandeling over hoe het Verenigd Koninkrijk corruptie en belastingontwijking vrij spel heeft gegeven. Van miljoenen aan steekpenningen van Russische oligarchen tot het cultiveren van Gibraltar als een offshore-gokparadijs: hoe heeft het Verenigd Koninkrijk ooit kunnen uitgroeien van internationale supermacht tot de bediende van 's werelds rijkste en meest corrupte machthebbers? In dit vervolg op ‘Moneyland’ legt Oliver Bullough bloot hoe het land zich ontpopte tot de spilfiguur in de wereldwijde offshore-economie en zijn diensten ging aanbieden aan de meest kwaadaardige mensen die er op aarde rondlopen. Informatief, maar onderhoudend geschreven. Oliver Bullough (Wales, 1977) is een bekende schrijver en journalist. Hij schreef een klein aantal boeken. Zijn werk werd in meerdere landen uitgegeven.

Tekst op website uitgever
Van miljoenen aan steekpenningen van Russische oligarchen tot het cultiveren van Gibraltar als een offshore gokparadijs: hoe heeft Engeland ooit uit kunnen groeien van internationale supermacht tot de bediende van ’s werelds rijkste en meest corrupte mannen? Slechts weinig landen doen minder om globale corruptie tegen te gaan.

In De butler van de wereld laat Oliver Bullough overtuigend zien hoe het land danst naar de pijpen van gangsters, kleptocraten en oligarchen.

Fragment uit 3. Praktische types
Toen Richard Fry, de financiële redacteur van The Guardian, in de jaren zeventig terugkeek op de Suezcrisis, kon hij amper geloven hoeveel er was veranderd. Let wel: Fry wist het nodige van omwentelingen. Hij was geboren in Oostenrijk en werkte als journalist voor een Duitse krant, maar raakte zijn baan kwijt -want Joods, toen de nazi's in 1933 de macht grepen. Hij emigreerde naar het VK en vond emplooi bij The Manchester Guardian, waarvoor hij schreef over de Tweede Wereldoorlog en de woelige decennia die daarop volgden.

Hij schreef: 'Aan het eind van de jaren vijftig leek Londen niet te zijn meegegaan met de vooruitgang in de handel en finance. Het pessimisme was zelfs zo groot dat de zonen van sommige bankiers zich tot boeren lieten omscholen.'

Nu ben ik zelf opgegroeid op een boerderij en zou ik niet willen zeggen dat dat per se iets slechts is. Maar opmerkelijk is het natuurlijk wel dat er een tijd was waarin het boerenleven de concurrentie kon aangaan met banen in de finance, toen de knapste koppen van een generatie überhaupt overwogen om het fokken van vee te verkiezen boven het schuiven met geld in de kantoren aan de Theems. In de jaren na de Tweede Wereldoorlog werd de City gerund door grijze mannen. De stoeltjes bij de Stock Exchange die ooit zo in trek waren, hadden hun aantrekkingskracht verloren. Ambitieuze jonge mensen zochten hun heil in de maakindustrie, het recht, de universiteit of de ambtenarij. Maar tegen het eind van de jaren zestig was dat, aldus Fry, allemaal alweer veranderd.

'Werken in de City houdt blijkbaar opnieuw de belofte in van een snelle weg naar de top, niet alleen naar een goed salaris en maatschappelijke status, maar ook naar al snel veel verantwoordelijkheid. De handelsbanken, overzeese banken, gespecialiseerde financiële huizen en de grote aandelenhandelaren worden zo bedolven onder het werk dat een schrandere nieuwkomer erop mag hopen om al op jonge leeftijd echte besluiten te kunnen nemen. Ondernemingszin en inventiviteit vieren hoogtij,' schreef Fry. Tussen de Suezcrisis en het einde van de jaren zestig had een wedergeboorte plaatsgevonden. De City van Londen was back in the game.

Lees vooral ook: Moneyland : een zoektocht naar het verborgen geld van de superrijken en de multinationals (uit 2019, alweer; en nothing's changed!)

Terug naar Overzicht alle titels

Ronald Meester

Wetenschap als nieuwe religie : hoe Corona de spirituele armoede in onze samenleving blootlegde
Ten Have 2022, 221 pagina's € 20,99

Korte bio van Ronald Meester (19?)

