woensdag 15 oktober 2014

Ha-Joon Chang 2

23 dingen die ze je niet vertellen over het kapitalisme

Nieuw Amsterdam 2010, 304 pagina's - € 19,95

Oorspronkelijke titel: 23 things they don't tell you about capitalism (2010)

Wikipedia: Ha-Joon Chang (1963) en zijn website

Korte beschrijving
De economische crisis van de laatste tijd heeft vele economen doen nadenken over de vrije markteconomie. Dit boek geeft aan dat een op kapitalisme gebaseerd stelsel in principe voor welvaart kan zorgen. Wel wordt scherp aangetoond dat de vrije markteconomie al jaren beperkende bepalingen kent die iedereen toejuicht (bijvoorbeeld het verbod op kinderarbeid en de invoer van milieuregels) en beperkingen waar per land anders tegen aangekeken wordt. Tevens beschermen de meest welvarende landen hun rijkdom tegen onbeperkte toetreding door inwoners van arme landen. De uiteindelijke conclusie is dat onbeperkte economische vrijheid niet leidt tot maximale welvaart en dat de rol van de overheid belangrijk is. Een helder geschreven, niet-dogmatisch boek dat diep ingaat op het economisch stelsel en ook de rol van de opkomende economieën goed laat zien. Het boek is behalve voor studenten en beroepseconomen ook geschikt voor de niet-economisch geschoolde, geïnteresseerde lezer. Met literatuurverwijzingen in eindnoten en een register.

Fragment uit Ding 5 Ga uit van het slechtste in de mens en je krijgt het slechtste
Wat ze je niet vertellen
Eigenbelang speelt in het gedrag van de meeste mensen een sterke rol. Het is echter niet onze enige beweegreden. Heel vaak is het zelfs niet onze primaire motivatie. Als de mensheid helemaal zou bestaan uit de hun eigenbelang nastrevende individuen die je in economische leerboeken aantreft, zou de wereld zelfs knarsend tot stilstand komen omdat we het grootste deel van onze tijd bezig zouden zijn met bedrog, pogingen bedriegers te pakken en die vervolgens te bestraffen. De wereld werkt alleen maar zoals hij werkt doordat mensen niet de uitsluitend op hun eigenbelang gerichte actoren zijn die de vrijemarkteconomie van ze maakt. We moeten een economisch stelsel ontwerpen dat er weliswaar rekening mee houdt dat mensen vaak zelfzuchtig zijn, maar dat optimaal gebruikmaakt van andere menselijke motieven en het beste uit mensen haalt. De kans is groot dat als we uitgaan van het slechtste in de mens, we ook het slechtste uit hem zullen krijgen. (pagina 60-61)

Terug naar Overzicht alle titels

dinsdag 14 oktober 2014

Victor Broers


Thomas Piketty's Kapitaal : samengevat in Nederlands perspectief

Prometheus/Bert Bakker 2014, 175 pagina's - € 12,50

Website Victor Broers (1983)

Tekst op website uitgever
Kapitaal in de eenentwintigste eeuw van Thomas Piketty heeft wereldwijd het debat over economie en welvaart aangezwengeld. Volgens Piketty ontstaat er namelijk mondiaal een steeds groter verschil tussen arm en rijk, met alle economische, sociaal-maatschappelijke en politieke gevolgen van dien. Die ongelijkheid in inkomen en welvaart heeft al eerder aan de basis gestaan van grote sociaal-politieke veranderingen, en dat kan zo weer gebeuren, stelt Piketty.

Victor Broers neemt de lezer op toegankelijke wijze mee in deze complexe discussie, die veel meer aspecten behelst dan alleen economische. Want wat bedoelt Piketty nu eigenlijk? En wat moeten we hier in Nederland uit zijn verhaal concluderen? Naast een beschouwing van Piketty’s bevindingen en die van zijn vele criticasters, voorziet Broers het debat van context en schetst hij wat we ook in Nederland de komende jaren kunnen verwachten. Bestaat de door Piketty gestelde ongelijke verdeling van kapitaal? Is het erg als welvaart ongelijk verdeeld is? En wat kunnen we in Nederland met deze informatie?

Victor Broers (1983) werkte als jurist en adviseur bij het ministerie van Financiën. Tegenwoordig is hij start-up-consultant en ondernemer. Broers publiceerde eerder Europa in het rood, over de gevolgen van de economische crisis voor Europa.

