zondag 6 september 2015

Ellen Geerlings

Kiezen of delen : een filosofische oriëntatie

Boom 2015, 250 pagina's - € 27,50

Korte beschrijving
Ellen Geerlings schreef een voortreffelijk leerboek filosofie voor havo-vwo met als titel 'Het oog in de storm' (2007). De grote kwaliteiten van dat boek, zowel inhoudelijk als didactisch, kenmerken ook deze nieuwe publicatie. Centrale vraag: hoe moet je kiezen in een wereld zonder kaders? Het bestaan van een vrije wil ontkennen, is geen oplossing, net zo min als besluiteloos meedoen met de mode. Mens zijn vereist dat je nadenkt en dat is lastig. Na een uitvoerige analyse van het probleem onderzoekt Geerlings de manier waarop vijf grote filosofen het hebben aangepakt: Lyotard, Levinas, Taylor, Sloterdijk en Arendt. Het resultaat is een brede en grondige introductie in belangrijke aspecten van de moderne wijsbegeerte, didactisch zeer geschikt voor gebruik in het hoger onderwijs en inhoudelijk minstens zo geschikt voor een lezer die bereid en in staat is om zelfstandig na te denken. Bevat noten en bibliografie.

Fragment uit 1. Over keuzes
In Nudge, een studie over het keuzegedrag van mensen, maken de auteurs Richard Thaler en Cass Sunstein onderscheid tussen Econs en Humans. Econs (een term die is afgeleid van homo economicus) zijn fictieve wezens die altijd rationeel kiezen. Ze zijn berekenend, letten op hun belang en voordeel, laten zich goed informeren en maken ten slotte hun keuzes louter op basis van argumenten. Zoals gezegd zijn het fictieve wezens, want mensen die uitsluitend rationele keuzes maken bestaan niet. Echte mensen, Humans, kiezen meestal onbewust en intuïtief.
  Toch gaan veel mensen ervan uit dat mensen kiezen als Econs. We zijn geneigd onszelf en anderen te zien als rationele individuen die pas na ampele overwegingen hun keuze bepalen. Zo menen we bijvoorbeeld dat we bij onze keuzes voor een ziektekostenverzekering, een koophuis of een crèche of school voor onze kinderen eerst over voldoende informatie moeten beschikken, zodat we de voors en tegens van de verschillende keuzeopties goed tegen elkaar kunnen afwegen en pas daarna een verstandige beslissing nemen. Daarom laten we ons bij dergelijke keuzes uitgebreid informeren.
  Adverteerders zijn wat dat betreft veelal realistischer en bespelen voornamelijk onze gevoelens: ze adverteren hun producten in spotjes met mooie, vrolijke mensen of laten zogenaamde wetenschappers in witte jassen het product aanprijzen. Winkels dompelen ons in muzak, die ons koopgedrag moet stimuleren. Voor politici geldt hetzelfde: wie erin slaagt de emoties van het publiek te bespelen, bijvoorbeeld door gevoelens van onvrede te mobiliseren, weet algauw de kiezers aan zijn kant te krijgen.
  De meesten van ons zullen toegeven dat we soms keuzes maken die niet op rationele argumenten zijn gebaseerd, bijvoorbeeld wanneer we verliefd worden of wanneer we ons laten verleiden tot het eten van iets lekkers terwijl we willen afvallen. Weinigen zullen echter toegeven dat irrationele keuzes eerder regel zijn dan uitzondering.
  Maar in hoeverre kúnnen we rationele keuzes maken? Zijn we ooit werkelijk vrij in onze keuzes? En, zo nee, wat bepaalt of beïnvloedt onze keuzes en zijn het dan nog wel onze keuzes? (pagina 18)

Lees ook van Will Tiemeijer. Hoe mensen keuzes maken : de psychologie van het beslissen (2011)

Terug naar Overzicht alle titels

donderdag 3 september 2015

Christian Rudder

Wie we zijn wanneer we denken dat niemand kijkt

Atlas Contact 2015, 303 pagina's - € 29,99

Lenen als E-book via bibliotheek.nl

Oorspronkelijke titel: Dataclysm: who we are whem we think no one's looking (2015)

Wikipedia: Christian Rudder (1975)

