zondag 18 september 2016

Thomas Decreus & Christophe Callewaert


Dit is morgen

EPO 2016, 269 pagina's - € 19,90

Thomas Decreus (Twitter) & Christophe Callewaert (Twitter)

Korte beschrijving
Thomas Decreus, historicus en doctor in de wijsbegeerte, en Christophe Callewaert, filosoof, werken beiden als journalist voor De Wereld/Morgen.be. In dit boek constateren deze beide Vlaamse schrijvers veel mankementen in de huidige wereld. In het verleden zijn reeds pogingen gedaan om een betere wereld tot stand te brengen; echter met weinig resultaat. Het vertrekpunt van de schrijvers is het gemeenschapsdenken. Zo prijzen zij de vroegere commons (gemeenschappelijke gronden in Engeland) aan. Daarnaast willen zij de arbeid minder centraal stellen en het aantal werkuren verminderen. Een geleidelijke mentaliteitsverandering is gewenst om daadwerkelijke verbeteringen te verwezenlijken. Decreux en Callewaert sluiten zich aan bij het klassieke linkse gedachtegoed, hoewel zij dit, gezien de vroegere ervaringen, ook enigszins relativeren. Het boek, voorzien van een notenapparaat, vereist enige voorkennis, maar is toch zeer leesbaar voor een breed publiek van politiek en economisch geïnteresseerden in de huidige vraagstukken.

Tekst op website uitgever
Ergens zijn we het vermogen kwijtgeraakt om te dromen. Niet eens zolang geleden was de blik op de toekomst gericht en dachten we met zijn allen na hoe het beter kon. Denk aan de 30-urenweek, progressieve belastingen die de rijkdom herverdelen, een basisinkomen of de uitbreiding van de commons. Dat zijn geen wereldvreemde utopieën maar concrete maatregelen die ooit op verschillende plaatsen in de wereld succesvol werden ingevoerd of op het allerhoogste niveau op tafel lagen. Thomas Decreus en Christophe Callewaert bespreken de hedendaagse recepten om onze samenleving uit de impasse te halen. Hun conclusie is verrassend. Verandering blijkt niet eens zo moeilijk. Koppig vasthouden aan het beleid van de afgelopen dertig jaar en hopen dat het nu plots wel de economische, sociale en klimaatcrisis oplost, dat is pas onrealistisch.

'In dit bruisende boek zetten Decreus en Callewaert de ramen van het denken open. Wie zoekt naar nieuwe ideeën die het waard zijn om voor te vechten, die kan Dit is morgen niet laten liggen.' – Rutger Bregman, schrijver

‘De mogelijkheden die voorgesteld worden zijn een wezenlijk tegengewicht in een wereld die dreigt weg te zinken in angst, zelfgenoegzaamheid, ledigheid en cynisme. Onafgebroken creatief blijven trachten naar een betere wereld is niets minder dan de zin van het menselijk bestaan.’ – Dirk De Wachter, psychiater-psychotherapeut en schrijver

Artikel uit de Belgische krant De Morgen (!): 'Dit is morgen': concreet utopisch, hoopvol en inspirerend (april 2016)

Enkele fragment uit het hoofdstuk (over) Eigendom (over de commons)
Het privatiseren van de commons is dus een proces dat nog steeds bezig is. Niet alleen land, maar ook immateriële producten tot en met het leven zelf worden letterlijk en figuurlijk omheind en onttrokken aan de gemeenschap. (p. 55)

Het voorbije decennium werd wereldwijd meer dan 320.000 vierkante kilometer grond opgekocht door investeerders. Dat is ongeveer de oppervlakte van Portugal. Vaak gebeurde dat zonder de volledige instemming van de plaatselijke gemeenschappen die de grond benutten. De gewassen die verbouwd worden op de opgekochte grond zijn in meer dan de helft van de gevallen bestemd voor de export.
() Het is opvallend hoe weinig de hedendaagse landroof verschilt van d elandroof ten tijde van het kolonialisme. Buitenlandse mogendheden hebben de vorm aangenomen van multinationale bedrijven en de Afrikaanse overheden keren zich af van de lokale bevolking in ruil voor zelfverrijking. (p. 50)
De toenemende privatisering van land zorgt er niet enkel voor dat de lokale gemeenschappen steeds minder voedselzekerheid hebben, ze richt ook ecologische catastrofes aan. Regenwouden worden in een recordtempo gekapt om plaats te maken voor monoculturen. (p. 51)