Fragment uit 7. Rendement in de 21ste eeuw
Voordat ik verderga wil ik nog een ding verduidelijken: mijn verwachting dat overheden de komende jaren de gefortuneerden onder ons meer zullen aanspreken is louter gebaseerd op basis van hoe overheden in het verleden met hun schuldenproblemen zijn omgegaan, en uitdrukkelijk niet gebaseerd op wat ik persoonlijk rechtvaardig vind. Ik heb zelfs grote twijfels bij de rechtvaardiging van dergelijke maatregelen. Doorgaans wordt een extra fiscaal beroep op de rijken in de samenleving gerechtvaardigd met het argument dat de sterkste schouders de zwaarste lasten moeten dragen. Sommigen gaan nog verder door (generalistisch) te stellen dat 'de rijken best wat extra mogen bijdragen', omdat ze 'het kunnen missen'. Deze retoriek vind ik erg simplistisch. Veel mensen realiseren zich niet dat de rijkste 10 procent van de Nederlandse bevolking momenteel al ongeveer 70 procent van de totale inkomstenbelasting voor haar rekening neemt. (pagina 146-147)

Lees ook
Thomas Piketty. Kapitaal in de eenentwintigste eeuw (2014)
Wouter van Bergen & Martin Visser. De kleine Piketty : het kapitale boek samengevat (2014)
Willem Vermeend. Arm & rijk in Nederland : hoe het echt zit met inkomen en vermogen (2014)
Paul de Grauwe. De limieten van de markt : de slinger tussen overheid en kapitalisme (2014)
Robert Went (red.) - Waarom Piketty lezen? (2014)

Terug naar Overzicht alle titels

maandag 13 oktober 2014

René ten Bos

Water : een geofilosofische geschiedenis

Boom 2014, 380 pagina's - € 39,90

Wikipedia: René ten Bos (1959)

Korte beschrijving
De auteur is hoogleraar filosofie aan de Faculteit der Managementwetenschappen van de Radboud Universiteit en schreef eerder 'Het geniale dier' (2008) en 'Stilte, geste, stem' (2011). Dit buitengewoon goed geschreven filosofieboek is een exercitie in wat Ten Bos (in navolging van Deleuze en Guattari) noemt 'geofilosofie': een onderzoek naar de invloed die het landschap heeft op menselijke denkwijzen. In dit boek is de vraag: hoe laat water ons denken? De focus is op de invloed van de zee op het denken. Beginnend bij de Griekse filosoof Thales ('alles is water') en eindigend bij Michel Serres neemt de auteur de lezer mee op een boeiende reis door filosofie en literatuur om te zien hoe over water is gedacht en hoe water het denken heeft beïnvloed. Uiteindelijk blijkt een onbreekbare samenhang tussen water en het menselijk bestaan. De schrijfstijl is essayistisch, maar erg toegankelijk en bijzonder origineel. Samenvattingen aan het begin van ieder hoofdstuk geven de lezer handvatten. Met eindnoten, literatuurlijst en index. Fraai uitgegeven in harde kaft met stofomslag en leeslint.

Tekst op website uitgever
Wij zijn omringd door water en bestaan zelf voor een groot deel uit water. Niemand ontkent dus het belang van water. Toch gaan we er onverantwoordelijk mee om. Onze zeeën en oceanen worden er niet bepaald gezonder op en ook op het land zijn er tal van problemen met water. Een van de oorzaken is dat we diep in ons hart water niet pluis vinden. We koesteren een diep wantrouwen ten aanzien van alles wat zich op of aan het water afspeelt. Om deze houding ten opzichte van water te begrijpen moeten we nagaan welk effect water op ons uitoefent en wat wij met water doen.

In dit magistrale boek onderzoekt René ten Bos hoe onze verhouding tot water zich weerspiegelt in ons denken. Hij signaleert een voorkeur voor droogte die haar wortels vindt in het denken van Socrates, Plato en Aristoteles. Sinds die tijd zijn de meeste filosofen op zoek naar de vaste grond en doen politici en beleidsbepalers het liefst aan watermanagement. Ten Bos vindt dit allemaal veel te droog en neemt zijn lezer mee op een fascinerende zoektocht naar een waterig denken, dat niet alleen hier en daar in de filosofie aanwezig is, maar ook in de wetenschappen.

