dinsdag 5 januari 2021

Richard Wrangham

De goedheidsparadox : deugen de meeste mensen wel?
Hollnads Diep 2021, 491 pagina's - € 23,99

Oorspronkelijke titel: The goodness paradox: the strange relationship between virtue and violence in human evolution (2019)

Wikipedia: Richard Walter Wrangham (1948)

Korte beschrijving
De mens is een paradox. Enerzijds zijn we geneigd tot samenwerking en hebben we een lage neiging tot reactieve agressie. Anderzijds zijn we ook uniek wat betreft het vantevoren beramen van excessief geweld. We zijn dus van nature vreedzaam én van nature gewelddadig. De hoogleraar biologische antropologie Richard Wrangham poogt in dit boek die 'goedheidsparadox' vanuit evolutionair perspectief op te lossen. In het kort komt het erop neer dat er rond de 200-300.000 jaar geleden een (nog altijd doorgaand) proces van zelfdomesticatie bij de mens begon, waarbij taal een cruciale rol speelde. Taal bood de gelegenheid om motieven te verklaren, maar ook om plannen te smeden. Ook een cruciale rol speelde de doodstraf voor degenen die de regels overtraden, waardoor de mens uiteindelijk een steeds vreedzamere soort werd. Controversieel en speculatief, maar Wrangham legt zeer genuanceerd uit waarom bepaalde zaken niet als morele adviezen moeten worden opgevat en al helemaal niet als pleidooi vóór de doodstraf. Boeiend, erg interessant en met verrassende nieuwe inzichten, zeer leesbaar vertaald..

Tekst op website uitgever
In De goedheidsparadox presenteert de beroemde primatoloog Richard Wrangham een opvallend originele theorie om de tijdloze vraag te beantwoorden hoe en waarom de homo sapiens is ontstaan.

Een kwart miljoen jaar geleden maakte de toenemende intelligentie onder onze voorouders de weg vrij voor de invoering van de sociaal geaccepteerde doodstraf. Het was deze verandering, zo betoogt Wrangham, die ontwikkeling, meer samenwerking, de accumulatie van cultuur en uiteindelijk de opkomst van de beschaving zelf mogelijk maakte.

Hoewel het alledaagse leven door de geschiedenis heen verdraagzaam is geweest, is oorlog nooit ver weg geweest. De goedheidsparadox biedt diepgaande, nieuw argumenten hoe en waarom deze griezelige combinatie van vreedzaamheid en geweld zich kristalliseerde nadat onze voorouders in Afrika een kwart miljoen jaar geleden taal leerden. Door de taal konden intenties worden gedeeld en acties worden gecoördineerd. Verbale samenzweringen maakten de weg vrij voor geplande conflicten en, belangrijker nog, voor de unieke menselijke daad van de doodstraf. De slachtoffers van de doodstraf waren meestal agressieve mannen, en naarmate hun genen afnamen, werden onze voorouders tammer. Deze oude vorm van systemisch geweld was cruciaal, niet alleen om samenwerking in vrede en oorlog en in cultuur aan te moedigen, maar ook om ons te maken tot wie we zijn: homo sapiens.

Fragment uit 9. Wat de domesticatie uitwerkte
Tijdens onze zoektocht naar de oorsprong van de vreedzame deugdzaamheid van de mens, begonnen we bij Blumenbach. Die geniale antropoloog had beweerd dat we een gedomesticeerde soort zijn. Inmiddels is er een mechanisme naar voren gekomen dat Blumenbachs bewering ondersteunt. Het idee dat we onze huidige vreedzaamheid te danken hebben aan het 300.000 jaar lang wegselecteren van reactieve agressie, lijkt goed toepasbaar maar het is wel een nieuwe manier van denken. In dit hoofdstuk wil ik dieper ingaan op de theorie over zelfdomesticatie om te kijken in hoeverre we onderscheid kunnen maken tussen deze theorie en alternatieve hypothesen voor onze lage mate van agressiviteit. Twee van de genoemde hypothesen zijn de moeite waard om nader onder de loep te nemen. De ene houdt in dat een lage reactieve agressie in het verre verleden, al veel eerder dan 300.000 jaar geleden, een eigenschap van onze voorouders was. De andere stelt dat lage agressie niet rechtstreeks geselecteerd werd, maar dat het een nevenproduct is van de selectie op andere karaktereigenschappen, zoals een verhoogde zelfbeheersing.

Om anatomische veranderingen in de evolutie van de homo sapiens te verklaren, komt de traditionele wetenschappelijke wijsheid met een idee dat verschilt van de zelfdomesticatie. Zoals ik al eerder opmerkte: paleoantropologen verklaren de speciale anatomische kenmerken van de homo sapiens als een reeks parallelle aanpassingen en niet als incidentele nevenproducten. Als verklaring voor de lichtere bouw, kortere gezichten en vervrouwelijking van onze afstammelingslijn doen ze een beroep op krachten als klimaatverandering, betere eetgewoonten of een grotere verfijning in het gebruik van instrumenten. Die ideeën klinken heel redelijk als je ervan uitgaat, zoals wetenschappers vaak doen, dat biologische kenmerken altijd evolueren door het rechtstreekse ingrijpen door de natuurlijke selectie. 

Laten we aannemen dat de traditionele wetenschappers gelijk hebben en dat de unieke anatomie van de homo sapiens geen kenmerk is van onze domesticatie. Welke alternatieve theorieën verklaren in dat geval dat we relatief zo vreedzaam zijn? (pagina 217-218)


Lees vooral ook: De meeste mensen deugen : een nieuwe geschiedenis van de mens van Rutger Bregman (uit 2019)

Terug naar Overzicht alle titels


Geen opmerkingen:

Een reactie posten

De redactie behoudt zich het recht voor reacties te verwijderen