En dat is niet alles. () Veel van wat oorspronkelijk gemeenschappelijk goed was, wordt vandaag in toenemende mate geprivatiseerd. Denk aan culturele producties. Veel culturele producties zijn eigenlijk gemeengoed. Ze ontstaan vanuit de gemeenschap en behoren toe aan de gemeenschap, net zoals gemeenschappelijke gronden van plattelandsbewoners ooit gemeenschappelijk eigendom waren. (p. 52)

Neem deze tekst. De taal waarin hij geschreven werd, kwam op collectieve wijze tot stand en behoort tegelijk niemand en iedereen toe. Taal is altijd een common: taal kan slechts tot stand komen door de interactie tussen mensen en ze versterkt en reproduceert die interactie op zijn beurt. Maar ook de informatie die de geschreven taal in deze tekst overbrengt is niet afkomstig van ons – de auteurs. Om ons verhaal te vertellen, maken we gebruik van vele wetenschappelijke onderzoeken, journalistieke bronnen en getuigenissen. Dat doet iedere tekst. Een tekst is steeds een verder bouwen op andere teksten, het samenbrengen van flarden informatie die elders circuleren en die opnieuw compileren. Een auteur is altijd een compilator die voortbouwt op het werk dat eerder door anderen verricht werd. Eigenlijk is het dus vreemd om een boek of een tekst te beschouwen als de verdienste van één auteur. (p. 53)

Ook menselijke communicatie – een common bij uitstek – wordt in toenemende mate geprivatiseerd en gecontroleerd door private bedrijven. () Alle gegevens die via sociale netwerken worden verstuurd, worden eigendom van het bedrijf dat die netwerken beheert. (p. 54)

Sterker nog. Vandaag azen grote multinationals op de patenten van groenten (p. 54)

Het kapitalisme heeft dus een paradoxale relatie met de commons. De commons onmogelijk. Het is wat je zou kunnen noemen de ‘paradox van de vampiers’.  Vampiers voeden zich met menselijk bloed door ze te bijten in de hals. Maar wie gebeten wordt, verandert zelf in een vampier. Hoe succesvoller de vampiers, hoe minder mensen en hoe sneller de vampiers van hun voedselbron worden afgesneden. Vandaar dat een vampierenwereld onmogelijk is, want als de vampiers winnen, verliezen ze. Zo is het ook met de commons en het kapitalisme. De dag dat alles geprivatiseerd is, wordt het kapitalisme onmogelijk. (p. 58)



 

Lees ook Een paradijs waait uit de storm : over markt, democratie en verzet van Thomas Decreus (2013)

Kik hier voor een artikel over de commons (Gesamtkunstwerk - Teeny, tiny Tony, the world's smallest pony) (september 2015)

Terug naar Overzicht alle titels

zaterdag 17 september 2016

René Gude


Het agoramodel : de wereld is eenvoudiger dan je denkt

ISVW Uitgevers 2016, 125 pagina's - € 12,50

Wikipedia: René Gude (1957-2015)

Korte beschrijving
Toen de ‘Filosoof des Vaderlands’ René Gude in 2015 overleed, werkte hij nog altijd aan wat zijn hoofdwerk had moeten worden: 'Het agoramodel'. Aangezien hij uiteindelijk zelf niet meer in staat was om het te voltooien, hebben Florian Jacobs, Erno Eskens en Peter Henk Steenhuis de taak op zich genomen om Gudes model verder uit te werken op basis van bestaande teksten en vooral op basis van gesprekken met Gude zelf. Het agoramodel biedt niet alleen een eenvoudig overzicht van ons sociale bestaan, maar bovenal een visie op de samenleving. Gude deelt ons sociale leven in een aantal ‘levenssferen’ in: privé, privaat, publiek en politiek, welke min of meer corresponderen met ‘trainingssferen’: religie, sport, kunst en filosofie. Dit boek laat op informele wijze, door middel van een gespreksvorm, Gude zelf aan het woord over zijn model, dat het collectief nieuw elan wil geven boven individualisme en dat zingeving en Bildung (met name in het onderwijs) opnieuw op de agenda wil zetten. Publieksfilosofie op zijn best: leesbaar en tot (zelf)reflectie aanzettend. En boeiend tot de laatste letter.

