zondag 27 juni 2021

Carolyn Steel 2

Wat gaan we eten : Sitopia: hoe goed eten de wereld kan redden
Meulenhoff 2021, 496 pagina's  - € 24,99

Oorspronkelijke titel: Sitopia : How food can save the world (2021)

Wikipedia: Carolyn Steel (19?)

Korte beschrijving
De auteur van dit boek verdiept zich al langere tijd in de relatie die mensen hebben met eten. In 2008 verscheen haar bestseller ‘De hongerige stad’*, over de band tussen stad en platteland. Ze werkte meer dan zes jaar aan dit boek waarin ze de grote vragen niet uit de weg gaat. Vragen als: wat zorgt voor een goed leven? In haar boek beschrijft ze de paradox dat we in de geïndustrialiseerde wereld geen honger meer hebben en eigenlijk de hele dag door werken. Desondanks zijn we niet gezond want we eten het verkeerde voedsel. We moeten andere keuzes maken en volgens Carolyn Steel helpt filosofie daarbij. Ze maakt duidelijk dat niet alleen ons voedsel, maar ook wie wij zijn onderdeel is van de aardse cyclus. Ze laat zien dat onze voorouders, de jagers-verzamelaars, een goede gezondheid hadden door een gevarieerd dieet. Volgens haar kan een directe band met ons voedsel onze kijk op de wereld verbeteren. Geschikt voor lezers die - op wat diepere wijze - geïnteresseerd zijn in goede voeding.

Tekst op website uitgever
Hoe kunnen we ethisch verantwoord en gezond leven in een wereld waar goedkoop, slecht geproduceerd voedsel de norm is?

Al vanaf de tijd dat onze voorouders leefden als jager-verzamelaars geeft voedsel vorm aan onze dagelijkse bezigheden, aan onze lichamen en woningen, aan onze politiek en handel, en aan ons klimaat. Of het nou gaat om de dagelijkse beslissing over wat er op tafel moet worden gezet of om het monopolie van de voedselindustrie, eten raakt aan elk aspect van ons bestaan. Doordat we onze ogen sluiten voor de echte waarde van voedsel en voedselproductie, raken we langzaam gewend aan een manier van leven die een risico vormt voor onze planeet en voor onszelf.

Voeding speelt daarom een essentiële rol als het gaat om hoe we de problemen van onze tijd het hoofd moeten bieden. Carolyn Steel gebruikt inzichten van beroemde filosofen zoals Aristoteles en Plato en ideeën uit de geschiedenis, architectuur, literatuur, politiek en wetenschap om te laten zien hoe we onze relatie met voedsel, en de manier waarop we het distribueren en produceren, kunnen veranderen. Wat gaan we eten? biedt een uitdagende en spannende visie voor verandering; Steel wijst op bedachtzame en inspirerende wijze de weg naar een leefbare toekomst.

Fragment uit 6. Natuur
Schepselen van de vrije natuur

Spectors onderzoek biedt inzicht in wat twaalfduizend jaar beschaving ons heeft gekost. Levend en etend in de vrije natuur zijn de Hazda innerlijke ne uiterlijk dusdanig in harmonie met de natuur als menselijkerwijs maar mogelijk is. Ze belichamen het ideale evenwicht dat door de moderne levensstijl onmogelijk is gemaakt. Ze bezitten geen auto's of computers, maar hebben ook geen welvaartsziekten als kanker of hart- en vaatziekten. of deze ruil wel of niet de moeite waard is, kan worden betwist,. Uiteindelijk is ook dit het resultaat van het evolutionaire pad dat we hebben afgelegd.

Waar we ook leven en hoe we dat ook doen, we zijn een levende afspiegeling van de natuurlijke wereld, of beter gezegd: van de aangepaste versie ervan die we zelf hebben gecreëerd. Nu pas, nu foeragerende volken als de Hazda op de rand van uitsterven staan, gaan we begrijpen wat dit alles betekent. Als we de natuur simplificeren doen we onszelf tekort. De auteurs van Gilgamesj hadden gelijk: voor de mens is leven in de stad, ver verwijderd van de natuur, een manier van dood-zijn.