Citaat uit het boek: 'Hoerenlopers, smokkelaars, zakkenrollers en messentrekkers houden zich op in de buurt van rivier en zee. Waar water is, is louche en onguur volk. Water, zo denkt de gegoede burgerij, is niet pluis. Water is unheimisch. Water is waar de mensen niet zouden moeten zijn. We zullen in dit boek zien dat dit wantrouwen jegens water reeds in de Griekse filosofie zijn contouren krijgt.'

Enkele citaten uit een artikel in de NRC (De klotsende wereld)
Waar René ten Bos voor pleit is het toelaten van intuïtie en ethiek in de filosofie. Verder kijken dan de drie dimensies. Einstein voegde er al een vierde aan toe: tijd. Maar de natuurwetenschappen sinds Einstein (chaostheorie, supersnaren) komen in hun berekeningen op veel meer dimensies. Voor een gewoon mens is zoiets nauwelijks voor te stellen. Men houdt zich dus bezig met 'watermanagement' vanuit een veel te smalle visie, met catastrofale gevolgen. Vandaar Ten Bos' pleidooi voor ingrijpend Umdenken, misschien zelfs: opnieuw beginnen met denken. Terug naar de dichters, schrijvers en filosofisch die niet-mechanisch, intuïtief, fluïde dachten over de samenhang in de wereld.
René ten Bos is niet de enige met die opvatting. Hedendaagse filosofen als Stefan Helmreich, Michel Serres en Peter Sloterdijk gingen hem voor. Het grote voordeel is, zeker als het om de nogal breedsprakige Sloterdijk gaat, dat René ten Bos in deze erudiete en aangrijpende, hoogst verontrustende geofilosofische geschiedenis een glasheldere betoogtrant hanteert.

Fragment uit hoofdstuk 2. Afdalen naar de democratie
Nieuwsgierigheid
Natuurlijk bevoeren de Grieken de zee niet alleen uit roofzuchtige motieven. Ze waren ook oprecht nieuwsgierig. Ze wilden wel eens weg uit de smalle zones langs de kust. De zee - hun zee, maar ook de verre en onheilspellende zee - bood een veel makkelijkere uitweg dan de onherbergzame binnenlanden. We zouden ook kunnen stellen dat de mensen die aan de kust woonden heel anders in elkaar staken dan de mensen in de binnenlanden. Er zijn mensen van de zee en mensen van het land. Er is Thales, er is Plato.
  Lang voor Homeros (of de groep dichters die onder deze naam bekend was) zijn verhalen over Odysseus opschreef, bevoeren de Grieken de zeeën.. De eilanden raakten bewoond vanaf ongeveer 6000 voor Christus. Nieuwsgierigheid ging dus al snel de zee over. We weten natuurlijk niet heel veel van wat de mensen motiveerde, maar al duizenden jaren voor Homeros moeten er, zo blijkt uit archeologisch onderzoek, mensen zijn geweest die de zeeën rondom Griekenland bevoeren. Het is ondenkbaar dat ze niet door een soort nieuwsgierigheid werden gedreven, ook al moeten we voorzichtig zijn met het gebruik van dit soort termen. (pagina 59)

Terug naar Overzicht alle titels

donderdag 9 oktober 2014

Gedicht voor (de?) Homo Desperatus


In de vakantie van 2014 maakte ik Lezers van Stavast en anderen attent op een tentoonstelling in het Stedelijk Museum. In 's-Hertogenbosch. Homo Desperatus van kunstenaar Dries Verhoeven. Ik vond en vind dat deze tentoonstelling aansloot en sluit bij thema's die in boeken van 'onze' LvS-lijst worden besproken. Verder was het - los van de inhoud - een zeer bijzondere tentoonstelling. Waar je kon genieten van de manier waarop de tentoonstelling was ingericht.

Een gedicht
Hoe dan ook, verschillende Lezers van Stavast zijn naar Den Bosch afgereisd en we hebben er tijdens een van onze bijeenkomsten over gesproken. Sterker: Eveline Weinberg had een gedicht gemaakt.




Een andere ramp
Toevallig vond er enkele dagen voor deze bijeenkomst (op donderdag 2 oktober 2014) in Japan een natuurramp plaats: de vulkaan Ontake barstte onverwacht uit. Beelden van die explosie gingen de wereld rond. En toevallig stonden zowel in De Volkskrant als het NRC over twee pagina's verspreid foto's van deze ramp. Die foto's trokken mijn aandacht. Want enkele foto's hadden in de tentoonstellingszaal in Den Bosch kunnen worden genomen. Dezelfde grijze sfeer van ontreddering, natuurgeweld. En je kunt je als mens voorstellen dat deze ramp veel mensenlevens heeft gekost. Collateral damage, zoals ook wel werd gezegd over de beelden die Dries Verhoeven in zijn Homo Desperatus presenteerde.