Korte beschrijving

De mede-oprichter van een grote datingsite in de Verenigde Staten neemt een kijkje in de enorme hoeveelheden data die hij nu tot zijn beschikking heeft. Rudder is een uitstekende schrijver, vlot en geestig. Hij duikt op een creatieve manier in de data en toont dat wat mensen zeggen en wat mensen doen heel iets anders is. Hij neemt een aantal taboes onder de loep, met name racisme. Rudder is niet blind voor de beperkingen van data, maar hij laat zien dat er met zoveel en zoveel verschillende soorten data ongekend veel nieuwe inzichten mogelijk zijn. Zijn enthousiasme over de mogelijkheden en zijn optimisme werken aanstekelijk. Ondanks de soms sombere boodschap (racisme is overal en privacy bestaat niet meer) is het een vrolijk boek. De situaties en handelingen die beschreven worden, hebben betrekking op de Verenigde Staten en sommige zijn niet herkenbaar voor ons. Maar dat betekent zeker niet dat ons gedrag een haartje beter is. De tekst staat tjokvol Amerikaans en internetjargon, een lastige klus voor de vertaalster, die prima werk heeft geleverd. Geïllustreerd met tabellen en grafieken. Bevat notenapparaat.

Fragment uit de Inleiding
Als oprichter van een site met advertenties kan ik bevestigen dat gegevens inderdaad handig zijn voor de verkoop. Elke webpagina kan de volledige gebruikerservaring opslurpen: alles waar iemand op klikt, wat hij intikt, en zelfs hoe lang hij ergens blijft hangen. Van daaruit is het vervolgens niet zo heel moeilijk om je een redelijk goed beeld te vormen van iemands behoeften en hoe je die kunt stillen. Maar hoe geweldig de mogelijkheden ook mogen zijn, ik wil het hier niet hebben over een geheime missie in ons land om bodyspray te verkopen aan mensen die iets over deodorant melden aan hun vrienden. Wat ik via dezelfde toegang tot de data wél wil doen is de gebruikerservaring - de klikjes, wat iemand intikt en de milliseconden waarin dat allemaal gebeurt - voor een heel ander doel inzetten. De twee grote en actuele vragen over Big Data gaan over toezicht en geld, maar ik heb de afgelopen drie jaar aan een derde verhaal gewerkt, namelijk aan het menselijke.
  Misschien weet Facebook dat je een van de vele mensen bent die van M&M's houden en krijg je daardoor relevante aanbiedingen voorgeschoteld. Zo weet Facebook ook wanneer het uit is met je vriendje, wanneer je naar Texas verhuist, op steeds meer foto's samen met je ex staat en het vervolgens weer aan is met hem. Google weet wanneer je een naar een nieuwe auto op zoek bent en kan je het juiste model en merk tonen die precies bij jouw pscyho-grafisch profiel passen. Ben je een maatschappelijk geëngageerde, sensatiebeluste persoonlijkheidstype B-man van tussen de 25 en 34 jaar? Dan krijg je een Subaru te zien. Google weet tegelijkertijd ook of je homo bent, boos, eenzaam, racistisch of bang dat je moeder kanker heeft. Twitter, Reddit, Tumblr, Instagram - al die bedrijven zijn eerst en vooral bedrijven, maar op een goede tweede plaats zijn het daarnaast demofragen met een ongekend bereik, ongekende volledigheid en een ongekend belang. Zo kunnen die digitale gegevens ons bijna als een bijkomstigheid tonen hoe we ruziemaken, liefhebben en ouder worden, wie we zijn en hoe we veranderen. Het enige wat we daarvoor hoeven te doen is kijken. Bouw een beetje afstand in en de data ontsluiten vanzelf hoe mensen zich gedragen wanneer ze denken dat er niemand meekijkt. Ik zal je in dit boek vertellen wat ik heb gezien. O ja, en eh ... lazer op met die deo!  (pagina 10-11)|

Youtube - Christian Rudder author "Dataclysm" on "Book Talk" radio  (7:37)



Terug naar Overzicht alle titels

dinsdag 1 september 2015

Anna Dijkman & Chris Zadeh

Psychologeld : waarom we stoppen met denken als we beginnen met uitgeven

Maven 2011, 175 pagina's - € 15,--

Korte bio Anna Dijkman (1979)

