donderdag 24 september 2020

Lorraine Daston


Tegen de natuur in

Octavo 2020, 94 pagina's €17,50

Oorspronkelijke titel:Gegen die Natur (2018)

Wikipedia: Lorraine Daston (1951)

Korte beschrijving
Wetenschapshistorische en -filosofische studie over de spanning tussen het gebruik van de natuur als bron van normen voor menselijk gedrag de de bewering van filosofen en wetenschapsbeoefenaars dat de natuur geen waarden kent. Waarom beschouwen mensen in uiteenlopende culturen en tijdperken de natuur als bron van normen voor menselijk gedrag? Filosofen en wetenschappers hebben eeuwenlang beweerd dat de natuur geen waarden kent. Toch probeert de mens keer op keer het "zijn' van de natuur te veranderen in een "zou moeten zijn'. Wetenschapsfilosofe Lorraine Daston laat zien dat de poging om de natuurlijke orde te gebruiken als bron van de morele orde even problematisch als onvermijdelijk is.

Tekst op website uitgever
Waarom beschouwen mensen in uiteenlopende culturen en tijdperken de natuur als bron van normen voor menselijk gedrag?
'Zijn' en 'zou moeten zijn'

Filosofen en wetenschappers hebben eeuwenlang beweerd dat de natuur geen waarden kent. Toch probeert de mens keer op keer het ‘zijn’ van de natuur te veranderen in een ‘zou moeten zijn’. Wetenschapsfilosofe Lorraine Daston laat zien dat de poging om de natuurlijke orde te gebruiken als bron van de morele orde even problematisch als onvermijdelijk is.
Over Lorraine Daston

Lorraine Daston (1951) studeerde wetenschapsgeschiedenis en -filosofie aan Harvard University en de University of Cambridge. Zij is directeur emerita van het Max-Planck-Institut für Wissenschaftsgeschichte in Berlijn en gasthoogleraar aan de University of Chicago. Daston is auteur van een aantal standaardwerken, waaronder: Wonders and the Order of Nature, 1150-1750 (1998, i.s.m. Katharine Park), Things that Talk: Object Lessons from Art and Science (2004) en Natural Law and Laws of Nature in Early Modern Europe (2008, i.s.m. Michael Stolleis).

Fragment uit 6. Orde en normativiteit
Van de nachtmerries die de collectieve verbeelding van de mens teisteren, is die van de chaos de meest angstaanjagende. Bloedige, tirannieke en meedogenloze ordes hebben overal in de geschiedenis van de mensheid hun sporen achtergelaten; ordes die met een stalen wurggreep tallozen de adem benamen. Vele filosofen en wetenschappers hebben geoordeeld dat ook de orde van de natuur harteloos is, onverbiddelijk in haar functioneren en onverschillig ten opzichte van menselijke vreugde en verdriet. Orde als zodanig kan een nachtmerrie worden, maar de gruwelen van een al te strenge orde verbleken bij de verschrikking van de totale afwezigheid van orde. Een eindeloze burgeroorlog vormt een groter kwaad dan de hardvochtigste dictatuur, en een vorm- en wetteloos heelal is het eerste uitgangspunt van elke kosmogonie, of het nu een godheid is of de natuurwet die verantwoordelijk wordt gesteld voor de schepping van een kosmos die deze naam verdient. Een land waarin niemand zich aan zijn belofte houdt, waar de zon 's morgens nu eens opkomt en dan weer niet, waar het verleden geen aanwijzing geeft voor de toekomst, is een niemandsland. (pagina 55)

Citaat uit een interview
Ik vermoed alleen dat we een tijdperk in gaan waarin we, in plaats van duidelijk te onderscheiden wat we wel en niet kunnen beheersen, de radius van menselijke schuld vergroten. De manier waarop we omgaan met Covid-19 is daar een teken van. We doen ineens pogingen om een bedrijf of land te vinden dat we verantwoordelijk kunnen houden voor de uitbraak. Bij eerdere vergelijkbare epidemieën, zoals SARS en ebola, gebeurde dat niet. Niemand wees met een vinger naar een bepaald bedrijf of land. Dit is dus iets nieuws. We nemen het patroon van menselijke schuld over en projecteren het op de natuur. Maar we moeten realistisch zijn over wat we redelijkerwijs van mensen kunnen verwachten. En een beroep doen op menselijke schuld is een grote stap terug. (uit: 'Wetenschap kan een verontrustende ervaring zijn', Filosofie Magazine, oktober 2020, p 45)

