donderdag 11 juli 2019

Kees van Lede en Joris Luyendijk


Pessimisme is voor losers : op de rand van een nieuwe tijd

Balans 2019, 256 pagina's  -  € 21,99

Dit boek werd in 2019 onder een andere titel aangekondigd: Op de rand van de nieuwe tijd : over macht, complotdenken en de grenzen van de vrije markt

Wikipedia: Kees van Lede (1942) en Joris Luyendijk (1971)

Korte beschrijving
Op uitnodiging van Kees van Lede, voormalig bestuursvoorzitter van AkzoNobel, voorzitter van werkgeversverbond VNO, en nog steeds betrokken bij de grootste bank ter wereld JPMorgan, correspondeerde de journalist Joris Luyendijk van april 2018 tot december 2019 met hem over economie en politiek. Terugkerend onderwerp is het huidige aandeelhouderskapitalisme en de macht van de banken, waarover Luyendijk eerder schreef ('Dit kan niet waar zijn', 2015)*. Verder gaat het over recente actuele thema's zoals de Brexit, de klimaatverandering en de geringe diversiteit in de top van het bedrijfsleven. De journalist toont zich bij tijd en wijle wat somber. De ondernemer put uit zijn jarenlange ervaring aan de top van het internationale bedrijfsleven, beschrijft vooral hoe het loopt en ziet nog voldoende lichtpuntjes. Voldoende discussiestof voor een breed publiek dat geïnteresseerd is in de actuele problemen van het huidige economische systeem.

Tekst op website uitgever
Wat is er nodig om onze economie veilig door de 21e eeuw te loodsen? Hoe dichten we de kloof tussen elite en bevolking? En wat is er nodig om het klimaatprobleem echt aan te pakken? Veel mensen hebben het vertrouwen in de traditionele politiek verloren. Uit angst, onmacht of woede zoeken ze de uiteinden van het spectrum op.

Hoe wordt de overheid weer betrouwbaar en herwinnen de grote bedrijven respect? In een spannende briefwisseling discussiëren twee kritische denkers uit verschillende generaties over urgente oplossingen voor de grote vragen van deze tijd. Kees van Lede speelde decennialang een sleutelrol in het internationale deel van het Nederlandse bedrijfsleven. De dertig jaar jongere Joris Luyendijk, die zich als schrijver en journalist regelmatig kritisch uitliet over overheid en bankwezen, dient hem van repliek.

Scherpzinnige brieven over het bedrijfsleven, de bonus-gekte, de Brexit, over macht, moraal en over nieuwe manieren om een eerlijker samenleving te krijgen. Pessimisme is voor losers is een bij vlagen verontrustend, en ten slotte toch optimistisch boek, waarin de ervaringen en visies van Van Lede en Luyendijk elkaar aanvullen en de lezer inspireren.

Oorspronkelijke tekst op website uitgever
Hoe is het mogelijk dat grote bedrijven nergens belasting betalen? Hoe kan het dat de kloof tussen rijk en arm alleen maar groter wordt? Waarom lijken de grote problemen van deze tijd steeds te worden doorgeschoven? Veel mensen hebben het vertrouwen in de traditionele politiek verloren. Uit angst, onmacht of woede zoeken ze de uiteinden van het spectrum op.

Hoe wordt de overheid weer betrouwbaar en herwinnen de grote bedrijven respect? In een spannende briefwisseling discussiëren twee kritische denkers uit verschillende generaties over urgente oplossingen voor de grote vragen van deze tijd. Kees van Lede speelde decennialang een sleutelrol in het internationale deel van het Nederlandse bedrijfsleven. De dertig jaar jongere Joris Luyendijk, die zich als schrijver en journalist regelmatig kritisch uitliet over overheid en bankwezen, dient hem van repliek.

Scherpzinnige brieven over het bedrijfsleven, de bonus-gekte, de Brexit, over macht, moraal en over nieuwe manieren om een eerlijker samenleving te krijgen. Op de rand van een nieuwe tijd is een bij vlagen verontrustend, en ten slotte toch optimistisch boek, waarin de ervaringen en visies van Van Lede en Luyendijk elkaar aanvullen en de lezer inspireren.