Korte beschrijving
'Geld is niet alleen een betaalmiddel. Geld is emotie. En die bepaalt voor een groot deel hoe we met geld omgaan.' Aldus de auteurs in het voorwoord van dit boek waarin zij aangeven hoe we met geld omgaan en hoe we de alledaagse geldzaken met gezond verstand kunnen benaderen. Waarom is pinnen makkelijker dan contact geld uitgeven, zijn we blijer met het winnen van een auto dan met een groot geldbedrag, hebben we moeite een biljet van 100 euro aan te breken en geven we geld teruggekregen van de belasting makkelijker uit dan spaargeld? Met vele voorbeelden, anekdotes, illustraties en tips als: reken kleine uitgegeven bedragen door naar jaarbasis en zet uitgespaard geld meteen opzij. Met interviews met onder meer Jort Kelder, Annemarie van Gaal en Raymond Spanjar, die hun kijk geven op verstandig met geld omgaan. Een voor een breed publiek geschreven praktisch en leerzaam boek waarin de auteurs, een financieel expert en een psychologe, de vele valkuilen die we tegenkomen in onze omgang met geld én de manieren om die te vermijden, helder en duidelijk uiteenzetten. Uitgevoerd met oranje steunkleur, kleine druk.

Dit boek staat op de literatuurlijst van de Easycratische bibliotheek (Martijn Aslander & Erwin Witteveen).
Ze formuleren het zo:

Ondertitel:Waarom we stoppen met denken als we beginnen met uitgeven. Dat mensen gewoontes die ze jarenlang toepassen en waardes die ze jarenlang geloofd hebben, niet zomaar aan de kant schuiven, daar kunnen we ons nog wel iets bij voorstellen. Maar dat mensen zelfs de meest simpele, volstrekt objectieve, rekensommetjes massaal negeren bij het nemen van hun beslissingen, dat is merkwaardig. Dijkman & Zadeh tonen dat aan, aan de hand van de uitkomsten van tientallen experimenten uit de sociale psychologie, op een luchtige manier beschreven.

Fragment uit De slechte verliezer
De prospecttheorie van psychologen Daniel Kahneman en Amos Tversky biedt een alternatief voor de tot dan toe gangbare theorieën over de homo economicus, de rationele beslisser die risico's en kansen afweegt tegen de opbrengsten en zo tot een optimale keuze komt. Kahneman en Tversky waren van mening dat mensen helemaal niet zo rationeel zijn en dat bij het maken van keuzes ook psychologische factoren een rol spelen. Volgens hen heeft een positief dan wel negatief vooruitzicht (prospect) invloed op hoe mensen keuzes maken. Het vooruitzicht op verlies leidt tot ander gedrag dan het vooruitzicht op winst, ook al zijn de kansen en risico's precies hetzelfde. Is er een kans op winst dan zijn mensen risicomijdend, bij een kans op verlies gaan ze juist extra risico's nemen, zoals de beurshandelaar Nick Leeson deed. Mensen blijken zelfs exact de tegengestelde keuze te maken als het gaat om winst of verlies. Dit spiegeleffect trad niet alleen op in het bovenstaande voorbeeld, maar bij allerlei verschillende situaties. (pagina 51)

Lees ook van Daniel Kahneman. Ons feilbare brein (2011)

Terug naar Overzicht alle titels

Tim Sanders


Managen met liefde : bevorder de groei van de ander, maar veeg je concurrent met liefde van tafel

het Spectrum 2002, 236 pagina's

Oorspronkelijke titel: Love is the killer app : how to win business and influence friends (2001)

Wikipedia: Tim Sanders (1961) en zijn website 

Staat op literatuurlijst van de Easycratische bibliotheek (Martijn Aslander & Erwin Witteveen).
Ze formuleren het zo:

Liefde is de nieuwe onderscheidende concurrentiefactor. Transactie-denken, ‘voor wat hoort wat’, ‘what’s in it for me?’ zijn vaak inefficiënte denkwijzen. Want investering en opbrengst zijn lang niet altijd rechtstreeks te koppelen. Wees lief voor anderen en vertrouw erop dat de return on investment (ROI) via een omweg terugkomt.