Boeken over onze nieuwe omgang met niet-dieren en dingen

Terug naar Overzicht alle titels

Jacob Jolij


Wat is bewustzijn nou eigenlijk? : een prikkelende zoektocht van neurobiologie tot parapsychologie

Nieuw Amsterdam 2020, 250 pagina's € 22,99

Lenen als E-book via bibliotheek.nl 

Website Rijks Universiteit Groningen: Jacob Jolij (1979)

Korte beschrijving
Al eeuwen blijft de vraag wat bewustzijn nu eigenlijk is onbeantwoord. Vanaf Plato tot de moderne neurowetenschappen zijn er theorieën ontwikkeld. Jolij (1979) is cognitief neurowetenschapper en afdelingshoofd ondersteuning experimentele psychologie van de RUG. Hij beschrijft nu een persoonlijke zoektocht naar dit ongrijpbare onderwerp. Aan de hand van zowat de hele literatuur zwerft hij door de psychologie, de westerse en oosterse filosofie, de natuurkunde, de kwantummechanica, 'objectieve' neurowetenschappen en zelfs de parapsychologie. Op deze wijze geeft hij een boeiend verslag, dat door de diversiteit van de achtergronden niet altijd even makkelijk leest. De schrijver ziet zijn boek als een beginpunt, omdat wij op dit moment nog steeds geen idee hebben van wat bewustzijn precies is. Het bewustzijn is wat ons tot óns maakt en de zoektocht van de auteur geeft daar een uitstekende ingang toe. Met uitvoerige begrippenlijst, literatuur en index. Geen makkelijk boek maar een goede inleiding om het bewustzijn te ontdekken.

Tekst op website uitgever
Wat is bewustzijn? Volgens de meeste hersenwetenschappers gewoon een hersenproces. Na een ingrijpende periode in zijn persoonlijke leven gelooft Jacob Jolij, cognitief neurowetenschapper, niet meer in deze opvatting. Hij is ervan overtuigd dat bewustzijn meer is dan dat. Maar wat dan?
In Wat is bewustzijn nou eigenlijk? zet Jolij alle deuren open naar wat bewustzijn zou kunnen zijn. Zijn zoektocht voert de lezer van de neurobiologie naar de natuurkunde, de kwantummechanica, de filosofie en zelfs naar de parapsychologie. Is bewustzijn een product van je brein, en worden je gedachten bepaald door de biologische machine in je hoofd? Of moeten we bewustzijn eerder buiten het brein zoeken, wellicht als aparte dimensie van het universum? 

Fragment uit 5. Een kwantum-intermezzo
Casuaal (on)gesloten

Een van de bekendste Nederlandse boeken over de hersenen is Wij zijn ons brein van Dick Swaab. In dit boek stelt Swaab dat we geen brein hebben, maar ons brein zijn. Als jij inderdaad je brein bent, en ik het mijne, dan moeten we kijken naar de natuurkunde voor antwoorden over wie we zijn en hoe ons bewustzijn werkt. Waarom? Heel simpel; als bewustzijn onderdeel is van de materiële wereld om ons heen - de res extensa van Descartes -, dan moeten we bewustzijn volledig kunnen verklaren met de wetten van de natuurkunde. Dit  idee, dat we ook in het vorige hoofdstuk zagen, heet fysicalisme. Fysicalisme wordt breed aangehangen: de meeste bewustzijnsonderzoekers zijn fysicalisten. Maar dat je fyscicalist bent, maakt je nog geen fysicus. Dat is wel een beetje jammer, zeker in het bewustzijnsonderzoek.

