donderdag 19 september 2019

Nathalie Heinrich

Wat onze identiteit niet is
Prometheus 2019, 144 pagina's  - € 19,99

Wikipedia: Nathalie Heinrich (1955)

Tekst op website uitgever
Waarover spreken we wanneer we het over identiteit hebben? We horen de term veelvuldig om ons heen, maar kunnen er geen grip op krijgen. De Franse sociologe Nathalie Heinich legt het begrip op de snijtafel van de sociologie en analyseert op zo neutraal mogelijke wijze de ideeën die het debat beheersen. Aan de hand van wat identiteit allemaal níet is pleit zij voor een beweeglijker definitie, waarbij wordt afgezien van de eendimensionale en polariserende invulling van het begrip, zonder het belang van identiteit, en ook nationale identiteit, te minimaliseren.

In Wat onze identiteit niet is gidst Heinich de lezer op verhelderende wijze door de verschillende opvattingen rondom het begrip identiteit. Een waardevolle
bijdrage aan een van de meest complexe kwesties aller tijden.

Nathalie Heinich (1955) studeerde bij de beroemde socioloog Pierre Bourdieu. Ze is gespecialiseerd in de sociologie van kunst, in het bijzonder van hedendaagse kunst, en publiceerde vele studies en essays over waarden en identiteit.

‘Een verhelderend essay over een van de neteligste kwesties van onze tijd.’
Bas Heijne, Nrc Handelsblad

‘Heinichs introductie van de drie momenten van identiteit maken een opvatting van collectieve en individuele identiteit mogelijk. (...) Het is precies die houding die we de komende tijd hard nodig zullen hebben.’
De Nederlandse Boekengids

Fragment uit

Citaat uit een recensie - Redenen om dit boek wel te lezen
Mensen verwijzen naar hun identiteit om zich te onderscheiden én om aansluiting te zoeken bij anderen. Die dubbelzinnigheid vormt het hart van Heinrichs model van identiteit, dat uiteenvalt in drie componenten: zelfperceptie (hoe ik mijzelf ervaar), zelfpresentatie (hoe ik mijzelf vertoon aan de buitenwereld) en toeschrijving (hoe anderen mij zien).
Vooral gemarginaliseerde groepen ervaren makkelijk een conflict tussen wat ze voelen, hoe ze zich presenteren en hoe de buitenwacht hen ziet. Iedereen kent wel het gevoel dat anderen je anders zien dan je jezelf ziet, maar bij minderheden is dat conflict vaak sterker. Seksuele minderheden ervaren vaak weinig ruimte voor een zelfpresentatie die past bij hun gevoel. Etnische minderheden voelen zich misschien niet anders dan de dominante groep, maar worden vaak onderschat of gediscrimineerd. Zo ontstaat er een conflict.
Voor mij verheldert deze driedeling ook de discussie over het verschil tussen 'wit' en 'blank'. Wie zich kleurloos voelt, en zich ook zo presenteert komt in verzet als hij 'wit' wordt genoemd. Jezelf blank noemen is dan een oplossing voor het conflict tussen het zelfbeeld van degene voor wie huidskleur onbelangrijk is, en de weerzin tegen het etiket 'wit'. Blank is immers geen kleur, al kan ook dat woord weer ongewenste associaties oproepen.
In het laatste hoofdstuk vertelt Heinrich dat zij intensief met het begrip identiteit worstelt door haar Joodse achtergrond. Ze is geboren uit een Joodse vader en een niet-Joodse moeder, waardoor ze voor de buitenwereld Joods is vanwege haar achternaam maar voor de Joodse gemeenschap niet-Joods omdat haar moeder niet Joods is. Dat is een zeer levendig voorbeeld van hoe diep een ambivalent begrip het persoonlijk leven kan doordrenken.
Uit Trouw: Nathalie Heinrich juicht de vaagheid van het begrip identiteit juist toe (18 september 2019)