Artikel: Toen zocht links het midden, nu is rechts aan zet (NRC, maandag 3 februari 20202)

Fragment uit een brief van Joris (5 oktober 2018)
'Hoe keert het tij?' Dat is inderdaad de vraag die onder je hele brief ligt. In de jaren zeventig creëerde de hoge werkloosheid, in combinatie met hoge inflatie, ruimte en stuwkracht voor een koerswending. Maar nu is deze koerswending zodanig doogeschoten dat ze zelf het probleem is geworden: korte-termijn-individueel eigenbelang prevaleert nu veel te vaak boven lange-termijn algemeen belang.
  Je stelt dat het in Nederland nog steeds redelijk lukt ook dat langetermijnbelang te borgen en dat is ook mijn ervaring. Na zes jaar in Groot-Brittannië  sta ik er bijna dagelijks van te kijken hoeveel constructiever overheid en bedrijfsleven hier in Nederland opereren. Britten lijken soms een bijna dwangmatige voorliefde te hebben voor strijd en conflict. Overal moet concurrentie worden ingevoerd, want alleen daardoor zou een optimale uitkomst verzekerd zijn. Dan besluiten ze op lagere scholen de discoavond met de uitverkiezingen van de beste danser en danseres. Resultaat: op de winnaars na gaan alle kinderen naar huis met een gevoel van teleurstelling dat ze nooit hadden gehad zonder zo'n uitverkiezing.

Het verbaast me evenmin dat Nederlanders per hoofd van de bevolking gemiddeld bijna een kwart rijker zijn dan de Britten; je ziet het hier aan alles. De ziekenhuizen, de wegen, het openbaar vervoer en de scholen .... Alles ligt  er beter bij.
  Merkwaardig eigenlijk dat we die Angelsaksische principes van aandeelhouderswaarde zoveel ruimte hebben gegeven en nog steeds geven. Maar hoe keer je dat tij? Zoals je zegt: het Nederlandse bedrijfsleven is diep geïntegreerd in de rest van de wereldeconomie, en daar gelden de Angelsaksische normen en regels. Onderdeel daarvan zijn legale omkoping van politici in de vorm van 'campagnefinanciering', ongeremd lobbyen en natuurlijk de 'tweede carrières'.  Van de politiek moet je het in die landen dus niet hebben. Waarmee we terug zijn bij Dijsselbloem (die na zijn ministerschap juist níet bij een bank ging werken - HvD).

Dank trouwens dat je mij met mijn 46 herfsten nog rekent tot de jonge generatie! Ik vind mijn eigen generatie erg tam, maar bij de twintigers en begin dertigers zit zoals je zegt echt een boel energie, en er wordt ook heel veel bereikt. De groeiende acceptatie en gelijkheid van niet-witten, vrouwen, homoseksuelen en transgenders is echt fantastisch. En het gaat zo snel! Trump is nu een terugslag, met echo's in Nederland en elders in Europa, maar dit is echt niet meer te stuiten. Nu net is Zwarte Piet aangepakt. Het is net als met het rookverbod. Over een paar jaar kunnen we ons niet meer voorstellen dat we ooit op zo'n racistische manier een leuk kinderfeest vierden. Hoezee! (pagina 80-81)

Lees ook: Dit kan niet waar zijn (2015), Kunnen we praten (2017) en Hoop : 100 wetenschappers, kunstenaars en ondernemers vertellen wat hun hoop geeft (2019)

Artikel: Op de rand van een nieuwe tijd (november 2019)

Terug naar Overzicht alle titels

Nicholas Christakis


Het goede in de mens : de evolutionaire wortels van de samenleving

Balans 2019, 439 pagina's  -  € 27,50

Oorspronkelijke titel: Blueprint : the evolutionary origins of a good society (2019)

Wikipedia: Nicholas Christaks (1962)

Korte beschrijving
De schrijver, arts en socioloog, beschrijft in dit boek dat de evolutie van de mens sterk geselecteerd is voor genen die leiden tot samenwerking en 'goedheid'. De auteur ontkent niet dat ook eigenschappen als gewelddadigheid en egoïsme tot de menselijke natuur behoren. Maar de nadruk ligt bijna uitsluitend op de 'goede genen'. Dit leidt tot een zeer eenzijdige benadering van de goedheid van de mens.

Tekst op website uitgever
In een wereld vol toenemende politieke en economische polarisatie is het verleidelijk om de positieve kanten van de menselijke samenleving te negeren. Toch is er welbeschouwd meer wat ons verbindt dan wat ons verdeelt. De donkere kant van onze biologische erfenis, ons talent voor agressie, wreedheid en het najagen van eigenbelang, is genoegzaam onderzocht en bekend. Maar de evolutie heeft ons óók voorzien van sociale eigenschappen: een talent voor liefde, vriendschap, samenwerking en kennisoverdracht.