Het vraagstuk waar hersenonderzoekers zich me bezighouden is de vraag hoe ons brein werkt. Maar dat is natuurlijk een veel te ingewikkeld vraagstuk om ineens aan te pakken. Daarom kiezen we voor een reductionistische benadering: in de regel proberen we te verklaren hoe zoiets als het brein werkt door te verklaren hoe de onderdelen waaruit het is opgebouwd functioneren. Dat betekent dat we eerst gaan onderzoeken hoe de verschillende gebieden in het brein werken. Die gebieden bestaan uit hersencellen. Als je vervolgens wilt weten hoe die hersencellen werken, moet je in detail kijken naar de bouwstoffen en onderdelen van zo'n hersencel. Die bouwstoffen onderdeeltjes bestaan weer uit eiwitmoleculen. Op hun beurt hebben die eiwitten zere bijzondere eigenschappen, die ze ontlenen aan de atomen waaruit ze zijn opgebouwd. In elk geval zie je dat je het brein op een aantal niveaus kunt bestuderen - hersengebieden, hersencellen, de chemische stoffen waaruit ze zijn opgebouwd: we zoomen steeds verder in. Uiteindelijk kom je uit op het kleinste niveau, dat van elementaire deeltjes als protonen, elektronen en neutronen. Deeltjes die je moet beschrijven met de kwantumfyscia. Met andere woorden: als fysicalistisch reductionist kom je vroeger of later uit bij kwantummechanische vergelijkingen als basis. (pagina 83-84)

Citaat uit een artikel
Vraag: Wat mag ik hopen?
JJ: 'Ik hoop dat we een manier vinden om over bewustzijn te praten die beter past bij hoe wij bewustzijn beleven. Spiritualiteit en paranormale ervaringen moeten daarom niet worden afgedaan als collectieve onzin, want ze zeggen iets over die beleving. Zonder de wetenschappelijke rigor uit het oog te verliezen, mogen we dus verder gaan dan het brein in de verkenningen van het bewustzijn.' (uit: 'Het ik-gevoel is een illusie' in Filosofie Magazine, oktober 2020, p 12)

Artikel waarin verschillende boeken over dit onderwerp naar voren worden gebracht: The time is now – Hersenen en gedrag (april-juni 2020)

Terug naar Overzicht alle titels

Vitale ideeën voor de wereld van morgen

Vitale ideeën voor de wereld van morgen
Uitgeverij Pluim 2020- .









In 2020 begon Uitgeverij Pluim met een nieuwe reeks. Een reeks die veel lijkt op Nieuw Licht van Prometheus (en eerder Ambo Anthos).

In beide reeksen worden uiteenlopende mensen uitgenodigd hun licht over een min of meer maatschappelijk omstreden thema te laten schijnen. Bij Nieuw Licht is (was?) de aanleiding een min of meer klassiek boek; dat de benaderde persoon (opnieuw) moest gaan lezen om er vervolgens 'iets' over te gaan schrijven. 

Bij Uitgeverij Pluim ligt het initiatief naar het lijkt meer bij de uitgever, die weet dat deze of gene persoon 'iets' met een bepaald onderwerp heeft, en of hij of zij er geen korte of langere tekst over wil schrijven.

Bijna alle boeken kunnen 'weggezet' worden als pamfletten, want vaak kun je bij de schrijvers (enige) woede (over of met hún onderwerp) bespeuren. 

Reeds verschenen titels
Sarah Sluimer. De Stilte : het leven van een vrouw geboren tijdens de lockdown (2020, 102 p)
Wanda de Kanter. Parasiet der kwetsbaren : een nieuwe kijk op gezondheidsbeleid (2020, 77 p)
Sanne Bloemink. De wilde wereld : een nieuwe relatie met de wereld (2020, 111 p)
Dirk Bezemer. Een land van kleine buffers : er is genoeg geld, maar we gebruiken het verkeerd (2020, 320 p)
Barbara Baarsma. Nederland voedselparadijs : kansen voor korte ketens (2020, 80 p)
Floor Milikowski. Wij zijn de stad : de buitenwijk als kloppend hart (2021, 112 p)
Jaap Goudsmit. Een gezonde toekomst : vijf lessen van corona (2022, 256 p)
Marli Huijer. De toekomst van het sterven (2022, 149 p)
Marjan Slob. Door de bomen het huis : bouwen met hout (2022, 137 p)
Henk Blanken. Niemand gaat alleen dood (2023, 112 p)
Mirjam de Rijk. Gekaapt door het kapitaal : zorg, onderwijs, wonen en kinderopvang (2024, 200 p)