Homepage citaten

maandag 16 september 2019

Chris van der Heijden

Te goed geregeld : de overorganisatie van Nederland
Atlas Contact 2019, 206 pagina's  -  € 15,--

Wikipedia: Chris van der Heijden (1954)

Tekst op website uitgever
In Te goed geregeld zet Chris van der Heijden in heldere taal de problematiek van een doorgeslagen regelcultuur op een rij, en beargumenteert hij overtuigend wat de belangrijkste voorwaarden voor een mogelijke en broodnodige verandering zijn. Al in de zeventiende eeuw viel het buitenlandse bezoekers op hoe goed Nederland zijn zaakjes geregeld had. Deze goede organisatie van de samenleving bereikte aan het begin van de 21e eeuw – mede door moderne middelen als digitalisering – een ongekend hoogtepunt. Tegelijkertijd wordt hierover in de (geestelijke) gezondheidszorg, het onderwijs, de jeugdzorg en elders diep en hartgrondig geklaagd. Zijn we doorgeslagen in onze drang tot regelen, structureren en ordenen? Gestandaardiseerde digitale formulieren en netwerken van regels en formules hebben ertoe geleid dat men zich gereduceerd voelt tot nummer. Het resultaat van deze klachten is veelal dat men de zaak nog beter probeert te regelen – meer van hetzelfde dus, waarmee de bestaande situatie vaak nog verder verergert. Eerder verscheen van Chris van der Heijden Het zand in de machine: managerscultuur in Nederland. Te goed geregeld is een vervolg hierop.

Fragment uit 2. Bureaucratie zit diep in onze haarvaten
'Ik word hier gek'. Meer regels leiden tot personeelstekort
Vlak vóór nieuwjaar 2018 stond een noodoproep in de media: Nederland zou maar liefst 663 psychiaters tekortkomen. De GGZ zat met de handen in het haar. 'Toch zijn er in Nederland voldoende psychiaters opgeleid,' schreef de NOS op haar website. 'Zo'n 3700 in totaal.' Rara, hoe kan dat? Het antwoord is simpel: professionals willen doen waar ze goed in zijn en waarnaar hun hart uitgaat. Ze willen niet vergaderen en formulieren invullen. 'Het probleem is dat zij niet willen werken op die plekken waar de vacatures openstaan. Zij kiezen liever voor een eigen praktijk en minder zware zorg. Of zij verlaten instellingen omdat zij vinden dat zij daar hun vak niet optimaal kunenn uitoefenen.'
  Dit laatste zie je in tal van branches: dat velen, vanzelfsprekend niet de slechtsten, opstappen omdat ze het werk niet meer leuk vinden, de omgeving niet meer leuk vinden, gek worden van alle rompslomp. Zij verkiezen zelfstandig werk, op eigen tempo en zonder de verplichte karrenvracht aan administratie. Onder deze voorwaarden verhuren zij zich vervolgens als zzp'er aan dezelfde instelling die zij zojuist verlaten hebben. Dit biedt die instelling, kampend met een oplopende personeelstekort, enige verlichting, maar heeft tevens tot gevolg dat de zorg duurder wordt, Zelfstandigen zijn immers veel duurder dan mensen in loondienst. Die kostenstijging leidt tot bezuinigingen. Die bezuinigingen noodzaken tot meer geautomatiseerde handelingen - meer administratie, meer regels. Meer administratie doet de onvrede bij het vaste personeel toenemen en maakt dat nog meer mensen opstappen. Hierdoor wordt het personeelstekort nog groter en moeten nieuwe krachten gezocht worden. En zo keert de zojuist opgestapte werknemer terug naar de zorginstelling die hij zojuist verlaten heeft, hij kent de problematiek immers als geen ander. Maar ja, hij is nu wel duurder. Enzovoorts, een perpetuum mobile idioticum. Op deze wijze raakt de oplossing van het probleem elke dag een stukje verder uit het zicht. Ondertussen komt er natuurlijk wel een plan ter verlichting van de regulatureluur. Het kost een paar centen, dat plan, en het belandt op de stapel andere plannen, maar geeft in ieder geval hoop, aan de nieuwe manager althans. Voor het personeel betekent dit plan veelal een bezuiniging, want tja, het was wel duur. Maar ook noodzakelijk, verzucht de manager tijdens de vergadering. Iedereen zwijgt. (pagina 82-84)