In dit baanbrekende, erudiete en tegelijk meeslepende boek werpt Nicholas Christakis het fascinerende idee op dat onze genen niet alleen ons lichaam beïnvloeden, maar ook ons gedrag en de manieren waarop we samenleven. Hij laat overtuigend zien dat wij, ondanks een geschiedenis die is doordrenkt van geweld, niet kunnen ontsnappen aan de genetische blauwdruk voor goedheid. Onder alle menselijke uitvindingen – van werktuigen en machines tot steden en naties – zit de aangeboren drang om een goede samenleving te vormen. Christakis illustreert dit met tal van levendige voorbeelden: culturen en gemeenschappen uit heden en verleden, utopische communes, online groepen, en zelfs de tedere en complexe sociale orde van dieren als olifanten en dolfijnen, die veel overeenkomsten vertoont met die van ons.

Christakis laat aan de hand van de evolutiebiologie, geschiedenis, filosofie, sociologie, neuro- en netwerkwetenschap zien hoe en waarom de evolutie ons op een humaan pad heeft gebracht en hoe we zijn verenigd door onze gemeenschappelijke menselijkheid.

Fragment uit Woord vooraf
Volgens mijn kijk op ons als menselijke wezens, die de kern van dit boek vormt, worden mensen verenigd door hun gemeenschappelijke menselijkheid, zoals het ook hoort te zijn. En deze gemeenschappelijkheid vindt haar oorsprong in onze gemeenschappelijke evolutie. Ze ligt vast in onze genen. Dat is ook de reden waarom ik geloof dat we onderling tot wederzijds begrip kunnen komen.
  Hoezeer ik hier ook de nadruk op leg, ik wil wel duidelijk maken dat ik niet beweer dat er geen verschillen zijn tussen sociale groepen. Sommige groepen hebben zonneklaar te kampen met sociale , economische of ecologische lasten waar andere groepen nauwelijks weet van hebben. Het is niet direct duidelijk wat de overeenkomsten zouden kunnen zijn tussen hedendaagse jagers-verzamelaars in de Riftvallei in Tanzania en softwareontwerpers in Silicon Valley in Californië. Maar wie zich concentreert op de verschillen tussen sociale groepen (hoe boeiend en reëel die ook mogen zijn), ziet ene fundamentele realiteit over het hoofd. Onze nadruk op verschillen is vergelijkbaar met het benadrukken van de weerstanden tussen Boston en Seattle. De twee steden verschillen inderdaad qua temperatuur, hoeveelheid neerslag en zonneschijn en windkracht, en dat kan een rol spelen (misschien een heel grote rol!). Desalniettemin gelden in beide dézelfde atmosferische processen en onderliggende fysieke wetten. Bovendien is het weer overal ter wereld onverbreekbaar onderling verbonden. Het fundamentele doel van de studie van de diverse microklimaten op aarde is dan ook niet het vergroten van het begrip van de lokale weersomstandigheden, maar juist het verwerven van een completer begrip van het weer in het algemeen. (pagina 12-13)

Youtube - Michael Shermer with Nicholas A. Christakis — Blueprint: The Evolutionary Origins of a Good Society 




Rutger Bregman sluit in De meeste mensen deugen : een nieuwe geschiedenis van de mens (2019) bij dit boek en verhaal aan. En ook Yuval Noah Harari heeft het hier over in zijn Sapiens : een kleine geschiedenis van de mensheid (2014)

Terug naar Overzicht alle titels

Wilma de Rek

De gulden snede : Herman Wijffels over een economie de werkt voor mens en aarde

Balans 2019, 205 pagina's  -  € 15,--

Wikipedia: Herman Wijffels (1942) En Wilma de Rek (1963)

Korte beschrijving
De schrijfster is chef Boeken bij de Volkskrant. In dit boek doet ze bijna letterlijk verslag van een serie gesprekken met Herman Wijffels. Wijffels was onder andere bestuursvoorzitter van de Rabobank en voorzitter van de Sociaal Economische Raad. In deze gesprekken geeft Wijffels zijn visie op de toekomst van de economische wereldorde, het geld- en bankwezen, de voedselproductie en de beweging van het masculiene kapitalisme naar een meer femininiene samenleving. Het boek leest heel vlot en gemakkelijk weg. Geen voetnoten, register of wat dan ook. Het is eigenlijk een podcast op papier. Wijffels staat bekend als een boeiend verteller en is geen onbekende in Nederland. Zijn bijnaam: 'de beste minister-president die Nederland nooit heeft gehad'. De schrijfster stuurt door haar vragen het verhaal, zonder echt kritisch te worden overigens.

Tekst op website uitgever
Herman Wijffels is bekend als ‘de beste premier die Nederland nooit heeft gehad’. Hij was econoom, CDA-politicus, bestuurder (van de Wereldbank, de SER) en bankier: achttien jaar zat hij in het bestuur van de Rabobank, waarvan dertien jaar als president-directeur. Al die tijd hield hij zich intensief bezig met de grote vraag van deze tijd: de toekomst van de aarde. Het is het belangrijkste onderwerp dat er te bedenken valt: als de aarde is uitgeput, houdt alles op.