Tekst op website uitgever
De wereld is complex, maar zit toch eenvoudiger in elkaar dan je denkt. Want welke weg je ook neemt in het leven, je belandt toch altijd weer in dezelfde soorten gebouwen. We leven in privéhuizen, werken in private gebouwen, organiseren onszelf rond publieke gebouwen en besturen de samenleving vanuit politieke gebouwen. Om het leven in deze vier levenssferen goed te laten verlopen, trainen we ons in vier trainingsgebouwen: de tempel, de sportschool, het museum en de academie.

Fragment uit 1.; Hoe het leven ingewikkeld werd
Vraag: Als individu zijn we te beperkt om de problemen op te lossen, zeg je. Maar meerdere individuen samen lukt het wel.
Gude: Ja, dat denk ik. Het probleem is namelijk dat we de vier trainingsprogramma's die we hebben - religie, sport, kunst en filosofie - te individualistisch inzetten. Dat leidt tot de Wet van Schnabel: met mij gaat het goed, met ons gaat het slecht. In plaats van deze programma's of technieken te gebruiken voor het permanent revitaliseren van de collectieven die we vormen - onze gezinnen, bedrijven, verenigingen en politieke eenheden - hebben we ze gereduceerd tot individuele fitnessprogramma's. Daarmee doen we deze trainingsprogramma's tekort.
  We hebben halverwege de vorige eeuw radicaal gebroken met het fenomeen 'collectiefvorming'. De ontsporing van rechtse en linkse totalitaire collectieven heeft ertoe geleid dat we collectiefvorming tot nader orde hebben opgeschort. In de tweede helft van de 20e eeuw is de aandacht geleidelijk van 'solidair' naar 'solitair' opgeschoven. Vanaf 1980 kwamen vrijheid en individuele ontplooiing in plaats van de idealen gelijkheid en broederschap. Sindsdien zijn zingeving aan collectieven en collectief zingeven van de baan.
  In onze cultuur draait het inmiddels al dertig jaar om competitieve individuen die 'er zin in moeten hebben'. De heersende opvatting is dat een goede samenleving niet meer is dan een samenklontering van zoveel mogelijk excellerende individuen. Het probleem daarmee is, dat bij een zo individualistisch mensbeeld iedereen de taal voor gemeenschappelijke doelen, belangen en verantwoordelijkheden verleert. Problemen worden dan gereduceerd tot particuliere doelen, belangen en verantwoordelijkheden.

Vraag: Dus dat individualisme moeten we afzwakken?
Gude: Wat we nodig hebben is wat de Duitsers een Lagebesprechung noemen. Dat is een fundamenteel gesprek over wat het betekent om mens te zijn. Zo'n gesprek is een beetje theoretisch. Het moet gevolgd worden door een Arbeitsgespräch, waarin het gaat over de vraag wat we in de praktijk gaan doen. Individualisme zal dan een zeer minimalistische strategie blijken om een maatschappij te vormen. We moeten ook aan de slag met de samenstellende delen.
  Tegelijk moeten we het individu ook niet direct bij het vuilnis zetten. Laten we in onze gesprekken eerst kijken wat we al hebben, wat de moeite waard is, wat we willen behouden. Daar gaat het mij om. We hoeven niet alles opnieuw te bedenken. Ludwig Wittgenstein heeft dat mooi gezegd: 'Niets nieuws, alleen herordening van wat allang bekend is'. (pagina 32-34)

Fragment uit 2. Over de quadruplexiteit van ons bestaan

Vraag: Wat is vooruitgang in dit geval?
Gude: Vooruitgang is het vervangen van een gewoonte door een betere. (pagina 44)

Lees ook: .... En denken : Bildung voor leraren (uit 2012) (samengesteld door Gerard van Stralen en René Gude)

Terug naar Overzicht alle titels

vrijdag 16 september 2016

Bruno Delepierre

Happonomy : roadmap naar Utopia

Politeia 2016, 288 pagina's - € 29,95

Wikipedia: Bruno Delepierre (19) en website Happonomy

Korte beschrijving
De vraag die als rode draad doorheen dit boek loopt, is hoe geld en werk uw geluk al of niet vooruithelpen. Noem het gelukseconomie, postkapitalisme of happonomy. Bruno Delepierre brengt naast een messcherpe economische analyse een brede waaier aan prikkelende oplossingen voor de problemen die we vandaag kennen. Elk beleidsniveau (lokaal, regionaal, (inter)nationaal) kan hiermee aan de slag. Op een heldere en wetenschappelijk onderbouwde manier toont hij u hoe we het onmogelijke kunnen realiseren: wakker worden in een maatschappij waar bedrijven en ons economisch systeem ten dienste staan van onze levenskwaliteit en geluk.

