maandag 12 augustus 2013

Philipp Blom

Het verborgen genootschap : de vergeten radicalen van de Verlichting
De Bezige bij 2010, 444 pagina's - € 23,50

Wikipedia: Philipp Blom (1970)

Korte beschrijving
In de tweede helft van de zeventiende eeuw begonnen filosofen (Descartes, Spinoza) zich te onttrekken aan theologisch bepaald gedachtegoed. Hun kritiek kreeg navolgers en al spoedig ontbrandde een discussie over kwesties als de gelijkheid der mensen, mensenrechten zoals vrijheid van meningsuiting, de rol van de kerk en godsdienst etc. Een van die plekken waar die discussies werden gevoerd, was de Parijse salon van baron d'Holbach, waar verlichte denkers regelmatig samenkwamen om van gedachten te wisselen. Daaronder waren Diderot, Hume en Rousseau, maar ook vele anderen. Blom beschrijft de gang van zaken tijdens die discussies, het gedachtegoed van de afzonderlijke filosofen, hun persoonlijke relaties en ook de persoonlijke conflicten die soms daaruit voortvloeiden. Rousseau keerde zich tenslotte af van de ratio en gaf de voorkeur aan het geboel, de emotie als leidraad. Ook de beroemde Encyclopedie van Diderot en d'Alembert komt aan de orde. Met enkele illustraties in zwart-wit, eindnoten, biografische schetsen, bronvermelding en een register. Het boek is opvallend prettig leesbaar, dus geschikt voor een in de Verlichting geïnteresseerd publiek voor wie de boeken van Jonathan Israel over de Radicale Verlichting iets te zwaarlijvig zijn. Voor een redelijk brede lezerskring.

Fragment uit Vermetelheid
De twee grootste leiders in deze oorlog hadden deze repressie aan den lijve ondervonden: de Hollands-joodse denker Baruch de Spinoza (1632-1677) was vanwege zijn ideeën door zijn gemeenschap uitgestoten en was ook veel van zijn vrienden kwijtgeraakt, terwijl de Fransman René Descartes (1596-1750) een groot deel van zijn leven op de vlucht was voor de autoriteiten en in ballingschap moest leven. Hun misdaad was geweest dat ze de radicale twijfel tot de filosofie hadden toegelaten, ook al lagen de conclusies die ze op grond van die twijfel trokken ver uiteen. Voor vrijdenkers als Holbach en Diderot waren deze voorlopers helden, die gretig werden gelezen en over wie heftig werd gediscussieerd. Dit waren mannen om te bewonderen, om aan te denken als het tegenzat, om je tegen af te zetten, stralende lichtbakens in de geschiedenis van het intellect, waarin vooral de theologie het voor het zeggen had gehad. (pagina 121)

Fragment uit De lichtstad
Parijs is een metropool waartoe mensen die intelligent en ambitieus zijn zich al eeuwen aangetrokken voelen. Het leven van de personages uit dit verhaal speelde zich af in de straten, parken, cafés, salons en slaapkamers van de stad, en af en toe op de landgoederen die om de stad heen liggen of tijdens een reis naar Engeland, Italië of zelfs Rusland. Maar hoe verreikend, zowel letterlijk als figuurlijk, de gebeurtenissen en gedachten ook waren die samen dit grootse ogenblik uit de geschiedenis van het westerse denken vormen, ze hebben een duidelijk centrum, een herkenbaar adres, met huisnummer en al: in het hart van de lichtstad, op rue des Moulins 10, een steenworp verwijderd van het Louvre en de fraaie colonnades van de Jardin Royal. Daar staat een fraai huis uit de zeventiende eeuw, waar ooit Paul-Henri Thiry, baron d'Holbach en zijn vrouw woonden, en dat een tijdlang het epicentrum was van het intellectuele leven van West-Europa. De grootste geesten van de tijd kwamen hier in deze salon bijeen, zaten aan somptueuze diners en bespraken, ver van hun medeburgers, gevaarlijke gedachten. Je kunt je vrijwel geen ander vertrek indenken dat getuige is geweest van zoveel levendige discussies tussen zoveel briljante mensen. (pagina 31)

Terug naar Overzicht alle titels

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen

De redactie behoudt zich het recht voor reacties te verwijderen