Het unieke dier : op zoek naar het specifiek menselijke
Prometheus 2025, 303 pagina's - € 24,99
Wikipedia: Rens Bod (1965)
Korte beschrijving
Een diepgaand boek over de verschillende tussen mens en dier en de vraag wat de mens uniek maakt. Traditioneel werden eigenschappen zoals rede, moraal, zelfbewustzijn, taal en religie als uniek menselijk gezien. Recente inzichten tonen echter aan dat veel van deze eigenschappen ook bij dieren voorkomen, zij het vaak in minder complexe vormen. Het boek verkent of het onderscheid tussen mens en dier ligt in de mate van ontwikkeling van deze eigenschappen, in plaats van in de aanwezigheid daarvan. Het biedt een overzicht van claims over unieke menselijke eigenschappen en onderzoekt het werkelijke onderscheid tussen mens en dier op deze vlakken. In een intelligente stijl geschreven. Met illustraties en foto’s in zwart-wit. Met name geschikt voor een geoefende lezersgroep.
Rens Bod (Bergh, 1965) is hoogleraar computationele geesteswetenschappen aan de Universiteit van Amsterdam en lid van de KNAW. Hij schreef vele boeken, waaronder ‘De vergeten wetenschappen’, ‘Een wereld vol patronen’ en ‘Waarom ben ik hier?'. Zijn werk wordt in meerdere landen uitgegeven.
Tekst op website uitgever
Waarin onderscheiden wij ons van andere dieren? Wat hebben we met hen gemeen? Begrijpen we werkelijk wie we zijn? Er werd lang gedacht dat onze capaciteit voor rede, moraal, zelfbewustzijn, taal en religie ons wezenlijk onderscheidt van dieren. Maar in de afgelopen decennia is duidelijk geworden dat veel van wat als uniek menselijk wordt beschouwd, ook bij andere dieren bestaat, zij het vaak in minder complexe of verfijnde mate. Is misschien het echte onderscheid tussen mens en dier niet zozeer een specifieke eigenschap, maar de mate waarin we die eigenschappen ontwikkelen?
Het unieke dier neemt de lezer mee langs de vele claims over unieke menselijke eigenschappen en het veronderstelde onderscheid tussen mens en dier. Aan het eind van dit baanbrekende boek geeft Rens Bod een glashelder antwoord op wat mensen, dieren én andere levende wezens met elkaar verbindt, en waarin zij nog steeds van elkaar verschillen.
Rens Bod is hoogleraar Digital Humanities aan de Universiteit van Amsterdam en voormalig hoogleraar Artificiële Intelligentie aan de University of St Andrews (VK). Hij publiceerde eerder bij Prometheus De vergeten wetenschappen (2010), dat meermalen is bekroond en in zeven talen is vertaald, Een wereld vol patronen (2019), dat werd genomineerd voor de Libris Geschiedenis Prijs, en Waarom ben ik hier? (2023), dat als basis diende voor het Nationale Zingevingsonderzoek.
Fragment uit 9. Conclusie: dit zijn we!
Het principe van recursie biedt een toetsbare verklaring voor een raadsel dat eeuwenlang ten grondslag lag aan de zoektocht naar zowel het onderscheid als de verbinding tussen mensen en andere levende wezens. Het idee dat een relatief klein verschil - onbegrensde in plaats van begrensde recursie - de mens in staat stelt om en compleet unieke positie in te nemen, is zowel fascinerend als confronterend. Want hoewel onbegrensde recursie leidt tot gedrag dat ons onderscheidt van andere soorten, laat het ons tegelijkertijd zien hoe diep we met hen verbonden zijn. We zijn immers een dier dat is geworteld in dezelfde evolutionaire oorsprong als alle andere dieren en organismen. Onze recursieve eigenschappen vormen een continuüm met die van alle andere levensvormen, niet alleen met dieren maar ook met schimmels, planten, amoeben, bacteriën en andere eencellige wezens waarmee we een symbiotisch ecosysteem vormen. Het is aannemelijk dat veel van deze organismen ons in de loop van de geschiedenis diepgaand beïnvloed hebben. Maar door het ene menselijke vermogen van onbegrensd recursief gedrag hebben we een pad betreden dat geen enkele andere soort heeft bewandeld.
Na honderdduizenden jaren menselijke geschiedenis heeft de toepassing van dit unieke vermogen geleid tot de huidige verschillen in cognitieve, sociale, culturele en technologische verworvenheden. Andere biologische kenmerken van de mens hebben deze ontwikkeling versterkt. Onze verfijnde motoriek en het vermogen tot precisiebewegingen stelden ons in staat om gereedschappen te maken die niet alleen functioneel waren, maar ook buitengewoon complex - van scherpe vuurstenen tot naalden, muziekinstrumenten en mechanische constructies. Zonder zulke motorische finesse zou technologische vooruitgang van deze aard ondenkbaar zijn geweest.
Ook onze fysieke ontwikkeling speelt een rol. Het rechtop lopen, dat leidde tot het vrij worden van de voorste ledematen, maakte niet alleen manipulatie van objecten mogelijk, maar ook het ontstaan van gebarencommunicatie. Deze gebarentaal vormde mogelijk een vroege opstap naar gesproken taal. Zo ontstond er een synergetische relatie tussen handgebruik, communicatieve vaardigheden en cognitieve diepgang.
En dankzij de verfijning van ons strottenhoofd werd het mogelijk om een breed scala aan klanken voort te brengen, wat de verdere ontwikkeling van gesproken taal aanzienlijk bevorderde. Door subtiele aanpassingen in de stand van het strottenhoofd en de vorm van het spraakkanaal konden mensen onderscheid maken tussen tientallen, zo niet honderden fonemen - klankeenheden die cruciaal zijn voor betekenisverschillen in taal. (pagina 232-234)
Boeken over onze nieuwe omgang met niet-dieren en dingen
Terug naar Overzicht alle titels

Geen opmerkingen:
Een reactie posten
De redactie behoudt zich het recht voor reacties te verwijderen