maandag 16 januari 2023

Michael J. Sandel 4


Het onbehagen in de democratie : denken in tijden van crisis

Ten Have 2023, 478 pagina's € 24,99

Oorspronkelijke titel: Democracy's discontent : a new edition for our perilous times (2022)

Wikipedia: Michael J. Sandel (1953)

Korte beschrijving
Herziene editie* van het invloedrijke boek van Michael J. Sandel uit 1996. Sandel constateerde destijds al een diepe ontevredenheid in het democratisch bestel en de ongelijkheid tussen rijk en arm. In deze geactualiseerde editie laat hij zien hoe de geglobaliseerde economie een samenleving van winnaars en verliezers creëerde, die de voedingsbodem bleek van de giftige politiek van deze tijd. Met diepgang geschreven. Uitsluitend geschikt voor een geoefende lezersgroep.  Michael J. Sandel (Minneapolis, 1953) is een wereldberoemde schrijver, pedagoog, academisch docent en politiek filosoof. Hij schreef meerdere boeken. Zijn werk werd in meer dan vijftien landen uitgegeven.

Tekst op website uitgever
Het onbehagen in de democratie is een compleet herziene editie van het invloedrijke boek van Michael J. Sandel. Hij constateerde in de jaren 90 al een diepe ontevredenheid in het democratisch bestel en de ongelijkheid tussen rijk en arm.

Een kwart eeuw later heeft Sandel zijn visionaire werk geactualiseerd. Hij laat zien hoe de geglobaliseerde economie een samenleving van winnaars en verliezers creëerde, die de voedingsbodem bleek van de giftige politiek van onze tijd.

Over De tirannie van verdienste:
'De problemen die filosoof Michael J. Sandel aansnijdt in zijn boek zijn complex, maar de boodschap is helder: de elite moet ophouden zich verheven te voelen boven de rest. Want succes is niet altijd een kwestie van verdienste.' - De Volkskrant

'Zonder op zijn hurken te gaan zitten, analyseert Sandel haarscherp de enorme kloven in westerse samenlevingen.' - Trouw (vijf sterren)

Fragment uit (de) Inleiding tot de nieuwe editie
Democratie in gevaar

Het gaat niet goed met onze samenleving. Een verslagen president zet een woedende menigte aan om het Amerikaanse Capitool te bestormen, in een gewelddadige poging om te voorkomen dat het Congres het verkiezingsresultaat vaststelt. Meer dan een jaar a het begin van het presidentschap van Joe Biden blijven de meeste Republikeinen geloven dat de verkiezingen zijn gestolen van Donald Trump. En ondanks een pandemie die meer dan een miljoen Amerikaanse levens eist, onthullen heftige debatten over mondmaskers en vaccins hoe gepolariseerd we zijn. Publieke verontwaardiging over de moord op ongewapende zwarte mannen door de politie leidt tot een nationale afrekening met raciale onrechtvaardigheid, maar in heel Amerika vaardigen staten wetten uit die het moeilijker maken om te gaan stemmen.
  Het presidentschap van Donald Trump en de rancuneuze nasleep ervan werpen een donkere schaduw over de toekomst van de Amerikaanse democratie. Maar onze maatschappelijke problemen zijn niet begonnen met Trump en zijn ook niet afgelopen met zijn nederlaag. Zijn verkiezing was een symptoom van gehavende sociale verbanden en de geschonden staat van onze democratie.
  Al decennialang wordt de kloof tussen winnaars en verliezers steeds dieper - een kloof die onze politiek vergiftigt en ons uiteendrijft. Sinds de jaren 1980 en 1990 hebben regerende elites een neoliberaal globaliseringsproject uitgevoerd dat enorme winsten opleverde voor mensen aan de top, maar voor veel werkende mensen tot banenverlies en stagnerende lonen leidde. De voorstanders betoogden dat de winsten die de winnaars maakten, konden worden gebruikt om de verliezers van de globalisering te compenseren. Maar die compensatie is er nooit gekomen. De winnaars gebruikten hun bonussen om invloed te verwerven op hoge posities en hun winst te consolideren. De overheid was niet langer een tegenwicht voor geconcentreerde economische macht. Zowel Democraten als Republikeinen sloten zich aan bij de deregulering van Wall Street en oogstten riante bijdragen aan hun verkiezingscampagnes. Toen de financiële crisis van 2008 het systeem aan de rand van de afgrond bracht, gaven ze miljarden uit om de banken te redden, maar gewone huiseigenaren lieten ze aan hun lot over.
  De woede over de financiële reddingsoperatie en het verplaatsen van banen naar lagelonenlanden voedde het populistisch protest over het hele politieke spectrum: aan de linkerzijde de Occupy-beweging en Bernie Sanders als verrassend sterke uitdager van Hillary Clinton in 2016; aan de rechterzijde de Tea Party-beweging en de verkiezing van Trump.
  Sommige aanhangers van Trump voelden zich sterk aangetrokken tot zijn racistische uitlatingen. Maar hij profiteerde ook van woede die voortkwam uit legitieme onvrede. Vier decennia van neoliberaal beleid leidden tot een ongelijkheid in inkomen en welvaart die sinds de jaren 1920 niet meer is voortgekomen. De sociale mobiliteit stagneerde. Onder de niet-aflatende druk van bedrijven en hun politieke bondgenoten verloren de vakbonden hun macht. De productiviteit steeg, maar werknemers kregen een steeds kleiner deel van wat ze produceerden. De financiële wereld eiste een groeiend deel van de bedrijfswinsten op, maar investeerde minder in nieuwe productieve ondernemingen dan in speculatieve activiteiten die de reële economie nauwelijks hielpen. In plaats van direct iets te doen aan de sociale ongelijkheid en de stagnerende lonen, raadden de gevestigde partijen werknemers aan om zichzelf te ontwikkelen door een universitair diploma te behalen. (pagina 15-17)

Andere boeken van Michael SandelPleidooi tegen volmaaktheid : een ethiek voor gentechnologie (2012), Niet alles is te koop : de morele grenzen van markt werking (ook 2012), Politiek en moraal : filosofie voor het publieke debat (uit 2016) en De tirannie van verdienste : over de toekomst van de democratie (uit 2020).

Terug naar Overzicht alle titels

Geen opmerkingen:

Een reactie posten

De redactie behoudt zich het recht voor reacties te verwijderen