Terug naar Overzicht alle titels

woensdag 11 september 2019

Margaret Atwood 2

De testamenten
Prometheus 2019, 439 pagina's - € 19,95

Oorspronkelijke titel: The testaments (2019)

Wikipedia: Margaret Atwood (1939)

Tekst op website uitgever
Het verhaal van de Dienstmaagd, Margaret Atwoods meesterwerk over een afschrikwekkende toekomst, is uitgegroeid tot een moderne klassieker en bewerkt tot de zeer succesvolle tv-serie The Handmaid’s Tale. De testamenten is Atwoods langverwachte, adembenemende nieuwe roman.

Vijftien jaar na de gebeurtenissen in Het verhaal van de Dienstmaagd heeft het totalitaire regime van de Republiek Gilead nog altijd de macht in handen, maar van binnenuit begint het scheuren te vertonen.

Op dit allesbepalende punt in de geschiedenis komen de levens van drie verschillende vrouwen samen, met mogelijk explosieve gevolgen. Twee van hen groeiden op aan weerszijden van de grens: de bevoorrechte dochter van een hoogstaande bevelvoerder in Gilead en een meisje in Canada dat de verschrikkingen op tv ziet en meeloopt in demonstraties tegen het regime. De derde vrouw is een van de machthebbers in Gilead, die al jaren aan de top weet te blijven door schandelijke geheimen te verzamelen en in te zetten tegen haar concurrenten. Diep verborgen geheimen brengen deze vrouwen uiteindelijk samen, en confronteren hen met zichzelf en met de vraag hoever ze willen gaan voor waar zij in geloven.

Aan de hand van de persoonlijke verhalen van de drie vrouwen biedt Margaret Atwood de lezer een kijkje in het corrupte systeem van Gilead. Dat doet ze met een indrukwekkende mengeling van spanning, fijnzinnige humor en een virtuoos verteltalent.

Margaret Atwood (Ottawa, 1939) wordt beschouwd als de ‘grande dame’ van de Canadese literatuur. Ze woont en werkt in Toronto en verwierf de afgelopen halve eeuw een miljoenenpubliek met haar boeken, die in 45 landen worden uitgegeven. The Handmaid’s Tale, haar bekendste roman, werd bewerkt tot een uiterst populaire bekroonde televisieserie, met in de hoofdrol Elisabeth Moss. Atwood heeft verschillende keren op de shortlist van de Man Booker Prize gestaan. De blinde huurmoordenaar werd bekroond met deze prijs, en nog voor de daadwerkelijke publicatie stond De testamenten al op de shortlist.