Hoe zorgen we dat de aarde leefbaar blijft? Moet er meer Europese samenwerking komen? Wat te doen tegen oprukkend populisme? Heeft Nederland niet veel te veel politieke partijen? In De gulden snede ontvouwt Wijffels in gesprek met Wilma de Rek zijn verrassende en fascinerende visie op de toekomst op het gebied van ecologie, economie en politiek.

In die visie hebben tot nu, en vooral sinds de industriële revoluties, de ‘masculiene’, veroverende krachten de overhand gehad. Dat heeft geleid tot een gigantische stijging van de materiële welvaart, maar ook tot verwoesting van de aarde. De mensheid is toe aan een nieuwe fase in haar ontwikkeling, waarin de ‘feminiene’, conserverende en verzorgende krachten ruim baan moeten krijgen. Zonder strijd zal het niet gaan, vertelt Wijffels in dit even inzichtrijke als boeiende boek, maar hoopvol is hij ook: in tegenstelling tot wat velen misschien denken, ligt de betere samenleving voor het grijpen.

Klik hier voor fragment

Fragment uit 3. Over het dolgedraaide kapitalisme
Vraag: Wat is de kernvraag in de discussies over de toekomst van ons geld?
Dat is de vraag of we wel verder kunnen met een systeem waarin geld vooral schuld is. Hoe we ervoor zorgen dat geld weer vooral middel wordt, in plaats van doel. Een middel dat we kunnen inzetten voor het behoud van de leefbaarheid van de aarde. De grote vraag is hoe we de in masculiene tijden vergaarde hoeveelheid financieel kapitaal kunnen aanwenden voor de volgende fase in de ontwikkeling van mens en samenleving, waarin feminiene waarden voorop moeten staan.

Vraag: Waar heeft het debat over die fundamentele oplossingen plaats?
Op verschillende plekken, maar vooral in academische kring. We moeten in elk geval nagedacht hebben over alternatieven als er een volgende financiële crisis komt, maar uiteindelijk zullen er fundamentele oplossingen moeten worden gevonden. In Nederland heeft de WRR, de Wetenschappelijek Raad voor het regeringsbeleid, op verzoek van regering en parlement een rapport geschreven over de mogelijkheid van ene ander geldschappingssysteem, naar aanleiding van dat burgerinitiatief van Ons Geld en George van Houts.

Vraag: Die dus bepleit dat de overheid voortaan de geldscheppende instantie is en niet de banken. Zijn daar inmiddels al serieuze plannen voor?
Enigszins. Centrale banken zijn zich een paar jaar geleden gaan afvragen of ze cryptovaluta moeten gaan uitgeven, digitale munten zoals de bitcoin, maar dan met ene officiële status.

Vraag: De bedenker van de bitcoin, de bekendste van de cryptovaluta, is nooit bekend geworden, maar het idee erachter was nu juist het creëren van een munteenheid buiten het bestaande systeem.
Die cryptovaluta die nu bestaan, zoals de bitcoin, daar geloof ik niet in.

Vraag: Waarom niet?
Dat is één groot speculatief gebeuren. Een cruciale factor bij vertrouwen in geld is of je er al dan niet belasting mee kunt betalen en met de nu bestaande cryptovaluta zal dat nooit kunnen. Zonder backing van de overheid zijn de geloofwaardigheid en betrouwbaarheid van die munten moeilijk op een niveau te brengen waarop mensen er echt op grote schaal gebruik van maken.
  Maar ik denk ook niet dat de monetaire autoriteiten dit op zijn beloop zullen laten, want dan verliezen ze hun rol als hoeder van het geld. In onder andere Canada en Zweden wordt de optie van zo'n officiële, door de Centrale Bank uitgegeven digitale munt, de CBDC - Central Bank Digital Currency - serieus overwogen. De WRR sluit het voor ons ook niet uit, de Raad vindt het iets om goed in de gaten te houden; het biedt de mogelijkheid om, als de nood aan de man komt, te zorgen voor een alternatief, stabiel, betrouwbaar geldsysteem. Maar de WRR acht het niet verstandig om er als Nederland nu al mee te gaan experimenteren. (pagina 63-65)

Terug naar Overzicht alle titels

woensdag 10 juli 2019

Alicja Gescinska 3


Intussen komen mensen om : over politieke betrokkenheid

De Bezige bij 2019, 159 pagina's -  € 19,99

Lenen als E-book via bibliotheek.nl 

Wikipedia: Alicja Gescinska (1981) en haar website.