(donderdag 9 oktober 2014)
Hans van Duijnhoven

Zonder titel
vitrines strak
gestructureerd
in rijen
met een
militaristische
discipline
gerangschikt
ontzagwekkend
de leegte
de grote
de ruimte
de overheersende
duisternis
ik werd
opgezogen
en verdween
in een
nieuw geschapen
futuristische wereld
waarin mieren
als mensen
verbinden
vechten
om te overleven
sterven
door
uitputting
en
uitbuiting
van
de aarde
dit alles
haarscherp uitvergroot
weergegeven
voltrok zich
voor het oog
van de
toeschouwer die
geobsedeerd
toekeek
en zichzelf
verloor en verdronk
in een niet bestaande wereld.

Eveline Weinberg

Homepage Achtergrondartikelen

woensdag 8 oktober 2014

Maarten van den Heuvel

Vrijheid gelijkheid broederschap : oude waarden in nieuwe tijden

Boom 2014, 307 pagina's - € 27,50

In 2012 zond VARA-tv een serie uit over dit onderwerp. Maarten Keulemans was daarbij betrokken en werkt deze onderwerpen in dit boek verder uit

Korte beschrijving
Historicus Maarten van den Heuvel (1965) maakte in 2012 met Pieter Hilhorst en Kees Schaap het televisiedrieluik 'Vrijheid, gelijkheid en broederschap'. Onder deze titel brengt Van den Heuvel nu in boekvorm een uitbouw van dat programma en van het onderzoek dat hij deed naar deze drie begrippen. Inleidend stelt hij dat in onze huidige maatschappij vrijheid de dominante waarde is geworden, gelijkheid steeds verder wegzakt en broederschap bezig lijkt aan een terugkeer. Op academische wijze en dus uiterst gedetailleerd, neemt hij ons mee door de geschiedenis van de naoorlogse prestatiemaatschappij en de excessen daarvan. Hij ontleedt begrippen als vrijheid, inkomensongelijkheid, gemeenschapszin en verantwoordelijkheid en overlaadt ons met talloze citaten en verwijzingen. Door de subjectieve keuze van informatie is het onvermijdelijk dat de stellingen hier en daar betwist kunnen worden. Uiteindelijk concludeert hij dat de uitgediepte kernwaarden (als een drie-eenheid) onlosmakelijk met elkaar blijken te zijn verbonden. Voorzien van enkele illustraties in zwart-wit, vele eindnoten en een uitgebreide literatuurlijst.

Fragment uit de Conclusie
Bepaalde beperkingen aan de vrijheid zijn onvermijdelijk, maar bepaalde vormen van vrijheid leggen ook grenzen op aan gelijkheid en broederschap, terwijl die onmisbaar zijn voor de vrijheid van iedereen. Voor iedereen die vrijheid hoog in het vaandel heeft staan geldt daarom dat hij niet om gelijkheid en broederschap heen kan. De wetenschap laat ons zien hoe de drie begrippen direct op elkaar van invloed zijn en hoe ze gezamenlijk tot uitdrukking brengen hoe wij als sociale wezens zijn geëvolueerd. Daar kunnen we in onze huidige maatschappij ons voordeel mee doen. We vormen met zijn allen een samenleving en moeten met elkaar bedenken hoe we die willen inrichten. Wat mij betreft zouden we er goed aan doen de omstandigheden te creëren waarin we onze sociale hersenen hun werk kunnen laten doen. Vrijheid, gelijkheid en broederschap bieden daarvoor een uitstekend uitgangspunt. (pagina 260)

Terug naar Overzicht alle titels

Helen Toxopeus

Jan van Arkel 2014, 290 pagina's - € 19,95
Aan de ommezijde zit een tweede boek: Henk van Arkel. Met uw hulp nu de doorbraak (61 pagina's )

Erasmus Research Institute: Helen Toxopeus (1980)