Fragment uit VII. Stadion
Holograaf Ardua Hall

We hadden niet geluncht en we kregen niets te eten. Vrouwen van middelbare leeftijd, hoogopgeleid, mantelpakjes en nette kapsels. Maar geen handtassen: die hadden we niet mee mogen nemen. Dus geen kam, geen lippenstift, geen spiegeltje, geen kleine doosjes keelpastilles, geen papieren zakdoekjes. Verbazingwekkend hoe naakt je zonder die spullen voelt. Of voelde, vroeger.
  De zon brandde genadeloos: we hadden geen hoed of zonnebrandcrème, en ik zag de gloeiende rode kleur, die ik tegen zonsondergang zou hebben al voor me. De stoelen hadden gelukkig wel een rugleuning. Ze zouden niet oncomfortabal zijn geweest als we daar voor de lol hadden gezeten. Maar er werd geen vermaak geboden en we konden niet opstaan om onze benen te strekken: als we dat probeerden, werd er tegen ons geschreeuwd. Zitten zonder te bewegen wordt op den duur erg saai, en is een aanslag op je billen, rug en dijspieren. Geen erge pijn, maar wel pijn.
  Om de tijd door te komen begon ik mezelf de huid vol te schelden. Sukkel, sukkel, sukkel: ik had al die holle frasen over leven, vrijheid, democratie, en de rechten van het individu die ik tijdens mijn rechtenstudie als een spons had opgezogen zonder meer geloofd. Dat waren eeuwige waarden die we altijd zouden verdedigen. Daar had ik op vertrouwd, alsof het toverspreuken waren.
  Je klopt jezelf toch altijd op de borst omdat je zo realistisch bent, zei ik tegen mezelf. Zie de waarheid dan ook onder ogen. Er is een coup gaande, hier, in de Verenigde Staten, net zoals dat in het verleden al in zo veel landen is gebeurd. Elke afgedwongen verandering van leiderschap wordt altijd gevolgd door een actie om de oppositie de kop in te drukken. De oppositie wordt aangevoerd door de hoogopgeleiden, die worden als eersten geëlimineerd. Jij bent de rechter, dus jij bent hoogopgeleid, of je het nu leuk vindt of niet. Ze willen geen last van je hebben.
  Ik had in mijn jeugd dingen gedaan waarvan anderen hadden beweerd dat ik ze nooit zou kunnen. Niemand in mijn familie had gestudeerd, ze hadden mij erom geminacht dat ik dat wel deed, wat me was gelukt met een beurs en een paar lullige bijbaantjes. Daar word je hard van. Je wordt koppig. Ik was niet van plan om me te laten elimineren. Maar aan de geciviliseerde manieren die ik me tijdens mijn studie eigen had gemaakt had ik hier niets. Ik moest terugvallen op de onverzettelijkheid van het kind uit de onderklasse, de koppige duvelstoejager die ik was geweest, het slimme wonderkind, de strategische streber die me op de toppositie had weten te krijgen waar ik zojuist was onttroond. Ik moest listig te werk gaan, zodra ik in de gaten had wat voor spel hier werd gespeeld.
  Ik had wel voor hetere vuren gestaan. En dat had ik overleefd. Dat was wat ik mezelf voorhield. (pagina 124-125)

Lees ook: Het verhaal van de dienstmaagd (1985/2009)

Terug naar Overzicht alle titels

Huib Modderkolk

Het is oorlog maar niemand die het ziet
Uitgeverij Podium 2019, 272 pagina's - € 20,50

Wikipedia: Huib Modderkolk (1982)

Tekst op website uitgever
Een platgelegde Rotterdamse haven. Nederlandse spionnen die digitaal toeslaan in Moskou. Artsen die ineens niet meer bij hun medische dossiers kunnen.

De moderne tijd biedt talloze voordelen: we werken sneller en zijn altijd en overal bereikbaar. Maar er zijn ook nieuwe gevaren. Zes jaar doet Huib Modderkolk nu onderzoek naar de schaduwkant van internet. Hij begon als buitenstaander, zonder enige voorkennis. Stukje bij beetje won hij het vertrouwen van bronnen.

Zo ontdekte hij dat iemand in Engeland privégesprekken tussen Nederlandse geliefden beluistert en dat een stiekem getrokken kabeltje in Beverwijk de dood van Iraanse demonstranten kan betekenen.

Iedere ontdekking roept nieuwe vragen op. Wie leest mee met onze appjes? Hoe ver reiken de tentakels van Nederlandse veiligheidsdiensten? Wat betekent het als staten internet gebruiken om te controleren en te saboteren? In dit boek laat Modderkolk zien hoe kwetsbaar een samenleving is die steeds meer vertrouwt op techniek.