Terug naar Overzicht alle titels


Andrew Yang


Jouw baan gaat verdwijnen en dit is de oplossing : Artificial Intelligence, basisinkomen en de wereld zonder werk

Bot Uitgevers 2020, 368 pagina's -  € 22,--

Lenen als E-book via bibliotheek.nl 

Oorspronkelijke titel: The War on Normal People: The Truth About America's Disappearing Jobs and Why Universal Basic Income Is Our Future (2018)

Wikipedia: Andrew Yang (1975)

Korte beschrijving
Andrew Yang is een Amerikaanse zakenman en was enige tijd in 2020 een democratische presidentskandidaat. Hij probeert in dit boek de lezer wegwijs te maken in de wereld van de veranderende arbeidsmarkt. Als de voorspellingen kloppen, zullen er veel banen in een versneld tempo verdwijnen als gevolg van automatisering, mechanisatie en innovaties. Sinds de afgelopen paar decennia zijn er verschillende arbeidsintensieve banen ingenomen door kapitaalintensieve productiefactoren. De vraag is hoe je je als werknemer kunt voorbereiden op deze wijzigingen op de arbeidsmarkt. De auteur schets aan de hand van zijn eigen ervaringen, analyses van praktijksituaties en verwijzingen naar diverse studies een beeld van Amerika waarin de werkloosheid structureel zal stijgen. Hij doet voorstellen om Amerika toekomstbestendig te maken door de overheid een centrale rol te geven. Een aangrijpend boek met oog voor detail en een vleugje humor. Voorzien van tabellen, grafieken en eindnoten.

Tekst op website uitgever
We staan aan de vooravond van de grootste technologische revolutie in de geschiedenis van de mensheid. Automatisering, Artificial Intelligence en big data staan op het punt om hele beroepsgroepen uit te roeien, en niemand heeft het erover of lijkt er iets aan te doen.

Vanuit het niets groeide Andrew Yang vorig jaar uit tot een prominente kandidaat voor de Amerikaanse presidentsverkiezingen. In Jouw baan gaat verdwijnen en dit is de oplossing schetst Yang niet alleen de problemen die de maatschappij in de nabije toekomst te wachten staan, hij komt ook met krachtige argumenten voor de oplossingen die de maatschappij kunnen redden.

Fragment uit (de) Inleiding
De grote vervangingsoperatie

Ik schrijf deze brief vanuit de tech-bubbel om je te vertellen dat we je baan om zeep gaan helpen.

Onlangs deed ik een drankje met wat oude vrienden in New York. Een van hen werkte bij een softwarebedrijf hier in de stad, dat callcentermedewerkers vervangt door intelligente software. Ik vroeg haar of ze dacht dat haar werk tot banenverlies zou leiden. Haar reactie was zakelijk: 'We worden steeds beter in dingen die grote groepen werknemers overbodig maken. Uiteindelijk gaat ons dat lukken. De beroepsbevolking moet ingrijpend worden omgeschoold, maar dat zal voor grote groepen mensen niet haalbaar zijn. Het is niet te vermijden dat er een hele generatie verloren gaat.' Haar vertrouwen in deze analyse leek onbeperkt. Haastig kozen we een luchtiger gespreksonderwerp.

Later ontmoette ik een vriend die durfkapitalist is in Boston. Hij vertelde me dat hij zich 'een beetje ongemakkelijk' voelde, omdat hij investeert in software- en roboticabedrijven die, indien succesvol, een groot aantal banen zouden laten verdwijnen. 'Maar de beleggingen leveren veel op', zei hij, terwijl hjj ondertussen inschatte dat zeventig procent van de start-ups die hij ziet zal bijdragen aan het verlies van werkgelegenheid in andere delen van de economie.

In San Francisco ontbeet ik met een operationeel manager van een groot techbedrijf. Hij vertelde: 'Ik heb zojuist een fabriek helpen opzetten die zeventig procent minder werknemers in dienst heeft dan een soortgelijk bedrijf nog maar een paar jaar geleden. De meeste van hen zijn hooggeschoolde techneuten op laptops. Ik heb werkelijk geen idee wat gewone mensen over een paar jaar nog zullen doen.'