Korte beschrijving op website Happonomy
Dit is een boek over geld en werk en geluk, maar niet zoals u dat misschien gewoon bent. Bruno Delepierre werpt met u een blik op onze economie en biedt u een antwoord op een breed palet aan intrigerende vragen zoals:

Waarom werkt u?
Zijn rijke mensen écht minder sociaal?
Hoe wordt ons geld ‘gemaakt’ en door wie?
Wat doet een hypotheeklening met uw gezondheid?
Krijgt u binnenkort effectief een robot als collega?
U mag zich naast een messcherpe economische analyse verwachten aan een brede waaier aan prikkelende oplossingen voor de problemen die we vandaag kennen.

Op een heldere en wetenschappelijk onderbouwde manier toont de auteur u hoe we het onmogelijke kunnen realiseren: wakker worden in een maatschappij waar bedrijven en ons economisch systeem ten dienste staan van onze levenskwaliteit en geluk.

Kiest u daarbij vooral zelf het woord dat hierbij het beste past: gelukseconomie, postkapitalisme of “happonomy”.

Fragment uit Hoe dit boek te lezen
Ik zie u denken: 'een boek met een handleiding, dat kan weinig goeds voorspellen'.  Dit is een boek over geld, werk en geluk, vaak met een redelijk technische inslag: macro-economie, monetaire economie en arbeidsmarktrevoluties.

De geeuw die u slaakte, hij is u vergeven.

Laat u bij het lezen van dit werk geen zand in de ogen strooien, de ietwat lichte toon waarin dit boek geschreven is, doet geen enkele afbreuk ana de sérieux of juistheid van de inhoud.

In tegenstelling tot andere zuteurs met economisch DNA heb ik ervoor gekozen om mijn bevindingen zo neer te schrijven dat iemand met milde interesse en dito kennis de essentie begrijpt.

Dit boek staat bol van de referenties maar u zult tevergeeft achteraan zoeken naar een referentietabel. Die tabel, die vindt u online op http://www.happonomy.org/nl/boekreferenties
op die manier kunt u zelf verder en dieper thema's uitbenen.
U zult doorheen dit boek ook regelmatig dit videosignaal tegen komen, samen met een nummer. Het nummer verwijst naar een specifieke video die u kunt terugvinden op de referentiepagina  http://happonomy.org/nl/video-overzicht

Deze video's dienen in eerste instantie om de ogen te openen en de 'ja, dat zal wel'-reflex te temperen die u mogelijks af en toe zult voelen opborrelen.  (pagina 17)

Youtube - Happonomy: hét kookboek voor een beter leven (1:31)



Terug naar Overzicht alle titels

George van Houts

Door de bank genomen : ons geld- en bankenstelsel, een verbijsterend drama over schulden, woekerwinsten, groeiende ongelijkheid en politieke onwil

Uitgeverij Q 2016, 204 pagina's - € 18,50

Lenen als E-book via bibliotheek.nl

Wikipedia: George van Houts (1958) en website De Verleiders

Korte beschrijving
De auteur is acteur en heeft gespeeld in enkele toneelstukken die de financiële crisis en de rol van de banken daarbij op een ludieke en luchtige manier aan de kaak stelden. Tijdens deze voorstellingen viel het op dat het publiek onwetend was over vele facetten van het monetair stelsel. Dit boek geeft een inkijk in de wereld van de banken. In simpel taalgebruik krijgt de lezer een beeld voorgeschoteld van diverse financieel gerelateerde onderwerpen en termen die veelal onderbelicht zijn gebleven. Hoe wordt geld gecreëerd en beheerd? Welke rol speelt de BIS hierin? En welke monetaire hervormingen zijn er nodig om niet opnieuw af te stevenen op een veel grotere financiële ramp die de vorige crisis in alles doet verbleken? Deze en vele andere vragen worden geanalyseerd aan de hand van praktijkvoorbeelden, geldtheorieën en gefingeerde komische dialogen tussen (bestaande) bankiers en klanten. Dit boek is een eye-opener voor iedereen en draagt bij aan het transparanter maken van het monetair systeem.