Fragment uit

Lees o.a. ook:  
Datadictatuur : hoe de mens het internet de baas blijft van Jan Kuitenbrouwer (uit 2018),
Het digitale proletariaat van Hans Schnitzler (uit 2015)
Klont van Maxim Februari (uit 2017)
Het einde van de waarheid : over leugens in het tijdperk van Trump van Michiko Kakutani (uit 2018), 
Het internet is niet het antwoord van Andrew Keen (uit 2015)
The Age of Surveillance Capitalism: The Fight for a Human Future at the New Frontier of Power van Shoshanna Zuboff (uit 2018)
Nee, je bent geen gadget van Jaron Lanier (uit 2010)
Het ondiepe : hoe onze hersenen omgaan met internet van Nicholas Carr (uit 2011)
Aandacht is het nieuwe goud : hoe commercie en media vechten om ons hoofd in te komen van Tim Wu (uit 2016)

Terug naar Overzicht alle titels

Willem Schinkel & Rogier van Reekum

Theorie van de kraal : kapitaal - ras - fascisme
Boom 2019, 224 pagina's - € 20,00

Wikipedia: Willem Schinkel (1976) en Rogier van Reekum (1980)

Korte beschrijving op website uitgever
De moderne, liberale orde is een historische ramp die zich op aarde voltrekt, stellen Willem Schinkel en Rogier van Reekum. Liberalisme faciliteert de hernieuwde opkomst van fascisme. Links heeft niets te verwachten van liberale politiek, van sociaaldemocratie of van kritiek op ‘identiteitspolitiek’.

Schinkel en Van Reekum gebruiken de ‘kraal’ (een omsloten ruimte voor vee) als metafoor voor de huidige biopolitieke ruimte waarin wij gedresseerd worden om de circulatie van kapitaal mogelijk te maken. De kraal is het principe van omheining en van exploitatie van de mens en de aarde. De orde van de kraal wil ons doen denken dat we man of vrouw zijn, wit of zwart, en beperkt de wildheid van het leven. Of het nu gaat om migratie of klimaat, een leven met minder geweld vergt een politiek van de revolutionaire liefde.

Willem Schinkel (1976) is hoogleraar sociale theorie aan de Erasmus Universiteit Rotterdam. Bij Boom verscheen eerder Over nut en nadeel van de sociologie voor het leven (2014). Hij schreef onder andere ook De gedroomde samenleving (2008) en De nieuwe democratie (2012). Rogier van Reekum (1980) is universitair docent aan de Erasmus Universiteit Rotterdam.

Fragment uit

Lees ook: De nieuwe democratie : naar andere vormen van politiek (2012)

Terug naar Overzicht alle titels

Jonathan Safran Foer 2

Het klimaat zijn wij : de wereld redden begint bij het ontbijt
Ambo Anthos 2019, 280 pagina's - € 21,99

Oorspronkelijke titel: We Are the Weather: Saving the Planet Begins at Breakfast (2019)

Wikipedia: Jonathan Safran Foer (1977)

Tekst op website uitgever

Met zijn bestseller Dieren eten veroorzaakte Jonathan Safran Foer een sensatie: veel van zijn lezers werden vegetariër, of werden zich op z'n minst bewust van hun eetgedrag, Nu pakt hij het grootste thema van deze tijd aan: klimaatverandering.

Om dit onderwerp concreter en daardoor urgenter te maken, herinnert Foer ons aan de kracht van gezamenlijke actie en geeft hij voorbeelden van succesverhalen uit het verleden als stimulans. Op deze manier - die van elk individu slechts een kleine inspanning vergt maar bij collectieve actie uiterst effectief is - kunnen we een van de grootste veroorzakers van klimaatverandering aanpakken: de bio-industrie.

Op zijn geheel eigen en verrassende wijze spoort Foer de lezer aan om na te denken over hoe volgende generaties ons handelen op dit cruciale moment zullen beoordelen. Wij kúnnen de wereld nog redden, te beginnen bij het ontbijt.