Korte beschrijving
Social Trade Organisation begon in de jaren zeventig als Aktie Strohalm, gericht op milieubewustzijn, maar ontdekte gaandeweg de cruciale rol van geld bij veel problemen in onze maatschappij en ging alternatieven ontwikkelen voor het gangbare geldsysteem. In het eerste deel van dit boek voeren de schrijfster, econome, en STRO-directeur Henk van Arkel een serie gesprekken over de eenzijdigheid van de gangbare opvattingen over geld, de problemen die erdoor ontstaan zoals de noodzaak tot continue groei in plaats van een economie van het genoeg, en de ontwikkeling van alternatieven voor de huidige rol van banken en financiële markten, waar STRO zich voor inzet en goede resultaten mee boekt. Waar het vertrekpunt van auteur en directeur volstrekt verschilt, verandert de auteur gaandeweg van mening door verbreding van inzicht. In het tweede deel van dit boek (uitgevoerd als keerdruk) beschrijft Van Arkel de stand van zaken van het Social Trade Credit Circuit en het gebruik van het daarbij passende softwarepakket Cyclos, in Nederland en daarbuiten. Een goed toegankelijk boek over hoe duurzamer met geld om te gaan.

Tekst website uitgever
Is een ander soort geld mogelijk, dat tot een eerlijker, effectiever en duurzamer samenleving leidt? Twee betrokken mensen met een totaal verschillende achtergrond raken in gesprek. Werelden botsen. De één is opgeleid als econoom en heeft net haar baan bij een bank opgezegd. De ander is verantwoordelijk voor de innovatieve handels- en geldsystemen die Social Trade Organisation (STRO) op verschillende plekken in de wereld test. De oud-bankier twijfelt of er alternatieven bestaan voor het huidige geld. Toch wint haar nieuwsgierigheid het van haar scepsis en ze verdiept zich in het werk van STRO. Haar wordt gevraagd tal van de gevestigde denkbeelden over geld en economie kritisch te overdenken. Dit boek verrast: speculatie als belangrijkste functie van geld; en hoe ict-innovaties het monopolie van banken veel fundamenteler bedreigen dan Bitcoin doet.

In een apart gedeelte van het boek beschrijft Henk van Arkel de actualiteit van het @ndere geld, dat STRO nu samen met haar partners in Europa neerzet. Dit gebeurt al in Bristol, Catalonië, Lombardije en op Sardinië. De realisatie van deze Social Trade Credit Circuits geschiedt met steun van de EU. Het is geld dat juist werkt tijdens een crisis!

Lees in dit boek hoe met uw hulp en de inzet van IT-innovaties ook in Nederland een alternatief kan worden gerealiseerd voor de doodlopende weg van de banken en financiële markten. Dit wordt een historische gebeurtenis. Want nooit waren er twee soorten geld tegelijk.

Een @nder soort geld is een boek voor iedereen, zonder vaktermen en moeilijk gedoe. De vorm van een gesprek maakt het zeer begrijpelijk. Het is voor eenieder die wil weten hoe het echt zit met de euro, de crisis en wat eraan gedaan kan worden. Het is een volkomen origineel geluid dat stoelt op in de praktijk geteste ideeën. Het is een boek geworden met een frisse blik op wat geld nu eigenlijk is, hoe het ‘werkt’ in ons voordeel èn in ons nadeel; en waarom een tweede munt handig is.


Fragment uit Maart 22013. Social trade, een prisoner's dilemma en geldsoftware
Op een whiteboard tekent Henk het voor me uit.
Zo'n zelfde situatie doet zich voor als we moeten kiezen wat we gaan kopen, al zijn we ons daarvan niet bewust. Bovendien is er een gebrek aan informatie.
 Bij het kopen van producten bepalen we onze keuzes door te kijken naar de prijs, en wat we denken te weten over de kwaliteit ervan. Daarbij wegen we niet mee hoeveel een bepaalde aankoop aan het toekomstig inkomen van ons en de overheid gaat bijdragen. Als wij ons geld lokaal besteden is de kans namelijk groter dat het opnieuw bij onszelf zal worden uitgegeven en verdient de overheid eraan.
 Hiervan is bijna niemand zich bewust. Zolang het goed gaat in ons eigen land en de productiecapaciteit goed wordt benut waardoor er voldoende inkomen is, is er ook geen probleem. Maar als er veel werkloosheid is en bedrijven draaien niet op volle kracht, dan speelt het wel degelijk mee of de koopkracht lokaal blijft circuleren en uiteindelijk als inkomen opnieuw bij mensen terugkomt: meer kans op werk en meer belastinginkomsten en minder kosten voor sociale zekerheid. Helaas hebben kopers geen informatie over deze reële voor- en nadelen.
 Daar bovenop komt dan dat zij gevangen zitten in een prisoner's dilemma. Het eventuele effect dat hun uitgaven weer bij hen uitkomen, stelt namelijk pas echt iets voor als we allemáál lokaal aankopen. Maar als iedereen dat doet terwijl een bepaald product van buiten nu eenmaal goedkoper is, is het voor een individu nog steeds voordeliger om dat goedkopere buitenlandse product te kopen, terwijl diegene dan tegelijkertijd meeprofiteert van het hogere inkomen dat de lokale uitgaven van al die anderen helpen genereren. Dus nemen we elk voor onszelf toch weer die beslissing, en koopt er misschien maar een enkeling het lokale product.
 Lokaal kopen is niet hetzelfde als autarkie en eigen land eerst. Uiteindelijk levert een groter gebruik van de potenties voor iedereen meer op. En ook zijn sociale verbanden in lokale gemeenschappen stabieler en geven ze mensen meer kans op geluk.' (pagina 246-247)