Gewone mensen. Zeventig procent van alle Amerikanen ziet zichzelf als behorend tot de middenklasse. Grote kans dat jij jezelf ook zo ziet. Op dit moment zijn enkele van de slimste mensen van het land aan het bedenken hoe ze jou kunnen vervangen door een buitenlandse werknemer, een goedkopere versie van jou; of, en dat gebeurt steeds meer, door een widget, softwareprogramma of robot. Daar zit geen kwaadaardigheid achter. De markt beloont leidinggevenden die het werk efficiënter maken. Efficiëntie geeft niet om gewone mensen. Efficiëntie werkt het liefst zo kosteneffectief mogelijk.

Een golf van automatisering en banenverlies is niet langer een dystopisch toekomstbeeld. Het is al aan de gang. (pagina 11-12)

Lees ook: Het tweede machinetijdperk : hoe de digitale revolutie ons leven zal veranderen van Erik Brynjolfsson & Andrew McAfee (uit 2014)

Terug naar Overzicht alle titels

David Djaïz


Slow democracy : hoe we de globalisering kunnen beheersen en ons lot in eigen handen nemen

Uitgeverij Pluim 2020, 284 pagina's -  € 24,99

Oorspronkelijke titel: Slow démocratie : commnet maîtriser la mondialisation et reprendre notre destin en main (2019)

Wikipedia: David Djaïz (1990)

Korte beschrijving
De beloften van de globalisering – het wegvallen van de grenzen en nieuwe markten en afzetgebieden – zijn verbleekt door de financiële crisis van 2008, de democratische crisis sinds 2016 (Trump, Brexit) en de groeiende ecologische crisis. Als remedie pleit de auteur voor het in ere herstellen van de natiestaat. Niet in de betekenis die nationaal-populisten eraan geven, maar in een nieuwe vorm die we moeten geven aan het nationaal-maatschappelijk contract. Een vorm die het volledig in dienst stelt van de 'Slow Democracy’. Want 'deze sobere, bedaarde praktijk van de maatschappelijke discussie en de publieke besluitvorming is namelijk als enige in staat de momenteel ontketenende krachten van het kapitalisme opnieuw te verzoenen met de belofte van de democratie en de matiging op ecologisch vlak’. Op deze wijze kunnen we terug naar een kwalitatief hoogwaardige, nationale democratie en de mondialisering vertragen. Voorzien van uitgebreide eindnoten. Een origineel, indrukwekkend, erudiet en wetenschappelijk onderbouwd betoog van een jonge Franse politicoloog. Zeer interessant voor sociale wetenschappers en journalisten.

Tekst op website uitgever
De middenklasse pikt het niet meer dat de winsten van onze samenleving zo goed als uitsluitend naar de allerrijksten gaan en komt in opstand. Burgers willen meer sociale gelijkheid, rechtvaardigheid en veiligheid, maar vinden geen gehoor bij hun regering. De gevolgen van ongeremde globalisering zijn voor iedereen voelbaar: de klimaatcrisis, Trump, brexit, Bolsonaro, protesterende boeren, stakende leraren – het zijn er allemaal uitwassen van. Djaïz laat ons zien hoe we ons lot weer in eigen handen kunnen nemen, door terug te keren naar een kwalitatieve, nationale democratie, en de globalisering te vertragen.

‘Dit is een intelligent, hoopgevend boek.’ – Caroline de Gruyter, NRC Handelsblad

David Djaïz (1990) studeerde politicologie en is een hoge ambtenaar bij de inspectie van Financiën. In 2017 publiceerde hij La Guerre civile n’ aura pas lieu, maar met Slow democracy brak hij echt door. Dit boek is in Frankrijk een ongelooflijke bestseller en beheerst al maanden het publieke debat.

Fragment uit (de) Inleiding
Veertig jaar lang werd de 'gelukkige globalisering' bezongen. In die lofzang klonk de belofte door dat alle grenzen zouden wegvallen. De oude industrielanden zouden nieuwe markten en afzetgebieden vinden. Opkomende grootmachten zoals China en India zouden binnen het geglobaliseerde kapitalistische systeem hun opwachting maken - en hoe! Dankzij de mondiale economische integratie zouden honderden miljoeenen mensen zich eindelijk aan de armoede ontworstelen.