'Op onconventionele maar overtuigende wijze legt Foer uit waarom actie ondernemen tegen klimaatverandering tegelijkertijd extreem eenvoudig en ongelooflijk moeilijk is. Foer dwingt de lezer de mate van zijn betrokkenheid bij "de grootste crisis aller tijden" te heroverwegen." - Publishers Weekly

Fragment uit Geen opoffering
Tijdens de Tweede Wereldoorlog deden Amerikanen in steden aan de oostkust alle lichten uit als het donker werd. Zelf liepen ze niet direct gevaar; het doel van de verduistering was te voorkomen dat Duitse onderzeeërs door het achtergrondlicht van de steden schepen die de haven verlieten konden zien en vernietigen.
  Naarmate de oorlog vorderde werd nachtelijke verduistering gangbaar in alle steden van het land, ook als ze ver van de kust lagen, om burgers bij een conflict te betrekken waarvan de gruwelen buiten het zicht waren, maar dat voor een overwinning collectieve inzet nodig had. De Amerikanen aan het thuisfront moesten eraan herinnerd worden dat het leven zoals zij dat kenden vernietigd kon worden en verduistering was een van de manieren om licht te werpen op die dreiging. Piloten van de burgerluchtvaart werden aangemoedigd om het luchtruim boven het Midwesten te doorzoeken
op vijandige luchtvaartuigen, ook al kon in die tijd geen enkel Duits gevechtsvliegtuig zo ver komen. Solidariteit was een belangrijke eigenschap, zelfs als dergelijke gebaren dwaas zouden zijn geweest – zelfmoord zouden zijn geweest – als dat het enige was geweest dat gedaan werd.
  De Tweede Wereldoorlog had niet gewonnen kunnen worden zonder de acties van het thuisfront, die zowel een psychologische als een tastbare invloed hadden: gewone mensen die hun krachten bundelden ter wille van het hogere doel. Tijdens de oorlog nam de productiviteit van de industrie met 96 procent toe. Liberty-vrachtschepen waarvan de bouw aan het begin van de oorlog acht maanden duurde werden binnen enkele weken voltooid. De SS Robert E. Peary – een Liberty-vrachtschip dat was samengesteld uit 250.000 onderdelen en bijna 6,5 miljoen kilo woog – werd in vierenhalve dag in elkaar gezet. In 1942 waren bedrijven die aanvankelijk auto’s, koelkasten, metaal  kantoormeubilair en wasmachines hadden gemaakt overgestapt op de productie van militair materieel.
Lingeriefabrieken gingen camouflagenetten maken, telmachines kregen een tweede leven als pistool en op longen lijkende stofzuigerzakken werden getransplanteerd op het frame van gasmaskers. Gepensioneerden, vrouwen en studenten traden toe tot de beroepsbevolking – veel staten veranderden hun arbeidswetten zodat ook tieners mochten werken.10 Alledaagse producten als rubber, conservenblikken, aluminiumfolie en timmerhout werden ingezameld om hergebruikt te worden in de oorlogvoering. De bijdrage van Hollywoodstudio’s bestond uit het produceren van bioscoopjournaals, antifascistische speelfilms en patriottische animatiefilms. Beroemdheden propageerden het kopen van oorlogsaandelen en sommigen, zoals Julia Child, werden spion. (pagina 15-16)

Artikel: Schrijver Jonathan Safran Foer: Waarom geef ik niet genoeg om het klimaat? (Trouw, 6 september 2019)

Lees ook: Dieren eten (2009)

Terug naar Overzicht alle titels

Simone van Saarloos

Herdenken herdacht : een essay om te vergeten
Prometheus 2019, 128 pagina's -  € 18,99
Reeks: Nieuw Licht.

Wikipedia: Simone van Saarloos (1990)

Tekst op website uitgever
Wie bepaalt wat er wordt herinnerd en herdacht, en waarom? Slavernij is lang geleden, te lang geleden voor excuses van de Nederlandse overheid, aldus premier Mark Rutte. Neurowetenschappers onderzoeken hoe vroegere gebeurtenissen levens van nu beïnvloeden en noemen dit een ‘intergenerationeel trauma’. Hoe herdenk je iets wat zowel verleden tijd is als een dagelijkse realiteit?