Korte tekst op website uitgever
George van Houts is geen econoom, maar een theatermaker die zelf alles uitzocht over ons geldsysteem. Dit boek is een verslag van de theatrale zoektocht van een ‘muppet’ (een klant in bankterminologie) naar de knap verhulde waarheid over hoe ons geld werkt, wie er de baas is, wie de lasten dragen en wie er schathemeltjerijk van worden. De volgende vragen komen aan bod:
Kunnen we ons geld niet zelf maken?
Wat is toch de bedoeling van ‘rente’?
Waarom zijn banken Too Big To Fail en Too Big To Jail?
Waarom doet de politiek niets aan de misstanden?
Waarom zweeft er een nog altijd groeiende sprinkhanenwolk van 5000 miljard euro per dag over de aardbol op zoek naar rendement terwijl wij krom liggen onder bezuinigingen?

Fragment uit 1. Hoe werkt ons geldsysteem
  
Even een kleine vergelijking: gewone bedrijven hebben gemiddeld een eigen vermogen van 44 procent, verzekeraars van 14 procent, maar banken werken met maar 3 procent eigen vermogen. Ze lenen met 3 euro inleg dus 97 euro uit. Met 3 euro scheppen ze 97 euro nieuw geld, via leningen die ze gemiddeld anderhalf keer terugbetaald krijgen. Ze werken nu met een kapitaalratio - zo heet dat - van 3 procent. Dat hebben banken vastgelegd in hun bankenclub de Bank for International Settlements (BIS), gevestigd te Bazel Zwitserland. Daarover in hoofdstuk 7 meer.
  Die 3 procent is waanzin. Dat weten ze zelf ook. Daarom hoeft er maar íéts te gebeuren of ze vertrouwen elkaar niet meer. Dat gebeurde er nou eind 2007 en dat was een van de redenen dat ze in 2008 gered moesten worden. Door u, door ons. Minister Dijsselbloem wil nu, anno 2016, dat ze de kapitaalratio verhogen naar 4 procent. Noga altijd onverantwoord laag. Toch krijsen de banken moord en brand dat ze daarmee niet kunnen werken. Vooraanstaande economen stellen dat een gezonde kapitaalratio voor commerciële banken minstens 10 procent zou moeten zijn. Enkele topdenkers stellen dat het gewoon terug moet naar 1900: 30 procent. Of nog beter: een paar eeuwen terug baar Full Reserve Banking. (pagina 18-19)

Lees o.a. ook: Dit kan niet waar zijn : onder bankiers van Joris Luyendijk (2015), @nder soort geld : helpt economie, milieu en euro van Helen Toxopeus & Henk van Arkel (2014) of  Waardenloos : banking on ethics van George (!) Moller (2012)

Terug naar Overzicht alle titels

Michael J. Sandel 2


Politiek en moraal : filosofie voor het publieke debat

Ten Have 2016, 343 pagina's - € 29,99

Lenen als E-book via bibliotheek.nl 

Oorspronkelijke titel: Public philosphy : essays on morality in politics )2005)

Wikipedia: Michael Sandel (1953)

Korte beschrijving
Michael Sandel (geboren in 1953) is hoogleraar politieke filosofie aan Harvard University. In deze uitgave, die bestaat uit 26 essays, onderverdeeld in drie delen, zet hij zijn denkbeelden uiteen. Hij benadrukt hierin de rol van de moraal in de politiek. Tevens meent hij dat het marktmechanisme niet op alle terreinen van het leven toegepast kan worden. Met name in deel III komen enkele bezwaren tegen het politieke liberalisme naar voren. Vooral de visie van de politieke filosoof John Rawls (1921-2002) onderwerpt Sandel aan kritiek. Te veel aspecten van het menselijk bestaan, zoals morele overwegingen en het streven naar het goede leven, houden de liberalen buiten beschouwing. Politieke filosofie is nodig om richting te geven aan het politieke handelen en dit te doordenken. Deze uitgave, afgesloten met een notenapparaat en literatuuropgave, voorziet hierin, maar is door haar abstracte karakter slechts toegankelijk voor lezers met een uitgebreide voorkennis