Youtube: Een verkenning van ons geldsysteeem (7 februari 2013) (47:51)


Terug naar Overzicht alle titels


Paul De Grauwe

De limieten van de markt : de slinger tussen overheid en kapitalisme
Lannoo 2014, 236 pagina's  € -20,--

In oktober 2020 verscheen een nieuwe editie (na corona) Lannoo, 279 pagina's - -22,99

 Wikipedia: Paul de Grauwe (1946)

Korte beschrijving
De gerenommeerde Vlaamse econoom Paul De Grauwe – ooit als rasliberaal voorvechter van de vrijemarkteconomie – pleit in zijn nieuwste boek, waarin hij de verhouding tussen overheid en vrije markt onderzoekt, voor sterker overheidsingrijpen. Het zijn de financiële crisis, de groeiende ongelijkheid en de milieuproblematiek die zijn visie deden veranderen. Decennialang overheerste het kapitalisme, maar dat lijkt nu op weg om zichzelf te vernietigen. Uiteindelijk kan de markt niet zonder de overheid en vice versa. Beide lopen aan tegen grenzen. De Grauwe analyseert de gevolgen van de desastreuze pendelbeweging tussen markt en staat, die alleen doorbroken kan worden als we nu drastische maatregelen nemen. De auteur put vooral uit onderzoek van andere economen: hij besteedt met name veel aandacht aan het werk van Thomas Piketty (momenteel hot!) en Daniel Kahneman. Een helder geschreven verhaal dat handig lijkt mee te liften op de huidige cultuuromslag in het economisch denken. Met noten en grafieken. Voor een beperkte lezerskring.

Tekst op website uitgever
Na een decennialange triomftocht is het kapitalisme goed op weg om zichzelf te vernietigen. Kernproblemen als klimaatverandering en groeiende inkomensongelijkheid illustreren de onvermijdelijke externe en interne limieten van de markt.
Enkel de overheid lijkt een oplossing te kunnen bieden. Maar ook de staat zal op grenzen botsen en op haar beurt de weg effenen voor een comeback van de markt.

Met zijn nieuwe boek levert Vlaanderens prominentste econoom een onschatbare bijdrage aan het debat over de houdbaarheid van ons marktsysteem. De Grauwe analyseert haarfijn de gevolgen van die desastreuze pendelbeweging, die alleen doorbroken kan worden als we nu drastische maatregelen nemen.