Korte beschrijving
Toen filosofe Alicja Gescinska in 2019 op de lijst van de Vlaamse liberalen voor de Europese verkiezingen verscheen, werden de pennen van vriend en vijand tot schrijven gedwongen: 'Je verkoopt je onafhankelijkheid, Alicja.' 'Bezwijk je voor de lokroep van postjes, mevrouw Gescinska?' In dit essay laat Gescinska haar gedachten dwalen over de verkiezingsmaanden. Het wantrouwen ten aanzien van de politieke instellingen en hun dienaren is groot. Een engagement in de politiek ondergraaft je geloofwaardigheid en stelt je intellectuele integriteit ter discussie. De intellectueel moet zogenaamd onafhankelijk aan de zijlijn staan: hij/zij moet mirror-holder zijn, een moreel baken dat het licht laat schijnen over politieke besluitvorming. Met haar typische passie beargumenteert Gescinska de noodzaak van de deelname van intellectuelen aan de politiek: anti-intellectualisme leidt tot democratische bloedarmoede en plaveit de weg voor autoritaire regimes. 'Intussen komen mensen om' is een antidotum tegen het sluipend gif dat cynisme heet: confronterend in de analyse, motiverend in de toon. Met een literatuurlijst en eindnoten. Een interessant pleidooi voor politieke betrokkenheid door een van Vlaanderens vooraanstaande filosofen.

Tekst op website uitgever
Alicja Gescinska verraste met haar kandidatuur op de Europese lijst van de Vlaamse liberalen. Op internet volgde een stortvloed aan reacties: lovende en lasterlijke. Niet enkel de keuze van de partij en het Europese project werden druk besproken, vooral ook wie aan politiek behoort te doen – en wie dus aan de zijlijn moet blijven – bleek stof voor discussie. Wat is de plaats van een filosoof in de samenleving? Zijn politiek en filosofie onverenigbare disciplines? En wat doe je wanneer uit het hart van de Europese politiek het verzoek komt om uit je pen te kruipen? Politiek is meer dan dat wat politici doen. Politiek is alles en iedereen. In het gebrek van de wereld weerklinkt volgens Gescinska een moreel appel dat op ons allen wordt gedaan. Intussen komen mensen om is een glashelder essay over de persoonlijke worsteling met politieke betrokkenheid en intellectuele verantwoordelijkheid.

Fragment uit De leugen van de elite
Meer dan eens bekruipt me het gevoel dat ik een gelukkige systeemfout van het leven ben. Het bestaan doet me paden bewandelen waar ik niet verwacht was me op te begeven. Voor iemand die in de armzalige woonwijk Dorycka in Warschau is geboren, zijn de meeste wegen naar de toekomst gesloten nog voor men ze heeft opgezocht. Wie daar opgroeit is niet bestemd om te promoveren of te doceren. Men leest er weinig boeken, en aan het schrijven ervan doet men zeker niet. Het leven is lijdzaamheid, niet iets om te leiden.
  Zulke wijken zijn betonnen drijfzand voor de maatschappelijke mobiliteit: wie er opgroeit geraakt er heel moeilijk uit. Je begint er met een achterstand en vertraging aan je leven en in het beste geval ben je een heel leven in de weer met het wegwerken daarvan, al dan niet vergeefs. Ook wanneer je er geen deel meer van uitmaakt, blijft de wereld waar je vandaan komt deel van jou. Net zomin als het leven een waaier aan stralende perspectieven biedt aan de inwoners van Dorycka, geldt dat voor de bewoners van mijn eerste huis in België: het Klein Kasteeltje. De fysieke afstand tussen dit asielcentrum in Brussel en het Europees Parlement bedraagt vier kilometer. Maar er ligt een hele wereld tussen die twee gebouwen, en de afstand ertussen wordt zelden in een mensenleven overbrugd. Niemand heeft het mij voorgedaan, en ook ik heb het niet kunnen voordoen.
  Het is precies door mijn afkomst dat ik me zo kan ergeren aan het gemak waarmee het verwijt van de wereldvreemde intellectuele elite geuit wordt, en aan de manier waarop de tegenstelling tussen elite en het gewone volk wordt uitvergroot. Mijn moeder heeft heel haar leven in België als schoonmaakster gewerkt, mijn vader als onderhoudsman en nadien in shiften aan de band, van interim contract naar interim contract. Zowat mijn hele leven speelt zich af op of onder de armoedegrens. Het is bijzonder zuur om dan van mensen - die niet zelden zelf geen dag armoede gekend hebben en niet weten wat het is om elke cent om te draaien - te moeten horen dat je niets van het werkelijke leven kent, dat je tot een wereldvreemde elite behoort, omdat je gestudeerd en verder gestudeerd hebt, omdat je boeken leest of schrijft, of omdat je kandidaat bent voor een politiek mandaat. (pagina 94-95)