Korte beschrijving op website uitgever
‘Politiek en moraal’van Harvard filosoof Michael Sandel (bekend van o.a. optreden met Joris Luyendijk en Bas Heijne) behandelt de vraag of politiek, wetgeving en rechtspraak waardevrij kunnen zijn. Het bevat nooit eerder vertaalde artikelen over o.a. burgerschap, economie, liberalisme en positieve discriminatie. Het eerste essay is de hartstochtelijke toespraak ‘De verleerde kunst van het democratisch debat’, die Sandel hield in 2014 toen de Universiteit Utrecht hem een eredoctoraat verleende.

Uit een recensie in Trouw (14-9-2016): Sandel doordenkt de paradoxen van het liberalisme
Reden om dit boek wel te lezen
Voor wie Sandels werk nog niet kent, is 'Politiek en moraal' een uitstekende kennismaking. Met name in het derde deel doordenkt Sandel de inherente contradicties van het liberalisme zeer grondig. Zijn eigen pleidooi voor een 'moreel reveil' in het debat heeft natuurlijk ook zijn valkuilen. Het opnieuw betrekken van morele en religieuze overtuigingen bij het debat heeft als risico dat intolerante stemmen vaker aan bod komen, geeft Sandel toe. Maar het voordeel is dat we zo ook een kans krijgen om de liberale tolerantie in moreel opzicht te verstevigen.
David Hume schreef ooit dat het voortduren van een discussie voldoende bewijs is dat de deelnemers langs elkaar heen praten. Bij veel heikele kwesties zoekt Sandel naar een derde weg. Het debat over de rechtvaardige distributie van vermogen en inkomen wordt steevast gevoerd door enerzijds libertariërs (handen af van mijn centen) en egalitaristen (eerlijk zullen we alles delen). Sandel meent echter dat niet ongelijkheid het meest ondermijnend is voor een gemeenschap, maar het vermarkten van zaken die je daar niet aan bloot mag stellen.
Hij wil uitgaan van de morele vraag: wat mag er wel en niet met geld te koop zijn? Eén van de voorbeelden die hij noemt is het kopen van politieke invloed. Dat veel burgers het met Sandel eens zijn, blijkt volgens de filosoof uit het onverwachte succes van presidentskandidaten als Bernie Sanders en Donald Trump.

Fragment uit We zijn de kunst van het debatteren verleerd
Ik heb mijn belangstelling voor actuele openbare debatten altijd behouden, maar ik heb ook altijd de filosofie met de wereld willen verbinden. Ik denk dat de wereld van vandaag, misschien wel meer dan ooit, de filosofie nodig heeft. De afgelopen jaren heb ik de kans en het voorrecht gehad om over de hele wereld te reizen - naar Europa, Azië en Noord- en Zuid-Amerika - overal heb ik van gedachten gewisseld, vooral met jonge mensen aan universiteiten, over vraagstukken uit de politieke filosofie en hedendaagse problemen. En overal waar ik naartoe ga, valt me de frustratie over de politiek op. Een diepe en wijdverbreide frustratie over politieke partijen en over politici. Dit lijkt me een begrijpelijke frustratie en een legitieme reactie op een bepaalde vermoeidheid in de politiek. De oude ideologieën zijn hun vermogen tot inspireren kwijtgeraakt; in plaats daarvan hebben we een publiek debat dat grotendeels niet gaat over grote zaken, maar over kleine, bestuurlijke en technocratische problemen. En als we al een debat zien, bestaat het meestal uit zeer partijdige scheldkanonnades: mensen die langs elkaar heen schreeuwen. Ik denk dat dit de reden is dat zoveel mensen - en niet alleen jongeren - gefrustreerd zijn geraakt over de hedendaagse politiek. Er heerst een soort leegte - een holheid - in de kern van ons publieke debat. Mensen willen dat de politiek en het debat over grote dingen gaan, en toch zijn we de gewoonte en het vermogen kwijtgeraakt om deel te nemen aan het publieke debat over grote zaken - en vooral over zaken die te maken hebben met waarden: rechtvaardigheid, het algemeen belang, wat het betekent om burger te zijn. We zijn niet erg goed in het debatteren over deze vraagstukken in de politiek. (pagina 18)