Spectors wonderbaarlijke microbiële metamorfose toont echter dat nog niet alles verloren is. De ongelooflijke snelheid waarmee deze oeroude micro-organismen zijn ingewanden koloniseerden, kondigt een potentieel spannend nieuw hoofdstuk aan in onze relatie met de natuur. In zeker opzicht hebben we met onze technologische reis een omwenteling doorgemaakt en beseffen we nu pas wat onze voorouders instinctief al wisten: alleen wanneer de natuur floreert in al haar volheid, floreren wij ook.

De implicaties van deze herontdekking gaan ongelooflijk ver, niet alleen ten opzichte van de manier waarop we onszelf voeden en hoe we leven, maar ook wat betreft de filosofische basis van onze samenleving zelf. Ongeacht op welke schaal we hiernaar kijken, is het onze taak op dit scharniermoment in de evolutie dat we ons niet simpelweg verzoenen met de natuur of de wereld redden door haar als een gigantische taart in stukken te verdelen, maar dat we erkennen dat we schepselen van de vrije natuur zijn. In een tijdperk van ongebreidelde verstedelijking en ongekend technologisch meesterschap is dat misschien een vreemde manier om jezelf te omschrijven, maar dat is nu juist het punt. Wat een herwonnen gevoel van diepe verbondenheid met de natuur ons vooral laat zien, is hoe dodelijk de deal is die we met de natuur hebben gesloten. Als we in de toekomst enige kans op geluk en voorspoed willen maken, moeten we deze deal zo snel mogelijk herzien.

Hoe kunnen we eten, leven en denken als schepselen van de vrije natuur? Het is zonneklaar dat we dan de grote wildernissen van de wereld moeten respecteren en behouden, wat op zijn beurt betekent dat we heel goed moeten weten wat we níet eten. De kaalslag van de regenwouden voor palmolie of de onttakeling van de zeebodem door trawlvisserij (het onderwaterequivalent van een ijzeren staaf van 30 ton zwaar en 150 meter lang over een akker slepen) behoort domweg niet tot het gedrag van beschaafde wezens. We moeten met een lichtere ecologische voetafdruk voor onze voeding zorgen, zodat de vrije natuur in stand wordt gehouden en niet verwoest. Er zijn genoeg aanwijzingen hoe onze voorouders dat deden en hoe sommige mensen dat nu doen, maar kunnen we zulke praktijken ook overzetten naar het moderne, stedelijke bestaan? Het verrassende antwoord: jazeker, en zelfs makkelijker dan je denkt. Kijk naar voedsel. We weten inmiddels dat wild, natuurlijk voedsel veel voedzamer is dan gecultiveerd voedsel. De voedingswaarde bijvoorbeeld van de wilde bessen die de Hazda eten, is tien tot honderd keer hoger dan de bosbessen in de supermarkt. Bij de veredeling van planten werden wilde eigenschappen meestal ondergeschikt gemaakt aan hogere opbrengsten. Laten we daarom vanaf nu landbouwvormen ontwikkelen waarbij de wildheid behouden blijft. Biologische landbouwers zijn daar al in hoge mate mee bezig. Maar we moeten veel verder gaan en natuurlijke groeiprocessen nabootsen en stimuleren, zodat ecologische voedselsystemen ontstaan die even rijk en gevarieerd zijn als in de natuur. Deze benadering vereist dat we heel anders gaan eten (minder brood en pasta, meer noten en bessen alsook seizoenproducten), maar tegelijkertijd zal ons voedsel veel efficiënter zijn, in die zin dat we ons meer op kwaliteit focussen dan op kwantiteit. Als de bessen die we eten honderd keer voedzamer zijn dan de huidige supermarktbessen, kunnen we toe met een honderdste van de huidige productie.

Als we willen eten als schepselen van de vrije natuur, houdt dat ook in dat ons dieet met een groot aantal soorten moeten worden uitgebreid, inclusief insecten. (pagina 380-392)

Draadje (augustus 2021)




Lees ook: De hongerige stad : hoe voedsel ons leven vormt (2011)

Terug naar Overzicht alle titels

Geen opmerkingen:

Een reactie posten

De redactie behoudt zich het recht voor reacties te verwijderen