woensdag 26 oktober 2016

Huub Dijstelbloem

Het huis van Argus : de wakende blik in de democratie
Boom 2016, 237 pagina's - € 20,--

Huub Dijstelbloem (1969): UVA, WRR   

Tekst op website uitgever
In Het huis van Argus schetst Huub Dijstelbloem de contouren van een politiek van de wakende blik. Volgens Dijstelbloem bevinden wij ons in de overgang van een vocale democratie naar een 'oculaire' democratie: waar eerst de stem (als vertolker van ideeën en projecten) centraal stond, is dat nu het oog (als toezichthouder op wat de overheid zoal doet). Deze zintuiglijke verandering gaat gepaard met een verandering in de gerichtheid van de politiek: waar eerst de toekomst centraal stond (hoe willen wij het land inrichten?), staat nu het verleden centraal (wat is er misgegaan en wiens schuld is dat?). Dijstelbloem laat in zijn boek zien hoe wij, als burgers, in die reconstructie een tegenmacht kunnen ontwikkelen tegenover de verbeelding van het politieke establishment. Wij moeten hiervoor onze vaardigheid als publieke detectives ontwikkelen.

Trouw: uit een boekbespreking (26 oktober 2016)
Bij het begrip democratie wordt doorgaans in de eerste plaats gedacht aan spreken, zoals dat gebeurt in het parlement, het huis van afgevaardigden. De stem lijkt er centraal te staan, en daarmee het gehoor. In 'Het huis van Argus' betoogt Dijstelbloem dat ook het zien, en daarmee het oog, een cruciale rol speelt in de democratie.
Hij begint zijn boek met ene citaat van Anacharsis Cloots, een hoofdrolspeler in de Franse Revolutie: 'Een vrij volk is een argus. Het ziet alles, hoort alles, is overal en slaapt nooit'. Argus was een monsterlijke reus uit de Griekse mythologie, die honderd ogen had, waarvan er voortdurend een aantal open waakzaam waren.
Tijdens de Franse Revolutie sprak men van de surveillance, het toezicht door de burgers. In onze tijd is de rol van het waakzame oog van de burger volgens Dijstelbloem belangrijker dan ooit, vanwege de veranderingen die westerse democratieën hebben ondergaan, zoals decentralisering, privatisering en bevordering van de marktwerking. De overheid heeft veel van haar taken uitbesteed aan andere instanties, zoals bedrijven, en heeft daarbij zelf een sterk regulatief karakter gekregen. De toenemende complexiteit (die ook wordt veroorzaakt door de invloed van internationale regelgeving en verdragen) op de binnenlandse politiek) gaat ten koste van de transparantie. Daardoor ontstaat bij het publiek wantrouwen en de behoefte aan controle. Dijstelbloem spreekt zelfs van een wending van een 'vocale' naar een 'oculaire' democratie.

Fragment uit 9. De politiek van reconstructieReconstructie als politieke modus
De vraag die nu gesteld kan worden luidt: als wat voor type politieke betrokkenheid kan de burger als detective worden gekarakteriseerd? Wat is de specifieke modus van burgerschap in dit beeld van de democratie? In ene markteconomie is de specifieke vorm van burgers die van consument, producent of ondernemer. In een deliberatieve democratie is de burger geen koper of verkoper, maar deelnemer. In de combinatie van waakzaamheid en verbeelding neemt de politieke verhouding tussen burger en staat weer een andere vorm aan. Ik typeer die niet in termen van politieke participatie of marktordening, maar als reconstructie.
  Reconstructie, het in elkaar passen van de stukjes van de puzzel teneinde een beeld te complementeren, is niet zomaar een evaluatieve bezigheid, maar wordt altijd ingegeven onder verwijzing naar een bijzondere gebeurtenis, een event, een drama, een kritieke situatie die aandacht behoeft en op grond waarvan de verantwoordelijkheid moet worden herzien. (pagina 193)

Terug naar Overzicht alle titels

Geen opmerkingen:

Een reactie posten

De redactie behoudt zich het recht voor reacties te verwijderen