In Herdenken herdacht laat Simon(e) van Saarloos zich inspireren door het historisch haast onzichtbare bestaan van homo’s en queers. Ze toont de kracht van vergeten en vraagt zich af óf en hoe het mogelijk is om zonder verleden te leven.
Tegelijkertijd bekritiseert Van Saarloos hoe een ‘wit geheugen’ _ ook dat van haarzelf _ bepaalde verhalen vanzelfsprekend acht, terwijl andere geschiedenissen worden uitgewist. Herdenken herdacht gaat niet over schuld, maar over rommelig leven met pijn en verdriet.

Simon(e) van Saarloos (New Jersey, 1990) is schrijver en filosoof. In 2015 was zij de jongste VPRO-Zomergast ooit. Ze publiceerde onder meer Het monogame drama, de roman De vrouw die en het rechtbankverslag Enz. Het Wildersproces. De Jan Hanlo Essayprijs jury: ‘Ze verzet zich tegen de rode draad en vindt zo een nieuwe vorm van opiniërend schrijven uit.

Fragment uit (de) Inleiding
Handelen en herinneren zijn nauw met elkaar verbonden. Ik wil kort laten zien hoe er in de filosofische traditie die mij voedde (en tot handelen aanzette) over herinneren en herdenken wordt gedacht. Hier noem ik Friedrich Nietzsche en Hannah Arendt. Zij stellen dat vergeten in zekere zin noodzakelijk is om te handelen. Ook de queer theorie die ik de laatste jaren leef, ziet voordelen in vergeten. Maar vergeten is net zo goed een daad van vernietiging, soms gewelddadig. De beroemde auteur George Orwell beschrijft een totalitair regime in zijn roman 1984: 'Het verleden was uitgewist, het uitwissen was vergeten, de leugen werd waarheid.' Een perspectief als objectieve waarheid presenteren kan ook leugenachtig worden genoemd: de geschiedenis van witte mensen is een goed gedocumenteerd, geprezen verhaal vol moedwillig vergeten. Ik zal het hebben over 'wit herinneren' om aan te geven hoe vergeten een politiek, repressier middel kan zijn.
  Nationale herdenkingsdagen zijn uitzonderlijke gebeurtenissen en wie een monument of standbeeld wil oprichten, moet eerst bewijzen dat de te eren persoon of gebeurtenis zo'n herdenking verdient. Vaak wordt beweerd dat ons geheugen te beperkt is en dat we daarom noodzakelijk selectief herdenken. In Herdenken herdacht wil ik dat weerleggen.
  Het is mijn filosofische overtuiging dat we in de westerse traditie zeer geoefend zijn om vanuit schaarste en competitie te denken (door de evolutieleer van Darwin, maar ook het verhaal van Eva en Adam vertrekt vanuit competitie - tussen de deuivel en God - en vanuit schaarste: het ontbreekt hun aan kennis van goed en kwaad, waardoor we al snel uitkomen op een verzuchting als: 'Je kunt niet alles hebben.' Dit is een ideologie van schaarste die niet leidt tot een bescheiden consumeren, maar tot een 'Go Slow!'-advies wanneer het aankomt op sociale verandering en kwesties van rechtvaardigheid. Denk bijvoorbeeld aan de wijze waarop Halbe Zijlstra de verandering van de figuur Zwarte Piet, 'onvermijdelijk' noemde, mits het geleidelijk en niet te snel zou gaan. Ook tegenstanders van een quotum voor een gelijkere vertegenwoordiging van vrouwen in de wetenschap of politiek, stellen dat het langzaam, vanzelf zal gaan.
  Om schaarste ('je kunt niet alles herdenken')  en competitie ('sommige verhalen zijn daarom belangrijker dan andere') tegen te gaan, doe ik een voorstel voor dagelijks, lichamelijk herdenken. (pagina 20-22)

Startpagina Nieuw Licht

Terug naar Overzicht alle titels