Rond de jaren 2000 plaatsten sommige waarnemers kanttekeningen bij deze voorstelling van zaken. Ze scandeerden geen andersglobalistische leuzen, helemaal niet, maar wilden simpelweg waarschuwen tegen bepaalde onvoorziene gevolgen van de economische liberalisering. Doordat de oude industrielanden zich hadden overgeleverd aan een meedogenloze economische concurrentie, zagen ze hun middenklasse langzaam afbrokkelen en de binnenlandse ongelijkheid toenemen. Deze kritische stemmen werden echter gesmoord in de alom heersende jubelstemming. De globalisering, die brenger van eendracht tussen de volkeren, kon immers niet 'schuldig' zijn, wás niet schuldig. Eindelijk zou de aarde plat worden. Weg met de muren, weg met die archaïsche nationale grenzen: de expansie van markten en het 'verdwijnen van afstanden' maakten de weg vrij voor de eenwording van de wereld.

Amper vijftien jaar geleden, en toch een voorbije wereld. Sindsdien zijn onze zekerheden door drie aardverschuivingen aan het wankelen gebracht: de financiële crisis van 2008, de democratische crisis die vanaf 2016 in een stroomversnelling terechtkwam en de ecologische crisis die elke dag een beetje nijpender wordt. 

Zelfs nu is nog altijd niet werkelijk doorgedrongen hoezeer de economische en financiële crisis van 2008 een keerpunt was - misschien wel even bepalend als de beurskrach van 1929. Toch vormde de crisis het culminatiepunt van veertig jaar deregulering. Die hing samen met de liberale globalisering - in de eerste plaats de deregulering van financiële stromen - en haar effecten zijn in alle grote westerse landen nog altijd duidelijk aanwijsbaar. (pagina 11-12)

Opmerking: dit boek is geschreven in 2018, vóór de coronacrisis - hd

Terug naar Overzicht alle titels

zaterdag 19 september 2020

Michael J. Sandel 3


De tirannie van verdienste : over de toekomst van de democratie

Ten Have 2020, 365 pagina's  - € 24,99

Lenen als E-book via bibliotheek.nl 

Oorspronkelijke titel: The Tyranny of Merit: What's Become of the Common Good? (2020)

Wikipedia: Michael Sandel (1953)

Korte beschrijving
De Amerikaanse politiek filosoof/hoogleraar (en een van de wereldwijd invloedrijkste intellectuelen) Michael Sandel maakt in zijn nieuwe boek de balans op van de democratie. Hij analyseert haarscherp de kloven in westerse samenlevingen. Probleem: veel mensen voelen zich niet meer vertegenwoordigd door de bestuurlijke elites en wenden zich tot populistische leiders. Aan verklaringen voor de opkomst van het populisme ontbreekt het niet, met nadruk op de economie en de nationale cultuur. Maar Sandel voert nog een andere factor ten tonele: de meritocratie. Het idee dat zowel succes als falen onze eigen verdienste is, is een gedachte die het ego van de winnaars streelt en dat van de verliezers verwondt – ziedaar de bron van de populistische opstand. Sandel gaat na in hoeverre de aanklacht van het volk tegen de elites terecht is. Zijn boodschap: de elite moet ophouden zich verheven te voelen boven de rest. Het boek is voorzien van eindnoten met bronvermeldingen. Een radicaal boek voor een redelijk omvangrijke lezerskring.

Tekst op website uitgever
‘Als we de gepolariseerde hedendaagse politiek achter ons willen laten, dienen we op de tast onze weg te zoeken en goed na te denken over wat mensen toekomt. Hoe komt het dat de betekenis van succes en verdienste de afgelopen decennia zo sterk veranderd is, en wel zodanig dat arbeid sterk aan waardigheid heeft ingeboet en veel mensen het gevoel hebben dat de elites op hen neerkijken?’ - Michael J. Sandel

Bestsellerfilosoof Michael Sandel maakt de balans op van de democratie. Veel mensen voelen zich niet meer vertegenwoordigd door de bestuurlijke elites en wenden zich tot populistische leiders en partijen. Het probleem is dat onze samenleving mensen met een hogere opleiding onevenredig beloont en de rest terzijde schuift. Dit is de tirannie van verdienste.