Lees ook: Pleidooi tegen volmaaktheid : een ethiek voor gentechnologie (2012) en Niet alles is te koop : de morele grenzen van markt werking (ook 2012). Of: Identiteit van Paul Verhaeghe uit 2012)

Terug naar Overzicht alle titels

vrijdag 9 september 2016

Stefan van der Stigchel

Zo werkt aandacht : opvallen, kijken en zoeken in een wereld vol afleiding
Maven 2016, 224 pagina's - € 18,50

Lenen als E-book via bibliotheek.nl

Internet: Stefan van der Stigchel (1980) en het AttentionLab

Korte beschrijving
In dit populair-wetenschappelijke boek laat cognitief psycholoog Stefan van der Stigchel zien hoe we informatie verwerken, waarom we zoveel meer zien dan we denken en welke gevolgen dat heeft voor ons dagelijks leven. Anders gezegd: de auteur behandelt alle facetten van 'aandacht'. Hij beschrijft onder meer de verschillende technieken waarmee je aandacht kunt sturen. Interessant is te zien hoe reclamemakers die technieken inzetten in ons voor- én nadeel. Het boek geeft op heldere wijze inzicht in de werking van het menselijk brein én hoe je de aandacht van anderen kunt beïnvloeden. En dat gebeurt ons dus vaker dan we ons realiseren! Eenvoudige uitvoering zonder opsmuk, geen kleurendruk, vrijwel geen illustraties, onopvallende typografie/lay-out. Door de vakbroeders goed ontvangen boek, onderhoudend en diepgravend tegelijk, vol aansprekende praktijkvoorbeelden. Vlot geschreven, ook voor de leek goed te begrijpen. Voor velen vermoedelijk een eye-opener, goed voor een redelijke lezerskring.

Korte tekst op website uitgever
Zo werkt aandacht
Opvallen, kijken en zoeken in een wereld vol afleiding

Advertenties, verkeerslichten, banners, etalages en pushberichten: de strijd om onze aandacht wordt steeds heftiger. Soms staat er weinig op het spel, soms is het een zaak van leven of dood. Maar hoe werkt aandacht eigenlijk? Waarom vallen sommige dingen meteen op en andere helemaal niet?

Cognitief psycholoog Stefan van der Stigchel, laat zien hoe we informatie verwerken, waarom we zoveel meer zien dan we denken en welke gevolgen dat heeft voor ons dagelijks leven. Hij beschrijft verschillende technieken waarmee je aandacht kunt sturen en waarmee aandachtsarchitecten (zoals reclamemakers, ontwerpers van vliegvelden en websitebouwers) die inzetten in ons voor- én nadeel.

Zo werkt aandacht is een must-read voor iedereen die wil weten hoe je kijkt, zoekt, én hoe je de aandacht van anderen kunt beïnvloeden. Het geeft inzicht in de werking van het brein en opent je de ogen voor een belangrijk aspect van ons bestaan: aandacht bepaalt immers wat je van de wereld om je heen meekrijgt.

Fragment uit het Nawoord
Over veel van de zaken in dit boek is dan misschien consensus, maar zeker niet over alles. Toen ik besloot een boek te schrijven voor een breder publiek dan alleen wetenschappers, wilde ik geen nauwkeurige weergave geven van de staat van het wetenschappelijk debat, maar uitleggen wat kennis over aandacht ons kan vertellen over ons dagelijks leven. Niet elke uitspraak zal me dan ook in dank worden afgenomen door mijn vakgenoten, maar ik hoop wel de lezer enthousiast te hebben gemaakt over de vragen waar we ons mee bezighouden en de schoonheid van slimme experimenten. Want dat is uiteindelijk het mooiste aan mijn vak: experimenten verzinnen om een gedeelte van ons gedrag beter te begrijpen. Studies bij patiënten met hersenschade zijn hier een prachtige aanvulling op; ze zorgen ervoor dat we kunnen begrijpen wat er mis gaat als het systeem is beschadigd.
  Het is je misschien opgevallen dat veel van de studies in dit boek uit Nederland komen. Dat is geen toeval. (pagina 195)

Youtube - Aandachtsexpert Stefan van der Stigchel legt uit hoe je kunt opvallen (2:14) (334 views op 8-9-2016)


