zaterdag 13 juni 2020

Rudi Laermans

Ik, wij, zij : sociologische wegwijzers voor onze tijd
Owl press 2020, 157 pagina's - € 30,--

Wikipedia: Rudi Laermans (1957)

Korte beschrijving
Een bundeling van veertien bewerkte, vaak ingekorte essays die de auteur de afgelopen twintig jaren publiceerde in sociologische tijdschriften en andere publicaties. Samen vormen zij 'een sociaal-wetenschappelijke diagnose van deze tijd'. Het boek bestaat uit zes 'luiken', rond de begrippen: ik, wij en zij, gekoppeld aan maatschappelijke tendensen. Aan de orde komen ideeën als 'de ik-gerichte samenleving', het neoliberalisme, populistische democratie, het ondernemende zelf en massacommunicatie. Steeds grijpt de auteur terug op het werk van sociale wetenschappers, bijvoorbeeld Ulrich Beck, Michel Foucault en Niklas Luhman en verwijst hij in bibliografische aantekeningen naar andere relevante auteurs. De essays zijn soms literair, soms meer wetenschappelijk; soms beschrijvend en soms meer kritisch. Vanwege de vele vaktermen, de ingewikkelde formuleringen en de regelmatig opduikende Vlaamse begrippen vereist de tekst nadrukkelijk studieuze lezers. De auteur is socioloog en als gewoon hoogleraar theoretische sociologie en kunstsociologie verbonden aan de Katholieke Universiteit Leuven.

Tekst op website uitgever
Ik, wij, zij. Die drie persoonlijke voornaamwoorden vormen het uitgangspunt voor een reeks sociologische beschouwingen over onze tijd.
Ik. We leven in een geïndividualiseerd tijdperk. Mensen kunnen hun leven beter vormgeven dan tijdens pakweg de jaren vijftig, maar die toegenomen vrijheid gaat samen met onvrijheid, met een arbeidend zichzelf-zijn en een gemoedsstemming die pendelt tussen manie en depressie.
Wij. Het populisme van "wij' tegen "zij' is doortastend. Een als homogeen voorgestelde volkswil zet de democratie onder druk. Tegelijk ontluikt in de creatieve economie, het onderwijs of de kunstensector een heel ander "wij' dat inzet op samenwerking. Zijn die twee voorstellingen verzoenbaar?
Zij. Geen samenleving zonder communicatie. Oude en nieuwe media bieden communicatieve soevereiniteit: tv of smartphone zet je naar believen aan of uit. De media functioneren echter ook als een polariserend "zij' dat ons voortdurend opjut om te spreken en te moraliseren.
Met essayistische flair neemt auteur Rudi Laermans onze maatschappij onder de loep, op een afwisselend speelse en stellige manier. Daarbij komen de kerngedachten aan bod van toonaangevende denkers als Ulrich Beck, Michel Foucault of Niklas Luhmann.

Fragment uit Ik ben ik - over individualiteit
Dat u en ik onderscheiden individuen zijn, lijkt ook in postmoderne tijden een onbetwistbare certitude. Paradoxaal genoeg zorgt deze gedeelde opvatting vaak voor verdeeldheid: de gedachte die ons verbindt, werkt tevens ontbindend. Want we koesteren onze individuele opvattingen en twisten daarom onderling over meningen, smaken, preferenties ... We scheppen daar nogal eens genoegen in omdat het toelaat de eigen individualiteit in de verf te zetten. Onze individualiteit is inderdaad niet enkel een opvatting over wie of wat ze zijn, maar tevens een waarde. Nauwelijks iemand heet graag een grijze muis: we scoren liever hoog dan middelmatig op de individualiteitsschaal. Vandaar weer een andere paradox. Je individualiteit kan je niet  alleen beleven: om ze te onderkennen en te genieten, ben je op anderen aangewezen. 'Ik ben ik', dankzij het verschil met minimaal één niet-ik.
  De gangbare visie op individualiteit is geënt op de filosofische en juridische idee van subjectiviteit. Met de subjectnotie corresponderen drie basisideeën. Een: je bent een subject voorzover je het vermogen tot zelfbewustzijn bezit, dus jezelf dan wel eigen gedachten, handelingen of gevoelens mentaal kan objectiveren. Dat vermogen bezit je niet per definitie en is ook niet in elk moment gegeven. Gekken, zo wist Descartes al, hebben een troebel bewustzijn en als normaal beschouwde mensen kunnen in een kortstondige vlaag van verstandsverbijstering de bekwaamheid tot zelfobjectivering verliezen.
  Twee: zelfbewustzijn laat doordachte beslissingen toe en legt daarom de basis voor wilsvrijheid. Subjectiviteit is zelfreflexiviteit is zelfbepaling: dankzij het vermogen tot zelfobjectivering is een subject tevens het fundament of draagvlak van eigen handelen (dat is meteen ook de oorspronkelijke betekenis van het Latijnse subiectum). Het moderne subject heeft daarom wat van een seculiere en soevereine god: je kent jezelf en je bewoont een zelfveroorzaakte wereld.
  Drie: een subject vindt via zelfreflectie in zichzelf ook een eigen identiteit, ja een unieke bestaansgrond. Via zelfonderzoek komt het erachter wie het eigenlijk is. De uitdrukking van dat 'diepe zelf' doorheen handelingen is synoniem voor waarachtige zelfexpressie. (pagina 23-24)

Geen opmerkingen:

Een reactie posten

De redactie behoudt zich het recht voor reacties te verwijderen