Korte beschrijving
Pleidooi voor een vorm van zakelijke communicatie, waarbij met compassie een netwerk wordt opgebouwd en onderhouden en zowel de eigen ontwikkeling als die van de ander centraal staan

Fragment uit de Inleiding
De technologie heeft een revolutie betekend voor het landschap waarin we leven. Vóór de informatierevolutie veranderde de zakenwereld slechts stapje voor stapje, en zakelijke modellen verouderden in een tempo dat nog trager was. De waardeprogressie ontwikkelde zich in de loop van tientallen jaren en met stappen van twintig jaar. Je ging studeren, haalde je diploma, werkte veertig jaar en je kennis van zaken bleef relevant. De contacten die je had waren grotendeels plaatsgebonden en je zakelijke netwerk bestond slechts uit een handjevol mensen.
 Dat was gisteren. Vandaag moet je vergeten, want straks is het morgen. En om op de werkplek van morgen succesvol te kunnen zijn, heb je iets nodig wat jou anders maakt. (Wat zou dit iets voor jou kunnen zijn? Dat is niet zomaar te zeggen, maar het is iets in de trant van een geweldig nieuw idee dat ofwel verdergaat dan bestaande ideeën, ofwel op het onderhavige terrein dat aanzet tot een geheel nieuwe manier van denken. Jouw idee wordt dan algauw zo populair dat er van het oude zakenmodel niets overblijft.)
 En wat mag dat idee dan wel zijn? Simpel gezegd: liefhebben is wat de doorslag geeft. Diegenen onder ons die liefde inzetten om zich te onderscheiden in het zakenleven, zullen hun rivalen ver achter zich laten, zoals langeafstandslopers van werelklasse degenen die achter hen aanhollen ver achter zich laten. (pagina 18-19)

Terug naar Overzicht alle titels

Malcolm Gladwell 2

Het omslagpunt : hoe kleine dingen een groot verschil uitmaken
Contact 2001, 240 pagina's

Oorspronkelijke titel: The tipping point : how little things can make a big difference (2000)

Wikipedia: Malcolm Gladwell (1963) en lemma over dit boek 

Korte beschrijving
Kleine verschillen kunnen grote gevolgen hebben in het sociale leven. Eén persoon kan een trend ten goede of ten kwade teweegbrengen. De auteur, als journalist werkzaam voor The New Yorker, onderzoekt in dit boek hoe trends en modes op gang komen. Het kan hierbij gaan om kledingtrends, maar ook om onverwachte bestsellers of plotseling dalende misdaadcijfers. De auteur spreekt van 'sociale epidemieën' die snel om zich heen grijpen. Zijn stelling is dat hiervoor individuen met uitzonderlijke contactuele eigenschappen en grote persoonlijke netwerken nodig zijn. Zij steken anderen aan. Daarnaast speelt de kwaliteit van de boodschap (het 'product') en de context waarbinnen deze boodschap verspreid wordt, een belangrijke rol. Misschien leidt het consequent verwijderen van graffiti in een stad wel tot minder misdaad en een algemeen gevoel van veiligheid. Een onderhoudend geschreven en tot discussie uitnodigend boek.

Staat op literatuurlijst van de Easycratische bibliotheek (Martijn Aslander & Erwin Witteveen).
Ze formuleren het zo:
Nieuwe ideeën verspreiden zich vaak als een virus. In het begin gaat het tergend langzaam. Een kleine aanleiding kan zomaar voor een kantelpunt zorgen. Daarna gaat het idioot snel. Stop dus vooral niet te vroeg.

Fragment uit de Inleiding
Het omslagpunt is de biografie van een idee en dat idee is heel simpel. Het houdt in dat je het ontstaan van modetrends, de eb en vloed van de misdaad of, nu we het er toch over hebben, de transformatie van onbekende boeken in bestsellers of tieners die steeds meer gaan roken of de verschijnselen die zich voordoen bij mondelinge overdracht of welke andere geheimzinnige veranderingen dan ook die het leven van alledag markeren, het beste kunt begrijpen door ze als epidemieën te beschouwen. Ideeën en producten en boodschappen en gedragsvormen verspreiden zich op dezelfde manier als virussen. (pagina 12)

Lees van Malcolm Gladwell ook: David en Goliath : de overwinning van de underdog (2013) en Uitblinkers : waarom sommige mensen succes hebben en andere niet (uit 2008)

Youtube - The Tipping Point by Malcolm Gladwell, a video book review  (2:40)



Terug naar Overzicht alle titels


Chris Anderson

Free : hoe het nieuwe gratis de markt radicaal verandert

Nieuw Amsterdam 2009, 318 pagina's - € 12,99

Oorspronkelijke titel: Free : the future of a radical price (2009)