Lees ook De verovering van de vrijheid : van luie mensen, de dingen die voorbijgaan uit 2011  en Allmensch : van Middelmaat tot meesterschap uit 2016

Terug naar Overzicht alle titels


woensdag 26 juni 2019

Hector Macdonald


Waarheid : een handleiding
De Geus 2019, 416 pagina's  -  € 23,99

Oorspronkelijke titel: Truth : how many sides to every story shape our reality (2018)

Website Hector Macdonald (19?)

Korte beschrijving
Een buitengewoon belangrijk en boeiend boek over waarheid. Over de manier waarop wij hele en halve waarheden en aperte leugens gebruiken en misbruiken om onze wereld de gewenste vorm te geven. Over gedeeltelijke, subjectieve, kunstmatige en onbekende waarheden. Over constructies, context, voorspellingen en over moraal. De schrijver, een communicatieconsultant die voor grote multinationals werkt, weet waar hij het over heeft en hij beschikt over de gave om het helder uit te leggen aan de hand van talloze voorbeelden. Uitermate nuttig om greep te krijgen op de stortvloed van informatie die ons dagelijks overspoelt. Met enkele nuttige bijlagen, een bronnenoverzicht, eindnoten en een register.

Fragment uit (het) Nawoord - Nog één keer de waarheid
In dit handboek over de waarheid heb ik weinig gezegd over de reden dat de waarheid van belang is. Als je de waarheid van tevoren al niet prefereerde boven het alternatief, had je waarschijnlijk niet de moeite genomen tot hier door te lezen. Wat ik wel heb geprobeerd te benadrukken is het belang van het selecteren, verspreiden en omhelzen van de juiste waarheid.
  We hebben een verontrustende hoeveelheid manieren gezien waarop politici, marketeers, journalisten, campagnevoerders en zelfs overheidsambtenaren ons met behulp van de waarheid kunnen misleiden. Het is aan ons om ze erop te betrappen, ze te bekritiseren en niet naar hun pijpen te dansen. Misleidende waarheden zijn niet altijd gemakkelijk te ontdekken; je kunt ze aantreffen in reclameteksten, je nieuwsstroom op Twitter, krantencommentaren, roddels, kantoormemo's en folders van goede doelen. Sommige zijn opzettelijk zo bedacht dat ze vrijwel onzichtbaar zijn. 'We worden geregeerd, onze geest wordt gekneed, onze smaak gevormd, onze gedachten worden ons aangereikt door mensen van wie we voor het overgrote deel nooit hebben gehoord', schreef Edward Bernays, een van de pioniers van public relations, in 1928. Misleidende waarheden zijn overal om ons heen. Met de checklist uit appendix 1 kun je ze er misschien uit pikken. (pagina 352-353)

Lees ook: Feitenkennis : 10 redenen waarom we een verkeerd beeld van de wereld hebben en waarom het beter gaat dan je denkt van Hans Rosling (2018).

Artikel: Echte wijsheid en media (mei 2015)

Terug naar Overzicht alle titels

maandag 17 juni 2019

Roanne van Voorst


Ooit aten we dieren
Podium 2019, 255 pagina's € 20,50

Website Roanne van Voorst (1983)

Korte beschrijving
Veganisten wijzen het gebruik van alle dierlijke producten af. De auteur beschrijft haar eigen overgang naar een vlees- en zuivelvrij leven vanuit de overtuiging dat het 'uitbuiten' van dieren ten behoeve van de mens een moreel verwerpelijke daad is, die op den duur, mede door de impact van de veehouderij op klimaatverandering, met afkeer zal afgedaan worden als iets uit een schandelijk verleden. Op vlotte, hedendaagse en soms wat populaire toon wordt de geschiedenis van de mens gekoppeld aan een toenemende vleesconsumptie, die vervolgens zal uitlopen op een doemscenario. Ter afwisseling staan er ook twee intermezzo's in, die in de toekomst spelen. Daarin wordt door een tiener het 'vleeseten' van vroeger op één lijn gesteld met onder andere heksenverbranding en slavernij. De teneur van het niet geïllustreerde boek is strijdlustig: Carnisme is slecht, Veganisme is de toekomst. Veganisten zullen door dit boek in hun mening gesterkt worden, de soms wat heftige toon zou vleeseters juist kunnen afschrikken. Met literatuurlijst.