Sandel gaat na in hoeverre de aanklacht van ‘het volk’ tegen de elites terecht is. Waarom zou iemand met een universitaire opleiding meer over het algemeen welzijn mogen zeggen dan een persoon met een vmbo-diploma? Is dat rechtvaardig? 'De tirannie van verdienste' is een belangrijk boek voor iedereen die de democratie aan het hart gaat.

Fragment uit 6. De sorteermachine
Als meritocratie het probleem is, wat is dan de oplossing? Moeten we mensen aanstellen op basis van vriendjespolitiek of allerlei vooroordelen, in plaats van hun vermogen om het werk te doen? Moeten we dan terugkeren naar de tijd toen Ivy League universiteiten de geprivilegieerde zonen van witte, protestantse families uit de hogere klassen toelieten, zonder veel aandacht te besteden aan hun academische vooruitzichten? Nee. Het overwinnen van de tirannie van verdienste betekent niet dat verdienste helemaal geen rol kan spelen bij de verdeling van banen en maatschappelijke rollen.

In plaats daarvan betekent het dat we op een andere manier moeten nadenken over succes en vragen moeten stellen bij het meritocratisch waandenkbeeld dat wie bovenaan de ladder staat, dat op eigen kracht is geworden. Het betekent bovendien dat we kritisch moeten zijn op de ongelijkheid in vermogen en aanzien die wordt verdedigd uit naam van de verdienste, maar die bijdraagt aan de wrok, onze politiek vergiftigt en ons uiteendrijft. Een dergelijke heroverweging zou zich moeten richten op de twee domeinen van het leven die centraal staan in de meritocratische opvatting van succes: onderwijs en werk.

In het volgende hoofdstuk zal ik laten zien hoe de tirannie van verdienste de waardigheid van werk ondermijnt, en hoe we die waardigheid kunnen herstellen. In dit hoofdstuk laat ik zien hoe hoger onderwijs een sorteermachine is geworden die sociale mobiliteit op basis van verdienste in het vooruitzicht stelt, maar in plaats daarvan de bestaande privileges beschermt en een houding ten opzichte van succes bevordert die schadelijk is voor de gemeenschappelijkheid die voor een democratie nodig is.

Universiteiten controleren het systeem door middel waarvan moderne samenlevingen kansen verdelen. Ze verlenen de diploma's die bepalen wie er toegang heeft tot goedbetaalde banen en prestigieuze posities. Voor het hoger onderwijs is die rol echter geen onverdeeld genoegen.

Wanneer we universiteiten tot drijvende kracht van de meritocratische verwachting maken, verlenen we ze daarmee enorm veel cultureel gezag en prestige. Daardoor is de toelating tot de elite-universiteiten het object van een koortsachtige ambitie geworden en is een aantal Amerikaanse universiteiten in staat gebleken miljarden dollars te verzamelen in de vorm van schenkingen. Deze ontwikkeling, waarin universiteiten tot het bolwerk van de meritocratische orde worden gemaakt, zou echter slecht kunnen uitpakken voor de democratie, voor de studenten die dingen naar het recht om ze te bezoeken én voor de universiteiten zelf. (pagina 212-213)

Andere boeken van Michael SandelPleidooi tegen volmaaktheid : een ethiek voor gentechnologie (2012), Niet alles is te koop : de morele grenzen van markt werking (ook 2012) en Politiek en moraal : filosofie voor het publieke debat (uit 2016) 

Lees ook: Oude en nieuwe ongelijkheid : over het failliet van het verheffingsideaal van Kees Vuyk (uit 2017)

Artikelen
The time is now – Elite(s) (april-juni 2020) en Onttrekken of toevoegen? (februari 2019)

Terug naar Overzicht alle titels

Het ecologisch kompas


Het ecologisch kompas (red. Dirk Holemans)