Wikipedia: Chris Anderson (1961) en artikel over dit boek

Staat op literatuurlijst van de Easycratische bibliotheek (Martijn Aslander & Erwin Witteveen).
Ze formuleren het zo:

Steeds meer businessmodellen zijn gebaseerd op freeconomics, (gedeeltelijk) gratis weggeven. Zo creëer je snel fans. En toegang tot een grote groep potentiële klanten. Dit is mogelijk geworden doordat steeds meer producten en diensten gedigitaliseerd zijn en daardoor vrijwel kosteloos gereproduceerd kunnen worden.


Korte beschrijving

In zijn vorige boek 'The Long Tail' (2006) toonde Chris Anderson hoe de onlinehandel nichemarkten creëert die op totaal andere wijze omzet genereren (weinig verkopen van veel in plaats van veel verkopen van weinig). Met het vervolg 'Free' betoogt hij dat bedrijven ook winst kunnen maken door dingen weg te geven via het gratis businessmodel, dat evolueerde van een 'marketing trick' in de twintigste eeuw (twee halen, een betalen) tot een volwaardig economisch model in de 21ste eeuw (het een gratis weggeven in de hoop het ander er door te kunnen verkopen). Deze ontwikkeling van promotiestunt naar businessstrategie speelt met name op internet, waar de marginale kosten (bijna) nul zijn. De traditionele economie kan absoluut niet op tegen de enorm gedaalde kosten van bandbreedte, verwerkingssnelheid en opslagruimte van internet. Anderson analyseert helder hoe deze dynamiek het traditionele zakendoen op z'n kop zet en maakt duidelijk hoe dat in het belang kan zijn van zowel consument als bedrijf. Wederom een revolutionair boek vol vernieuwende ideeën, vlot geschreven in een aansprekende stijl. Voor een flinke lezerskring.
Een toch wel revolutionair boek en bestseller-in-spe!

Fragment uit het Voorwoord
Hierin ligt de paradox van Gratis: mensen verdienen een hoop geld zonder anderen iets te laten betalen. Dat geldt niet voor alles, we hoeven niet niets te betalen voor alles, maar wel voor zo veel dingen dat we de economie van een flink land hebben gecreëerd voor een prijs van ongeveer €0. Hoe is dat gegaan en waar gaat dat naar toe?
  Deze vraag staat centraal in dit boek.
Voor mij begon het toen ik niet wist hoe ik The Long Tail, mijn eerste boek, moest laten eindigen. Dat boek ging over de nieuwe vormen van de consumentenvraag die ontstaat wanneer alles op de markt is en we uit ene oneindig aanbod kunnen kiezen in plaats van de bestsellertafel alleen. Dat er zo veel verkoopruimte voor The Long Tail was, was mogelijk gemaakt door de onbeperkte 'schapruimte' van internet, het eerste distributiesysteem in de geschiedenis dat zich leent voor zowel de nichemarkt als de massaproducten, voor het onbekende én de voornaamste trend. Daardoor ontstond een enorm diverse nieuwe cultuur, die een bedreiging vormde voor de instituten in de bestaande cultuur, van mainstream-media tot platenmaatschappijen. (pagina 13)

Lees ook: Chris Anderson. Makers : de nieuwe industriële revolutie  (2013)

Youtube - Chris Anderson - Free: The Future of a Radical Price (RSA) (32:32)



Terug naar Overzicht alle titels

Ori Brafman & Rod A. Beckstrom

De zeester en de spin : de onstuitbare kracht van organisaties zonder leider

LeV 2010, 240 pagina's - € 9,99

Oorspronkelijke titel: The starfish and the spider : the ustoppable power of leaderless organisations (2006)

Wikipedia: Over dit boek en website Ori Brafman  

Staat op literatuurlijst van de Easycratische bibliotheek (Martijn Aslander & Erwin Witteveen).
Ze formuleren het zo:

Ondertitel: The Unstoppable Power of Leaderless Organizations. De zeester en de spin, alleen de titel al is een magistrale metafoor die tot de verbeelding spreekt. Een spin gaat dood als je zijn kop afbreekt, maar een zeester blijft in leven als je een arm afrukt, zelfs als je vier van de vijf armen afrukt. Het verschil tussen een centraal zenuwstelsel en een decentraal zenuwstelsel. Brafman en Beckstrom verplaatsen deze biologische verklaring naar het terrein van de organisatiekunde. Ook een organisatie kan centraal of decentraal aangestuurd worden. Een decentrale organisatie is vaak sneller, flexibeler, wendbaarder maar vooral ook moeilijker af te stoppen.