Tekst op website uitgever
Melk is goed voor elk. Een ei hoort erbij. We zijn opgegroeid in een tijd waarin het eten van dierlijke producten volkomen geaccepteerd is. Wetenschappers voorspellen echter dat dit in de nabije toekomst taboe zal worden. Net zoals ooit heksenverbranding, slavernij of homodiscriminatie ineens niet meer konden.

Veganisme is booming. #vegan is een van de meest gebruikte hashtags op Instagram en wordt niet langer geassocieerd met geitenwollensokken, maar met sexy, hip en succesvol. Over een aantal decennia zal veganistisch de norm zijn, en vragen onze kleinkinderen ons hoe we ooit met een zuiver geweten dieren hebben kunnen eten.

Met een optimistische en onbevooroordeelde blik laat antropologe Roanne van Voorst zien hoe we ons op deze toekomst kunnen voorbereiden. Ze gaat in gesprek met boeren, blikt terug op de tijd dat er giraffen werden gegeten en doet uit de doeken waar zelf tegenaan loopt als beginnend veganist. Dit maakt Ooit aten we dieren tot een onmisbaar boek voor vegetariërs, flexitariërs én overtuigde vleeseters. Eigenlijk voor iedereen!

Fragment uit (de) Inleiding - Het bedenken van een nieuwe kleur
Drie eeuwen geleden vond de verlichting plaats, en werd het verboden heksen te verbranden of mensen om hun geloof te verketteren. Zo'n acht generaties geleden (ik heb het even voor je uitgerekend; dat is ruim honderdvijftig jaar geleden) werd de slavernij wereldwijd afgeschaft, en werd het verboden andere mensen te brandmerken, tegen hun wil vast te houden, te gebruiken of anderszins te mishandelen. Vijf generaties geleden (ruim honderd jaar) kregen vrouwen in het Westen stemrecht, en werden ze formeel gelijkgesteld aan mannen. Jij en ik leven in een vergelijkbare, turbulente, belangrijke en opwindende tijd.
  Onze tijd komt straks in de geschiedenisboeken te staan vanwege de immense sociale, economische en culturele verandering die zich nu - ja nú, terwijl jij dit boek leest - aan het ontvouwen is. Een transformatie die op allerlei plekken op de wereld zo snel plaatsvindt dat het niet lang meer kan duren voor zij je ineens gaat opvallen. Je zult haar gaan herkennen in de dingen die je koopt, in het type werk dat je doet, in de manier waarop je  je kinderen opvoedt; zelfs in hoe je denkt of in wat je voelt. En als het zover is, zal het bijna niet meer voor te stellen zijn dat het ooit anders is geweest.
  Jij en ik, wij behoren tot de generatie die gaat meemaken dat het in grote delen van de wereld verboden wordt onnodig dierenleed te veroorzaken. Dat betekent dat het eten en gebruiken van vlees of andere dierlijke producten straks misschien nog wel mogelijk zal zijn, maar heel erg duur wordt, en lastig. Het zal een keuze zijn die afwijkt van wat normaal is; een keuze ook, die in eerste instantie door de meeste mensen zal worden afgekeurd. Maar of je nu vóór zo'n enorme verandering bent of tegen maakt eigenlijk niet uit - het gebeurt al, het is niet tegen te houden, we zitten er middenin. (pagina 11-12)

Artikel over (o.a.) het Raam van Overton: 2016 - You can blow out a candle/But you can't blow out a fire  (december 2015)

Lees ook:
De soldaat was een dolfijn : over politieke dieren van Eva Meijer (uit 2017),
Onder dieren : voor een diervriendelijker wereld van Ton Lemaire (uit 2017),
Mama's laatste omhelzing : over emoties bij dieren en wat ze ons zeggen over onszelf van Frans de Waal (uit 2019),
Dieren eten van Jonathan Safran Foer (uit 2009),
Waarom zou ik mijn vrienden niet opeet : pleidooi voor dier, mens en aarde van Matthieu Ricard (uit 2015),
De vrolijke veganist : ethiek in een veranderende wereld van Floris van den Berg (uit 2013) of
Nooit meer slachten: hoe kweekvlees ons bord en de wereld zal veranderen van Paul Shapiro (uit 2019)

Boeken over onze nieuwe omgang met niet-dieren en dingen

Terug naar Overzicht alle titels


dinsdag 11 juni 2019

Paul Mason 2

Een stralende toekomst : een radicaal pleidooi voor menselijkheid

De Bezige bij 2019, 416 pagina's  - € 29,99

Oorspronkelijke titel: Clear Bright Future : a radical defense of the human being (2019)

Wikipedia: Paul Mason (1960)