Korte beschrijving
Een maatschappijkritisch boek over zingeving. De auteur betoogt dat er een gebrek aan zingeving is in de huidige maatschappij en dat wetenschap ontoereikend is in het vullen van deze spirituele leegte. Wetenschap, stelt Meester, geeft geen antwoord op de vraag wat we echt belangrijk vinden in het leven en zegt niets over wat voor samenleving we zouden moeten nastreven. Op zoek naar een groter verhaal beschrijft hij de lessen die we kunnen leren uit de coronacrisis. In beschouwende en betogende stijl geschreven. Geschikt voor een brede tot geoefende lezersgroep.Ronald Meester (1963) is hoogleraar waarschijnlijkheidsrekening aan de Vrije Universiteit Amsterdam. Hij schreef meerdere boeken. Zijn werk werd in meerdere landen uitgegeven.

Tekst op website uitgever
De coronacrisis heeft een spirituele leegte in onze samenleving blootgelegd. Volgens Ronald Meester kampen we met een zingevingsvacuüm, waarbij alleen de wetenschap nog in staat wordt geacht te vertellen hoe we moeten leven. Wetenschap is onze religie geworden. Er zijn onaantastbare waarheden die we niet mogen bekritiseren op straffe van excommunicatie.

Meester laat zien hoe wezenlijke vragen daarbij onbeantwoord blijven. Wetenschap geeft ons geen antwoord op de vraag wat we echt belangrijk vinden in het leven. Ze zegt niets over wat voor samenleving we eigenlijk zouden moeten willen. Op zoek naar een groter verhaal beschrijft hij de lessen die we kunnen leren uit de coronacrisis.

‘Onze technologie gaat ons uiteindelijk niet redden om een menswaardige samenleving te behouden. We zullen zelf moeten nadenken over hoe we met elkaar en met de wereld willen omgaan, en geen slaaf moeten worden van wat wetenschappelijk en technisch mogelijk is.’

Fragment uit hoofdstuk 7. En nu?
We moeten ons namelijk echt afvragen wat voor samenleving we eigenlijk wensen. Hoe willen we onze medemensen tegemoet treden? Doen we dat uit een basishouding van angst, of uit een basishouding van vertrouwen? Zien we ander primair als iemand met we samen kunnen werken, liefhebben, vriendschap sluiten of misschien soms ook ruzie maken, of zien we de ander primair als ene potentieel gevaar waartegen we ons dienen te beschermen? Gaan we het normaal vinden dat we elkaars QR-code gaan controleren voordat we gezellig de kroeg in duiken? Gaan we alles wat het leven de moeite waard maakt opofferen op het altaar van de veiligheid?
  Zoals zo vaak heeft de joodse en christelijke traditie hier ook wel iets zinnigs over te zeggen. Niet dat ze een panklaar antwoord heeft - daar is de traditie niet naar - maar ze heeft wel de woorden en de beelden om er met elkaar over te kunnen praten. Rabbi Hillel, een groot mysticus, werd eens gevraagd of hij de Thora kon samenvatten binnen de tijd waarin de vragensteller op één been kon staan. Hillel antwoordde: 'Doe een ander niet aan wat je niet wilt dat een ander jou aandoet. Dat is de hele Thora, de rest is commentaar.' Dit ethische principe vraagt natuurlijk om invulling. Je zou kunnen stellen dat jij niet door iemand anders besmet wilt worden, en dat je daarom ook zelf niemand wilt besmetten. Maar je kunt met net zoveel recht stellen dat jij hoopt dat andere mensen jou vertrouwen, en dat je in lijn met dit ethisch principe de ander zelf ook wenst te vertrouwen. De eerste invulling is vanuit angst geredeneerd, de tweede vanuit vertrouwen.
  Ik denk dat het in dit geval voor iedereen mogelijk is om, aan de hand van de ethiek van rabbi Hillel, jezelf te positioneren in de omgang met andere mensen. Niet dat dit altijd even gemakkelijk zal zijn, want waar begint dat eigenlijk: iemand anders schaden? Ik accepteer volledig dat acties van andere mensen mij schade kunnen toebrengen, en een ongeluk zit in een klein hoekje. Maar ik ga ervan uit dat dit niet de bedoeling is van die andere mensen. Iedereen die leeft doet mee aan het opsouperen van de grondstoffen van de aarde, en aan het tot op zekere hoogte vervuilen van het milieu, Deze schade is onvermijdelijk. Maar het is doorgaans iet de bedoeling, zo vermoed ik, om anderen schade toe te brengen.
  Ik zeg dat niet dat het makkelijk is. Ik ken voorbeelden. (pagina 205-206)

Terug naar Overzicht alle titels