Korte beschrijving
Wanneer van een spin de kop wordt afgehakt, gaat hij dood, maar wanneer van een zeester een poot wordt afgesneden, groeit er een nieuwe poot aan, waarbij de losse poot kan uitgroeien tot een hele nieuwe zeester. Met deze metafoor illustreren de auteurs, Amerikaanse ondernemende visionairs, dat traditionele top-down organisaties (spin) het steeds vaker verliezen van nieuwe op netwerken gebaseerde organisaties zonder top of leider (zeester), zoals Kazaa, Wikipedia, Skype en zelfs Al Qaeda. Dit boek, dat internationaal een invloedrijke bestseller is, geeft aan dat binnen het organisatiedenken het tijd wordt voor radicale verandering en creativiteit, gericht op decentralisatie, innovatie en adaptie. Zeker als zeesterren spinnen gaan aanpakken (zoals in de muziekindustrie vs. Napstar en Kazaa). Gevestigde organisaties dienen het zeesterprincipe in te lijven om te overleven of succesvol te blijven. Helder en overtuigend geschreven verhaal, met tal van voorbeelden waarom samenwerken in netwerken de overlevingsstrategie van de toekomst is.
Belangwekkend boek met organisatie-inzichten voor een groter publiek bestemd.

Fragment uit hoofdstuk 4. Vijf armen aan het werk
Arm 3: ideologie
Wat brengt leden ertoe om zich bij ene cirkel aan te sluiten? Waarom zou je de tijd en de moeite nemen om eraan mee te doen? Zoals we hebben gezien, valt er meestal niet veel geld te verdienen in gedecentraliseerde organisaties.
  Open systemen bieden een gemeenschapsgevoel, maar dat zie je bij vele andere organisaties ook. Medewerkers van Microsoft hebben ook een gemeenschapsgevoel: ze hebben een gemeenschappelijke band en sluiten vriendschappen, maar ze worden er ook voor betaald om samen te werken. De programmeurs bij Apache krijgen geen cent betaald. Ze worden gemotiveerd door een verlangen om een beter product te maken. Ze geloven in een open systeem en respecteren elkaars bijdragen, niet omdat ze dat moeten, maar omdat ze dat willen. Natuurlijk, veel open systemen, zoals Wikipedia, bieden hun diensten gratis aan. Maar mensen zouden toch ook gemakkelijk de bibliotheek of een zoekmachine kunnen gebruiken om vergelijkbare informatie te verkrijgen? Toch zoeken mensen Wikipedia niet alleen op, maar dragen ze er ook nog eens geregeld aan bij.
  Het gaat niet alleen om het gemeenschapsgevoel of om gratis spullen te krijgen, of om vrijheid en vertrouwen. Ideologie is de lijm die gedecentraliseerde organisaties bij elkaar houdt. De Apachen hielden vast aan de gezamenlijke overtuiging dat ze op dat land thuishoorden en het recht hadden om zichzelf te regeren. De paar Apachen die deze ideologie niet aanhingen, namen de uitnodiging van de Spanjaarden aan om de landbouw te gaan bedrijven en in een gecentraliseerd systeem te integreren. Maar degenen die bij de stam bleven, hielden stevig vast aan het idee van onafhankelijkheid. Iedereen die zich met die ideologie wilde bemoeien, of dat nu een Spanjaard, een Mexicaan of een Amerikaan was, werd hun vijand. De Apachen hielden zo sterk vast aan hun ideologie dat ze bereid waren te vechten en zich zelf op te offeren voor hun ideaal. Zonder die ideologie zouden de Apachen niet de motivatie hebben gehad om gedecentraliseerd te blijven.  (pagina 105-106)

Lees ook van Ori en Rom Brafman. Onderstroom : de onweerstaanbare drang tot irrationeel gedrag (2010)

Youtube - Ori Brafman Starfish and Spider Keynote at TRADOC (9:12)



Terug naar Overzicht alle titels