Korte beschrijving
Paul Mason (1960) is in Groot-Brittannië een bekende linkse journalist, die probeert om de wereld in marxistische termen te duiden. Mason neemt wel gedateerde inzichten van Karl Marx en latere marxisten kritisch onder handen, maar hij houdt vast aan hun humanistische boodschap. De triggers voor het schrijven van dit boek zijn overwegend de opkomst van Donald Trump, de zwakte van linkse partijen en de nieuwe technologieën en het gebruik van algoritmen in de online-wereld die ons dreigen te reduceren tot 'politieke zombies'. 'Met Trump heeft een reactionaire theorie de overhand gekregen... namelijk dat ongelijkheid – wat betreft ras, sekse en economische status – verankerd is in onze genen... Dit is van alle problemen het moeilijkst te overwinnen omdat het zo diep geworteld is in de economische praktijk van de afgelopen dertig jaar.' Mason gelooft dat linkse politieke partijen zich opnieuw kunnen uitvinden – de titel van het boek is niet ironisch bedoeld. Hij is slordig in zijn taalgebruik en argumentatie, maar schrijft soms ook intrigerende, wetenschapsfilosofische bladzijden. Met eindnoten en een register.

Tekst op website uitgever
Onder invloed van het vrijemarktdenken hebben oude idealen als burgerschap, moraal en individuele autonomie moeten plaatsmaken voor zelfzucht, hiërarchie en consumentisme. Volgens Paul Mason bevinden we ons op dit moment op een kantelpunt. Onze op humanistische grondslagen gebouwde wereld wordt ernstig bedreigd: de democratie ligt onder vuur, autocratische regimes zijn in opkomst en de waarheid wijkt voor fake news. Bovendien gaat ons denken ten gronde aan fatalisme: we zien onszelf als wezens die gestuurd worden door ons brein en onze genen, door mechanismen van de markt of door de algoritmen van Big Tech.

In Een stralende toekomst roept Paul Mason op tot een humanistische revolutie, waarin de mens – geïnspireerd door de ideeën die ons sterk maakten – het heft in eigen hand neemt op weg naar een stralende, menselijke toekomst.

Fragment uit 16. Weer je tegen het gevaar
'Hebt u ook niet het gevoel,' vroeg de dichter Stephen Spender aan George Orwell, 'dat u de gebeurtenissen van de laatste tien jaar altijd beter wist te voorspellen dan, bijvoorbeeld, het kabinet?'  Dit was in juni 1940. De Londense treinstations werden overspoeld door soldaten die waren geëvacueerd uit Duinkerken. Het buitenlandbeleid van de Britse elite lag in puin, het halve kabinet neigde naar een bestand met Hitler en het Verenigd Koninkrijk was zo goed als weerloos.
  Orwell, die al in 1936 had voorspeld dat er oorlog met Duitsland zou komen, antwoordde: 'Waar ik het gevoel heb dat mensen als wij de situatie beter begrijpen dan zogenaamde deskundigen, zit hem dat niet in het vermogen om specifieke gebeurtenissen te voorspellen, maar in het vermogen om te begrijpen in wat voor wereld we leven.'
  Dit is een vermogen dat het liberale centrum in onze tijd ontglipt. Nu de markteconomie instort en figuren als Trump hun conventionele politieke rivalen aan alle kanten overtroeven, komen de gevestigde intellectuelen en politici net zo dommig uit de verf als in Orwells tijd. Ze dachten dat ze in een systeem leefden dat zichzelf automatische stabiliseerde, maar het heeft zichzelf gedestabiliseerd.
  Toch spreekt uit Orwells woorden een sterke menselijke reflex, namelijk die om te begrijpen in wat voor wereld we leven. Als we die toepassen op het hier en, zullen we moeten accepteren dat de opgebouwde spanningen in het systeem zullen leiden tot een ontploffing, al kunnen we niet precies voorspellen wat voor vorm die zal aannemen. De elites die de boel de laatste vier decennia hebben gerund zijn karakterloze figuren, die in staat zijn tot allerlei compromissen met autoritair rechts en heel makkelijk los te weken zijn van hun democratischer principes. Dit is op zich al uiterst waardevolle kennis, zolang je er niet door verlamd raakt.
  De dynamiek die achter de brexit zat, Trump aan de macht bracht en openlijk racistische partijen groot maakte in Italië, Zweden, Hongarije en Nederland zal niet zomaar van het toneel verdwijnen. (pagina 335-336)

Lees ook: Postkapitalisme : een gids voor de toekomst (2016) en het nieuwe boek van Rutger Bregman: De meeste mensen deugen (verschijnt september 2019)

Terug naar Overzicht alle titels