EPO 2020, 260 pagina's  - € 24,90

Wikipedia: Dirk Holemans (1965) en zijn blog

Korte beschrijving
Sinds 1972 toen het Rapport van Rome verscheen met daarin een model van een toekomstperspectief voor een betere levenskwaliteit voor mens en natuur, is veel ten nadele veranderd. Van de plannen toentertijd is weinig terechtgekomen. Er heerst anno 2020 een toenemende ongelijkheid, een economie- en klimaatcrisis met zijn consumptiemaatschappij, de groeiende kloof tussen rijk en arm, de ineenstorting  van de biodiversiteit enz. De denktank Oikos (huishouding), waarvan de auteur coördinator is, wil een kader bieden voor iedereen die goed wil leven in een rechtvaardige samenleving in een ecologische wereld. Dit boek reikt de lezer een handvat aan voor een duurzaam en ecologisch leven. Geschikt voor lezers die willen werken aan de transitie naar een duurzame samenleving.

Tekst op website uitgever
Van toenemende ongelijkheid tot een economie zonder veerkracht, van hete zomers zonder regen tot het in elkaar storten van de biodiversiteit: onze vertrouwde wereld staat op losse schroeven. Is onze samenleving voorbereid op de toekomst? Het massale protest van klimaatjongeren maakt duidelijk van niet. Er is nood aan een nieuw hoopvol perspectief, aan nieuwe grondslagen waarmee we aan de slag kunnen. Dat betekent een trendbreuk in hoe we vragen stellen en antwoorden formuleren. Het gaat over zich verbonden weten met elkaar en de natuur, zich solidair voelen met alle aardbewoners en de toekomstige generaties. Over het streven naar levenskwaliteit in plaats van steeds meer en altijd sneller. Het ecologisch kompas probeert in deze turbulente tijden een kader te bieden voor de toekomst, de richting aan te wijzen waarin we niet alleen catastrofes vermijden maar bovenal een nieuwe invulling geven aan wat het goede leven voor iedereen kan betekenen.

Met een voorwoord van Meyrem Almaci en bijdragen van Annelies Debels, Marie-Monique Franssen, Myriam Dumortier, Jessica Schoors, Imade Annouri, Jef Peeters, Jan Mertens, Johan Malcorps en Dirk Holemans.

Fragment uit (de) Inleiding - door Dirk Holemans
De sociaalecologische crisissen zijn al bezig
Een belangrijk verschil met de start van de ecologische beweging - pakweg vijftig jaar geleden - is dat de mensheid zich toen nog binnen de grenzen bevond van wat de aarde kon dragen. Er waren heel wat ernstige milieuproblemen, maar er was nog geen sprake van een wereldwijde klimaat- of diversiteitscrisis. In feite waren de eerste ecologische actiegroepen en denkers de kanaries in de koolmijn: ze hadden al door dat de mensheid op een pad zat dat onhoudbaar was. Het iconische voorbeeld hiervan is het rapport van de Club van Rome uit 1972. Voor het eerst slaagden wetenschappers erin een dynamisch model te bouwen dat toeliet scenario's voor de toekomst te ontwikkelen. Het rapport is decennialang weggelachen omdat het zou voorspellen dat de mensheid rond de eeuwwisseling in een grote crisis zou terechtkomen. Dat is echter een foute lezing op twee vlakken. Het rapport presenteerde twee verschillende scenario's, het deed geen precieze voorspelling. In het duurzame scenario zouden we steeds binnen de grenzen van de planeet kunnen blijven. Het business-as-usual-scenario - verderzetten van de consumptiemaatschappij gebaseerd op groei-economie - voorzag enorme problemen rond 2020. Los van de accuraatheid van het model is de realiteit dat we door het onvoldoende rekening te houden met het duurzame scenario nu te midden van verschillende crisissen zitten. Door de klimaatverstoring hebben bewoners van laaggelegen eilanden hun eeuwenlange thuis al moeten verlaten, heel wat klimaatvluchtelingen zijn boeren uit streken waar hitte en droogte landbouw quasi onmogelijk maken. Ook in onze streken valt de oogst terug door ongezien hete zomers, de watervoorraden staan op laag peil. Tegelijk zitten we met het ineenstorten van de biodiversiteit - zo zijn er in Duitsland gebieden met 90 procent minder insecten - en het verzuren en opwarmen van de oceanen waarvan we de gevolgen amper kunnen inschatten. (pagina 18-19)

Terug naar Overzicht alle titels