Fragment uit hoofdstuk 12. Pendelbewegingen tussen markt en overheid
De mythe van Sisyphus
Sisyphus was een Griekse koning die zich sterker en verstandiger voelde dan Zeus. Voor deze zonde van overmoed (hybris, of hubris in het Grieks) werd hij gestraft. Hij werd ertoe veroordeeld om elke dag een rotsblok een berg op te duwen, waarna dat rotsblok elke avond weer naar beneden rolde. De volgende dag kon Sisyphus herbeginnen, tot in de eeuwigheid.
   Albert Camus gaf in zijn boek De mythe van Sisyphus een existentialistisch interpretatie van deze bekende Griekse mythe. De straf van Sisyphus is volgens Camus een metafoor voor de absurditeit van het leven. Hoe moeten we tegenover deze absurditeit staan, vraagt hij zich af. Eén mogelijkheid bestaat erin zelfmoord te plegen. Camus verwerpt deze optie. In plaats daarvan stelt hij dat we in opstand moeten komen tegen de absurditeit van het leven. Dit doen we door ons in het leven te gooien, intens te leven en creatief te zijn. De revolutionaire held is diegene die ondanks de absurditeit en wetende dat zijn opstand uiteindelijk niets zal uithalen, toch de rots doet bewegen en nog gelukkig is ook. 'Il faut s'imaginer Sisyphe heureux', besloot Camus.
Dat is ook de houding die ik aan het einde van dit boek als leidraad wil meegeven. Het zal buitengewoon moeilijk zijn om toekomstige catastrofes te voorkomen. Misschien is het zelfs al te laat (ik ben wel iets optimistischer dan Albert Camus met zijn Sisyphus-interpretatie, die inderdaad volstrekt uitzichtloos is). Er is een uiterst kleine kans dat we de neergang kunnen voorkomen door een reformistisch beleid te voeren zoals ik eerder heb uitgestippeld. Maar zelfs als dat niet lukt, hebben we geen andere keuze dan, zoals Sisyphus deed, elke dag opnieuw te beginnen. Het is de enige manier om zin te geven aan het bestaan.
   Als we niet tot actie overgaan, zullen onze kleinkinderen ons niet vergeven dat we niets ondernomen hebben om hen te redden. Dat op zich is voldoende motivering om te blijven doorgaan. (pagina 273-274) (corona editie 2020)


Fragment uit hoofdstuk 9 - Externe limieten van de politiek
De overheid zal dus moeten bemiddelen tussen de belangen van een minderheid, die echter veel middelen gebruikt om haar belangen veilig te stellen, en een meerderheid van mensen die schade ondervinden. Het is niet van tevoren duidelijk welke richting de politiek zal uitgaan. Veel zal afhangen van de democratische kwaliteit van de instellingen. In veel landen wint de minderheid het. In die landen kiest de overheid systematisch partij voor de grote vervuilende bedrijven. Dit is mogelijk omdat er geen sprake is van een werkzame democratie. Politici worden omgekocht door vervuilende bedrijven, zonder dat er een mechanisme bestaat om daar paal en perk aan te stellen. Een dergelijk systeem wordt crony capitalism of ‘vriendjeskapitalisme’ genoemd, waarin de politiek systematisch de belangen van de kapitalisten verdedigt. De arbeiders kunnen er ongestraft hun arbeiders uitbuiten, het milieu vernietigen en samenspannen om hoge prijzen af te dwingen. De politici, die in feite omgekocht zijn of zelf grote delen van de industrie in handen hebben, verdedigen openlijk de kapitalisten. Er is een symbiose tussen politiek en kapitaal. (pagina 175-176) (corona editie, 2020)

Een verwant citaat
De tuin was zijn persoonlijke strijd met een verscheurde, maar geliefde kosmos. De tuin zou niet blijven, net zomin als hij. Maar het was de moeite waard om door te gaan, om precies dezelfde reden waarom het de moeite waard was om boeken te lezen en schrijven: voor een helder, evenwichtig, eerlijk leven. Met zijn vieze handen en verkleumde botten ging Leonard de confrontatie aan met de fundamentele ambivalentie van het leven - appelboom na appelboom. (Damon Young. Filosoferen in de tuin 2014) (Damon Young heeft het over Leonard Woolf, de man van Virginia).

Artikel: Markt en staat zijn als tweelingbroeders: ze kunnen zonder elkaar niet leven, en ze versterken elkaar. (oktober 2014) en Hoe komt het toch dat de consument in ons alles ruïneert, verwoest, platbrandt, sloopt en te gronde richt wat de burger en de onderzoeker in ons dierbaar is? (augustus 2019)

Andere titels
Thomas Piketty. Kapitaal in de eenentwintigste eeuw (2014)
Victor Broers. Thomas Piketyty's Kapitaal : samengevat in Nederlands perspectief (2014)
Willem Vermeend. Arm & rijk in Nederland : hoe het echt zit met inkomen en vermogen (2014)
Wouter van Bergen & Martin Visser. De kleine Piketty : het kapitale boek samengevat (2014)
Robert Went (red.) - Waarom Piketty lezen? (2014)

Aanvulling
Op dinsdag 12 oktober 2020 liet Paul De Grauwe via Twitter weten dat er een nieuwe editie van zijn boek uit 2014 is verschenen. 

Ondertitel: Nieuwe editie na corona.

Terug naar Overzicht alle titels