Terug naar Overzicht alle titels

Bas Heijne 2


Onbehagen : Nieuw Licht op de beschaafde mens

Ambo Anthos 2016, (143 pagina's - € 10,--

In oktober 2020 verscheen de 13e, volledig herziene en uitgebreide druk bij Prometheus, 107 pagina's - - € 16,99

Wikipedia: Bas Heijne (1960)

Korte beschrijving
De filosofen Frank Meester en Coen Simon hebben het plan opgevat een filosofische pamfletreeks te starten, waarin actuele problemen gecombineerd worden met klassiek filosofische teksten. In het voorliggende eerste deel is aan Bas Heijne gevraagd het huidige maatschappelijke onbehagen te beschouwen met behulp van Freuds opstel 'Het onbehagen in de cultuur' (1930). Een belangrijk fragment van dit opstel is in vertaling bijgevoegd. Bas Heijne (1960) is schrijver en werkt soms voor de VPRO. In dit essay vraagt hij zich af waar het huidige maatschappelijke onbehagen vandaan komt. Hij laat zien dat de moderne mens in cultuurvormende spanning tussen het lustprincipe en het realiteitsprincipe, het laatste principe negeert. Het gevolg is een egocentrische, consumerende mens. Maar ook een burger die weliswaar steeds autonomer wordt, maar die autonomie als een zware last ervaart. Dit wekt woede en vernietigingsdrang in hem op. Opvallend is dat Heijne in zijn beschouwing weliswaar Freud gebruikt, maar vooral het werk van Crawford ('De wereld buiten je hoofd', 2015) met instemming aanhaalt.

Korte tekst op website uitgever
Bas Heijne (schrijver, essayist, columnist voor NRC Handelsblad en voormalig presentator van Zomergasten) legt in 'Onbehagen' onze beschaving op de sofa en werpt, met Sigmund Freud in het achterhoofd, een ontluisterend nieuw licht op de huishouding van onze lusten. Freud benoemde het evenwicht tussen het lustprincipe en het realiteitsprincipe: directe behoeftebevrediging versus remmende culturele mores. Alleen: de cultuur in onze tijd lijkt juist vooral gericht op onmiddellijke individuele behoeftebevrediging. Zijn we daarmee onze realiteitszin verloren?


Fragment uit 18

De omgeving doet ter zake - we zijn niet ons brein, zoals een bankbiljet meer voor ons is dan een stukje papier. En we zijn vooral geen autonome, rationele wezens die mens en wereld stapje voor stapje vooruithelpen naar een lichtende eindstreep. De tendens om een mens steeds meer los te zien van zijn omgeving, hem niet langer als een burger maar als een klant te zien, als object voor commerciële en politieke manipulatie, als louter optelsom van statistieken en tabellen, maakt de verbondenheid met zijn omgeving zwakker en versterkt het onbehagen. Het roept het verlangen op naar een radicaal herstel van autonomie, de fantasie van een gesloten gemeenschap, die zich niets van de buitenwereld meer hoeft aan te trekken. Al het onbehagen in de cultuur richt zich daar op.
  Cultuur wordt dan niet langer opgevat als een beschermende laag die het mensen mogelijk maakt samen te leven, maar als iets dat agressief verdedigd moet worden tegen vijanden die jou en de jouwen dreigen weg te vagen. Juist het verlies van identiteit als iets dat je in staat stelt je in de buitenwereld staande te houden, roept het verlangen op naar identiteit als weermiddel in een vijandig geachte buitenwereld. Die buitenwereld wordt dan nog louter als hinderlijk, beledigend en bedreigend gezien - als iets dat niet zuiver, niet rechtvaardig, niet koesterend is.
  Wie Freuds realiteitsprincipe erkent, zal die wereld willen hervormen. Wie het realiteitsprincipe ontkent, zal haar willen vernietigen. (pagina 68-69)

 

Lees ook uit de reeks Nieuw licht
Ewald Engelen. De mythe van de gemaakte vrouw : Nieuw Licht op het feminisme (2016)
Pieter van den Blink. The medium kills the message : Nieuw Licht op journalistiek, media en kijkcijfers (2016)
Eva Rovers. Ik kom in opstand, dus wij zijn : Nieuw Licht op verzet (2017)

Startpagina Nieuw Licht

Lees ook: Kleine filosofie van de volmaakte mens (2015) of van Svend Brinkmann. Standvastig : onder alle omstandigheden jezelf blijven (2016)